Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
25 MAART 2003. - Koninklijk besluit tot wijziging van het KB/WIB 92 en tot vaststelling van de datum van inwerkingtreding van artikel 396 van de programmawet van 24 december 2002.
Titre
25 MARS 2003. - Arrêté royal modifiant l'AR/CIR 92 et fixant la date d'entrée en vigueur de l'article 396 de la loi-programme du 24 décembre 2002.
Informations sur le document
Numac: 2003003206
Datum: 2003-03-25
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2003003206
Date: 2003-03-25
Moniteur: Voir
Tekst (4)
Texte (4)
Artikel 1. Artikel 18, § 3, KB/WIB 92, gewijzigd bij de koninklijke besluiten van 22 oktober 1993, 18 februari 1994, 7 maart 1995, 5 april 1995, 6 maart 1996, 17 maart 1997, 20 mei 1997, 12 juni 1997, 2 juni 1998, 7 december 1998, 21 april 1999, 25 april 2000, 20 juli 2000, 16 maart 2001, 13 juli 2001 en 8 maart 2002, wordt aangevuld met een punt 10 dat luidt als volgt :
  " 10. Persoonlijk gebruik van een kosteloos ter beschikking gestelde PC of internetaansluiting :
  Het voordeel wordt forfaitair vastgesteld op :
  - 180 EUR per jaar voor een kosteloos ter beschikking gestelde PC;
  - 60 EUR per jaar voor de internetaansluiting en het internetabonnement. "
Article 1er. L'article 18, § 3, AR/CIR 92, modifié par les arrêtés royaux des 22 octobre 1993, 18 février 1994, 7 mars 1995, 5 avril 1995, 6 mars 1996, 17 mars 1997, 20 mai 1997, 12 juin 1997, 2 juin 1998, 7 décembre 1998, 21 avril 1999, 25 avril 2000, 20 juillet 2000, 16 mars 2001, 13 juillet 2001 et 8 mars 2002, est complété par un point 10 rédigé comme suit :
  " 10. Utilisation à des fins personnelles d'un PC ou d'une connexion internet mis gratuitement à disposition :
  L'avantage est fixé forfaitairement à :
  - 180 EUR par an pour un PC mis gratuitement à disposition;
  - 60 EUR par an pour la connexion internet et l'abonnement à internet. "
Art. 2. In hoofdstuk I, van hetzelfde besluit, worden afdeling VIII en artikel 19, opgeheven bij het koninklijk besluit van 12 augustus 1994, hersteld in de volgende lezing :
  " Afdeling VIII. PC-privé-plannen.
  (Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 38, eerste lid, 17°).
  Artikel 19. Opdat de tussenkomst van de werkgever in het kader van een PC-privé-plan in aanmerking kan komen voor de vrijstelling als bedoeld in artikel 38, eerste lid, 17°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, moeten de volgende voorwaarden zijn vervuld :
  1. het aanbod van de werkgever waarmee hij zich ertoe verbindt om tussen te komen in de aankoopprijs van een geheel van PC, randapparatuur en printer, internetaansluiting en internetabonnement, alsook de voor de bedrijfsvoering dienstige software, wordt beschreven in het PC-privé-plan;
  2. de voorwaarden die in het plan zijn opgenomen moeten dezelfde zijn voor alle werknemers;
  3. de minimumvoorwaarden waaraan het plan moet voldoen zijn de volgende :
  a) het plan moet de beschrijving geven van het geheel van PC, randapparatuur en printer, internetaansluiting en internetabonnement, alsook de voor de bedrijfsvoering dienstige software;
  b) het plan bepaalt dat het de werknemer vrij staat het geheel of slechts een gedeelte van het beschreven materieel te kiezen;
  c) de tussenkomst van de werkgever moet per onderdeel van het aanbod worden opgegeven;
  d) de tussenkomst kan enkel geschieden bij aankoop van materieel in nieuwe staat;
  e) de tussenkomst door de werkgever geschiedt tegen afgifte van een door de werknemer eensluidend verklaard afschrift van de aankoopfactuur of van het aankoopbewijs op naam van de werknemer;
  f) wat de materiëlen betreft, die een werknemer voorheen in het kader van een PC-privé-plan heeft aangeschaft, moet het plan bepalen dat slechts in de loop van het derde jaar volgend op het jaar van aanschaf opnieuw mag worden ingegaan op een aanbod van de werkgever. "
Art. 2. Dans le chapitre I du même arrêté, la section VIII et l'article 19, abrogés par l'arrêté royal du 12 août 1994, sont rétablis dans la rédaction suivante :
  " Section VIII. Plans PC privés.
  (Code des impôts sur les revenus 1992, article 38, alinéa 1, 17°).
  Article 19. Pour que l'intervention de l'employeur dans le cadre d'un plan PC privé puisse entrer en ligne de compte pour l'exonération prévue à l'article 38, alinéa 1, 17°, du Code des impôts sur les revenus 1992, les conditions suivantes doivent être remplies :
  1. l'offre de l'employeur par laquelle il s'engage à intervenir dans le prix d'achat d'une configuration complète de PC, de périphériques et d'une imprimante, la connexion internet et l'abonnement à internet, ainsi que le logiciel au service de l'activité professionnelle, est décrite dans le plan PC privé;
  2. les conditions qui sont reprises dans le plan doivent être identiques pour tous les travailleurs;
  3. les conditions minimales auxquelles le plan est subordonné sont les suivantes :
  a) la configuration complète de PC, de périphériques et d'une imprimante, la connexion internet et l'abonnement à internet, ainsi que le logiciel au service de l'activité professionnelle doivent être décrits dans le plan;
  b) le plan stipule que le travailleur est libre de choisir tout ou partie du matériel décrit;
  c) l'intervention de l'employeur doit être précisée pour chaque élément de l'offre;
  d) l'intervention ne peut avoir lieu qu'à l'occasion de l'achat du matériel à l'état neuf;
  e) l'intervention par l'employeur a lieu contre remise d'une copie certifiée conforme par le travailleur de la facture d'achat ou de la preuve de l'achat au nom du travailleur;
  f) en ce qui concerne le matériel acheté antérieurement par le travailleur dans le cadre d'un plan PC privé, le plan doit stipuler qu'il ne peut être donné à nouveau suite à l'offre de l'employeur qu'au courant de la troisième année suivant celle de l'achat. "
Art. 3. Artikel 396 van de programmawet van 24 december 2002 en dit besluit hebben uitwerking met ingang van 1 januari 2003.
Art. 3. L'article 396 de la loi-programme du 24 décembre 2002 et le présent arrêté produisent leurs effets à partir du 1er janvier 2003.
Art. 4. Onze Minister van Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 25 maart 2003.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Minister van Financiën,
  D. REYNDERS
Art. 4. Notre Ministre des Finances est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Donné à Bruxelles, le 25 mars 2003.
  ALBERT
  Par le Roi :
  Le Ministre des Finances,
  D. REYNDERS