Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
1° De Minister : de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort;
2° De Nationale Raad : de Nationale Raad van de Paramedische Beroepen, bedoeld in artikel 28 van het koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967 betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen;
3° Het Directoraat-Generaal : het Directoraat-Generaal Basisgezondheidszorg van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
18 NOVEMBER 2004. - Koninklijk besluit betreffende de erkenning van de beoefenaars van de paramedische beroepen. (NOTA : Opgeheven voor de Vlaamse Gemeenschap, met uitzondering van artikel 7, §1, bij BVR2016-01-15/16, art. 17, 003; Inwerkingtreding : 01-01-2016)(NOTA : Opgeheven voor de Franse Gemeenschap bij BFG2016-10-19/05, art. 17, Inwerkingtreding : 09-12-2016) (NOTA : opgeheven voor de Duitstalige gemeenschap bij BDG2019-04-25/34, art. 78, 005; Inwerkingtreding : 22-06-2019) (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 21-12-2004 en tekstbijwerking tot 12-06-2019)
Titre
18 NOVEMBRE 2004. - Arrêté royal relatif à l'agrément des praticiens des professions paramédicales. (NOTE : Abrogé pour la Communauté flamande, à l'exception de l'article 7, § 1er, par AGF2016-01-15/16, art. 17, 003; En vigueur : 01-01-2016) (NOTE: Abrogé pour la Communauté française par ACF2016-10-19/05, art. 17, En vigueur : 09-12-2016) (NOTE : abrogé pour la Communauté germanophone par ACG2019-04-25/34, art. 78, 005; En vigueur : 22-06-2019)(NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 21-12-2004 et mise à jour au 12-06-2019)
Informations sur le document
Info du document
Table des matières
Tekst (27)
Texte (27)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE Ier. - Dispositions générales.
Article 1. Pour l'application du présent arrêté, on entend par :
1° Le Ministre : le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions;
2° Le Conseil national : le Conseil national des Professions paramédicales, visé à l'article 28 de l'arrêté royal n° 78 du 10 novembre 1967 relatif à l'exercice des professions des soins de santé;
3° La Direction générale : la Direction générale Soins de Santé primaires du Service public fédéral Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.
1° Le Ministre : le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions;
2° Le Conseil national : le Conseil national des Professions paramédicales, visé à l'article 28 de l'arrêté royal n° 78 du 10 novembre 1967 relatif à l'exercice des professions des soins de santé;
3° La Direction générale : la Direction générale Soins de Santé primaires du Service public fédéral Santé publique, Sécurité de la Chaîne alimentaire et Environnement.
HOOFDSTUK II. - De organen, hun samenstelling en opdrachten.
CHAPITRE II. - Des organes, leur composition et leurs missions.
Art. 2. § 1. De Nationale Raad richt per paramedisch beroep, bedoeld in artikel 22bis van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, een werkgroep "erkenning" op, hierna "de werkgroep " genoemd.
§ 2. Hiervoor doet de Nationale Raad een beroep op vier vertegenwoordigers die een minimale ervaring van vijf jaar bezitten in het betrokken beroep, op twee vertegenwoordigers die een functie uitoefenen in het onderwijs, gekozen wegens hun bevoegdheid op het gebied waarmee de werkgroep is belast en op een persoon die bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Nationale Raad kan, indien hij het voor een bepaald beroep nuttig acht, ook een beroep doen op experten. Deze personen hebben een raadgevende stem.
§ 3. De werkgroep wordt ontbonden bij het beëindigen van het mandaat van de leden van de Nationale Raad die de werkgroep heeft opgericht.
§ 4. Er is onverenigbaarheid tussen een mandaat in de werkgroep en een mandaat in de Nationale Raad.
§ 2. Hiervoor doet de Nationale Raad een beroep op vier vertegenwoordigers die een minimale ervaring van vijf jaar bezitten in het betrokken beroep, op twee vertegenwoordigers die een functie uitoefenen in het onderwijs, gekozen wegens hun bevoegdheid op het gebied waarmee de werkgroep is belast en op een persoon die bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Nationale Raad kan, indien hij het voor een bepaald beroep nuttig acht, ook een beroep doen op experten. Deze personen hebben een raadgevende stem.
§ 3. De werkgroep wordt ontbonden bij het beëindigen van het mandaat van de leden van de Nationale Raad die de werkgroep heeft opgericht.
§ 4. Er is onverenigbaarheid tussen een mandaat in de werkgroep en een mandaat in de Nationale Raad.
Art. 2. § 1er. Le Conseil national crée, pour chaque profession paramédicale visée à l'article 22bis de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, un groupe de travail "agrément", dénommé ci-après "le groupe de travail".
§ 2. Pour ce faire, le Conseil national fait appel à quatre représentants, disposant d'une expérience d'au moins 5 ans dans la profession concernée, à deux représentants exerçant une fonction dans l'enseignement, choisis pour leur compétence dans le domaine dont le groupe de travail a reçu la charge, et à une personne compétente soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Conseil national peut également, s'il le juge utile pour une certaine profession, faire appel à des experts. Ceux-ci ont voix consultative.
§ 3. Le groupe de travail est dissous lorsque le mandat des membres du Conseil national qui a créé le groupe de travail expire.
§ 4. Il y a incompatibilité entre un mandat dans le groupe de travail et un mandat au Conseil national.
§ 2. Pour ce faire, le Conseil national fait appel à quatre représentants, disposant d'une expérience d'au moins 5 ans dans la profession concernée, à deux représentants exerçant une fonction dans l'enseignement, choisis pour leur compétence dans le domaine dont le groupe de travail a reçu la charge, et à une personne compétente soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Conseil national peut également, s'il le juge utile pour une certaine profession, faire appel à des experts. Ceux-ci ont voix consultative.
§ 3. Le groupe de travail est dissous lorsque le mandat des membres du Conseil national qui a créé le groupe de travail expire.
§ 4. Il y a incompatibilité entre un mandat dans le groupe de travail et un mandat au Conseil national.
Art. 3. De werkgroep is ermee belast de Minister een met redenen omkleed advies te verstrekken betreffende de aanvragen, bedoeld in artikel 24, § 1, en artikel 54ter van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967.
Art. 3. Le groupe de travail est chargé de rendre un avis motivé au Ministre concernant les demandes, visé à l'article 24, § 1er et à l'article 54ter de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967.
Art. 4. De Commissie van beroep bestaat uit de leden van het dagelijks bestuur van de Nationale Raad aangevuld, indien niet tot het Bureau behorend, met het lid dat het betrokken beroep in de Nationale Raad vertegenwoordigt.
Art. 4. La Commission d'appel est composée des membres du bureau du Conseil national, complétés, s'il ne fait pas partie du Bureau, par le membre représentant la profession en question au sein du Conseil national.
Art. 5. De Commissie van beroep is ermee belast uitspraak te doen, bij een met redenen omklede beraadslaging, over de beroepen ingesteld tegen de adviezen van de werkgroep.
Art. 5. La Commission d'appel est chargée de se prononcer, par délibération motivée, sur les recours introduits contre les avis du groupe de travail.
HOOFDSTUK III. - De erkenning.
CHAPITRE III. - De l'agrément.
Art. 6. De aanvraag om erkenning als beoefenaar van een paramedisch beroep wordt [1 ...]1 bij de Minister ingediend door de belanghebbende door middel van een formulier dat door het Directoraat-Generaal wordt bezorgd.
De aanvraag is vergezeld van een [1 ...]1 afschrift van het diploma, getuigschrift of document, afgeleverd door een inrichting opgericht, gesubsidieerd of erkend door de bevoegde overheid, waaruit blijkt dat de betrokkene aan de vereiste kwalificatievoorwaarden voldoet, die voor wat het betrokken beroep betreft door Ons nader bepaald zijn ter uitvoering van artikel 23, § 1, of ter uitvoering van artikel 22, 2° en 3° van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
De aanvraag is vergezeld van een [1 ...]1 afschrift van het diploma, getuigschrift of document, afgeleverd door een inrichting opgericht, gesubsidieerd of erkend door de bevoegde overheid, waaruit blijkt dat de betrokkene aan de vereiste kwalificatievoorwaarden voldoet, die voor wat het betrokken beroep betreft door Ons nader bepaald zijn ter uitvoering van artikel 23, § 1, of ter uitvoering van artikel 22, 2° en 3° van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
Modifications
Art. 6. La demande d'agrément en qualité de praticien d'une profession paramédicale est adressée par l'intéressé au Ministre, [1 ...]1, à l'aide d'un formulaire fourni par la Direction générale.
La demande est accompagnée d'une copie [1 ...]1 du diplôme, du certificat ou du document délivré par un établissement créé, subventionné ou agréé par l'autorité compétente, et attestant que l'intéressé satisfait aux conditions de qualification requises, précisées par Nous pour ce qui concerne la profession en question, en exécution de l'art. 23, § 1er, ou de l'art. 22, 2° et 3° de l'arrêté royal n° 78 susmentionné du 10 novembre 1967.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
La demande est accompagnée d'une copie [1 ...]1 du diplôme, du certificat ou du document délivré par un établissement créé, subventionné ou agréé par l'autorité compétente, et attestant que l'intéressé satisfait aux conditions de qualification requises, précisées par Nous pour ce qui concerne la profession en question, en exécution de l'art. 23, § 1er, ou de l'art. 22, 2° et 3° de l'arrêté royal n° 78 susmentionné du 10 novembre 1967.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
Modifications
Art. 7. § 1. De personen die voldoen aan de vereiste kwalificatievoorwaarden, die voor wat het betrokken beroep betreft door Ons nader bepaald zijn ter uitvoering van artikel 23, § 1, of ter uitvoering van artikel 22, 2° en 3° van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, mogen dat betrokken beroep blijven uitoefenen zolang niet over hun aanvraag tot erkenning is beslist, op voorwaarde dat die aanvraag wordt ingediend binnen een jaar na datum van inwerkingtreding van dit besluit voor het betrokken beroep.
§ 2. De personen bedoeld in artikel 54ter, § 1, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, worden ambtshalve erkend op basis van de gegevens door het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, op verzoek van het Directoraat-Generaal, overgezonden.
§ 3. De personen bedoeld in artikel 54ter, § 2, 1° en 2°, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, worden, rekening houdend met de specifieke voorwaarden van voornoemde paragraaf, volgens dezelfde procedure erkend als bedoeld in artikel 6.
§ 4. In afwijking van artikel 6 kunnen de personen die het voordeel wensen te genieten, bedoeld in artikel 54ter, § 3, eerste lid, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, moeten zich [1 ...]1 bij de Minister bekendmaken door middel van een formulier dat door het Directoraat-Generaal wordt bezorgd.
Zij vermelden naast het betrokken paramedisch beroep, de werkzaamheden waarvoor zij het voordeel van de verkregen rechten inroepen, evenals de periode(s) en plaats(en) waar zij deze hebben uitgeoefend. Hieruit moet blijken dat de werkzaamheden in voldoende aantal en op duurzame wijze werden uitgevoerd, hetzij als technische prestatie, voorgeschreven door bevoegde personen, hetzij als door bevoegde personen toevertrouwde handeling.
Het formulier dient ondertekend te zijn door de betrokkene, alsook door de persoon die bevoegd is om de opgave van de betrokken werkzaamheden voor waar en echt te verklaren.
De personen bevoegd om de opgave van de werkzaamheden waarvoor het voordeel van de verkregen rechten wordt ingeroepen, voor waar en echt te verklaren zijn de artsen of apothekers die bevoegd zijn de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven;
Uit de identificatie van de arts of apotheker moet blijken dat hij bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
§ 5. In afwijking van artikel 6 kunnen de personen die het voordeel wensen te genieten, bedoeld in artikel 54ter, § 3, tweede lid, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, moeten zich [1 ...]1 bij de Minister bekendmaken door middel van een formulier dat door het Directoraat-Generaal wordt bezorgd.
Zij moeten voor de dag, bedoeld in voornoemd tweede lid, naast het betrokken paramedisch beroep de werkzaamheden vermelden waarvoor zij het voordeel van de verkregen rechten inroepen, de plaats waar zij deze uitoefenen, evenals de periode(s) en plaats(en) waar zij deze voorheen hebben uitgeoefend. Hieruit moet blijken dat de werkzaamheden in voldoende aantal en op duurzame wijze werden uitgevoerd, hetzij als technische prestatie, voorgeschreven door bevoegde personen, hetzij als door bevoegde personen toevertrouwde handeling.
Het formulier dient ondertekend te zijn door de betrokkene, alsook door de persoon die bevoegd is om de opgave van de betrokken werkzaamheden voor waar en echt te verklaren.
De personen bevoegd om de opgave van de werkzaamheden waarvoor het voordeel van de verkregen rechten wordt ingeroepen, voor waar en echt te verklaren zijn de artsen of apothekers die bevoegd zijn de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven;
Uit de identificatie van de apotheker of arts moet blijken dat hij bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
§ 2. De personen bedoeld in artikel 54ter, § 1, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, worden ambtshalve erkend op basis van de gegevens door het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, op verzoek van het Directoraat-Generaal, overgezonden.
§ 3. De personen bedoeld in artikel 54ter, § 2, 1° en 2°, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, worden, rekening houdend met de specifieke voorwaarden van voornoemde paragraaf, volgens dezelfde procedure erkend als bedoeld in artikel 6.
§ 4. In afwijking van artikel 6 kunnen de personen die het voordeel wensen te genieten, bedoeld in artikel 54ter, § 3, eerste lid, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, moeten zich [1 ...]1 bij de Minister bekendmaken door middel van een formulier dat door het Directoraat-Generaal wordt bezorgd.
Zij vermelden naast het betrokken paramedisch beroep, de werkzaamheden waarvoor zij het voordeel van de verkregen rechten inroepen, evenals de periode(s) en plaats(en) waar zij deze hebben uitgeoefend. Hieruit moet blijken dat de werkzaamheden in voldoende aantal en op duurzame wijze werden uitgevoerd, hetzij als technische prestatie, voorgeschreven door bevoegde personen, hetzij als door bevoegde personen toevertrouwde handeling.
Het formulier dient ondertekend te zijn door de betrokkene, alsook door de persoon die bevoegd is om de opgave van de betrokken werkzaamheden voor waar en echt te verklaren.
De personen bevoegd om de opgave van de werkzaamheden waarvoor het voordeel van de verkregen rechten wordt ingeroepen, voor waar en echt te verklaren zijn de artsen of apothekers die bevoegd zijn de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven;
Uit de identificatie van de arts of apotheker moet blijken dat hij bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
§ 5. In afwijking van artikel 6 kunnen de personen die het voordeel wensen te genieten, bedoeld in artikel 54ter, § 3, tweede lid, van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967, moeten zich [1 ...]1 bij de Minister bekendmaken door middel van een formulier dat door het Directoraat-Generaal wordt bezorgd.
Zij moeten voor de dag, bedoeld in voornoemd tweede lid, naast het betrokken paramedisch beroep de werkzaamheden vermelden waarvoor zij het voordeel van de verkregen rechten inroepen, de plaats waar zij deze uitoefenen, evenals de periode(s) en plaats(en) waar zij deze voorheen hebben uitgeoefend. Hieruit moet blijken dat de werkzaamheden in voldoende aantal en op duurzame wijze werden uitgevoerd, hetzij als technische prestatie, voorgeschreven door bevoegde personen, hetzij als door bevoegde personen toevertrouwde handeling.
Het formulier dient ondertekend te zijn door de betrokkene, alsook door de persoon die bevoegd is om de opgave van de betrokken werkzaamheden voor waar en echt te verklaren.
De personen bevoegd om de opgave van de werkzaamheden waarvoor het voordeel van de verkregen rechten wordt ingeroepen, voor waar en echt te verklaren zijn de artsen of apothekers die bevoegd zijn de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven;
Uit de identificatie van de apotheker of arts moet blijken dat hij bevoegd is de werkzaamheden van het betrokken beroep, hetzij als handeling toe te vertrouwen, hetzij als technische prestatie voor te schrijven.
De Minister zendt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, het aanvraagdossier voor advies door naar de bevoegde werkgroep.
Modifications
Art. 7. § 1er. Les personnes remplissant les conditions de qualification requises, précisées par Nous en ce qui concerne la profession concernée en exécution de l'art. 23, § 1er, ou de l'art. 22, 2° et 3° de l'arrêté royal. n° 78 susmentionné du 10 novembre 1967, peuvent continuer à exercer cette profession tant qu'il n'a pas été statué sur leur demande d'agrément, à condition que cette demande soit introduite dans l'année qui suit la date d'entrée en vigueur du présent arrêté pour la profession concernée.
§ 2. Les personnes visées à l'article 54ter, § 1er, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, sont agréées d'office à partir des données transmises par l'Institut d'Assurance Maladie Invalidité à la demande de la Direction générale.
§ 3. Les personnes visées à l'article 54ter, § 2, 1° et 2°, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, sont agréées selon la même procédure que celle visée à l'article 6, en tenant compte des conditions spécifiques du paragraphe précité.
§. 4. Par dérogation à l'article 6, les personnes qui souhaitent bénéficier des dispositions visées à l'article 54ter, § 3, alinéa 1er, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, doivent se faire connaître auprès du Ministre [1 ...]1 au moyen d'un formulaire délivré par la Direction générale.
En plus de la profession paramédicale concernée, ils devront mentionner les activités pour lesquelles ils invoquent le bénéfice des droits acquis, ainsi que la(les) période(s) durant laquelle/lesquelles ils ont réalisé ces activités, et le(s) lieu(x) où ils les ont réalisées. Il devra en ressortir que les activités ont été réalisées en nombre suffisant et de manière durable, soit en tant que prestation technique, prescrite par des personnes habilitées, soit en tant qu'acte confié par des personnes habilitées.
Le formulaire doit être signé par l'intéressé, de même que par la personne habilitée à garantir l'authenticité et l'exactitude des données afférentes aux activités concernées.
Les personnes habilitées à assurer l'authenticité et l'exactitude des activités mentionnées pour lesquelles le bénéfice des droits acquis est invoqué, sont les médecins ou pharmaciens compétents pour soit confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique, les activités professionnelles en question.
L'identification du médecin ou du pharmacien doit permettre de déterminer s'il est compétent soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
§ 5. Par dérogation à l'article 6, les personnes qui désirent bénéficier des dispositions visées à l'article 54ter, § 3, alinéa 2, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, doivent se faire connaître auprès du Ministre [1 ...]1 au moyen d'un formulaire délivré par la Direction générale.
En plus de la profession paramédicale concernée, ils doivent, pour le jour visé à l'alinéa 2 précité, faire connaître les activités pour lesquelles ils invoquent le bénéfice des droits acquis, le lieu où ils exercent ces activités, ainsi que la/les période(s) et le/les lieu(x) où ils ont exercé ces activités dans le passé. Il devra en ressortir que les activités ont été réalisées en nombre suffisant et de manière durable, soit en tant que prestation technique, prescrite par des personnes habilitées, soit en tant qu'acte confié par des personnes habilitées.
Le formulaire doit être signé par l'intéressé, de même que par la personne habilitée à garantir l'authenticité et l'exactitude des données afférentes aux activités concernées.
Les personnes habilitées à assurer l'authenticité et l'exactitude des activités mentionnées pour lesquelles le bénéfice des droits acquis est invoqué, sont les médecins ou pharmaciens compétents pour soit confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique, les activités professionnelles en question.
L'identification du médecin ou du pharmacien doit permettre de déterminer s'il est compétent soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
§ 2. Les personnes visées à l'article 54ter, § 1er, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, sont agréées d'office à partir des données transmises par l'Institut d'Assurance Maladie Invalidité à la demande de la Direction générale.
§ 3. Les personnes visées à l'article 54ter, § 2, 1° et 2°, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, sont agréées selon la même procédure que celle visée à l'article 6, en tenant compte des conditions spécifiques du paragraphe précité.
§. 4. Par dérogation à l'article 6, les personnes qui souhaitent bénéficier des dispositions visées à l'article 54ter, § 3, alinéa 1er, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, doivent se faire connaître auprès du Ministre [1 ...]1 au moyen d'un formulaire délivré par la Direction générale.
En plus de la profession paramédicale concernée, ils devront mentionner les activités pour lesquelles ils invoquent le bénéfice des droits acquis, ainsi que la(les) période(s) durant laquelle/lesquelles ils ont réalisé ces activités, et le(s) lieu(x) où ils les ont réalisées. Il devra en ressortir que les activités ont été réalisées en nombre suffisant et de manière durable, soit en tant que prestation technique, prescrite par des personnes habilitées, soit en tant qu'acte confié par des personnes habilitées.
Le formulaire doit être signé par l'intéressé, de même que par la personne habilitée à garantir l'authenticité et l'exactitude des données afférentes aux activités concernées.
Les personnes habilitées à assurer l'authenticité et l'exactitude des activités mentionnées pour lesquelles le bénéfice des droits acquis est invoqué, sont les médecins ou pharmaciens compétents pour soit confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique, les activités professionnelles en question.
L'identification du médecin ou du pharmacien doit permettre de déterminer s'il est compétent soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
§ 5. Par dérogation à l'article 6, les personnes qui désirent bénéficier des dispositions visées à l'article 54ter, § 3, alinéa 2, de l'arrêté royal n° 78 précité du 10 novembre 1967, doivent se faire connaître auprès du Ministre [1 ...]1 au moyen d'un formulaire délivré par la Direction générale.
En plus de la profession paramédicale concernée, ils doivent, pour le jour visé à l'alinéa 2 précité, faire connaître les activités pour lesquelles ils invoquent le bénéfice des droits acquis, le lieu où ils exercent ces activités, ainsi que la/les période(s) et le/les lieu(x) où ils ont exercé ces activités dans le passé. Il devra en ressortir que les activités ont été réalisées en nombre suffisant et de manière durable, soit en tant que prestation technique, prescrite par des personnes habilitées, soit en tant qu'acte confié par des personnes habilitées.
Le formulaire doit être signé par l'intéressé, de même que par la personne habilitée à garantir l'authenticité et l'exactitude des données afférentes aux activités concernées.
Les personnes habilitées à assurer l'authenticité et l'exactitude des activités mentionnées pour lesquelles le bénéfice des droits acquis est invoqué, sont les médecins ou pharmaciens compétents pour soit confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique, les activités professionnelles en question.
L'identification du médecin ou du pharmacien doit permettre de déterminer s'il est compétent soit pour confier en tant qu'acte, soit prescrire en tant que prestation technique les activités de la profession concernée.
Le Ministre transmet le dossier de la demande, aux fins d'avis, au groupe de travail compétent dans les dix jours ouvrables après réception.
Modifications
Art. 8. De werkgroep vergelijkt de verstrekte gegevens met de vereiste kwalificatievoorwaarden, die voor wat het betrokken beroep betreft door Ons nader bepaald zijn ter uitvoering van artikel 23, § 1, of ter uitvoering van artikel 22, 2° en 3° van het koninklijk besluit nr. 78 of met de gestelde vereisten bedoeld in artikel 54ter van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78 van 10 november 1967.
Bij gemis aan de nodige gegevens, stelt zij de uitspraak van het advies uit en verzoekt zij de kandidaat de nodige toelichtingen te verstrekken
Bij gemis aan de nodige gegevens, stelt zij de uitspraak van het advies uit en verzoekt zij de kandidaat de nodige toelichtingen te verstrekken
Art. 8. Le groupe de travail compare les données fournies aux conditions de qualification requises, précisées par Nous pour ce qui concerne la profession en question, en exécution de l'art. 23, § 1er, ou de l'art. 22, 2° et 3° de l'arrêté royal n° 78, ou aux exigences posées à l'article 54ter de l'arrêté royal n° 78 susmentionné du 10 novembre 1967.
A défaut des données requises, il sursoit au prononcé de l'avis et invite le candidat à fournir les explications nécessaires.
A défaut des données requises, il sursoit au prononcé de l'avis et invite le candidat à fournir les explications nécessaires.
Art. 9. De werkgroep spreekt zich uit over de aanvraag tot erkenning als beoefenaar van het betrokken paramedisch beroep, binnen de zestig dagen na de datum waarop de zaak bij haar aanhangig werd gemaakt.
Het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing op de in artikel 7 bedoelde aanvragen.
Het eerste lid van dit artikel is niet van toepassing op de in artikel 7 bedoelde aanvragen.
Art. 9. Le groupe de travail se prononce sur la demande d'agrément en tant que praticien de la profession paramédicale concernée, dans les soixante jours de la date à laquelle il a été saisi de l'affaire.
L'alinéa premier du présent article ne s'applique pas aux demandes visées à l'article 7.
L'alinéa premier du présent article ne s'applique pas aux demandes visées à l'article 7.
Art. 10. De met redenen omklede adviezen van de werkgroep worden aan de Minister medegedeeld. Indien het met redenen omklede voorstel van de werkgroep negatief is, wordt het meegedeeld aan de aanvrager [1 ...]1.
Tegen het negatief voorstel, dat hem betreft, kan de betrokkene beroep aantekenen.
Tegen het negatief voorstel, dat hem betreft, kan de betrokkene beroep aantekenen.
Modifications
Art. 10. Les avis motivés du groupe de travail sont communiqués au Ministre. Si l'avis motivé du groupe de travail est négatif, il est communiqué au demandeur [1 ...]1.
L'intéressé peut introduire un recours à l'encontre d'un avis négatif le concernant.
L'intéressé peut introduire un recours à l'encontre d'un avis négatif le concernant.
Modifications
Art. 11. Indien binnen de termijn bepaald in artikel 16 geen beroep wordt aangetekend tegen de adviezen van de werkgroep, neemt de Minister een beslissing.
Indien de werkgroep geen advies heeft gegeven binnen de gestelde termijnen kan de Minister een beslissing nemen zonder advies.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Indien de werkgroep geen advies heeft gegeven binnen de gestelde termijnen kan de Minister een beslissing nemen zonder advies.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Art. 11. Si dans le délai prévu à l'article 16, les avis du groupe de travail n'ont pas fait l'objet d'un recours, le Ministre prend une décision.
Si le groupe de travail n'a pas rendu d'avis dans les délais fixés, le Ministre peut prendre une décision sans avis.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
Si le groupe de travail n'a pas rendu d'avis dans les délais fixés, le Ministre peut prendre une décision sans avis.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
HOOFDSTUK IV. - De intrekking van de erkenning.
CHAPITRE IV. - Du retrait de l'agrément.
Art. 12. Wanneer de beoefenaar van een paramedisch beroep niet meer voldoet aan de kwalificatievoorwaarden voor het betrokken beroep of aan andere wettelijke bepalingen voor de uitoefening ervan, kan de Minister, op voorstel van de werkgroep, de erkenning intrekken.
Het met redenen omklede voorstel van de werkgroep wordt meegedeeld aan de betrokkene [1 ...]1.
Tegen het voorstel, dat hem betreft, kan de betrokkene beroep aantekenen.
Indien binnen de termijn bepaald in artikel 16 geen beroep wordt aangetekend tegen het voorstel van de werkgroep, neemt de Minister een beslissing.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Het met redenen omklede voorstel van de werkgroep wordt meegedeeld aan de betrokkene [1 ...]1.
Tegen het voorstel, dat hem betreft, kan de betrokkene beroep aantekenen.
Indien binnen de termijn bepaald in artikel 16 geen beroep wordt aangetekend tegen het voorstel van de werkgroep, neemt de Minister een beslissing.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Modifications
Art. 12. Quand le praticien d'une profession paramédicale ne satisfait plus aux conditions de qualification relatives à la profession concernée ou à d'autres dispositions légales relatives à l'exercice de cette profession, le Ministre peut retirer l'agrément, sur proposition du groupe de travail.
La proposition motivée du groupe de travail est communiquée à l'intéressé [1 ...]1.
L'intéressé peut introduire un recours à l'encontre de la proposition le concernant.
Si dans le délai prévu à l'article 16, la proposition du groupe de travail n'a pas fait l'objet d'un recours, le Ministre prend une décision.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
La proposition motivée du groupe de travail est communiquée à l'intéressé [1 ...]1.
L'intéressé peut introduire un recours à l'encontre de la proposition le concernant.
Si dans le délai prévu à l'article 16, la proposition du groupe de travail n'a pas fait l'objet d'un recours, le Ministre prend une décision.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
Modifications
Art. 13. De beoefenaar van een paramedisch beroep die niet langer de erkenning wenst te genieten die hem overeenkomstig dit besluit is verleend, moet hiervan de Minister schriftelijk op de hoogte brengen. In dat geval trekt de Minister de erkenning in.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
De beslissing van de Minister wordt schriftelijk meegedeeld aan de betrokkene binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Art. 13. Le praticien d'une profession paramédicale qui ne désire plus bénéficier de l'agrément consenti conformément au présent arrêté, est tenu d'en informer le Ministre par écrit. Dans ce cas, le Ministre retire l'agrément.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
La décision du Ministre est communiquée à l'intéressé par écrit dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
Art. 14. De beoefenaar van een paramedisch beroep wiens erkenning werd ingetrokken met toepassing van artikel 12 of 13 van dit besluit, kan te allen tijde aan de Minister een nieuwe erkenning aanvragen.
Art. 14. Le praticien d'une profession paramédicale dont l'agrément a été retiré en application des dispositions des articles 12 ou 13 du présent arrêté, peut demander à tout moment au Ministre un nouvel agrément.
HOOFDSTUK V. - De beroepsprocedure.
CHAPITRE V. - De la procédure d'appel.
Art. 15. Wanneer de Minister oordeelt het advies van de werkgroep niet te kunnen volgen, geeft hij de betrokkene daarvan kennis met opgave van de redenen en deelt hem mede dat hij alvorens een beslissing te treffen, het dossier voor advies voorlegt aan de commissie van beroep.
Art. 15. Lorsque le Ministre estime ne pouvoir suivre l'avis du groupe de travail, il en informe l'intéressé, avec indication des motifs, et lui communique qu'avant de prendre une décision, il soumet le dossier à l'avis de la commission d'appel.
Art. 16. Tegen elk advies van de werkgroep als bedoeld in de artikelen 10 en 12, dat hem betreft, kan de betrokkene beroep aantekenen.
Om ontvankelijk te zijn moet het beroep met redenen omkleed zijn en binnen dertig dagen na de kennisgeving van het advies [1 ...]1 aan de Minister toegezonden worden.
De Minister legt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, een afschrift van het dossier voor advies voor aan de commissie van beroep.
Om ontvankelijk te zijn moet het beroep met redenen omkleed zijn en binnen dertig dagen na de kennisgeving van het advies [1 ...]1 aan de Minister toegezonden worden.
De Minister legt, binnen de tien werkdagen na ontvangst, een afschrift van het dossier voor advies voor aan de commissie van beroep.
Modifications
Art. 16. L'intéressé peut introduire un recours contre tout avis visé aux articles 10 et 12 le concernant qui est émis par le groupe de travail.
Pour être recevable, le recours doit être motivé et adressé au Ministre [1 ...]1, dans les trente jours de la notification de l'avis.
Le Ministre soumet une copie du dossier à l'avis de la commission d'appel dans les dix jours ouvrables après réception.
Pour être recevable, le recours doit être motivé et adressé au Ministre [1 ...]1, dans les trente jours de la notification de l'avis.
Le Ministre soumet une copie du dossier à l'avis de la commission d'appel dans les dix jours ouvrables après réception.
Modifications
Art. 17. In geval van beroep of in geval van toepassing van artikel 15, kan de betrokkene op eigen verzoek of op verzoek van de commissie van beroep door de commissie van beroep gehoord worden.
Hij verschijnt persoonlijk en mag zich laten bijstaan door een raadsman.
Indien de betrokkene niet verschijnt, kan de commissie van beroep uitspraak doen op stukken.
Hij verschijnt persoonlijk en mag zich laten bijstaan door een raadsman.
Indien de betrokkene niet verschijnt, kan de commissie van beroep uitspraak doen op stukken.
Art. 17. En cas de recours ou d'application de l'article 15, l'intéressé peut, à sa demande ou à la demande de la commission d'appel, être entendu par la commission d'appel.
Il comparaît en personne et peut se faire assister d'un conseil.
Si l'intéressé ne comparaît pas, la commission d'appel peut statuer sur pièces.
Il comparaît en personne et peut se faire assister d'un conseil.
Si l'intéressé ne comparaît pas, la commission d'appel peut statuer sur pièces.
Art. 18. § 1. De commissie van beroep spreekt zich uit binnen de zestig dagen na de datum waarop de zaak er aanhangig werd gemaakt.
§ 2. De bepaling van § 1 van dit artikel is niet van toepassing op het beroep betreffende de aanvragen bedoeld in artikel 7.
§ 3. Het advies moet met redenen omkleed zijn en moet antwoorden op de grieven die de verzoeker tegen het bestreden advies heeft aangevoerd. De commissie van beroep spreekt zich uit over de zaak in haar geheel.
§ 2. De bepaling van § 1 van dit artikel is niet van toepassing op het beroep betreffende de aanvragen bedoeld in artikel 7.
§ 3. Het advies moet met redenen omkleed zijn en moet antwoorden op de grieven die de verzoeker tegen het bestreden advies heeft aangevoerd. De commissie van beroep spreekt zich uit over de zaak in haar geheel.
Art. 18. § 1er. La commission d'appel se prononce dans les soixante jours de la date à laquelle elle a été saisie de l'affaire.
§ 2. Le § 1er du présent article ne s'applique pas aux recours relatifs aux demandes visées à l'article 7.
§ 3. L'avis doit être motivé et doit répondre aux griefs que le requérant formule à l'encontre de l'avis attaqué. La commission d'appel se prononce sur l'ensemble de l'affaire.
§ 2. Le § 1er du présent article ne s'applique pas aux recours relatifs aux demandes visées à l'article 7.
§ 3. L'avis doit être motivé et doit répondre aux griefs que le requérant formule à l'encontre de l'avis attaqué. La commission d'appel se prononce sur l'ensemble de l'affaire.
Art. 19. De commissie van beroep deelt haar met redenen omklede advies mede aan de Minister. Indien de commissie van beroep geen advies heeft gegeven binnen de gestelde termijnen, kan de Minister een beslissing nemen zonder advies. De met reden omklede beslissing van de Minister wordt ter kennis gebracht van de verzoeker [1 ...]1 binnen de tien werkdagen na afloop van de termijnen.
Modifications
Art. 19. La commission d'appel communique son avis motivé au Ministre. Si la commission d'appel n'a pas rendu d'avis dans les délais fixés, le Ministre peut prendre une décision sans avis. La décision motivée du Ministre est notifiée au requérant [1 ...]1 dans les dix jours ouvrables qui suivent l'expiration des délais.
Modifications
HOOFDSTUK VI. - Slotbepalingen.
CHAPITRE VI. - Dispositions finales.
Art. 20. Dit koninklijk besluit treedt in werking, per paramedisch beroep bedoeld in artikel 22bis van het voornoemde koninklijk besluit nr. 78, op de door Ons, conform artikel 183 van de wet van 25 januari 1999 houdende sociale bepalingen, bepaalde datum.
Art. 20. Le présent arrêté royal entre en vigueur, par profession paramédicale visée à l'article 22bis de l'arrêté royal n° 78 précité, à la date fixée par Nous, conformément à l'article 183 de la loi du 25 janvier 1999 portant des dispositions sociales.
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-09-2010 door KB 2009-07-12/19, art. 1, voor het beroep van farmaceutisch-technisch assistent)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-09-2010 door KB 2009-07-12/20, art. 1, voor het beroep van diëtist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-01-2012 door KB 2011-10-24/16, art. 1, voor de beroepen van audioloog en audicien,)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-01-2012 door KB 2011-10-24/19, art. 1, voor het beroep van ergotherapeut)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-04-2013 door KB 2013-03-11/08, art. 1, voor het beroep van logopedist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-04-2013 door KB 2013-03-11/05, art. 1, voor het beroep van orthoptist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-12-2013 door KB 2013-11-07/46, art. 1, voor het beroep van medisch laboratorium technoloog zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 2 juni 1993 betreffende het beroep van medisch laboratorium technoloog)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-12-2013 door KB 2013-11-07/46, art. 1, voor het beroep van technoloog medische beeldvorming zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 28 juni 1997 betreffende het beroep van technoloog medische beeldvorming (1997-02-28/48)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-10-2016, door KB 2016-09-21/03, art. 1, voor het beroep van podoloog zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 7 maart 2016 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van podoloog en houdende vaststelling van de technische prestaties en van de handelingen waarmee de podoloog door een arts kan worden belast (KB 2016-03-07/13)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 30-06-201, door KB 2018-11-21/14, art. 1, voor het beroep van mondhygiënist zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 28 maart 2018 betreffende het beroep van mondhygiënist (KB 2018-11-21/14)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-09-2020 door KB 2019-05-14/08, art. 1, voor het beroep van ambulancier niet dringend patiëntenvervoer zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 14 mei 2019 betreffende het beroep van ambulancier niet dringend patiëntenvervoer)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-09-2010 door KB 2009-07-12/20, art. 1, voor het beroep van diëtist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-01-2012 door KB 2011-10-24/16, art. 1, voor de beroepen van audioloog en audicien,)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-01-2012 door KB 2011-10-24/19, art. 1, voor het beroep van ergotherapeut)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-04-2013 door KB 2013-03-11/08, art. 1, voor het beroep van logopedist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-04-2013 door KB 2013-03-11/05, art. 1, voor het beroep van orthoptist)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-12-2013 door KB 2013-11-07/46, art. 1, voor het beroep van medisch laboratorium technoloog zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 2 juni 1993 betreffende het beroep van medisch laboratorium technoloog)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 02-12-2013 door KB 2013-11-07/46, art. 1, voor het beroep van technoloog medische beeldvorming zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 28 juni 1997 betreffende het beroep van technoloog medische beeldvorming (1997-02-28/48)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-10-2016, door KB 2016-09-21/03, art. 1, voor het beroep van podoloog zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 7 maart 2016 betreffende de beroepstitel en de kwalificatievereisten voor de uitoefening van het beroep van podoloog en houdende vaststelling van de technische prestaties en van de handelingen waarmee de podoloog door een arts kan worden belast (KB 2016-03-07/13)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 30-06-201, door KB 2018-11-21/14, art. 1, voor het beroep van mondhygiënist zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 28 maart 2018 betreffende het beroep van mondhygiënist (KB 2018-11-21/14)
(NOTA : Inwerkingtreding vastgesteld op 01-09-2020 door KB 2019-05-14/08, art. 1, voor het beroep van ambulancier niet dringend patiëntenvervoer zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 14 mei 2019 betreffende het beroep van ambulancier niet dringend patiëntenvervoer)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-09-2010 par AR 2009-07-12/19, art. 1, pour la profession d'assistant pharmaceutico-technique)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-09-2010 par AR 2009-07-12/20, art. 1, pour la profession de diététicien)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-01-2012 par AR 2011-10-24/16, art. 1, pour les professions d'audiologue et d'audicien)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-01-2012 par AR 2011-10-24/19, art. 1, pour la profession d'ergothérapeute)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-04-2013 par AR 2013-03-11/08, art. 1, pour la profession de logopède)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-04-2013 par AR 2013-03-11/05, art. 1, pour la profession d'orthoptiste)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-12-2013 par AR 2013-11-07/46, art. 1, pour la profession de technologue de laboratoire médical visée à l'arrêté royal du 2 juin 1993 relatif à la profession de technologue de laboratoire médical)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-12-2013 par AR 2013-11-07/46, art. 1, pour la profession de technologue en imagerie médicale visée à l'arrêté royal du 28 février 1997 relatif à l'exercice de la profession de technologue en imagerie médicale (1997-02-28/48)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-10-2016 par AR 2016-09-21/03, art. 1, pour la profession de podologue visée à l'arrêté royal du 7 mars 2016 relatif au titre professionnel et aux conditions de qualification requises pour l'exercice de la profession de podologue et portant fixation des prestations techniques et des actes dont le podologue peut être chargé par un médecin (AR 2016-03-07/13)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 30-06-2019 par AR 2018-11-21/14, art. 1, pour la profession d'hygiéniste bucco-dentaire visée à l'arrêté royal du 28 mars 2018 relatif à la profession d'hygiéniste bucco-dentaire, AR 2018-11-21/14
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-09-2020 pour la profession d'ambulancier de transport non urgent de patients visée à l'arrêté royal du 14 mai 2019 relatif à la profession d'ambulancier de transport non urgent de patients par AR 2019-05-14/08, art. 1)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-09-2010 par AR 2009-07-12/20, art. 1, pour la profession de diététicien)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-01-2012 par AR 2011-10-24/16, art. 1, pour les professions d'audiologue et d'audicien)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-01-2012 par AR 2011-10-24/19, art. 1, pour la profession d'ergothérapeute)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-04-2013 par AR 2013-03-11/08, art. 1, pour la profession de logopède)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-04-2013 par AR 2013-03-11/05, art. 1, pour la profession d'orthoptiste)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-12-2013 par AR 2013-11-07/46, art. 1, pour la profession de technologue de laboratoire médical visée à l'arrêté royal du 2 juin 1993 relatif à la profession de technologue de laboratoire médical)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 02-12-2013 par AR 2013-11-07/46, art. 1, pour la profession de technologue en imagerie médicale visée à l'arrêté royal du 28 février 1997 relatif à l'exercice de la profession de technologue en imagerie médicale (1997-02-28/48)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-10-2016 par AR 2016-09-21/03, art. 1, pour la profession de podologue visée à l'arrêté royal du 7 mars 2016 relatif au titre professionnel et aux conditions de qualification requises pour l'exercice de la profession de podologue et portant fixation des prestations techniques et des actes dont le podologue peut être chargé par un médecin (AR 2016-03-07/13)
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 30-06-2019 par AR 2018-11-21/14, art. 1, pour la profession d'hygiéniste bucco-dentaire visée à l'arrêté royal du 28 mars 2018 relatif à la profession d'hygiéniste bucco-dentaire, AR 2018-11-21/14
(NOTE : Entrée en vigueur fixée au 01-09-2020 pour la profession d'ambulancier de transport non urgent de patients visée à l'arrêté royal du 14 mai 2019 relatif à la profession d'ambulancier de transport non urgent de patients par AR 2019-05-14/08, art. 1)
Art. 21. Onze Minister bevoegd voor de Volksgezondheid is belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 21. Notre Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent arrêté.