Art. 4. § 1.
[5 De aanvraag om vergoeding alsmede iedere aanvraag om herziening van reeds toegekende vergoedingen, bedoeld in artikel 119, § 1, van de programmawet moeten, om ontvankelijk te zijn, ingediend worden door het slachtoffer of zijn rechthebbenden :]5 1° ofwel door middel van het gepaste formulier dat
[1 Fedris]1 ter beschikking stelt van de betrokkenen. Dit formulier, waarvan het model vastgesteld wordt door het
[2 beheerscomité voor de beroepsziekten]2, is samengesteld uit een administratief en een medisch deel. Het moet vergezeld gaan van de gevraagde bewijsstukken. Het moet gedateerd en ondertekend worden door het slachtoffer of, ingeval deze laatste overleden is, door zijn rechthebbenden;
2° door middel van een door het
[2 beheerscomité voor de beroepsziekten]2 goedgekeurd elektronisch model. Dit model moet ingevuld worden overeenkomstig de aanwijzingen die erin voorkomen.
§ 2. In afwijking van § 1 geniet het slachtoffer, dat voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit geniet van een schadeloosstelling voor mesothelioom bij toepassing van de gecoördineerde wetten, ambtshalve van de tussenkomst van het Asbestfonds vanaf de inwerkingtreding van dit besluit en is vrijgesteld om een aanvraag in te dienen.
In afwijking van § 1 geniet het slachtoffer, dat voor de datum van inwerkingtreding van dit besluit geniet van een schadeloosstelling voor asbestose bij toepassing van de gecoördineerde wetten, ambtshalve van de tussenkomst van het Asbestfonds vanaf de inwerkingtreding van dit besluit, voor zover deze ziekte vanaf 1 januari 2001 erkend werd en is vrijgesteld om een aanvraag in te dienen.
Het slachtoffer die van een schadeloosstelling voor asbestose geniet bij toepassing van de gecoördineerde wetten ten gevolge een erkenning van vóór 1 januari 2001 moet een aanvraag indienen. Voor zover de aanvraag vóór 1 april 2010 ingediend wordt en gegrond wordt verklaard, wordt de aanvraag beschouwd als ingediend op de datum van inwerkingtreding van dit besluit.
[3 In afwijking van § 1 geniet het slachtoffer, dat op de eerste dag van de maand volgend op deze waarop de wet van 5 mei 2019 tot verbetering van de schadeloosstelling voor asbestslachtoffers in werking treedt, van een schadeloosstelling voor larynxkanker veroorzaakt door asbest of voor longkanker veroorzaakt door asbest bij toepassing van de gecoördineerde wetten, ambtshalve van de tussenkomst van het Asbestfonds vanaf deze datum.]3 [4 In afwijking van § 1, geniet het slachtoffer dat op de eerste dag van de maand volgend op deze waarop de wet van 14 juni 2022 tot wijziging van de programmawet (I) van 27 december 2006, teneinde eierstokkanker toe te voegen aan de lijst van de ziekten die door het Asbestfonds worden vergoed, in werking treedt, geniet van een schadeloosstelling voor ovariumcarcinoom veroorzaakt door asbest bij toepassing van de gecoördineerde wetten, ambtshalve van de tussenkomst van het Asbestfonds vanaf deze datum.]4 § 3.
[1 Fedris]1 bezorgt aan de rechthebbenden van een overleden persoon die van de tegemoetkoming bedoeld in artikel 120, § 1, van de programmawet genoot, een formulier om te bewijzen dat ze de voorwaarden vereist bij artikel 120, § 2, van voormelde wet vervullen.
Dit formulier wordt ambtshalve verstuurd naar de rechthebbenden die door
[1 Fedris]1 kunnen worden geïdentificeerd na raadpleging van het Rijksregister van de natuurlijke personen. In de andere gevallen verstuurt
[1 Fedris]1 dit formulier op verzoek van de rechthebbenden.