Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
11 JUNI 2004. - [Besluit van de Vlaamse regering tot vaststelling van het statuut van de [gewestelijk ontvangers]] <Opschrift gewijzigd door BVR2008-11-14/41, art. 1, 003; Inwerkingtreding : 08-12-2008> (NOTA : art. 37 en 69 gewijzigd met ingang op een onbepaalde datum bij <BVR2006-02-17/32, art. 1 en 2, 002 ; Inwerkingtreding : onbepaald > (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 03-08-2004 en tekstbijwerking tot 06-07-2012)
Titre
11 JUIN 2004. - Arrêté du Gouvernement flamand fixant le statut des receveurs régionaux. (Traduction). (NOTE : art. 37 et 69 modifiés avec effet à une date indéterminée par <AGF2006-02-17/32, art. 1 et 2, 002 ; En vigueur : indéterminée >) (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 03-08-2004 et mise à jour au 06-07-2012)
Informations sur le document
Numac: 2004036201
Datum: 2004-06-11
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2004036201
Date: 2004-06-11
Moniteur: Voir
Table des matières
DEEL I. - TOEPASSINGSGEBIED EN ALGEMENE BEPALIN... HOOFDSTUK 1. - Toepassingsgebied. HOOFDSTUK 2. - Algemene bepalingen. DEEL II. - ORGANISATIE EN WERKING. DEEL III. - [1 RECHTEN, PLICHTEN, ONVERENIGBAAR... DEEL IV. - DE AANWERVING EN DE INDIENSTTREDING ... TITEL 1. - VACANTVERKLARING EN MOBILITEIT. Titel Ibis. [1 De indiensttreding]1 TITEL 2. - DE TOELATINGSVOORWAARDEN. TITEL 3. - DE SELECTIEPROCEDURE. HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen. HOOFDSTUK 2. - De selectie. HOOFDSTUK 3. - Wervingsreserve. DEEL V. - DE STAGE EN DE BENOEMING TOT [1gewest... HOOFDSTUK 1. - De stage. HOOFDSTUK 2. - De benoeming tot [1gewestelijk o... DEEL VI. - DE FUNCTIONERINGSEVALUATIE. HOOFDSTUK 1. - [1 Basisprincipes van de evaluat... HOOFDSTUK 2. - De evaluator. HOOFDSTUK 3. - De procedure. HOOFDSTUK 4. [1 Beroep tegen de evaluatie " onv... DEEL VII. - TUCHTREGELING. TITEL 1. - TUCHTSTRAFFEN. TITEL 2. - TUCHTPROCEDURE. HOOFDSTUK 1. - De bevoegde overheid. HOOFDSTUK 2. - De procedure. HOOFDSTUK 3. - Algemene kenmerken van de tuchtp... TITEL 3. - DE DOORHALING VAN DE TUCHTSTRAFFEN. DEEL VIII. - SCHORSING IN HET BELANG VAN DE DIE... DEEL IX. - HET VERLOF EN DE ADMINISTRATIEVE TOE... TITEL 1. - ALGEMENE BEPALINGEN. TITEL 2. - JAARLIJKSE VAKANTIEDAGEN EN FEESTDAGEN. TITEL 3. - [1 BEVALLINGSVERLOF EN OPVANGVERLOF.]1 HOOFDSTUK 1. - [1 Bevallingsverlof.]1 HOOFDSTUK 2. - Opvangverlof. TITEL 4. - [1 ZIEKTEVERLOF.]1 TITEL 5. [1 VERLOF VOOR DEELTIJDSE PRESTATIES.]1 TITEL 6. - [1 VERLOF VOOR LOOPBAANONDERBREKING.]1 HOOFDSTUK 1. - [1 Algemene bepalingen]1 HOOFDSTUK 2. - [1 - Palliatief verlof]1 HOOFDSTUK 3. - [1 - Bijstand aan of verzorging ... HOOFDSTUK 4. - [1 Ouderschapsverlof]1 Hoofdstuk 5. [1 - Onderbrekingsuitkeringen]1 Hoofdstuk 6. [1 - Vervanging]1 Hoofdstuk 7. [1 - Loopbaanonderbreking voor con... TITEL 7. - [1 VERLOF VOOR OPDRACHT.]1 HOOFDSTUK 1. - Verlof om een ambt uit te oefene... HOOFDSTUK 2. - Verlof voor opdracht [1 ...]1. TITEL 8. [1 DIENSTVRIJSTELLING VOOR VORMING.]1 TITEL 9. - [1 OMSTANDIGHEIDSVERLOF.]1 TITEL 10. - [1 POLITIEK VERLOF.]1 TITEL 11. [1 ONBETAALD VERLOF.]1 TITEL 12. - [1 VERLOF KRACHTENS FEDERALE BEPALI... DEEL X. [1 HET VERLIES VAN DE HOEDANIGHEID VAN ... DEEL XI. - GELDELIJK STATUUT. TITEL 1. - BEZOLDIGINGSREGELING. HOOFDSTUK 1. - De salarisschaal. HOOFDSTUK 2. - Vaststelling van het salaris. HOOFDSTUK 3. - [1 In aanmerking nemen van diens... Afdeling 2. - Aanrekening van deeltijdse diensten. Afdeling 3. - Nadere algemene bepalingen voor d... HOOFDSTUK 4. - Uitbetaling van het salaris. HOOFDSTUK 5. - Berekening van het salaris in ge... TITEL 2. - TOELAGEN. HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen en definities. HOOFDSTUK 2. - Vakantiegeld en eindejaarstoelage. HOOFDSTUK 3. [1 - Toelage voor het tijdelijk ov... TITEL 3. - VERGOEDINGEN. HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen en definities. HOOFDSTUK 2. - Vergoeding voor begrafeniskosten. HOOFDSTUK 3. - Reis- en maaltijdvergoeding. HOOFDSTUK 4. HOOFDSTUK 5. [ Dienstverplaatsingen naar de te ... HOOFDSTUK 6. [1 - Forfaitaire tegemoetkoming vo... HOOFDSTUK 7. HOOFDSTUK 8. [1 - Maaltijdcheques.]1 HOOFDSTUK 9. [1 Rechtsbijstand.]1 DEEL XII. - DE CONTRACTUELE [1 GEWESTELIJK ONTV... DEEL XIII. - Opheffings- en slotbepalingen. DEEL XIV: DE OVERGANGSBEPALINGEN. BIJLAGE.
Table des matières
PARTIE Ire. - CHAMP D'APPLICATION ET DISPOSITIO... CHAPITRE 1er. - Champ d'application. CHAPITRE 2. - Dispositions générales. PARTIE II. - ORGANISATION ET FONCTIONNEMENT. PARTIE III. - [1 Droits, devoirs, incompatibili... PARTIE IV. - LE RECRUTEMENT ET L'ENTREE EN SERV... TITRE 1er. - DECLARATION DE VACANCE D'EMPLOI ET... Titre Ibis. [1 L'entrée en service]1 TITRE 2. - LES CONDITIONS D'ADMISSION. TITRE 3. - LA PROCEDURE DE SELECTION. CHAPITRE 1er. - Dispositions générales. CHAPITRE 2. - La sélection. CHAPITRE 3. - Réserve de recrutement. PARTIE V. - LE STAGE ET LA NOMINATION EN QUALIT... CHAPITRE 1er. - Le stage. CHAPITRE 2. - La nomination en qualité de recev... PARTIE VI. - L'EVALUATION FONCTIONNELLE. CHAPITRE 1er. - [1 Principes de base de l'évalu... CHAPITRE 2. - L'évaluateur. CHAPITRE 3. - La procédure. CHAPITRE 4. [1 Recours contre l'évaluation " in... PARTIE VII. - REGIME DISCIPLINAIRE. TITRE 1er. - PEINES DISCIPLINAIRES. TITRE 2. - PROCEDURE DISCIPLINAIRE. CHAPITRE 1er. - Les autorités compétentes. CHAPITRE 2. - La procédure. CHAPITRE 3. - Caractéristiques générales de la ... TITRE 3. - LA RADIATION DES PEINES DISCIPLINAIRES. PARTIE VIII. - SUSPENSION DANS L'INTERET DU SER... PARTIE IX. - LES CONGES ET LA POSITION ADMINIST... TITRE 1er. - DISPOSITIONS GENERALES. TITRE 2. - CONGES ANNUELS DE VACANCES ET JOURS ... TITRE 3. - [1 Congé de maternité et congé d'acc... CHAPITRE 1er. - [1 Congé de maternité.]1 CHAPITRE 2. - Congé d'accueil. TITRE 4. [1 Congé de maladie.]1 TITRE 5. - [1 Congé pour prestations réduites.]1 TITRE 6. - [1 Congé pour interruption de carriè... CHAPITRE 1er. - [1 Dispositions générales]1 CHAPITRE 2. - [1 Congé palliatif]1 CHAPITRE 3. - [1 Assistance ou prestation de so... CHAPITRE 4. - [1 Congé parental]1 Chapitre 5. [1 - Allocations d'interruption]1 Chapitre 6. [1 - Remplacement]1 Chapitre 7. [1 - Interruption de carrière pour ... TITRE 7. - [1 Congé pour mission.]1 CHAPITRE 1er. - Congé pour l'exercice d'une fon... CHAPITRE 2. - Congé pour mission [1 ...]1. TITRE 8. [1 Dispense de service pour formation.]1 TITRE 9. [1Congé de circonstance.]1 TITRE 10. [1 Congé politique.]1 TITRE 11. [1 Congé non payé.]1 TITRE 12. [1 Congés accordés en vertu de dispos... PARTIE X. - [1 La perte de la qualité de foncti... PARTIE XI. - STATUT PECUNIAIRE. TITRE 1er. - REGIME DES REMUNERATIONS. CHAPITRE 1er. - L'échelle de traitement. CHAPITRE 2. - Fixation du traitement. CHAPITRE 3. - [1 Prise en considération de serv... Section 2. - Comptabilisation des services à te... Section 3. - Dispositions genérales complémenta... CHAPITRE 4. - Paiement du traitement. CHAPITRE 5. - Calcul du traitement en cas de pr... TITRE 2. - ALLOCATIONS. CHAPITRE 1er. - Dispositions générales et défin... CHAPITRE 2. - Pécule de vacances et allocation ... CHAPITRE 3. - [1 Allocation pour la reprise tem... TITRE 3. - INDEMNITES. CHAPITRE 1er. - Dispositions générales et défin... CHAPITRE 2. - Indemnité pour frais funéraires. CHAPITRE 3. - Indemnité de parcours et de repas. CHAPITRE 4. CHAPITRE 5. - [1 Déplacements de service par tr... CHAPITRE 6. [1 Indemnité forfaitaire pour dépla... CHAPITRE 7. CHAPITRE 8. [1 Chèques-repas.]1 CHAPITRE 9. [1 Assistance en justice.]1 PARTIE XII. - LES RECEVEURS REGIONAUX CONTRACTU... PARTIE XIII. - DISPOSITIONS ABROGATOIRES ET FIN... PARTIE XIV: DISPOSITIONS TRANSITOIRES. ANNEXE.
Tekst (265)
Texte (265)
DEEL I. - TOEPASSINGSGEBIED EN ALGEMENE BEPALINGEN.
PARTIE Ire. - CHAMP D'APPLICATION ET DISPOSITIONS GENERALES.
HOOFDSTUK 1. - Toepassingsgebied.
CHAPITRE 1er. - Champ d'application.
Artikel 1. Dit besluit is van toepassing op de [1 gewestelijk ontvangers]1.
  
Article 1. Le présent arrêté s'applique aux receveurs régionaux.
HOOFDSTUK 2. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE 2. - Dispositions générales.
Art. 2. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° de minister van Binnenlandse Aangelegenheden : het lid van de Vlaamse regering dat bevoegd is voor de Binnenlandse Aangelegenheden;
  2° de [2 provinciegouverneur]2 : de [2 provinciegouverneur]2 van de provincie waar de [1 gewestelijk ontvanger]1 benoemd is;
  3° de arrondissementscommissaris : de arrondissementscommissaris aan wie de [2 provinciegouverneur]2 het gezag over de [1 gewestelijk ontvanger]1 heeft toevertrouwd.
  [3 4° VPS : het besluit van de Vlaamse Regering van 13 januari 2006 houdende vaststelling van de rechtspositie van het personeel van de diensten van de Vlaamse overheid;
   5° de gewestelijk ontvanger : de vastbenoemde gewestelijk ontvanger en de stagiair.]3

  
Art. 2. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° le Ministre flamand des Affaires intérieures : le membre du Gouvernement flamand qui a les Affaires intérieures dans ses attributions;
  2° le [1 gouverneur de province]1 : le [1 gouverneur de province]1 de la province où le receveur régional est nommé;
  3° le commissaire d'arrondissement : le commissaire d'arrondissement à qui le gouverneur de province a confié l'autorité sur le receveur régional.
  [2 4° SPF : l'arrêté du Gouvernement flamand du 13 janvier 2006 fixant le statut du personnel des services des autorités flamandes;
   5° le receveur régional : le receveur régional nommé à titre définitif et le stagiaire.]2

  
Art. 2bis. [1 Voor de toepassing van het VPS op de gewestelijk ontvanger wordt verstaan onder :
   1° de ambtenaar : de vastbenoemde gewestelijk ontvanger en de stagiair;
   2° het personeelslid : de vastbenoemde gewestelijk ontvanger, de stagiair en de contractuele gewestelijk ontvanger;
   3° het contractueel personeelslid : de contractuele gewestelijk ontvanger;
   4° de lijnmanager : de provinciegouverneur, tenzij anders is bepaald;
   5° de Vlaamse minister, bevoegd voor bestuurszaken : de minister van Binnenlandse Aangelegenheden, tenzij anders is bepaald en uitgezonderd voor de aanwijzing van het geneeskundig controleorgaan, vermeld in artikel X 18 van het VPS;
   6° de functioneel bevoegde Vlaamse minister of de functionele minister : de minister van Binnenlandse Aangelegenheden;
   7° de benoemende overheid : de provinciegouverneur, tenzij anders is bepaald;
   8° de Vlaamse Gemeenschap, de IVA met rechtspersoonlijkheid, de EVA, de SAR of het Gemeenschapsonderwijs, de diensten van de Vlaamse overheid : het Vlaams Gewest;
   9° de ambtenaar op proef, de ambtenaar in proeftijd : de stagiair.]1

  
Art. 2bis. [1 Pour l'application du SPF au receveur régional, on entend par :
   1° le fonctionnaire : le receveur régional nommé à titre définitif et le stagiaire.
   2° le membre du personnel : le receveur régional nommé à titre définitif, le stagiaire et le receveur régional contractuel;
   3° le membre du personnel contractuel : le receveur régional contractuel;
   4° le manager de ligne : le gouverneur de province, sauf disposition contraire;
   5° le Ministre flamand chargé des affaires administratives : le Ministre des Affaires intérieures, sauf dispositions contraires et à l'exception de la désignation de l'organe de contrôle médical, visé à l'article X 18 du SPF;
   6° le Ministre flamand fonctionnellement compétent ou le Ministre fonctionnel : le Ministre des Affaires intérieures;
   7° l'autorité ayant compétence de nomination : le gouverneur de province, sauf disposition contraire;
   8° la Communauté flamande, l'AAI dotée de la personnalité juridique, l'AAE, le CCS ou l'Enseignement communautaire, les services de l'Autorité flamande : la Région flamande;
   9° le fonctionnaire stagiaire, le fonctionnaire en stage : le stagiaire.]1

  
Art. 2ter. [1 De minister van Binnenlandse Aangelegenheden stelt het arbeidsreglement voor de gewestelijk ontvangers vast.]1
  
Art. 2ter. [1 Le Ministre des Affaires intérieures fixe le règlement de travail pour les receveurs régionaux.]1
  
DEEL II. - ORGANISATIE EN WERKING.
PARTIE II. - ORGANISATION ET FONCTIONNEMENT.
Art. 3. De [2 provinciegouverneur]2 duidt de arrondissementscommissaris aan die het hiërarchisch gezag over de [1 gewestelijk ontvanger]1 uitoefent.
  De arrondissementscommissaris rapporteert op geregelde tijdstippen over de organisatie en werking van de [1 gewestelijk ontvanger]1 aan de [2 provinciegouverneur]2.
  
Art. 3. Le [1 gouverneur de province]1 désigne le commissaire d'arrondissement qui exerce l'autorité hiérarchique sur le receveur régional.
  Le commissaire d'arrondissement fait rapport au [1 gouverneur de province]1 à intervalles réguliers sur l'organisation et le fonctionnement du receveur régional.
  
Art. 4. Bij tijdelijke afwezigheid van een [1 gewestelijk ontvanger]1 kan de [2 provinciegouverneur]2, op voorstel van de arrondissementscommissaris, een waarnemende [1 gewestelijk ontvanger]1 aanduiden. Deze waarnemende [1 gewestelijk ontvanger]1 dient te voldoen aan de toelatingsvoorwaarden zoals bepaald in deel IV van dit statuut.
  De waarnemende [1 gewestelijk ontvanger]1 geniet dezelfde bezoldigingsregeling als de effectieve [1 gewestelijk ontvanger]1.
  
Art. 4. En cas d'absence temporaire d'un receveur régional, le [1 gouverneur de province]1 peut, sur la proposition du commissaire d'arrondissement, désigner un receveur régional intérimaire. Ce receveur régional intérimaire doit remplir les conditions d'admission telles que fixées dans la partie IV du présent statut.
  Le receveur régional intérimaire bénéficie du même statut pécuniaire que le receveur régional effectif.
  
DEEL III. - [1 RECHTEN, PLICHTEN, ONVERENIGBAARHEDEN EN CUMULATIE VAN ACTIVITEITEN.]1
PARTIE III. - [1 Droits, devoirs, incompatibilités et cumul d'activités.]1
Art. 5. [3 De bepalingen van deel II van het VPS, met uitzondering van artikel II 3, II 4 en II 7, § 2, zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, op voorwaarde van de volgende aanpassingen :
   1° in artikel II 1, § 1, worden de woorden " de diensten van de Vlaamse overheid " gelezen als " de Vlaamse Regering ";
   2° in artikel II 1, § 1, worden de woorden " zijn lijnmanager en/of functionele chef " gelezen als " de provinciegouverneur en de arrondissementscommissaris ";
   3° in artikel II 2, § 2, worden de woorden " de Interne Audit van de Vlaamse Administratie op de hoogte brengen overeenkomstig artikel 34, § 3, van het kaderdecreet Bestuurlijk Beleid van 18 juli 2003 " gelezen als " de externe auditcommissie bij de gemeente op de hoogte brengen " en de woorden " een functionele chef " als " de arrondissementscommissaris;
   4° in artikel II 6, § 3, tweede lid, worden de woorden " de diensten van de Vlaamse overheid " gelezen als " de Vlaamse overheid ";
   5° in artikel II 12 en II 14 wordt het woord " lijnmanager " gelezen als " arrondissementscommissaris.]3

  (3)
Art. 5. [1 Les dispositions de la partie II du SPF, à l'exception des articles II 3, II 4 et II 7, § 2, s'appliquent par analogie au receveur régional, moyennant les adaptations suivantes :
   1° à l'article II 1er, § 1er, les mots " des Autorités flamandes " sont lus comme " le Gouvernement flamand ";
   2° à l'article II 1er, § 1er, les mots " de son manager de ligne et/ou chef fonctionnel " sont lus comme " du gouverneur de province et du commissaire d'arrondissement ";
   3° à l'article II 2, § 2, les mots " informer l'Audit interne de l'Administration flamande conformément à l'article 34, § 3 du décret cadre sur la politique administrative du 18 juillet 2003 " sont lus comme " informer la commission d'audit externe auprès de la commune " et les mots " un chef fonctionnel " comme " le commissaire d'arrondissement ";
   4° à l'article II 6, § 3, deuxième alinéa, les mots " des autorités flamandes " sont lus comme " de l'Autorité flamande ";
   5° à l'article II 12 et II 14 les mots " manager de ligne " sont lus comme " commissaire d'arrondissement ]1

  
DEEL IV. - DE AANWERVING EN DE INDIENSTTREDING VACANTVERKLARING EN MOBILITEIT.
PARTIE IV. - LE RECRUTEMENT ET L'ENTREE EN SERVICE.
TITEL 1. - VACANTVERKLARING EN MOBILITEIT.
TITRE 1er. - DECLARATION DE VACANCE D'EMPLOI ET MOBILITE.
Art. 11. De [2 provinciegouverneur]2 verklaart de betrekking van [1 gewestelijk ontvanger]1 vacant.
  
Art. 11. Le [1 gouverneur de province]1 déclare vacante la fonction de receveur régional.
  
Art. 12. Bij de vacantverklaring kan de [2 provinciegouverneur]2 besluiten de betrekking toe te kennen aan de vastbenoemde [1 gewestelijk ontvangers]1 die reeds in dienst zijn in het Vlaams Gewest.
  
Art. 12. Lors de la déclaration de vacance, le [1 gouverneur de province]1 peut décider d'attribuer l'emploi aux receveurs régionaux statutaires qui sont déjà en service dans la Région flamande.
  
Art. 12bis. [1 Naast de vacaturevervulling, vermeld in artikel 12, kan een vacante betrekking, als dat noodzakelijk is voor de dienst, vervuld worden door een verandering van dienstaanwijzing na akkoord van de betrokken provinciegouverneurs.]1
  
Art. 12bis. [1 Outre le pourvoi à la vacance d'emploi, tel que visé à l'article 12, il peut être pourvu à un emploi vacant, si cela est nécessaire pour le service, par un changement d'affectation après l'accord des gouverneurs de province concernés.]1
  
Titel Ibis. [1 De indiensttreding]1
Titre Ibis. [1 L'entrée en service]1
Art. 12ter. [1 De provinciegouverneur kan een nieuwe gewestelijk ontvanger aanstellen voor de uittredende gewestelijk ontvanger zijn ambt beëindigt. De nieuwe gewestelijk ontvanger kan op zijn vroegst zes maanden voor de beëindiging van het ambt van de uittredende gewestelijk ontvanger in dienst treden.
   De nieuwe gewestelijk ontvanger staat de uittredende gewestelijk ontvanger bij in de vervulling van zijn taken en de uitoefening van zijn opdrachten. Bij de beëindiging van het ambt van de uittredende gewestelijk ontvanger neemt de nieuwe gewestelijk ontvanger het ambt van gewestelijk ontvanger op.]1

  
Art. 12ter. [1 Le gouverneur de province peut désigner un nouveau receveur régional avant que le receveur régional sortant quitte sa fonction. Le nouveau receveur régional peut entrer en service au plus tôt six mois avant la cessation de la fonction du receveur régional sortant.
   Le nouveau receveur régional assiste le receveur régional sortant dans l'accomplissement de ses tâches et l'exercice de ses missions. Lors de la cessation de la fonction du receveur régional sortant, le nouveau receveur régional reprend la fonction de greffier provincial.]1

  
TITEL 2. - DE TOELATINGSVOORWAARDEN.
TITRE 2. - LES CONDITIONS D'ADMISSION.
Art. 13. Voor de toegang tot een ambt van [1 gewestelijk ontvanger]1 gelden de volgende algemene toelatingsvoorwaarden :
  1° Belg zijn;
  2° een gedrag hebben dat in overeenstemming is met de eisen van het ambt van [1 gewestelijk ontvanger]1;
  3° de burgerlijke en politieke rechten genieten;
  4° aan de dienstplichtwetten voldoen;
  5° een diploma hebben dat toegang geeft tot niveau A bij [2 de diensten van de Vlaamse overheid]2.
  
Art. 13. Les conditions d'admission générales suivantes sont applicables pour l'accès à une fonction de receveur régional :
  - être Belge;
  - avoir un comportement correspondant aux exigences de la fonction de receveur régional;
  - jouir des droits civils et politiques;
  - satisfaire aux lois sur la milice;
  - être porteur d'un diplôme donnant accès aux emplois du niveau 1 [1 auprès des services de l'Autorité flamande]1.
  
Art. 14. De diplomavoorwaarde van artikel 13, 5°, geldt niet voor :
  1° personen die reeds geslaagd zijn in een wervingsexamen voor de betrekking van statutair [1 gewestelijk ontvanger]1;
  2° personen die reeds geslaagd zijn in een wervingsexamen voor de betrekking van contractueel [1 gewestelijk ontvanger]1 en die gedurende minimum 1 jaar in dienst zijn geweest zijn of die in dienst zijn op de datum van goedkeuring van dit besluit.
  
Art. 14. La condition du diplôme de l'article 13, 5°, ne s'applique pas :
  1° aux personnes ayant déjà réussi au concours de recrutement pour l'emploi de receveur régional statutaire;
  2° aux personnes ayant déjà réussi au concours de recrutement pour l'emploi de receveur régional contractuel et ayant été en service pendant au moins un an ou étant en service à la date de l'approbation du présent arrêté.
TITEL 3. - DE SELECTIEPROCEDURE.
TITRE 3. - LA PROCEDURE DE SELECTION.
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales.
Art. 15. § 1. De [2 provinciegouverneur]2 kan personen enkel tot [1 gewestelijk ontvanger]1 benoemen als zij geselecteerd worden in een selectieprocedure die hij organiseert. De Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden legt het programma voor de selectie vast.
  § 2. De [2 provinciegouverneur]2 stelt bij de organisatie van de selectieprocedure de datum vast waarop de gegadigden moeten voldoen aan de algemene toelatingsvoorwaarden en de benoemingsvoorwaarden. Hij controleert of de kandidaten voldoen aan deze vereisten en voorwaarden.
  
Art. 15. § 1er. Le [1 gouverneur de province]1 ne peut nommer les receveurs régionaux que s'ils sont sélectionnés dans une procédure de sélection organisée par lui. Le Ministre flamand des Affaires intérieures fixe le programme de la sélection.
  § 2. Lors de l'organisation de la procédure de sélection, le [1 gouverneur de province]1 fixe la date à laquelle les candidats doivent remplir les conditions d'admission générales et les conditions de nomination. Il vérifie si les candidats remplissent ces exigences et conditions.
  
Art. 16. Volgende personen worden vrijgesteld van de selectieprocedure waarvan sprake in artikel 15 :
  1° personen die reeds geslaagd zijn in een wervingsprocedure voor het ambt van statutair [1 gewestelijk ontvanger]1;
  2° [2 ...]2.
  
Art. 16. Les personnes suivantes sont exemptées de la procédure de sélection visée à l'article 15 :
  1° les personnes ayant déjà réussi dans une procédure de recrutement pour la fonction de receveur régional statutaire;
  2° [1 ...]1.
  
Art. 17. De [1 provinciegouverneur]1 kondigt elke selectieprocedure ten minste aan in het Belgisch Staatsblad.
  
Art. 17. Le [1 gouverneur de province]1 annonce chaque concours de recrutement au moins par avis inséré au Moniteur belge.
  
Art. 18. De [1 provinciegouverneur]1 bepaalt de modaliteiten van de selectieprocedure.
  Onder modaliteiten wordt verstaan :
  1° de vaststelling van het reglement betreffende de organisatie van de selectieprocedure en de bekendmaking ervan; dit reglement :
  a) bepaalt de termijn waarbinnen de inschrijvingen kunnen worden aanvaard;
  b) vermeldt het programma en de deelnemingsvoorwaarden en stelt de datum waarop de kandidaten aan deze voorwaarden moeten voldoen vast;
  2° de bepaling van datum en plaats van de proeven;
  3° de vaststelling van de lijst van de kandidaten;
  4° de oproeping van de kandidaten;
  5° het opmaken van het proces-verbaal dat de rangschikking van de geslaagden vaststelt;
  6° de kennisgeving van het resultaat aan de kandidaten.
  
Art. 18. Le [1 gouverneur de province]1 détermine les modalités de la procédure de sélection.
  Par les modalités, il faut entendre :
  1° l'établissement du règlement relatif à l'organisation de la procédure de sélection et à la publication de celle-ci; ce règlement :
  a) détermine le délai pendant lequel les inscriptions sont recevables;
  b) mentionne le programme et les conditions de participation et fixe la date à laquelle les candidats doivent remplir ces conditions;
  2° la fixation de la date et du lieu des épreuves;
  3° la constitution de la liste des candidats;
  4° la convocation des candidats;
  5° l'établissement du procès-verbal fixant le classement des lauréats;
  6° la notification du résultat aux candidats.
  
Art. 19. Iedere kandidaat die voor de selectieprocedure inschrijft, ontvangt op aanvraag het reglement.
Art. 19. Chaque candidat qui s'inscrit à la procédure de sélection reçoit le règlement à sa demande.
HOOFDSTUK 2. - De selectie.
CHAPITRE 2. - La sélection.
Art. 20. De [1 provinciegouverneur]1 stelt de selectiecommissie samen.
  De [1 provinciegouverneur]1 selecteert een kandidaat, op voordracht van de arrondissementscommissaris en na voorafgaande goedkeuring door de minister van Binnenlandse Aangelegenheden.
  
Art. 20. Le [1 gouverneur de province]1 compose la commission de sélection.
  Le [1 gouverneur de province]1 sélectionne un candidat, sur la proposition du commissaire d'arrondissement et après approbation préalable du Ministre des Affaires intérieures.
  
HOOFDSTUK 3. - Wervingsreserve.
CHAPITRE 3. - Réserve de recrutement.
Art. 21. Wanneer de [2 provinciegouverneur]2 betrekkingen van [1 gewestelijk ontvanger]1 vacant verklaart, kan hij beslissen een wervingsreserve aan te leggen. Hij bepaalt de duur van de wervingsreserve.
  
Art. 21. Lorsque le [1 gouverneur de province]1 déclare vacants les emplois de receveur régional, il peut décider de constituer une réserve de recrutement. Il détermine la durée de la réserve de recrutement.
  
DEEL V. - DE STAGE EN DE BENOEMING TOT [1gewestelijk ontvanger]1.
PARTIE V. - LE STAGE ET LA NOMINATION EN QUALITE DE RECEVEUR REGIONAL.
HOOFDSTUK 1. - De stage.
CHAPITRE 1er. - Le stage.
Art. 22. De [1 provinciegouverneur]1 laat de geselecteerde kandidaat toe tot de stage.
  
Art. 22. Le [1 gouverneur de province]1 admet le candidat sélectionné au stage.
  
Art. 23. § 1. De duur van de stage bedraagt 12 maanden.
  [1 De provinciegouverneur beslist of de stage deeltijds uitgevoerd kan worden. In geval van deeltijdse stage wordt de duur van de stage pro rata verlengd.]1
  § 2. Om de duur van de verrichte stage te berekenen worden alle perioden waarin de stagiair in actieve dienst is in aanmerking genomen.
  § 3. De stagiair beschikt over een bonus van 25 werkdagen afwezigheid die niet meetelt bij het berekenen van de duur van de stage.
  De stagiair kan deze bonus in een keer of in meerdere keren gebruiken.
  In deze bonus aan werkdagen telt de jaarlijkse vakantie niet mee.
  § 4. Afwezigheid boven de in § 3 vermelde bonus, zelfs de afwezigheid die met dienstactiviteit gelijkgesteld wordt, schorst de stage.
  § 5. Tijdens de schorsing van de stage en tijdens de periode waarin de einddatum van de stage overschreden wordt behoudt de stagiair zijn hoedanigheid van stagiair.
  
Art. 23. § 1er. La durée du stage s'étend sur une période de 12 mois.
  [1 Le gouverneur de province décide si le stage peut être effectué à temps partiel. En cas de stage à temps partiel, la durée du stage est prorogée au prorata.]1
  § 2. Afin de calculer la durée du stage accompli toute période pendant laquelle le stagiaire est en service actif est prise en considération.
  § 3. Le stagiaire dispose d'un crédit de 25 jours ouvrables d'absence qui n'est pas pris en considération pour le calcul de la durée du stage.
  Le stagiaire peut utiliser ce crédit en une ou plusieurs fois.
  Ce crédit de jours ouvrables ne tient pas compte du congé annuel de vacances.
  § 4. Une absence qui dépasse le crédit visé au § 3, même l'absence qui est assimilée à une période d'activité de service, entraîne la suspension du stage.
  § 5. Pendant la suspension du stage et pendant la période au cours de laquelle la date finale du stage est dépassée, le stagiaire conserve sa qualité de stagiaire.
  
Art. 24. De [1 provinciegouverneur]1 stelt de arrondissementscommissaris aan als begeleidingsambtenaar.
  
Art. 24. Le [1 gouverneur de province]1 désigne le commissaire d'arrondissement comme fonctionnaire d'encadrement.
  
Art. 25. Tijdens de stage volgt de begeleidingsambtenaar de stagiair op en evalueert hij die tussentijds, overeenkomstig de regeling van de functioneringsevaluatie met uitzondering van de beroepsmogelijkheid.
  De arrondissementscommissaris zendt ieder tussentijds evaluatieverslag onverwijld ter kennisgeving aan de stagiair toe die het viseert en er eventueel zijn opmerkingen aan toevoegt.
Art. 25. Durant le stage, le fonctionnaire d'encadrement suit le stagiaire et l'évalue à titre intérimaire, conformément à la réglementation de l'évaluation fonctionnelle, à l'exception de la possibilité de recours.
  Le commissaire d'arrondissement transmet à titre d'information chaque rapport d'évaluation intérimaire sans délai au stagiaire, qui le vise et y ajoute éventuellement ses remarques.
Art. 26. De evaluatie heeft betrekking op het functioneren van de stagiair.
Art. 26. L'évaluation concerne le fonctionnement du stagiaire.
Art. 27. § 1. Op het einde van de stage maakt de arrondissementscommissaris na een gesprek met de stagiair, een samenvattend eindverslag op.
  § 2. De arrondissementscommissaris betekent het eindverslag binnen dertig kalenderdagen, te rekenen vanaf de einddatum van de stage, aan de stagiair en stuurt het aan de [1 provinciegouverneur]1; zoniet wordt de stage geacht gunstig te zijn.
  
Art. 27. § 1er. A l'issue du stage et après un entretien avec le stagiaire, un rapport final synthétisant est établi par le commissaire d'arrondissement.
  § 2. Le commissaire d'arrondissement notifie le rapport final au stagiaire dans les trente jours calendaires à compter de la date finale du stage et l'envoie au [1 gouverneur de province]1; sinon le stage est censé favorable.
  
Art. 28. § 1. Bij een negatief eindverslag, kan de stagiair de [1 provinciegouverneur]1 verzoeken gehoord te worden.
  § 2. De [1 provinciegouverneur]1 neemt een definitief besluit om de stagiair te benoemen of af te danken.
  
Art. 28. § 1er. Lors d'un rapport final négatif, le stagiaire peut demander au [1 gouverneur de province]1 d'être entendu.
  § 2. Le [1 gouverneur de province]1 prend la décision définitive de nommer ou de licencier le stagiaire.
  
Art. 29. Met ingang van de eerste werkdag die volgt op de betekening van de beslissing tot afdanking, sluit de [1 provinciegouverneur]1 met de stagiair een arbeidsovereenkomst voor een bepaalde duur van drie maanden.
  Wanneer de bijdragen ingehouden op de arbeidsovereenkomst voor een bepaalde duur van drie maanden niet volstaan stort de [1 provinciegouverneur]1 bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid de nog ontbrekende werkgevers- en werknemersbijdragen voor de opname van de stagiair in het stelsel van de werkloosheid, de ziekteverzekering (sector uitkeringen) en de moederschapsbescherming.
  De duur van de periode gedekt door deze storting mag de duur van de statutaire tewerkstelling van de ontslagen stagiair niet overschrijden.
  
Art. 29. A partir du premier jour ouvrable suivant la notification de la décision de licenciement, le [1 gouverneur de province]1 conclut avec le stagiaire un contrat de travail à durée déterminée de trois mois.
  Lorsque les cotisations prélevées sur le contrat de travail à durée déterminée de 3 mois ne suffisent pas, le [1 gouverneur de province]1 verse à l'Office national de la Sécurité sociale les cotisations patronales et ouvrières manquantes pour la reprise du stagiaire dans le régime de chômage, l'assurance-maladie (secteur des allocations) et l'assurance maternité.
  La durée de la période couverte par ce versement, ne peut dépasser la durée de l'emploi statutaire du stagiaire licencié.
  
Art. 30. § 1. De [1 provinciegouverneur]1 kan de stagiair die tijdens de stage een zware fout begaat, ontslaan zonder opzeggingstermijn of verbrekingsvergoeding.
  § 2. De [1 provinciegouverneur]1 verleent het ontslag wegens een zware fout zonder opzeggingstermijn of verbrekingsvergoeding binnen de 3 werkdagen nadat de arrondissementscommissaris kennis genomen heeft van het feit dat als zware fout zou kunnen worden beschouwd.
  Vooraf hoort de [1 provinciegouverneur]1 samen met de arrondissementscommissaris de stagiair. Deze kan zich laten bijstaan door een raadgever.
  § 3. Voor de stagiair die wegens een zware fout wordt ontslagen, wordt bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid de werkgevers- en werknemersbijdragen gestort nodig voor zijn opname in het stelsel van de werkloosheid, de ziekteverzekering (sector uitkeringen) en de moederschapsbescherming. De duur van de periode gedekt door deze storting mag de duur van de statutaire tewerkstelling van de ontslagen stagiair niet overschrijden.
  
Art. 30. § 1er. Le [1 gouverneur de province]1 peut licencier le stagiaire qui commet une faute grave au cours du stage sans préavis ou indemnité de rupture.
  § 2. Le [1 gouverneur de province]1 accorde la démission pour faute grave sans préavis ou indemnité de rupture dans les 3 jours ouvrables après que le commissaire d'arrondissement a pris connaissance du fait qui pourrait être considéré comme faute grave.
  Le [1 gouverneur de province]1 assisté par le commissaire d'arrondissement entendent le stagiaire préalablement. Celui-ci peut se faire assister par un conseiller.
  § 3. Pour les stagiaires licenciés pour faute grave, les cotisations patronales et ouvrières nécessaires à la reprise du stagiaire dans le régime chômage, l'assurance-maladie (secteur des allocations) et l'assurance maternité, sont versées à l'Office national de Sécurité sociale. La durée de la période couverte par ce versement, ne peut dépasser la durée de l'emploi statutaire du stagiaire licencié.
  
HOOFDSTUK 2. - De benoeming tot [1gewestelijk ontvanger]1.
CHAPITRE 2. - La nomination en qualité de receveur régional.
Art. 31. De [2 provinciegouverneur]2 kan enkel wie aan de toelatingsvoorwaarden voldoet en met goed gevolg de stage heeft volbracht tot [1 gewestelijk ontvanger]1 benoemen.
  
Art. 31. Le [1 gouverneur de province]1 ne peut nommer en qualité de receveur régional que ceux qui remplissent les conditions d'admission et qui ont accompli le stage avec succès.
  
DEEL VI. - DE FUNCTIONERINGSEVALUATIE.
PARTIE VI. - L'EVALUATION FONCTIONNELLE.
HOOFDSTUK 1. - [1 Basisprincipes van de evaluatie.]1
CHAPITRE 1er. - [1 Principes de base de l'évaluation.]1
Art. 32. [1 Artikel IV 1 en IV 2 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, waarbij in artikel IV 2 het woord " lijnmanager " gelezen wordt als " arrondissementscommissaris.]1
  
Art. 32. [1 L'article IV 1er et IV 2 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, étant entendu qu'à l'article IV 2 les mots " manager de ligne " sont lus comme " commissaire d'arrondissement ".]1
  
HOOFDSTUK 2. - De evaluator.
CHAPITRE 2. - L'évaluateur.
Art. 33. De arrondissementscommissaris evalueert de [1 gewestelijk ontvanger]1.
  
Art. 33. Le commissaire d'arrondissement évalue le receveur régional.
HOOFDSTUK 3. - De procedure.
CHAPITRE 3. - La procédure.
Art. 34. De functioneringsevaluatie gebeurt na een evaluatiegesprek tussen de [1 gewestelijk ontvanger]1 en de arrondissementscommissaris.
  Indien de [1 gewestelijk ontvanger]1 afwezig is tijdens de evaluatieperiode, gebeurt de functioneringsevaluatie indien mogelijk mondeling of anders schriftelijk.
  
Art. 34. L'évaluation fonctionnelle se fait après un entretien d'évaluation entre le receveur régional et le commissaire d'arrondissement.
  Si le receveur régional est absent pendant la période de l'évaluation, l'évaluation fonctionnelle se fait de préférence oralement, sinon par écrit.
Art. 35. [1 De arrondissementscommissaris legt de evaluatie vast in een verslag. Het verslag bevat in voorkomend geval de eindvermelding " onvoldoende ", die loopbaangevolgen heeft zoals bepaald in dit besluit.
   De geëvalueerde gewestelijk ontvanger kan opmerkingen toevoegen aan het definitieve beschrijvende evaluatieverslag.]1

  
Art. 35. [1 Le commissaire d'arrondissement rédige le rapport d'évaluation. Le cas échéant, le rapport comporte la mention finale " insuffisant ", entraînant des conséquences pour la carrière, comme prévu au présent arrêté.
   Le receveur régional évalué peut ajouter ses remarques au rapport d'évaluation descriptif final.]1

  
Art. 35bis. [1 Artikel IV 6 en IV 7 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 35bis. [1 Les articles IV 6 et IV 7 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
HOOFDSTUK 4. [1 Beroep tegen de evaluatie " onvoldoende ".]1
CHAPITRE 4. [1 Recours contre l'évaluation " insuffisant ".]1
Art. 35ter. [1 De gewestelijk ontvanger van wie het evaluatieverslag wordt besloten met de vermelding " onvoldoende ", kan daartegen beroep instellen bij de provinciegouverneur binnen vijftien kalenderdagen na het bezorgen van het evaluatieverslag. De provinciegouverneur neemt een definitieve beslissing binnen dertig kalenderdagen.]1
  
Art. 35ter. [1 Le receveur régional dont le rapport d'évaluation est conclu par la mention " insuffisant " a la faculté de se pourvoir en appel auprès du gouverneur de province dans les quinze jours calendaires de la transmission du rapport d'évaluation. Le gouverneur de province prend une décision définitive dans les trente jours calendaires.]1
  
DEEL VII. - TUCHTREGELING.
PARTIE VII. - REGIME DISCIPLINAIRE.
TITEL 1. - TUCHTSTRAFFEN.
TITRE 1er. - PEINES DISCIPLINAIRES.
Art. 36. [1 De bepalingen van deel VIII, titel 1, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, met uitzondering van artikel VIII 2, 4° en 5°, VIII 5 en VIII 6.]1
  
Art. 36. [1 Les dispositions de la partie VIII, titre 1er, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, à l'exception des articles VIII, 2, 4° et 5°, VIII 5 et VIII 6.]1
  
TITEL 2. - TUCHTPROCEDURE.
TITRE 2. - PROCEDURE DISCIPLINAIRE.
HOOFDSTUK 1. - De bevoegde overheid.
CHAPITRE 1er. - Les autorités compétentes.
Art. 40. De arrondissementscommissaris stelt de tuchtstraf voor.
Art. 40. Le commissaire d'arrondissement propose la peine disciplinaire.
Art. 41. De [1 provinciegouverneur]1 spreekt de tuchtstraf uit.
  
Art. 41. Le [1 gouverneur de province]1 prononce la peine disciplinaire.
  
Art. 42. De [1 gewestelijk ontvanger]1 kan beroep aantekenen bij de minister van Binnenlandse Aangelegenheden.
  
Art. 42. Le receveur régional peut introduire un recours auprès du Ministre des Affaires intérieures.
HOOFDSTUK 2. - De procedure.
CHAPITRE 2. - La procédure.
Art. 43. [1 Artikel VIII 9 tot en met VIII 11 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, op voorwaarde van de volgende aanpassingen :
   1° de woorden " het personeelslid dat het voorstel heeft gedaan " worden gelezen als " de arrondissementscommissaris ";
   2° de woorden " de overheid die bevoegd is voor het uitspreken van de tuchtstraf ", " de bevoegde overheid voor de uitspraak " en " de bevoegde overheid " worden gelezen als " de provinciegouverneur ";
   3° de woorden " in toepassing van art. VIII 12 " vermeld in artikel VIII 11, worden gelezen als " met toepassing van artikel 51 ".]1

  
Art. 43. [1 Les articles VIII 9 à VIII 11 inclus du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, moyennant les suivantes adaptations :
   1° les mots " le membre du personnel qui a fait la proposition, " sont lus comme " le commissaire d'arrondissement ";
   2° les mots " l'autorité compétente pour prononcer la peine disciplinaire ", " l'autorité compétente qui prononcera " et " à l'autorité compétente " sont lus comme " le gouverneur de province ";
   3° les mots " par application de l'article VIII 12 " mentionnés à l'article VIII 11 sont lus comme " par application de l'article 51 ".]1
Art. 48. De [1 gewestelijk ontvanger]1 tegen wie de [2 provinciegouverneur]2 een tuchtstraf uitspreekt, kan hiertegen gemotiveerd beroep instellen bij de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden binnen vijftien kalenderdagen. Deze termijn gaat in op de dag die volgt op de mededeling via een aangetekende brief van de uitspraak.
  
Art. 48. Le receveur régional contre lequel le [1 gouverneur de province]1 prononce une peine disciplinaire, peut introduire un recours motivé auprès du Ministre flamand des Affaires intérieures dans les quinze jours calendaires. Ce délai prend cours le jour suivant la communication du prononcé par lettre recommandée.
  
Art. 49. De Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden hoort de [1 gewestelijk ontvanger]1 op diens verzoek binnen de dertig dagen nadat de [1 gewestelijk ontvanger]1 hierom gevraagd heeft.
  
Art. 49. Le Ministre flamand des Affaires intérieures entend le receveur régional à sa demande dans les trente jours après que celui-ci en a fait la demande.
Art. 50. De Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden neemt zijn beslissing nadat hij de [1 gewestelijk ontvanger]1 gehoord heeft.
  
Art. 50. Le Ministre flamand des Affaires interieures prend sa décision après avoir entendu le receveur régional.
Art. 51. De tuchtstraf is definitief de dag nadat de termijn om het beroep in te stellen verstreken is of de minister van Binnenlandse Aangelegenheden zijn beslissing heeft meegedeeld via een aangetekende brief.
Art. 51. La peine disciplinaire est définitive le jour suivant l'expiration du délai d'introduction du recours ou le jour après que le Ministre des Affaires intérieures a notifié sa décision par lettre recommandée.
HOOFDSTUK 3. - Algemene kenmerken van de tuchtprocedure.
CHAPITRE 3. - Caractéristiques générales de la procédure disciplinaire.
Art. 52. [1 De bepalingen van deel VIII, titel 2, hoofdstuk 3, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, met uitzondering van artikel VIII 19 en VIII 21, en waarbij in artikel VIII 20 de woorden " de administratieve overheid " worden gelezen als " de provinciegouverneur en de arrondissementscommissaris ".]1
  
Art. 52. [1 Les dispositions de la partie VIII, titre 2, chapitre 3, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, à l'exception des articles VIII 19 et VIII 21, et étant entendu qu'à l'article VIII 20 les mots " l'autorité administrative " sont lus comme " le gouverneur de province et le commissaire d'arrondissement ".]1
  
Art. 54. De minister van Binnenlandse Aangelegenheden kan geen zwaardere tuchtstraf uitspreken dan de straf die de [1 provinciegouverneur]1 uitgesproken heeft.
  Hij mag slechts de feiten in aanmerking nemen die de tuchtprocedure gerechtvaardigd hebben.
  Een tuchtstraf kan geen uitwerking hebben over een periode vóór de uitspraak.
  
Art. 54. Le Ministre des Affaires intérieures ne peut prononcer une peine disciplinaire plus lourde que celle prononcée par le [1 gouverneur de province]1.
  Il ne peut prendre en considération que les faits qui ont justifié la procédure disciplinaire.
  La peine disciplinaire ne peut avoir effet sur une période précédant le prononcé.
  
TITEL 3. - DE DOORHALING VAN DE TUCHTSTRAFFEN.
TITRE 3. - LA RADIATION DES PEINES DISCIPLINAIRES.
Art. 59. [1 De bepalingen van deel VIII, titel 3, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, met uitzondering van artikel VIII 24, § 2, vierde gedachtestreep.]1
  
Art. 59. [1 Les dispositions de la partie VIII, titre 3, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, à l'exception de l'article VIII 24, § 2, quatrième tiret.]1
  
DEEL VIII. - SCHORSING IN HET BELANG VAN DE DIENST.
PARTIE VIII. - SUSPENSION DANS L'INTERET DU SERVICE.
Art. 61. [1 De bepalingen van deel IX van het VPS, met uitzondering van artikel IX 2, IX 6 en IX 7, zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, op voorwaarde van de volgende aanpassingen :
   1° in artikel IX 4 worden de woorden " de overheid bevoegd voor het uitspreken van de schorsing in het belang van de dienst " gelezen als " de provinciegouverneur ";
   2° in artikel IX 13 worden de woorden " artikel VIII 19, derde lid " gelezen als " artikel 54.]1
Art. 61. [1 Les dispositions de la partie IX du SPF, à l'exception des articles IX 2, IX 6 et IX 7, s'appliquent par analogie au receveur régional, moyennant les adaptations suivantes :
   1° à l'article IX 4 les mots " l'autorité compétente pour prononcer la suspension dans l'intérêt du service " sont lus comme " le gouverneur de province ";
   2° à l'article IX 13 les mots " l'article VIII 19, troisième alinéa " sont lus comme " l'article 54 ".]1

  
Art. 62. Enkel de [1 provinciegouverneur]1 kan de schorsing in het belang van de dienst uitspreken.
  De arrondissementscommissaris kan een schorsing in het belang van de dienst voorstellen.
  
Art. 62. Seul le [1 gouverneur de province]1 peut prononcer la suspension dans l'intérêt du service.
  Le commissaire d'arrondissement peut proposer une suspension dans l'intérêt du service.
  
Art. 64. Le [1 gouverneur de province]1 peut priver le receveur régional du droit de faire valoir ses titres à l'avancement de traitement et d'échelle de traitement et le traitement peut être réduit dans les cas suivants :
  1. lorsque le receveur régional fait l'objet de poursuites pénales;
  2. lorsque le receveur régional fait l'objet de poursuites disciplinaires en raison d'une faute grave pour laquelle il y a soit flagrant délit, soit des indices probants.
  La retenue de traitement ne peut excéder un cinquième de la rémunération nette.
  
Art. 65. [2 Eerste lid opgeheven.]2
  De [1 gewestelijk ontvanger]1 kan na vijftien kalenderdagen sedert de dag dat de schorsing in het belang van de dienst uitwerking gekregen heeft, beroep instellen bij de Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden. De Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden kan de schorsing in het belang van de dienst opheffen.
  
Art. 65. [1 Alinéa 1er supprimé]1
  Après quinze jours calendaires à compter de la date à laquelle la suspension dans l'intérêt du service a produit ses effets, le receveur régional peut introduire un recours auprès du Ministre flamand des Affaires intérieures. Le Ministre flamand des Affaires intérieures peut supprimer la suspension dans l'intérêt du service.
  
Art. 66. De [1 gewestelijk ontvanger]1 die over nieuwe elementen beschikt, kan tegen zijn schorsing in het belang van de dienst een nieuw beroep instellen, van zodra minstens drie maanden verstreken zijn sedert de vorige beslissing tot handhaving van zijn schorsing.
  
Art. 66. Le receveur régional qui dispose de nouveaux éléments, peut introduire un nouveau recours contre sa suspension dans l'intérêt du service, dès qu'au moins trois mois se sont écoulés depuis la décision précédente de maintien de la suspension.
DEEL IX. - HET VERLOF EN DE ADMINISTRATIEVE TOESTAND TIJDENS VERLOF.
PARTIE IX. - LES CONGES ET LA POSITION ADMINISTRATIVE PENDANT LES CONGES.
TITEL 1. - ALGEMENE BEPALINGEN.
TITRE 1er. - DISPOSITIONS GENERALES.
Art. 74. [1 De bepalingen van deel X, titel 1, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, met uitzondering van artikel X 2 en waarbij het woord " lijnmanager " wordt gelezen als " arrondissementscommissaris ".]1
  
Art. 74. [1 Les dispositions de la partie X, titre 1er, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, à l'exception de l'article X 2 et étant entendu que les mots " manager de ligne " sont lus comme " commissaire d'arrondissement ".]1
  
Art. 75. De [1 gewestelijk ontvanger]1 in dienstactiviteit heeft recht op salaris en op bevordering in salaris, tenzij anders bepaald.
  
Art. 75. Le receveur régional en activité de service a droit à un traitement et à un avancement de traitement, à moins qu'il ne soit stipulé autrement.
Art. 76. § 1. De [1 gewestelijk ontvanger]1 in non-activiteit heeft geen recht op salaris en op bevordering in salaris, tenzij anders bepaald.
  § 2. De [1 gewestelijk ontvanger]1 kan niet in non-activiteit gesteld of gehouden worden als hij aan de voorwaarden voldoet om gepensioneerd te worden.
  
Art. 76. § 1er. Le receveur régional en non-activité n'a pas droit à un traitement ni à un avancement de traitement, à moins qu'il ne soit stipulé autrement.
  § 2. Le receveur régional ne peut être mis ou maintenu en non-activité s'il se trouve dans les conditions requises pour obtenir une pension de retraite.
Art. 77. [1 De dienstvrijstellingen worden aangevraagd bij de arrondissementscommissaris.]1
  
Art. 77. [1 Les dispenses de service sont demandées auprès du commissaire d'arrondissement.]1
  
TITEL 2. - JAARLIJKSE VAKANTIEDAGEN EN FEESTDAGEN.
TITRE 2. - CONGES ANNUELS DE VACANCES ET JOURS FERIES.
Art. 80. [1 De bepalingen van deel X, titel 2, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 80. [1 Les dispositions de la partie X, titre 2, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
TITEL 3. - [1 BEVALLINGSVERLOF EN OPVANGVERLOF.]1
TITRE 3. - [1 Congé de maternité et congé d'accueil.]1
HOOFDSTUK 1. - [1 Bevallingsverlof.]1
CHAPITRE 1er. - [1 Congé de maternité.]1
Art. 84. [1 De bepalingen van deel X, titel 3, hoofdstuk 1, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 84. [1 Les dispositions de la partie X, titre 3, chapitre 1er du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
Art. 86. (opgeheven).
Art. 86. (Abrogé)
HOOFDSTUK 2. - Opvangverlof.
CHAPITRE 2. - Congé d'accueil.
Art. 88. [1 De bepalingen van deel X, titel 3, hoofdstuk 2, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 88. [1 Les dispositions de la partie X, titre 3, chapitre 2 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
TITEL 4. - [1 ZIEKTEVERLOF.]1
TITRE 4. [1 Congé de maladie.]1
Art. 90. [1 De bepalingen van deel X, titel 4, van het VPS, met uitzondering van artikel X 24, zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 90. [1 Les dispositions de la partie X, titre 4, du SPF, à l'exception de l'article X 24, s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
TITEL 5. [1 VERLOF VOOR DEELTIJDSE PRESTATIES.]1
TITRE 5. - [1 Congé pour prestations réduites.]1
Art. 91. [1 De gewestelijk ontvanger kan een verlof voor deeltijdse prestaties krijgen. Het verlof wordt toegestaan door de arrondissementscommissaris, die beoordeelt of het geven van de toestemming verenigbaar is met de goede werking van de dienst.
   De nadere regelen voor het opnemen van het verlof voor deeltijdse prestaties worden bepaald in overleg met de arrondissementscommissaris en de gewestelijk ontvanger.
   De gewestelijk ontvanger kan binnen vijftien kalenderdagen vanaf de kennisgeving van de beslissing tot weigering van het verlof voor deeltijdse prestaties in beroep gaan bij de provinciegouverneur. De provinciegouverneur neemt een definitieve beslissing binnen dertig kalenderdagen.
   Het verlof voor deeltijdse prestaties kan worden opgezegd door de gewestelijk ontvanger en door de arrondissementscommissaris.]1

  
Art. 91. [1 Le receveur régional peut obtenir un congé pour prestations réduites. Le congé est accordé par le commissaire d'arrondissement, qui juge si l'octroi de l'autorisation est compatible avec le bon fonctionnement du service.
   Les modalités de prise de congé pour prestations réduites sont fixées en concertation avec le commissaire d'arrondissement et le receveur régional.
   Le receveur régional peut interjeter appel auprès du gouverneur de province dans les quinze jours calendaires de la notification de la décision de refus du congé pour prestations réduites. Le gouverneur de province prend une décision définitive dans les trente jours calendaires.
   Le congé pour prestations réduites peut être annulé par le receveur régional et par le commissaire d'arrondissement.]1

  
Art. 92. [1 Artikel X 26 en X 27 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 92. [1 Les articles X 26 et X 27 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
TITEL 6. - [1 VERLOF VOOR LOOPBAANONDERBREKING.]1
TITRE 6. - [1 Congé pour interruption de carrière.]1
HOOFDSTUK 1. - [1 Algemene bepalingen]1
CHAPITRE 1er. - [1 Dispositions générales]1
Art. 95. [1 § 1. De gewestelijk ontvanger kan de loopbaan in totaal 72 maanden voltijds en 72 maanden deeltijds onderbreken met al dan niet opeenvolgende periodes van ten minste drie maanden en ten hoogste twaalf maanden.
   Het verlof wordt toegestaan door de arrondissementscommissaris, die beoordeelt of het geven van de toestemming verenigbaar is met de goede werking van de dienst.
   De deeltijdse loopbaanonderbreking kan opgenomen worden in de vorm van :
   1° halftijdse loopbaanonderbreking;
   2° loopbaanonderbreking met een vierde;
   3° loopbaanonderbreking met een vijfde.
   § 2. De maximumduur voor voltijdse en deeltijdse loopbaanonderbreking wordt verminderd met de duur van de voltijdse, respectievelijk deeltijdse loopbaanonderbrekingen die de gewestelijk ontvanger heeft genoten in welke hoedanigheid ook bij dezelfde of een andere werkgever.
   § 3. De gewestelijk ontvanger kan tegen de weigering van het verlof voor loopbaanonderbreking binnen vijftien kalenderdagen vanaf de kennisgeving van de beslissing tot weigering in beroep gaan bij de [2 provinciegouverneur]2. De [2 provinciegouverneur]2 neemt een definitieve beslissing binnen dertig kalenderdagen.
   § 4. Het verlof voor loopbaanonderbreking kan worden opgezegd door de gewestelijk ontvanger en door de arrondissementscommissaris.]1

  
Art. 95. [1 § 1er. Le fonctionnaire régional peut interrompre sa carrière à temps plein pendant 72 mois au maximum et à mi-temps pendant 72 mois au maximum, par des périodes consécutives ou non d'au moins trois mois et d'au plus douze mois.
   Le congé est accordé par le commissaire d'arrondissement, qui juge si l'octroi de l'autorisation est compatible avec le bon fonctionnement du service.
   L'interruption de carrière à temps partiel peut prendre les formes suivantes :
   1° l'interruption de carrière à mi-temps;
   2° interruption de carrière par à 1/4 temps;
   3° interruption de carrière à 1/5.e temps.
   § 2. La durée maximale d'une interruption de carrière à temps plein ou à temps partiel est toutefois réduite de la durée des interruptions de carrière respectivement à temps plein ou à temps partiel dont le fonctionnaire a bénéficié auprès d'un autre employeur, à quelque titre que ce soit.
   § 3. Le receveur régional peut former un recours auprès du [2 gouverneur de province]2 contre le refus du congé pour interruption de carrière dans les quinze jours calendaires de la notification de la décision de refus. Le [2 gouverneur de province]2 prend une décision définitive dans les trente jours calendaires.
   § 4. Le congé d'interruption de carrière peut être annulé par le receveur régional et par le commissaire d'arrondissement.]1

  
Art. 96. [1 In afwijking van artikel 95, § 1, eerste lid, en § 2, kan de gewestelijk ontvanger van minstens 50 jaar halftijdse loopbaanonderbreking of loopbaanonderbreking met een vierde of een vijfde nemen tot aan de pensioenleeftijd, ongeacht de totale duur van de loopbaanonderbrekingen die hij heeft genoten vóór het begin van de deeltijdse loopbaanonderbreking tot aan de pensioenleeftijd.]1
  
Art. 96. [1 § 1er. Le fonctionnaire régional peut interrompre sa carrière à temps plein pendant 72 mois au maximum et à mi-temps pendant 72 mois au maximum, par des périodes consécutives ou non d'au moins trois mois et d'au plus douze mois.
   Le congé est accordé par le commissaire d'arrondissement, qui juge si l'octroi de l'autorisation est compatible avec le bon fonctionnement du service.
   L'interruption de carrière à temps partiel peut prendre les formes suivantes :
   1° l'interruption de carrière à mi-temps;
   2° interruption de carrière par à 1/4 temps;
   3° interruption de carrière à 1/5.e temps.
   § 2. La durée maximale d'une interruption de carrière à temps plein ou à temps partiel est toutefois réduite de la durée des interruptions de carrière respectivement à temps plein ou à temps partiel dont le fonctionnaire a bénéficié auprès d'un autre employeur, à quelque titre que ce soit.
   § 3. Le receveur régional peut former un recours auprès du gouverneur contre le refus du congé pour interruption de carrière dans les quinze jours calendaires de la notification de la décision de refus. Le gouverneur prend une décision définitive dans les trente jours calendaires.
   § 4. Le congé d'interruption de carrière peut être annulé par le receveur régional et par le commissaire d'arrondissement.]1

  
Art. 97. [1 Artikel X 29 tot en met X 31 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, waarbij in artikel X 29, § 4, het woord "lijnmanager" gelezen wordt als "arrondissementscommissaris".]1
  
Art. 97. [1 Les articles X 29 à X 31 inclus du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, étant entendu qu'à l'article X 29, § 4, les mots "manager de ligne" sont lus comme "commissaire d'arrondissement".]1
  
HOOFDSTUK 2. - [1 - Palliatief verlof]1
CHAPITRE 2. - [1 Congé palliatif]1
Art. 98. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 2, Palliatief verlof, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 98. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 2, congé palliatif, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
HOOFDSTUK 3. - [1 - Bijstand aan of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid]1
CHAPITRE 3. - [1 Assistance ou prestation de soins à un membre du ménage ou de la famille souffrant d'une maladie grave]1
Art. 99. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 3, Bijstand aan of verzorging van een zwaar ziek gezins- of familielid, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 99. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 3, Assistance ou prestation de soins à un membre du ménage ou de la famille souffrant d'une maladie grave, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
HOOFDSTUK 4. - [1 Ouderschapsverlof]1
CHAPITRE 4. - [1 Congé parental]1
Art. 100. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 4, Ouderschapsverlof, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 100. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 4, Congé parental, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
Hoofdstuk 5. [1 - Onderbrekingsuitkeringen]1
Chapitre 5. [1 - Allocations d'interruption]1
Art. 101. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 5, Onderbrekingsuitkeringen, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 101. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 5, Allocations d'interruption, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
Hoofdstuk 6. [1 - Vervanging]1
Chapitre 6. [1 - Remplacement]1
Art. 102. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 6, Vervanging, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 102. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 6, Congé parental, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
Hoofdstuk 7. [1 - Loopbaanonderbreking voor contractuele gewestelijk ontvangers]1
Chapitre 7. [1 - Interruption de carrière pour des receveurs régionaux contractuels]1
Art. 103. [1 De bepalingen van deel X, titel 6, hoofdstuk 7, Loopbaanonderbreking voor contractuelen, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de contractuele gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 103. [1 Les dispositions de la partie X, titre 6, chapitre 7, Interruption de carrière pour contractuels, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional contractuel.]1
  
TITEL 7. - [1 VERLOF VOOR OPDRACHT.]1
TITRE 7. - [1 Congé pour mission.]1
HOOFDSTUK 1. - Verlof om een ambt uit te oefenen bij een kabinet.
CHAPITRE 1er. - Congé pour l'exercice d'une fonction auprès d'un cabinet.
Art. 106. [1 De bepalingen van deel X, titel 7, hoofdstuk 2, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 106. [1 Les dispositions de la partie X, titre 7, chapitre 2 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
HOOFDSTUK 2. - Verlof voor opdracht [1 ...]1.
CHAPITRE 2. - Congé pour mission [1 ...]1.
Art. 108. [1 De bepalingen van deel X, titel 7, hoofdstuk 3, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, met uitzondering van artikel X 50, § 2, waarbij de woorden " de Vlaamse overheid " worden gelezen als " de minister van Binnenlandse Aangelegenheden ".]1
  
Art. 108. [1 Les dispositions de la partie X, titre 7, chapitre 3 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, à l'exception de l'article X 50, § 2, étant entendu que les mots " l'Autorité flamande " sont lus comme " le Ministre des Affaires intérieures ".]1
  
TITEL 8. [1 DIENSTVRIJSTELLING VOOR VORMING.]1
TITRE 8. [1 Dispense de service pour formation.]1
Art. 109. [1 Artikel X 59, met uitzondering van het vormingsverlof, en artikel X 60 van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger waarbij het woord " lijnmanager " wordt gelezen als " arrondissementscommissaris ".]1
  
Art. 109. [1 L'article X 59, à l'exception du congé pour formation, et l'article X 60 du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, étant entendu que les mots " manager de ligne " sont lus comme " commissaire d'arrondissement ".]1
  
TITEL 9. - [1 OMSTANDIGHEIDSVERLOF.]1
TITRE 9. [1Congé de circonstance.]1
Art. 114. [1 De bepalingen van deel X, titel 9, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger. ]1
  
Art. 114. [1 Les dispositions de la partie X, titre 9, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
TITEL 10. - [1 POLITIEK VERLOF.]1
TITRE 10. [1 Congé politique.]1
Art. 115. [1 De bepalingen van deel X, titel 11, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger waarbij het woord " lijnmanager " wordt gelezen als " arrondissementscommissaris ".]1
  
Art. 115. [1 Les dispositions de la partie X, titre 11, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional, étant entendu que les mots " manager de ligne " sont lus comme " commissaire d'arrondissement ".]1
  
TITEL 11. [1 ONBETAALD VERLOF.]1
TITRE 11. [1 Congé non payé.]1
Art. 116. [1 § 1. De gewestelijk ontvanger kan aanspraak maken op een contingent onbetaald verlof van maximaal 5 jaar tijdens de loopbaan, fractioneerbaar in maanden, naar rata van de duur die nodig is om een stage of proefperiode in een andere betrekking bij een overheidsdienst of in de privésector te doorlopen.
   Binnen dat contingent is, al dan niet tezelfdertijd, naar keuze van de ambtenaar :
   1° één jaar gelijkgesteld met dienstactiviteit;
   2° één jaar een recht.
   De nadere regelen voor de opname van een contingent onbetaald verlof worden bepaald in overleg met de arrondissementscommissaris en de gewestelijk ontvanger.
   § 2. De gewestelijk ontvanger kan tegen de weigering van het onbetaald verlof dat een gunst is, in beroep gaan bij de provinciegouverneur binnen vijftien kalenderdagen vanaf de kennisgeving van de beslissing tot weigering. De provinciegouverneur neemt een definitieve beslissing binnen dertig kalenderdagen.
   § 3. Het verlof, vermeld in § 1, is niet van toepassing op de stagiair.]1

  
Art. 116. [1 § 1er. Le receveur régional peut prétendre à un contingent de congés non payés de 5 ans au plus pendant la carrière, fractionnable en mois, au prorata de la durée nécessaire pour parcourir un stage ou une période d'essai dans une autre fonction auprès d'un service public ou dans le secteur privé.
   Dans les limites de ce contingent, un an est assimilé à une activité de service et un an est un droit, simultanément ou non, selon le choix du fonctionnaire.
   Les modalités de prise d'un contingent de congés non payés sont fixées en concertation avec le commissaire d'arrondissement et le receveur régional.
   § 2. Le receveur régional peut former un recours auprès du gouverneur de province contre le refus du congé non payé qui est une faveur, dans les quinze jours calendaires de la notification de la décision de refus. Le gouverneur de province prend une décision définitive dans les trente jours calendaires.
   § 3. Le congé, visé au § 1er, ne s'applique pas au stagiaire.]1

  
TITEL 12. - [1 VERLOF KRACHTENS FEDERALE BEPALINGEN OF VERPLICHTINGEN.]1
TITRE 12. [1 Congés accordés en vertu de dispositions ou obligations fédérales.]1
Art. 123. [1 De bepalingen van deel X, titel 12, van het VPS zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]1
  
Art. 123. [1 Les dispositions de la partie X, titre 12, du SPF s'appliquent par analogie au receveur régional.]1
  
DEEL X. [1 HET VERLIES VAN DE HOEDANIGHEID VAN AMBTENAAR EN DE DEFINITIEVE AMBTSNEERLEGGING.]1
PARTIE X. - [1 La perte de la qualité de fonctionnaire et la cessation définitive des fonctions.]1
Art. 124. [1 De bepalingen van deel XI, hoofdstuk 1, van het VPS, met uitzondering van artikel XI 2, zijn van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger, op voorwaarde van de volgende aanpassingen :
   1° de woorden " de werkgever " worden gelezen als " de provinciegouverneur ";
   2° de woorden " de diensten van de Vlaamse overheid " worden gelezen als " het Vlaamse Gewest ".]1

  
Art. 124. [1 Les dispositions de la partie XI, chapitre 1er, du SPF, à l'exception de l'article XI 2, s'appliquent par analogie au receveur régional, moyennant les adaptations suivantes :
   1° les mots " l'employeur " sont lus comme " le gouverneur de province ";
   2° les mots " les services de l'Autorité flamande " sont lus comme " la Région flamande ".]1

  
DEEL XI. - GELDELIJK STATUUT.
PARTIE XI. - STATUT PECUNIAIRE.
TITEL 1. - BEZOLDIGINGSREGELING.
TITRE 1er. - REGIME DES REMUNERATIONS.
HOOFDSTUK 1. - De salarisschaal.
CHAPITRE 1er. - L'échelle de traitement.
Art. 131. Het jaarsalaris, hierna salaris genoemd, van de [1 gewestelijk ontvanger]1 wordt vastgesteld in de salarisschaal bestaande uit :
  - een minimumsalaris;
  - salaristrappen die het resultaat zijn van de periodieke salarisverhogingen;
  - een maximumsalaris.
  Het salaris en de periodieke salarisverhogingen worden uitgedrukt in euro.
  
Art. 131. Le traitement annuel, denommé ci-après traitement, du receveur régional est fixé par l'échelle de traitement comportant :
  - un traitement minimum;
  - des traitements dénommés " échelons ", résultant des augmentations de traitement intercalaires;
  - un traitement maximum.
  Le traitement et les augmentations de traitement intercalaires sont exprimés en euros.
Art. 132. [1 Aan de graad van gewestelijk ontvanger wordt de volgende salarisschaal verbonden.
Art. 132. [1 Au grade de receveur régional est liée l'échelle de traitement suivante.
 Gewestelijk ontvanger
----
Minimum31.291,63
Maximum45.472,38
----
Verhogingen2x 2 x 1.289,20
 9x 2 x 1.289,15
----
031.291,63
131.291,63
232.580,83
332.580,83
433.870,03
533.870,03
635.159,18
735.159,18
836.448,33
936.448,33
1037.737,48
1137.737,48
1239.026,63
1339.026,63
1440.315,78
1540.315,78
1641.604,93
1741.604,93
1842.894,08
1942.894,08
2044.183,23
2144.183,23
2245.472,38
Gewestelijk ontvanger

Modifications

Minimum31.291,63Maximum45.472,38----Verhogingen2x 2 x 1.289,209x 2 x 1.289,15----031.291,63131.291,63232.580,83332.580,83433.870,03533.870,03635.159,18735.159,18836.448,33936.448,331037.737,481137.737,481239.026,631339.026,631440.315,781540.315,781641.604,931741.604,931842.894,081942.894,082044.183,232144.183,232245.472,38
 Receveur régional
---
Minimum31.291,63
Maximum45.472,38
----
Augmentations2 x 2 x 1.289,20
 9 x 2 x 1.289,15
----
031.291,63
131.291,63
232.580,83
332.580,83
433.870,03
533.870,03
635.159,18
735.159,18
836.448,33
936.448,33
1037.737,48
1137.737,48
1239.026,63
1339.026,63
1440.315,78
1540.315,78
1641.604,93
1741.604,93
1842.894,08
1942.894,08
2044.183,23
2144.183,23
2245.472,38
Receveur régional---Minimum31.291,63Maximum45.472,38

Modifications

Augmentations2 x 2 x 1.289,209 x 2 x 1.289,15----031.291,63131.291,63232.580,83332.580,83433.870,03533.870,03635.159,18735.159,18836.448,33936.448,331037.737,481137.737,481239.026,631339.026,631440.315,781540.315,781641.604,931741.604,931842.894,081942.894,082044.183,232144.183,232245.472,38
----------
HOOFDSTUK 2. - Vaststelling van het salaris.
CHAPITRE 2. - Fixation du traitement.
Art. 133. De gerechtigde in een schaal ontvangt te allen tijde het salaris dat overeenstemt met zijn anciënniteit die het totaal van de in aanmerking komende diensten uitmaakt.
Art. 133. L'ayant droit dans une echelle reçoit à tout moment le traitement correspondant à son ancienneté qui constitue le total des services admissibles.
HOOFDSTUK 3. - [1 In aanmerking nemen van diensten en ervaring.]1
CHAPITRE 3. - [1 Prise en considération de services et d'expérience.]1
Art. 134. [1 De diensten en ervaring van de gewestelijk ontvanger worden in aanmerking genomen voor de berekening van zijn geldelijke anciënniteit zoals voor de personeelsleden van de diensten van de Vlaamse overheid.]1
  
Art. 134. [1 Les services et l'expérience du receveur régional sont pris en considération pour le calcul de son ancienneté pécuniaire comme pour les membres du personnel des services de l'Autorité flamande.]1
  
Art. 135. [1 In afwijking van artikel 134 behouden de gewestelijk ontvangers, die in dienst waren wanneer dit statuut in werking treedt, hun geldelijke anciënniteit.]1
  
Art. 135. [1 Par dérogation à l'article 134, les receveurs régionaux qui étaient en fonction lorsque le présent statut entre en vigueur, maintiennent leur ancienneté pécuniaire.]1
  
Afdeling 2. - Aanrekening van deeltijdse diensten.
Section 2. - Comptabilisation des services à temps partiel.
Afdeling 3. - Nadere algemene bepalingen voor de aanrekening van vorige diensten en de berekening van het salaris.
Section 3. - Dispositions genérales complémentaires pour la comptabilisation des services antérieurs et le calcul du traitement.
HOOFDSTUK 4. - Uitbetaling van het salaris.
CHAPITRE 4. - Paiement du traitement.
Art. 139. § 1. Het maandsalaris is gelijk aan 1/12 van het jaarsalaris.
  § 2. Wanneer de [1 gewestelijk ontvanger]1 op pensioen wordt gesteld of overlijdt, wordt het volle maandsalaris betaald aan hem of aan zijn rechthebbenden, naar gelang van het geval.
  § 3. Het salaris wordt na het verlopen van de termijn betaald, met dien verstande dat het op de rekening van de [1 gewestelijk ontvanger]1 bijgeschreven wordt uiterlijk de laatste werkdag van de maand. Het salaris van de maand december wordt op de rekening van de [1 gewestelijk ontvanger]1 geboekt uiterlijk de eerste werkdag van de maand januari. Het salaris wordt overgemaakt via overschrijving.
  § 4. Aan de [1 gewestelijk ontvanger]1 die in dienst is getreden wordt, in zoverre niet onmiddellijk het juiste salaris kan worden uitbetaald, vanaf de eerste maand een maandelijks voorschot uitgekeerd dat gelijk is aan het beginsalaris van zijn graad.
  De uitbetaling van dit voorschot is niet onderworpen aan het visum van de Inspectie van Financiën. Wanneer de [1 gewestelijk ontvanger]1 op het einde van de tweede maand na de datum van indiensttreding nog steeds geen salaris heeft ontvangen door een fout van de overheid die hem heeft aangeworven ontvangt hij ambtshalve nalatigheidsintresten berekend op het beginsalaris. Deze nalatigheidsintresten worden aangerekend vanaf de maand die volgt op de datum van indiensttreding.
  (Het maandsalaris volgt de evolutie van het gezondheidsindexcijfer overeenkomstig de wet van 1 maart 1977 houdende inrichting van een stelsel waarbij sommige uitgaven in de overheidssector aan het indexcijfer van de consumptieprijzen van het rijk worden gekoppeld, gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 178 van 30 december 1982 en onverminderd artikel 2 van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1989 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen.
  Het salaris tegen 100 % wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 138,01.)
  [2 § 5. Artikel VII 11, § 2, van het VPS is van overeenkomstige toepassing op de gewestelijk ontvanger.]2
  
Art. 139. § 1er. Le traitement mensuel est égal à 1/2e du traitement annuel.
  § 2. Lorsque le receveur régional est admis à la retraite ou est décédé, le traitement du mois en cours est payé entièrement a lui ou à ces ayants droit selon le cas.
  § 3. Le traitement est payé à terme échu, étant entendu que le compte du receveur régional est crédité au plus tard le dernier jour ouvrable du mois. Le traitement du mois de décembre est versé au compte du receveur régional au plus tard le premier jour ouvrable du mois de janvier. Le traitement est payé par voie de virement.
  § 4. Au receveur régional qui est entré en service, il est paye depuis le premier mois, pour autant qu'il est impossible de lui verser immédiatement le traitement exact, une avance mensuelle égale au traitement de base lié à son grade.
  Le paiement de cette avance n'est pas soumis au visa de l'Inspection des Finances. Lorsque à la fin du deuxième mois après son entrée en service, le receveur régional recruté n'a toujours pas reçu de traitement suite à une faute commise par l'autorité publique qui l'a recruté, il touche d'office des intérêts de retard sur le traitement de base. Ces intérêts de retard sont calculés depuis le mois qui suit la date de l'entrée en service.
  (Le traitement mensuel suit l'évolution de l'indice de santé, conformément à la loi du 1er mars 1977 organisant un régime de liaison à l'indice des prix à la consommation du Royaume de certaines dépenses dans le secteur public, telle que modifiée par l'arrêté royal n° 178 du 30 décembre 1982 et sans préjudice de l'article 2 de l'arrêté royal du 24 décembre 1993 portant exécution de la loi du 6 janvier 1989 de sauvegarde de la compétitivité du pays.
  Le traitement à 100 % est rattaché à l'indice-pivot 138,01.)
  [1 § 5. L'article VII 11, § 2 du SPF s'applique par analogie au receveur régional.]1
HOOFDSTUK 5. - Berekening van het salaris in geval van deeltijdse prestaties.
CHAPITRE 5. - Calcul du traitement en cas de prestations à temps partiel.
Art. 140. [1 Als het maandsalaris niet volledig verschuldigd is, wordt het bedrag van het maandloon berekend volgens de formule, vermeld in artikel VII 6, § 1, van het VPS.]1
  
Art. 140. [1 Lorsque le traitement mensuel n'est pas redevable en entier, le montant du traitement mensuel est calculé suivant la formule, visée à l'article VII 6, § 1er, du SPF.]1
  
TITEL 2. - TOELAGEN.
TITRE 2. - ALLOCATIONS.
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen en definities.
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales et définitions.
Art. 141. Behoudens andersluidende bepalingen is de toelage niet verschuldigd :
  - als er geen salaris wordt betaald;
  - bij een afwezigheid die langer dan 35 werkdagen duurt.
Art. 141. Sauf stipulations contraires, l'allocation n'est pas due :
  - s'il n'est pas payé de traitement;
  - lors d'une absence de plus de 35 jours ouvrables.
Art. 142. Als een [1 gewestelijk ontvanger]1 zitting heeft in examencommissies, comités, raden of commissies die ressorteren onder het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, of een gemeente of openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn waar hij is tewerkgesteld, geeft dit geen aanleiding tot toekenning van een bijzondere toelage.
  
Art. 142. Le fait qu'un receveur régional siège au sein de jurys, comités, conseils ou commissions relevant du Ministère de la Communauté flamande, ou d'une commune ou d'un centre public d'aide sociale où il est employé, ne donne pas lieu à l'octroi d'une allocation spéciale.
Art. 143. De als toelagen verschuldigde bedragen worden uitgekeerd afgerond op de hogere cent.
Art. 143. Les montants dus comme allocations sont payés arrondis à l'eurocent supérieur.
HOOFDSTUK 2. - Vakantiegeld en eindejaarstoelage.
CHAPITRE 2. - Pécule de vacances et allocation de fin d'année.
Art. 144. § 1. De [1 gewestelijk ontvanger]1 geniet een vakantiegeld en eindejaarstoelage toegekend zoals hierna bepaald.
  § 2. Het vakantiegeld en de eindejaarstoelage zijn een percentage van het brutosalaris.
  § 3. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° brutosalaris : het geïndexeerd jaarsalaris;
  2° brutomaandsalaris : het brutosalaris gedeeld door 12.
  § 4. Als de [1 gewestelijk ontvanger]1 niet tijdens de hele referteperiode volledige prestaties verricht heeft, wordt het vakantiegeld en de eindejaarstoelage herleid pro rata van het verdiende brutosalaris tegenover het brutosalaris bij volledige prestaties voor de volledige referteperiode.
  § 5. Bij vervroegde beëindiging van de tewerkstelling wordt het vakantiegeld en de eindejaarstoelage berekend op het brutosalaris voor volledige prestaties van de laatste maand van tewerkstelling, en wordt het vakantiegeld en de eindejaarstoelage betaald tijdens de maand volgende op de beëindiging van de tewerkstelling.
  
Art. 144. § 1er. Le receveur régional bénéficie d'un pécule de vacances et d'une allocation de fin d'année attribués comme stipulé ci-après.
  § 2. Le pécule de vacances et l'allocation de fin d'année sont un pourcentage du traitement brut.
  § 3. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
  1° traitement brut : le traitement annuel indexé;
  2° traitement mensuel brut : le traitement brut divisé par 12.
  § 4. Lorsque le receveur régional n'a fourni des prestations complètes que pendant une partie de la période de référence, le pécule de vacances et l'allocation de fin d'année sont réduits au prorata du traitement brut gagné par rapport au traitement brut en cas de prestations complètes pour la période de référence complète.
  § 5. En cas de cessation prématurée de l'emploi, le pécule de vacances et l'allocation de fin d'année sont calculés sur la base du traitement brut pour prestations complètes du dernier mois d'emploi, et le pécule de vacances et l'allocation de fin d'année sont payés au cours du mois suivant la cessation de l'emploi.
Art. 145. § 1. Voor de berekening van het vakantiegeld wordt onder " referteperiode " verstaan het kalenderjaar dat voorafgaat aan het vakantiejaar.
  § 2. Het vakantiegeld bedraagt 92 % van het brutomaandsalaris van de maand april van het vakantiejaar. Het vakantiegeld wordt betaald tijdens de maand mei van het vakantiejaar.
  § 3. Er wordt een inhouding verricht van 13,07 % op het vakantiegeld ten belope van 85 % van het brutomaandsalaris. Indien het vakantiegeld maximum 85 % van het brutomaandsalaris bedraagt, gebeurt de inhouding van 13,07 % op het volledig bedrag.
Art. 145. § 1er. Pour le calcul du pécule de vacances, on entend par " période de référence " l'année calendaire qui précède l'année de vacances.
  § 2. Le pécule de vacances s'élève à 92 % du traitement mensuel brut du mois d'avril de l'année de vacances. Le pécule de vacances est payé au cours du mois de mai de l'année de vacances.
  § 3. Le pécule de vacances est soumis à une retenue de 13,07 % à concurrence de 85 % du traitement mensuel brut. Lorsque le pécule de vacances est plafonné à 85 % du traitement mensuel brut, la retenue de 13,07 % se fait sur le montant complet.
Art. 146. § 1. Voor de berekening van de eindejaarstoelage wordt onder " referteperiode " verstaan de periode van 1 januari tot en met 30 september.
  § 2. [1 Het bedrag van de eindejaarstoelage is gelijk aan een percentage van het brutosalaris van de maand november. Dit percentage is gelijk aan het percentage, vermeld in artikel VII 22, § 2, van het VPS voor de personeelsleden met rang A2.]1
  § 3. De eindejaarstoelage wordt uitbetaald tijdens de maand december van het desbetreffende jaar.
  
Art. 146. § 1er. Pour le calcul de l'allocation de fin d'année, on entend par " période de référence " la période du 1er janvier au 30 septembre inclus.
  § 2. [1 Le montant de l'allocation de fin d'année est égal à un pourcentage du traitement brut du mois de novembre. Ce pourcentage est égal au pourcentage, visé à l'article VII 22, § 2, du SPF pour les membres du personnel de rang A2.]1
  § 3. L'allocation de fin d'année est payée au cours du mois de décembre de l'année en question.
  
HOOFDSTUK 3. [1 - Toelage voor het tijdelijk overnemen van een ander bestuur.]1
CHAPITRE 3. - [1 Allocation pour la reprise temporaire d'une autre administration.]1
Art. 146bis. [1 § 1. De gewestelijk ontvanger die door de arrondissementscommissaris wordt belast met een bijkomend bestuur, bij tijdelijke afwezigheid van de effectieve titularis die verantwoordelijk is voor dit bestuur of in afwachting van de invulling van een vacature, ontvangt hiervoor een toelage.
   § 2. De arrondissementscommissaris bepaalt deze toelage a rato van het aantal gepresteerde uren voor het bijkomend bestuur, voor zover dit aantal gepresteerde uren opgeteld bij het aantal uren verricht voor de eigen besturen een normale voltijdse beroepsbezigheid te boven gaat.
   Deze toelage mag maximaal 40 % bedragen van het beginsalaris van een gewestelijk ontvanger.
   § 3. Het recht op deze toelage ontstaat zodra de gewestelijk ontvanger gedurende ten minste vijf opeenvolgende werkdagen wordt belast met het bijkomend bestuur.]1

  
Art. 146bis. [1 § 1er. Le receveur régional qui est chargé d'une administration supplémentaire par le commissaire d'arrondissement, lors d'une absence temporaire du titulaire effectif responsable de cette administration ou dans l'attente du pourvoi à une vacance d'emploi, perçoit une allocation à cet effet.
   § 2. Le commissaire d'arrondissement fixe cette allocation au prorata du nombre d'heures prestées pour l'administration supplémentaire, dans la mesure où ce nombre d'heures prestées additionné au nombre d'heures prestées pour les propres administrations est supérieur à une activité professionnelle normale.
   Cette allocation est plafonnée à 40 % du traitement de base d'un receveur régional.
   § 3. Le droit à cette allocation existe à partir du moment où le receveur régional est chargé de l'administration supplémentaire durant au moins cinq jours ouvrables consécutifs.]1

  
TITEL 3. - VERGOEDINGEN.
TITRE 3. - INDEMNITES.
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen en definities.
CHAPITRE 1er. - Dispositions générales et définitions.
Art. 147. Een vergoeding wordt verleend aan de [1 gewestelijk ontvanger]1 die verplicht wordt werkelijke lasten te dragen die niet normaal zijn en niet onafscheidelijk met het ambt verbonden zijn.
  
Art. 147. Il est accordé une indemnité au receveur régional qui est astreint à supporter des charges réelles qui ne peuvent être considérées comme normales et inhérentes à la fonction.
Art. 148. De onderbreking van de ambtsuitoefening waaraan een forfaitaire vergoeding is verbonden brengt voor de [1 gewestelijk ontvanger]1 de schorsing mee van de betaling van bedoelde vergoeding voor zover hij de lasten niet meer draagt.
  
Art. 148. L'interruption de l'exercice de la fonction a laquelle une indemnité forfaitaire est attachée, entraîne pour le receveur régional la suspension du paiement de ladite indemnité, dans la mesure où les charges ne sont plus supportées.
Art. 149. De vergoedingen worden vastgesteld onverminderd de bepalingen betreffende de administratieve en begrotingscontrole.
Art. 149. Les indemnités sont fixées sans préjudice des dispositions relatives au contrôle administratif et au contrôle budgétaire.
Art. 150. De voor vergoedingen verschuldigde sommen worden uitgekeerd afgerond op de hogere cent.
Art. 150. Les montants dus comme allocations sont payés arrondis à l'eurocent supérieur.
HOOFDSTUK 2. - Vergoeding voor begrafeniskosten.
CHAPITRE 2. - Indemnité pour frais funéraires.
Art. 151. Wanneer de [1 gewestelijk ontvanger]1 overlijdt, ontvangt zijn niet uit de echt gescheiden, noch van tafel en bed gescheiden echtgenoot, of zijn erfgenamen in rechte lijn, als er geen echtgenoot is, als compensatie voor de begrafeniskosten een vergoeding. Die stemt overeen met het maandelijks bedrag van de laatste bruto-activiteitsbezoldiging van de [1 gewestelijk ontvanger]1.
  De vergoeding mag het twaalfde niet overschrijden van het bedrag vastgesteld bij toepassing van artikel 39, eerste, derde en vierde lid van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971.
  
Art. 151. En cas de décès du receveur régional, il est liquidé au profit de son conjoint non divorcé, ni séparé de corps ou, à son défaut, de ses héritiers en ligne directe, en compensation des frais funéraires, une indemnité. Celle-ci correspond au montant mensuel de la dernière rémunération brute d'activité du receveur régional.
  Le montant de l'indemnité ne peut dépasser un douzième du montant fixé en application de l'article 39, premier, troisième et quatrième alinéas de la loi sur les accidents du travail du 10 avril 1971.
Art. 152. Bij ontstentenis van de in artikel 151 bedoelde rechthebbenden, mag de vergoeding worden uitgekeerd ten bate van elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die bewijst dat hij de begrafeniskosten heeft betaald. In dit geval is de vergoeding gelijk aan de werkelijke gemaakte kosten zonder dat zij evenwel meer mag belopen dan het hierboven vermelde bedrag ten gunste van de echtgenoot of van de erfgenamen in rechte lijn bepaald.
Art. 152. A défaut des ayants droit visés a l'article 151, l'indemnité peut être liquidée au profit de toute personne physique ou morale qui justifie avoir payé les frais funéraires. Dans ce cas l'indemnité est équivalente aux frais réellement exposés, sans qu'elle puisse cependant excéder la somme précitée fixée en faveur du conjoint ou des héritiers en ligne directe.
Art. 153. Deze vergoeding mag met soortgelijke krachtens andere bepalingen toegekende vergoedingen, slechts voor het bij artikel 150 bedoelde bedrag worden samengevoegd.
Art. 153. Cette indemnité ne peut être cumulée avec des indemnités analogues accordées en vertu d'autres dispositions qu'à concurrence du montant visé à l'article 150.
HOOFDSTUK 3. - Reis- en maaltijdvergoeding.
CHAPITRE 3. - Indemnité de parcours et de repas.
Art. 154. Reiskosten en maaltijdvergoeding worden slechts vergoed voor dienstreizen, gemaakt op kosten van de [1 gewestelijk ontvanger]1. De kosten die de [1 gewestelijk ontvanger]1 heeft gehad worden terugbetaald.
  
Art. 154. Les frais de parcours et les frais de repas ne sont indemnisés que pour des voyages de service accomplis aux frais du receveur régional. Les frais exposés par le receveur régional sont remboursés.
Art. 155. De provinciegouverneur beslist welk vervoermiddel functioneel en financieel het meest verantwoord is.
Art. 155. Le [1 gouverneur de province]1 de province décide sur le moyen de transport le plus justifié du point de vue fonctionnel et financier.
  
Art. 156. De [1 gewestelijk ontvanger]1 geniet reis- en verblijfsvergoedingen zoals het personeel van [2 de diensten van de Vlaamse overheid]2.
  
Art. 156. Le receveur régional bénéficie d'indemnités de parcours et de séjour telles que le personnel [1 des services de l'Autorité flamande ]1.
  
HOOFDSTUK 4.
CHAPITRE 4.
HOOFDSTUK 5. [ Dienstverplaatsingen naar de te bedienen besturen met het openbaar vervoer.]1
CHAPITRE 5. - [1 Déplacements de service par transports en commun aux administrations à desservir.]1
Art. 158bis. <INGEVOEGD bij BVR 2006-02-17/32, art. 18; Inwerkingtreding : 01-03-2006> De werkgever neemt de kosten van een abonnement op het openbaar vervoer naar en van de plaats van het werk volledig ten laste.
  Het supplement voor een abonnement in eerste klasse van de N.M.B.S. blijft ten laste van de [1 gewestelijk ontvanger]1.
  
Art. 158bis. L'employeur supporte intégralement les frais d'un abonnement de transport en commun pour le trajet domicile-travail.
  Le supplément à payer pour un abonnement de première classe de la S.N.C.B. reste à charge du receveur régional.
HOOFDSTUK 6. [1 - Forfaitaire tegemoetkoming voor dienstverplaatsingen naar de te bedienen besturen.]1
CHAPITRE 6. [1 Indemnité forfaitaire pour déplacements de service aux administrations à desservir.]1
Art. 158ter. [1 De standplaats van de gewestelijk ontvanger wordt vastgesteld in zijn woonplaats.]1
  
Art. 158ter. [1 La résidence administrative du receveur régional est fixée à son domicile.]1.
  
Art. 158quater. [1 De gewestelijk ontvanger heeft voor de verplaatsingen met eigen motorvoertuig tussen zijn standplaats en de door hem te bedienen besturen per gemeente van tewerkstelling recht op een tegemoetkoming ten bedrage van de volledige maandelijkse kostprijs van een treinkaart tweede klasse voor dezelfde afstand.]1
  
Art. 158quater. [1 Pour les déplacements avec son propre véhicule motorisé entre sa résidence administrative et les administrations à desservir par lui, le receveur régional a droit à une indemnité par commune de mise au travail à concurrence du coût mensuel total d'une carte train deuxième classe pour la même distance.]1
  
Art. 158quinquies. [1 De gewestelijk ontvanger mag de tegemoetkoming niet combineren met de door de werkgever ten laste genomen kosten van een abonnement op het openbaar vervoer naar en van het te bedienen bestuur of met een fietsvergoeding.]1
  
Art. 158quinquies. [1 Le receveur régional n'a pas le droit de combiner l'indemnité avec les coûts pris en charge par l'employeur d'un abonnement de transports en commun à l'administration à desservir, ou avec une indemnité vélo.]1
  
HOOFDSTUK 7.
CHAPITRE 7.
HOOFDSTUK 8. [1 - Maaltijdcheques.]1
CHAPITRE 8. [1 Chèques-repas.]1
Art. 158octies. [1 Elke gewestelijk ontvanger heeft recht op maaltijdcheques overeenkomstig de regeling van het Vlaams personeelsstatuut van 13 januari 2006, zoals gewijzigd.]1
  
Art. 158octies. [1 Chaque receveur régional a droit à des chèques-repas conformément au règlement du statut du personnel des services des autorités flamandes du 13 janvier 2006, tel que modifié.]1
  
HOOFDSTUK 9. [1 Rechtsbijstand.]1
CHAPITRE 9. [1 Assistance en justice.]1
Art. 158undecies. [1 De gewestelijk ontvanger die door derden gerechtelijk vervolgd worden, krijgt hiervoor rechtsbijstand onder de voorwaarden, vermeld in een omzendbrief van de minister van Binnenlandse Aangelegenheden]1
  
Art. 158undecies. [1 Le receveur régional qui est poursuivi en justice par des tiers, reçoit une assistance en justice, aux conditions mentionnées dans une circulaire du Ministre des Affaires intérieures.]1
  
DEEL XII. - DE CONTRACTUELE [1 GEWESTELIJK ONTVANGERS]1.
PARTIE XII. - LES RECEVEURS REGIONAUX CONTRACTUELS.
Art. 159. Dit statuut is ook van toepassing op de [1 gewestelijk ontvangers]1 die contractueel worden geworven met uitzondering van de bepalingen van [2 de delen IV, titel 1 en 3, V, VII, VIII, IX, titel 5, titel 6 en titel 7, hoofdstuk 2 en van deel X]2.
  
Art. 159. Le présent statut s'applique également aux receveurs régionaux recrutes par contrat, à l'exception des dispositions [1 des parties IV, titre 1er et 3, V, VII, VIII, IX, titres 5, 6 et 7, chapitre 2 et de la partie X.]1).
  
Art. 159bis. [1 De contractuele gewestelijk ontvanger behoudt in geval van carenzdag, zijn bezoldiging voor die dag. ]1
  
Art. 159bis. [1 En cas de jour de carence, le receveur régional contractuel maintient sa rémunération pour le jour concerné.]1
  
DEEL XIII. - Opheffings- en slotbepalingen.
PARTIE XIII. - DISPOSITIONS ABROGATOIRES ET FINALES.
Art. 160. Opgeheven worden :
  - het koninklijk besluit van 2 april 1979 tot vaststelling van de voorwaarden en de wijze van benoeming van de [2 gewestelijk ontvangers]2;
  - het ministerieel besluit van 16 juli 1979 tot vaststelling van het reglement van orde betreffende wervingsexamens voor [1 gewestelijk ontvanger]1;
  - het besluit van de Vlaamse regering van 12 december 2003 tot toekenning van een vakantiegeld en eindejaarstoelage aan de provinciegouverneurs, de arrondissementscommissarissen en de [2 gewestelijk ontvangers]2.
  
Art. 160. Sont abrogés :
  - l'arrêté royal du 2 avril 1979 fixant les conditions et modalités de nomination des receveurs régionaux;
  - l'arrêté ministériel du 16 juillet 1979 arrêtant le règlement d'ordre relatif à l'examen de recrutement de receveur régional;
  - l'arrêté du Gouvernement flamand du 12 décembre 2003 relatif à l'octroi d'un pécule de vacances et d'une allocation de fin d'année aux gouverneurs de province, aux commissaires d'arrondissement et aux receveurs régionaux.
DEEL XIV: DE OVERGANGSBEPALINGEN.
PARTIE XIV: DISPOSITIONS TRANSITOIRES.
Art. 160bis. [1 In afwijking van artikel X 9, § 1, van het VPS kunnen voor de periode van 1 januari 2006 tot en met 31 december 2008 maximaal 33 werkdagen vakantie geheel of gedeeltelijk opgespaard worden en aangewend worden in de daaropvolgende kalenderjaren en uiterlijk vóór de pensionering.]1
  
Art. 160bis. [1 Par dérogation à l'article X 9, § 1er du SPF, pour la période du 1er janvier 2006 au 31 décembre 2008 inclus 33 jours ouvrables de congé au plus peuvent être accumulés en entier ou en partie et utilisés dans les années calendaires suivantes et au plus tard avant la mise en retraite.]1
  
Art. 160ter. <INGEVOEGD bij BVR 2006-02-17/32, art. 22 ; Inwerkingtreding : 01-03-2006> In afwijking van artikel 128 wordt de [1 gewestelijk ontvanger]1 die 60 jaar geworden is, niet ambtshalve op rust gesteld na 222 werkdagen afwezigheid wegens ziekte, maar pas na 365 kalenderdagen afwezigheid wegens ziekte, indien hij :
  1° hetzij geen 5 pensioenaanspraakverlenende dienstjaren telt op de datum waarop hij de 222 werkdagen afwezigheid wegens ziekte bereikt;
  2° hetzij geen 20 pensioenaanspraakverlenende dienstjaren telt op de datum waarop hij de 222 werkdagen afwezigheid wegens ziekte bereikt, én onder toepassing zou vallen van de regeling van het gewaarborgd minimumpensioen;
  3° hetzij 20 pensioenaanspraakverlenende dienstjaren telt en een minimumpensioen wegens lichamelijke ongeschiktheid zou kunnen verkrijgen dat voordeliger is dan het minimumpensioen wegens leeftijd of anciënniteit.
  Voor de berekening van de 365 kalenderdagen afwezigheid wegens ziekte waarvan sprake in het eerste lid, wordt geen rekening gehouden met de halve dagen afwezigheid in een periode van deeltijdse prestaties wegens ziekte.
  
Art. 160ter. [1 L'article XI 13 du SPF s'applique par analogie au receveur régional.]1
  
Art. 160quater. <INGEVOEGD bij BVR 2006-02-17/32, art. 22; Inwerkingtreding : onbepaald > De tuchtstraffen waarschuwing en berisping worden in het persoonlijke dossier van de [1 gewestelijk ontvangers]1 doorgehaald na verloop van een termijn waarvan de duur is vastgesteld op één jaar voor de waarschuwing en de berisping, en zes jaar voor de schorsing.
  
Art. 160quater. Les peines disciplinaires de l'avertissement et de la réprimande sont radiées du dossier personnel des receveurs régionaux après un délai d'un an pour l'avertissement et la réprimande et de six ans pour la suspension.
Art.160quinquies. [1 De gewestelijk ontvangers aan wie een verlof voor opdracht van algemeen belang werd toegekend vóór 1 maart 2006 of van wie het verlof voor opdracht werd verlengd in de periode tussen 1 maart 2006 en 1 maart 2009, mogen dat verlof voortzetten onder de voorwaarden die van toepassing waren vóór 1 maart 2006.]1
  
Art.160quinquies. [1 Les receveurs régionaux auxquels un congé pour mission d'intérêt général a été accordé avant le 1er mars 2006 ou desquels le congé pour mission a été prolongé dans la période du 1er mars 2006 au 1er mars 2009, peuvent continuer ce congé aux conditions applicables avant le 1er mars 2006.]1
  
Art. 161. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2004.
Art. 161. Le présent arrêté entre en vigueur le 1er juillet 2004.
Art. 162. De Vlaamse minister, bevoegd voor de Binnenlandse Aangelegenheden, is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Brussel, 11 juni 2004.
  De minister-president van de Vlaamse regering,
  B. SOMERS
  De Vlaamse minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Cultuur, Jeugd en Ambtenarenzaken,
  P. VAN GREMBERGEN
Art. 162. Le Ministre flamand ayant les Affaires intérieures dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Bruxelles, le 11 juin 2004.
  Le Ministre-Président du Gouvernement flamand,
  B. SOMERS
  Le Ministre flamand des Affaires intérieures, de la Culture, de la Jeunesse et de la Fonction publique,
  P. VAN GREMBERGEN
BIJLAGE.
ANNEXE.