Artikel 1. Binnen haar verplichting om jongeren tewerk te stellen met een startbaanovereenkomst, verbindt de Vlaamse Gemeenschap er zich toe 1,5 % tewerk te stellen van het aantal voltijdse equivalenten, tewerkgesteld binnen de Vlaamse Ministeries en binnen de Vlaamse instellingen van openbaar nut met meer dan vijftig werknemers. Voor het boekjaar 2000, komt deze verplichting overeen met 394 jongeren.
Voor de volgende jaren zal het aantal startbaanovereenkomsten evolueren op basis van het aantal door de Vlaamse Gemeenschap tewerkgestelde personen.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
1 AUGUSTUS 2002. - Samenwerkingsakkoord tussen de Staat en de Vlaamse Gemeenschap betreffende de startbaanovereenkomst.
Titre
1er AOUT 2002. - Accord de coopération entre l'Etat et la " Vlaamse Gemeenschap " concernant la convention de premier emploi.
Informations sur le document
Numac: 2002013192
Datum: 2002-08-01
Info du document
Numac: 2002013192
Date: 2002-01-01
Tekst (5)
Texte (5)
Article 1. Dans le cadre de son obligation d'occuper des jeunes dans les liens d'une convention de premier emploi, la Vlaamse Gemeenschap s'engage à occuper 1,5 % du nombre d'équivalents temps plein occupés au sein des Ministères flamands et des organismes d'intérêt public flamands de plus de 50 travailleurs.
Pour les années suivantes le nombre de conventions de premier emploi évoluera en fonction du nombre de personnes occupées par la Vlaamse Gemeenschap.
Pour les années suivantes le nombre de conventions de premier emploi évoluera en fonction du nombre de personnes occupées par la Vlaamse Gemeenschap.
Art. 2. De Federale Staat verbindt er zich toe, 315 bijkomende startbaanovereenkomsten te financieren.
De Vlaamse Gemeenschap verbindt er zich toe, de 315 startbaanovereenkomsten aan de volgende projecten toe te wijzen :
1. Geweldpreventie (preventie van antisociaal gedrag) op school : 100 startbanen (70 niveau 3, 30 niveau 2 of 3);
2. Verkeersveiligheid van en naar de school : 215 startbanen (140 niveau 3, 75 niveau 2 of 3).
De Vlaamse Gemeenschap verbindt er zich toe, de 315 startbaanovereenkomsten aan de volgende projecten toe te wijzen :
1. Geweldpreventie (preventie van antisociaal gedrag) op school : 100 startbanen (70 niveau 3, 30 niveau 2 of 3);
2. Verkeersveiligheid van en naar de school : 215 startbanen (140 niveau 3, 75 niveau 2 of 3).
Art. 2. L'Etat fédéral s'engage à financer 315 conventions de premier emploi supplémentaires.
La Vlaamse Gemeenschap s'engage à affecter les 315 conventions de premier emploi aux projets suivants :
1. Prévention de la violence (prévention d'un comportement asocial) 100 conventions de premier emploi (70 niveau 3, 30 niveau 2 ou 3);
2. Sécurité de circulation à partir et vers l'école : 215 conventions de premier emploi (140 niveau 3, 75 niveau 2 ou 3)
La Vlaamse Gemeenschap s'engage à affecter les 315 conventions de premier emploi aux projets suivants :
1. Prévention de la violence (prévention d'un comportement asocial) 100 conventions de premier emploi (70 niveau 3, 30 niveau 2 ou 3);
2. Sécurité de circulation à partir et vers l'école : 215 conventions de premier emploi (140 niveau 3, 75 niveau 2 ou 3)
Art. 3. De Federale Staat verbindt er zich toe, op basis van rechtvaardigingsstukken, het bruto salaris betreffende de 315 startbaanovereenkomsten net als de sociale werkgeversbijdragen, trimestrieel aan de Vlaamse Gemeenschap terug te betalen.
Artikel 33 van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid, bepaalt het loon waarop een jonge werknemer recht heeft binnen een startbaanovereenkomst.
De toewijzing van de startbaanovereenkomsten, bedoeld in voorliggen akkoord, zal kunnen herzien worden op verzoek van een van de partijen.
Artikel 33 van de wet van 24 december 1999 ter bevordering van de werkgelegenheid, bepaalt het loon waarop een jonge werknemer recht heeft binnen een startbaanovereenkomst.
De toewijzing van de startbaanovereenkomsten, bedoeld in voorliggen akkoord, zal kunnen herzien worden op verzoek van een van de partijen.
Art. 3. L'Etat fédéral s'engage à rembourser trimestriellement à la Vlaamse Gemeenschap, sur base des pièces justificatives, le salaire brut relatif aux 315 conventions de premier emploi ainsi que les cotisations sociales patronales.
L'article 33 de la loi du 24 décembre 1999 en vue de la promotion de l'emploi, définit la rémunération à laquelle a droit un jeune travailleur dans le cadre d'une convention de premier emploi.
L'affectation des conventions de premier emploi visées par le présent accord pourra être revue à la demande d'une des parties.
L'article 33 de la loi du 24 décembre 1999 en vue de la promotion de l'emploi, définit la rémunération à laquelle a droit un jeune travailleur dans le cadre d'une convention de premier emploi.
L'affectation des conventions de premier emploi visées par le présent accord pourra être revue à la demande d'une des parties.
Art. 4. Dit samenwerkingsakkoord treedt in werking op 1 juli 2002 en wordt voor onbepaalde duur gesloten. Elk van de partijen kan er een einde aan stellen met inachtneming van een opzegtermijn van zes maanden.
Art. 4. Cet accord de coopération entre en vigueur le 1er juillet 2002. et est conclu à durée indéterminée. Chacune des parties peut y mettre un terme moyennant un préavis de six mois.
Art. 5. Dit samenwerkingsakkoord annuleert het samenwerkingsakkoord van 25 oktober 2000.
Opgemaakt te Brussel, op 1 augustus 2002, in 4 origine(e)l(e) exempla(a)r(en).
Voor de Federale Staat :
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX
Voor de Vlaamse Gemeenschap :
De Minister van Werkgelegenheid en Toerisme,
R. LANDUYT
De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Ambtenarenzaken en Buitenlands Beleid,
P. VAN GREMBERGEN
De Minister van Onderwijs en Vorming,
Mevr. M. VANDERPOORTEN.
Opgemaakt te Brussel, op 1 augustus 2002, in 4 origine(e)l(e) exempla(a)r(en).
Voor de Federale Staat :
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX
Voor de Vlaamse Gemeenschap :
De Minister van Werkgelegenheid en Toerisme,
R. LANDUYT
De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden, Ambtenarenzaken en Buitenlands Beleid,
P. VAN GREMBERGEN
De Minister van Onderwijs en Vorming,
Mevr. M. VANDERPOORTEN.
Art. 5. Cet accord de coopération annule l'accord de coopération du 25 octobre 2000.
Fait à Bruxelles, le 1er août 2002, en quatre exemplaires originaux.
Pour l'Etat fédéral :
La Ministre de l'Emploi,
Mme L. ONKELINX
Pour la " Vlaamse Gemeenschap " :
Le Ministre de l'Emploi et du Tourisme,
R. LANDUYT
Le Ministre des Affaires intérieures, de la Fonction publique et de la Politique extérieure,
P. VAN GREMBERGEN
La Ministre de l'Enseignement et de la Formation,
Mme M. VANDERPOORTEN.
Fait à Bruxelles, le 1er août 2002, en quatre exemplaires originaux.
Pour l'Etat fédéral :
La Ministre de l'Emploi,
Mme L. ONKELINX
Pour la " Vlaamse Gemeenschap " :
Le Ministre de l'Emploi et du Tourisme,
R. LANDUYT
Le Ministre des Affaires intérieures, de la Fonction publique et de la Politique extérieure,
P. VAN GREMBERGEN
La Ministre de l'Enseignement et de la Formation,
Mme M. VANDERPOORTEN.