Artikel 1. De passiva en de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid, van de programmawet van 22 december 2003 die de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen aan het Fonds voor Spoorweginfrastructuur moet overdragen bij toepassing van het koninklijk besluit van 14 juni 2004 tot hervorming van de beheersstructuren van de spoorweginfrastructuur, zijn die welke zijn opgenomen op de bij dit besluit gevoegde lijsten.
De modaliteiten van de " Back to Back " operaties beschreven in bijlagen 2 en 2.4 zullen bij ministerieel besluit vastgelegd worden.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
30 DECEMBER 2004. - Koninklijk Besluit tot vaststelling van de lijsten van de passiva en van de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid van de programmawet van 22 december 2003 die door de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur overgedragen worden.
Titre
30 DECEMBRE 2004. - Arrêté royal arrêtant les listes des passifs et actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2, de la loi-programme du 22 décembre 2003 transférés par la Société nationale des Chemins de fer belges au Fonds de l'infrastructure ferroviaire.
Informations sur le document
Info du document
Tekst (9)
Texte (9)
Article 1. Les passifs et les actifs visés à l'article 454, § 2, alinéa 2, de la loi-programme du 22 décembre 2003 que la Société nationale des Chemins de fer belges doit transférer au Fonds de l'infrastructure ferroviaire en application de l'arrêté royal du 14 juin 2004 portant réforme des structures de gestion de l'infrastructure ferroviaire sont ceux repris dans les listes annexées au présent arrêté.
Les modalités des opérations " Back to Back " décrites en annexes 2 et 2.4 seront fixées par arrêté ministériel.
Les modalités des opérations " Back to Back " décrites en annexes 2 et 2.4 seront fixées par arrêté ministériel.
Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt;.
Art. 2. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur Belge;.
Art. 3. Onze Minister die bevoegd is voor de Overheidsbedrijven is belast met de uitvoering van dit Besluit.
Gegeven te Brussel, 30 december 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Gegeven te Brussel, 30 december 2004.
ALBERT
Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Art. 3. Notre Ministre qui a les Entreprises Publiques dans ses attributions est chargé de l'exécution du présent Arrêté.
Donné à Bruxelles, le 30 décembre 2004.
ALBERT
Par le Roi :
Le Vice-Premier Ministre et Ministre du Budget et des Entreprises Publiques,
J. VANDE LANOTTE
Donné à Bruxelles, le 30 décembre 2004.
ALBERT
Par le Roi :
Le Vice-Premier Ministre et Ministre du Budget et des Entreprises Publiques,
J. VANDE LANOTTE
BIJLAGEN.
ANNEXES.
Art. N1. Bijlage 1. - LIJST VAN DE ACTIVA.
Aan het FIF wordt de eigendom overgedragen van 34 zogenaamde " valoriseerbare " gronden, die gedetailleerder beschreven zijn in bijlagen 1.2 tot 1.4 (bijlage 1.4 enkel neergelegd ter griffie). De voorwaarden waaronder die afstand gebeurt, zijn vermeld in bijlage 1.5.
Gezien om toe te voegen bij ons besluit van over de lijsten van de passiva en de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid, van de programmawet van 22 december 2003 ingebracht in het FSI door de N.M.B.S.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Aan het FIF wordt de eigendom overgedragen van 34 zogenaamde " valoriseerbare " gronden, die gedetailleerder beschreven zijn in bijlagen 1.2 tot 1.4 (bijlage 1.4 enkel neergelegd ter griffie). De voorwaarden waaronder die afstand gebeurt, zijn vermeld in bijlage 1.5.
Gezien om toe te voegen bij ons besluit van over de lijsten van de passiva en de activa bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid, van de programmawet van 22 december 2003 ingebracht in het FSI door de N.M.B.S.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Art. N1. Annexe 1. - LISTE DES ACTIFS.
Est transférée au FIF la propriété de 34 terrains dits " valorisables " mieux décrits aux annexes 1.2 à 1.4. (annexe 1.4, déposée uniquement au Greffe). Les conditions auxquelles cette cession est opérée sont reprises en annexe 1.5.
Vu pour être annexé à notre Arrêté du 30 décembre 2004 concernant les listes de passifs et des actifs visés à l'article 454 § 2, alinéa 2 transférés par la SNCB au FIF.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Entreprises Publiques,
J. VANDE LANOTTE
Est transférée au FIF la propriété de 34 terrains dits " valorisables " mieux décrits aux annexes 1.2 à 1.4. (annexe 1.4, déposée uniquement au Greffe). Les conditions auxquelles cette cession est opérée sont reprises en annexe 1.5.
Vu pour être annexé à notre Arrêté du 30 décembre 2004 concernant les listes de passifs et des actifs visés à l'article 454 § 2, alinéa 2 transférés par la SNCB au FIF.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Entreprises Publiques,
J. VANDE LANOTTE
Art. N2. Bijlage 2. - LIJST VAN DE PASSIVA.
Worden overgedragen aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur de volgende schulden :
1. Korte termijnschuld ten belope van 1.578.745.000,00 EUR waarvan 1.414.595.000,00 EUR aan thesauriebewijzen N.M.B.S. en een korte termijnlening (ex HST-Fin) aangegaan bij de Europese Investeringsbank ten belope van 164.150.000,00 EUR.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.1.
2. Lange termijnleningen HST-Fin met hun bijhorende indekkingen ten belope van 1.358.337.144,74 EUR. De leningen van HST-Fin werden overgenomen door de N.M.B.S. ingevolge de fusie door overname van HST-Fin door de N.M.B.S. op 10 september 2004.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.2.
3. Lange termijnleningen N.M.B.S. met hun bijhorende indekkingen ten belope van 3.248.647.855,31 EUR.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.3.
" Back-to-Back "-operaties tussen de N.M.B.S. en het Fonds voor Spoorweginfrastructuur voor een totaal bedrag van 1.214.269.999,95 EUR. Het betreft schulden met hun bijhorende indekkingen die de N.M.B.S. heeft aangegaan in het kader van diverse alternatieve financieringsoperaties.
Deze " back-to-back "-operaties moeten toelaten de schuldoverdracht conform te houden aan een netto boekhoudkundige waarde van minimum 7,4 miljard EUR en een marktwaarde die de 7,7 miljard EUR niet mag overschrijden. De juiste modaliteiten van deze " back-to-back "-operaties zullen vastgelegd worden in een ministerieel besluit.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.4.
Gezien om toe te voegen bij ons besluit van over de lijsten van de passiva en van de activa zoals bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid, van de programmawet van 22 december 2003 ingebracht in het FSI door de N.M.B.S.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Worden overgedragen aan het Fonds voor spoorweginfrastructuur de volgende schulden :
1. Korte termijnschuld ten belope van 1.578.745.000,00 EUR waarvan 1.414.595.000,00 EUR aan thesauriebewijzen N.M.B.S. en een korte termijnlening (ex HST-Fin) aangegaan bij de Europese Investeringsbank ten belope van 164.150.000,00 EUR.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.1.
2. Lange termijnleningen HST-Fin met hun bijhorende indekkingen ten belope van 1.358.337.144,74 EUR. De leningen van HST-Fin werden overgenomen door de N.M.B.S. ingevolge de fusie door overname van HST-Fin door de N.M.B.S. op 10 september 2004.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.2.
3. Lange termijnleningen N.M.B.S. met hun bijhorende indekkingen ten belope van 3.248.647.855,31 EUR.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.3.
" Back-to-Back "-operaties tussen de N.M.B.S. en het Fonds voor Spoorweginfrastructuur voor een totaal bedrag van 1.214.269.999,95 EUR. Het betreft schulden met hun bijhorende indekkingen die de N.M.B.S. heeft aangegaan in het kader van diverse alternatieve financieringsoperaties.
Deze " back-to-back "-operaties moeten toelaten de schuldoverdracht conform te houden aan een netto boekhoudkundige waarde van minimum 7,4 miljard EUR en een marktwaarde die de 7,7 miljard EUR niet mag overschrijden. De juiste modaliteiten van deze " back-to-back "-operaties zullen vastgelegd worden in een ministerieel besluit.
Deze exhaustieve lijst is opgenomen in bijlage 2.4.
Gezien om toe te voegen bij ons besluit van over de lijsten van de passiva en van de activa zoals bedoeld in artikel 454, § 2, tweede lid, van de programmawet van 22 december 2003 ingebracht in het FSI door de N.M.B.S.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE
Art. N2. Annexe 2. - LISTE DES PASSIFS.
Sont transférées au Fonds de l'Infrastructure Ferroviaire, les dettes suivantes :
1. Dettes à court terme au montant de euro 1 578 745 000,00, dont euro 1 414 595 000,00 de billets de trésorerie de la S.N.C.B. et un emprunt à court terme (ex FINANCIERE TGV) conclu auprès de la Banque Européenne d'Investissement pour un montant de euro 164 150 000,00.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.1.
2. Emprunts à long terme FINANCIERE TGV avec les couvertures y relatives, pour un montant de euro 1.358.337.144,74. Les emprunts de la FINANCIERE TGV ont été repris par la S.N.C.B. suite à la fusion par absorption de la FINANCIERE TGV par la S.N.C.B. au 10 septembre 2004.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.2.
3. Emprunts à long terme S.N.C.B. avec les couvertures y relatives, pour un montant de euro 3.248.647.855,31.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.3.
4. Opérations Back to Back entre la S.N.C.B. et le Fonds de l'Infrastructure ferroviaire, pour un montant total de 1.214.269.999,95 euro. Il s'agit de dettes avec les couvertures y relatives, conclues par la S.N.C.B. dans le cadre de diverses opérations de financement alternatif.
Ces opérations Back to Back doivent permettre de maintenir le transfert de dettes à une valeur comptable nette de 7.4 milliards euro et à une valeur de marché qui ne peut dépasser 7.7 milliards euro. Les modalités exactes de ces opérations de Back to Back seront fixées par arrêté ministériel.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.4.
Vu pour être annexé à notre arrêté du 30 décembre 2004 concernant la liste de passifs et d'actifs visés à l'article 454, § 2, 2 alinéa, de la loi-programme du 22 décembre 2003 transférés par la S.N.C.B. au FIF.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE
Sont transférées au Fonds de l'Infrastructure Ferroviaire, les dettes suivantes :
1. Dettes à court terme au montant de euro 1 578 745 000,00, dont euro 1 414 595 000,00 de billets de trésorerie de la S.N.C.B. et un emprunt à court terme (ex FINANCIERE TGV) conclu auprès de la Banque Européenne d'Investissement pour un montant de euro 164 150 000,00.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.1.
2. Emprunts à long terme FINANCIERE TGV avec les couvertures y relatives, pour un montant de euro 1.358.337.144,74. Les emprunts de la FINANCIERE TGV ont été repris par la S.N.C.B. suite à la fusion par absorption de la FINANCIERE TGV par la S.N.C.B. au 10 septembre 2004.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.2.
3. Emprunts à long terme S.N.C.B. avec les couvertures y relatives, pour un montant de euro 3.248.647.855,31.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.3.
4. Opérations Back to Back entre la S.N.C.B. et le Fonds de l'Infrastructure ferroviaire, pour un montant total de 1.214.269.999,95 euro. Il s'agit de dettes avec les couvertures y relatives, conclues par la S.N.C.B. dans le cadre de diverses opérations de financement alternatif.
Ces opérations Back to Back doivent permettre de maintenir le transfert de dettes à une valeur comptable nette de 7.4 milliards euro et à une valeur de marché qui ne peut dépasser 7.7 milliards euro. Les modalités exactes de ces opérations de Back to Back seront fixées par arrêté ministériel.
La liste exhaustive est reprise en annexe 2.4.
Vu pour être annexé à notre arrêté du 30 décembre 2004 concernant la liste de passifs et d'actifs visés à l'article 454, § 2, 2 alinéa, de la loi-programme du 22 décembre 2003 transférés par la S.N.C.B. au FIF.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre des Entreprises publiques,
J. VANDE LANOTTE
Art. N3. Bijlage 3. - Bijlage 1.2. Lijst van activa.
(Lijst niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87381-87399).
(Lijst niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87381-87399).
Art. N3. Annexe 3. - Annexe 1.2. Liste des actifs.
(Liste non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87381-87399).
(Liste non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87381-87399).
Art. N4. Bijlage 4. - Bijlage 1.5. Algemene bepalingen.
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87400-87403).
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87400-87403).
Art. N4. Annexe 4. - Annexe 1.5. Clauses générales.
(Annexe non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87404-87407).
(Annexe non reprise pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87404-87407).
Art. N5. Bijlage 5. - Bijlage 2. Inventaris.
(Tabel niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87408-87422).
(Tabel niet opgenomen om technische redenen. Zie B.S. 31-12-2004, p. 87408-87422).
Art. N5. Annexe 5. - Annexe 2. Inventaire.
(Tableau non repris pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87408-87422).
(Tableau non repris pour motifs techniques. Voir M.B. 31-12-2004, p. 87408-87422).