Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
2 AUGUSTUS 2002. - Wet betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 07-08-2002 en tekstbijwerking tot 01-06-2022)
Titre
2 AOUT 2002. - Loi concernant la lutte contre le retard de paiement dans les transactions commerciales. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 07-08-2002 et mise à jour au 01-06-2022)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (20)
Texte (20)
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen.
CHAPITRE I. - Dispositions générales.
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
  [1 Zij zet Richtlijn 2011/7/EU van het Europees Parlement en de Raad van 16 februari 2011 betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties om.]1
  
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
  [1 Elle transpose la Directive 2011/7/UE du Parlement européen et du Conseil du 16 février 2011 concernant la lutte contre le retard de paiement dans les transactions commerciales.]1
  
Art.2. Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :
  1. [1 " handelstransactie " : een transactie tussen ondernemingen of tussen ondernemingen en overheidsinstanties die leidt tot het leveren van goederen, het verrichten van diensten of het ontwerp en de uitvoering van openbare werken en bouw- en civieltechnische werken tegen vergoeding;]1
  2. " onderneming " : elke organisatie [1 , met uitsluiting van overheidsinstanties,]1 die handelt in het kader van haar zelfstandige economische of beroepsmatige activiteit, ook wanneer deze door slechts één persoon wordt uitgeoefend;
  3. [1 " overheidsinstantie " : elke aanbestedende dienst, zoals omschreven in artikel 2, lid 1, onder a), van Richtlijn 2004/17/EG en in artikel 1, lid 9, van Richtlijn 2004/18/EG, ongeacht het voorwerp of de waarde van de opdracht;]1
  4. [1 " referentie-interestvoet " : de interestvoet die door de Europese Centrale Bank wordt toegepast voor haar meest recente basisherfinancieringstransactie en die, ingeval de betrokken transactie wordt uitgevoerd door middel van een vaste-rentetender, voor de eerste helft van het desbetreffende jaar de interestvoet is die op 1 januari van dat jaar geldt en die voor de tweede helft van het desbetreffende jaar de interestvoet is die op 1 juli van dat jaar geldt.]1 Ingeval de betrokken transactie wordt uitgevoerd door middel van een variabele-rentetender is de referentie-interestvoet de uit deze tender voortvloeiende marginale interestvoet, zowel bij toewijzingen op basis van een enkelvoudige rentevoet, als bij toewijzing op basis van een meervoudige rentevoet;
  5. " beroepsregulerende overheid " : de beroepsorde die of het beroepsinstituut dat krachtens de wet bevoegd is om de beroepsactiviteit van een bepaald vrij beroep te reguleren;
  [1 6. " verschuldigd bedrag " : de hoofdsom die binnen de contractuele of wettelijke betalingstermijn had moeten voldaan, inclusief toepasselijke belastingen, rechten, heffingen of kosten als vermeld in de factuur of in een gelijkwaardig verzoek tot betaling;]1
  [2 7. "kmo": een onderneming die op het ogenblik van het sluiten van een handelstransactie valt binnen de criteria vastgesteld in artikel 1:24, § 1, van het Wetboek van vennootschappen en verenigingen.]2
  
Art.2. Pour l'application de la présente loi, on entend par :
  1. [1 " transaction commerciale " : toute transaction entre des entreprises ou entre des entreprises et les pouvoirs publics qui conduit contre rémunération à la fourniture de biens, à la prestation de services ou à la conception et l'exécution de travaux publics et de travaux de construction et de génie civil;]1
  2. " entreprise " : toute organisation [1 autre que les pouvoirs publics]1 agissant dans l'exercice d'une activité économique ou professionnelle indépendante, même lorsque cette activité n'est exercée que par une seule personne;
  3. [1 " pouvoir public " : tout pouvoir adjudicateur, tel que défini à l'article 2, paragraphe 1er, point a), de la Directive 2004/17/CE et à l'article 1er, paragraphe 9, de la Directive 2004/18/CE, indépendamment de l'objet ou de la valeur du contrat;]1
  4. [1 " taux directeur " : le taux d'intérêt qui est appliqué par la Banque centrale européenne à son opération principale de refinancement la plus récente et qui, lorsque la transaction concernée a été effectuée selon une procédure d'appel d'offres à taux fixe, est pour le premier semestre de l'année concernée, le taux en vigueur au 1er janvier de l'année en question et qui est pour le second semestre de l'année concernée, le taux en vigueur au 1er juillet de l'année en question.]1 Lorsque la transaction concernée a été effectuée selon une procédure d'appel d'offres à taux variable, le taux directeur est le taux d'intérêt marginal résultant de cet appel d'offres, aussi bien en cas d'adjudications à taux unique qu'en cas d'adjudications à taux multiple;
  5. " autorité professionnelle " : l'ordre professionnel ou l'institut professionnel qui, en vertu de la loi, est compétent pour réglementer l'activité professionnelle d'une profession libérale déterminée;
  [1 6. " montant dû " : le montant principal, qui aurait dû être payé dans le délai de paiement contractuel ou légal, y compris les taxes, droits, redevances ou charges applicables figurant sur la facture ou la demande de paiement équivalente;]1
  [2 7. "PME": toute entreprise qui, au moment de conclure une transaction commerciale, répond aux critères fixés à l'article 1:24, § 1er, du Code des sociétés et des associations.]2
  
Art.3. Deze wet is van toepassing op alle betalingen tot vergoeding van handelstransacties.
  Zij doet geen afbreuk aan de bijzondere regels inzake insolventieprocedures en in het bijzonder aan de bepalingen van [4 het Boek XX van het Wetboek van economisch recht]4 en van de titel IV " Collectieve schuldenregeling " van het vijfde deel van het Gerechtelijk Wetboek.
  [2 Zij is eveneens van toepassing op handelstransacties tussen ondernemingen en overheidsinstanties, waarbij de schuldenaar een overheidsinstantie is, als bedoeld in artikel 4, § 2 [3 , onder voorbehoud van de regelgeving inzake overheidsopdrachten en concessies op het vlak van de verificatie- en betalingsregels zoals vervat in de algemene uitvoeringsregels]3.]2
  
Art.3. La présente loi s'applique à tous les paiements effectués en rémunération de transactions commerciales.
  Elle ne porte pas préjudice aux règles spéciales en matière de procédures d'insolvabilité et notamment aux dispositions [4 du Livre XX du Code de droit économique]4 et du titre IV " Du règlement collectif des dettes " de la cinquième partie du Code judiciaire.
  [2 Elle s'applique également en ce qui concerne les transactions commerciales entre des entreprises et les pouvoirs publics, où le débiteur est un pouvoir public, visées à l'article 4, § 2 [3 , sous réserve de la réglementation relative aux marchés publics et aux concessions en matière de règles de contrôle et de paiement, comme prévu par les règles générales d'exécution]3.]2
  
HOOFDSTUK II. - Betalingsachterstand bij handelstransacties.
CHAPITRE II. - Du retard de paiement dans les transactions commerciales.
Art.4. [1 § 1. Indien er in de overeenkomst geen datum of termijn voor betaling is vastgesteld, dient elke betaling tot vergoeding van een handelstransactie tussen ondernemingen te gebeuren binnen een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen vanaf de dag volgend op die :
   1° van de ontvangst door de schuldenaar van de factuur of een gelijkwaardig verzoek tot betaling, of
   2° van de ontvangst van de goederen of diensten, indien de datum van ontvangst van de factuur of het gelijkwaardig verzoek tot betaling niet vaststaat of indien de schuldenaar de factuur of het gelijkwaardig verzoek tot betaling eerder ontvangt dan [3 de goederen of diensten.]3
   3° [3 ...]3
   [3 Onverminderd artikel 7, kunnen partijen een betalingstermijn overeenkomen die niet meer dan zestig kalenderdagen mag bedragen. Een beding in een overeenkomst dat voorziet in een langere betalingstermijn wordt voor niet geschreven gehouden.]3
  [3 Onverminderd artikel 7, kan de Koning in afwijking van het tweede lid, na advies van de Hoge Raad voor de Zelfstandigen en de Kleine en Middelgrote Ondernemingen, bedoeld in artikel 2, 3°, van de wet van 24 april 2014 betreffende de organisatie van de vertegenwoordiging van de zelfstandigen en de kmo's, voor bepaalde sectoren een langere betalingstermijn dan zestig kalenderdagen toestaan.]3
  [3 Indien de wet of de overeenkomst voorziet in een procedure voor aanvaarding of controle ter verificatie van de conformiteit van de goederen of diensten met de overeenkomst, maakt de termijn voor deze verificatie integraal deel uit van de betalingstermijn bedoeld in het eerste, tweede of derde lid.]3
  [3 In geen geval mag de ontvangstdatum van de factuur bij contractuele overeenkomst tussen schuldenaar en schuldeiser worden vastgelegd. Uiterlijk op het moment van ontvangst van de goederen of prestatie van de diensten voorziet de schuldenaar de schuldeiser van alle informatie die nodig is om de factuur te kunnen uitreiken.]3
   § 2. Indien er in de overeenkomst geen datum of termijn voor betaling is vastgesteld, dient elke betaling tot vergoeding van een handelstransactie tussen ondernemingen en overheidsinstanties, waarbij de schuldenaar een overheidsinstantie is, te gebeuren binnen een termijn van dertig kalenderdagen te rekenen vanaf de dag volgend op die :
   1° van de ontvangst door de schuldenaar van de factuur of een gelijkwaardig verzoek tot betaling, of
   2° van de ontvangst van de goederen of diensten, indien de datum van ontvangst van de factuur of het gelijkwaardig verzoek tot betaling niet vaststaat of indien de schuldenaar de factuur of het gelijkwaardig verzoek tot betaling eerder ontvangt dan [3 de goederen of diensten.]3
   3° [3 ...]3
   In afwijking van het eerste lid kunnen partijen een langere betalingstermijn overeenkomen, voor zover dit objectief wordt gerechtvaardigd door de bijzondere aard of door bepaalde elementen van de overeenkomst; deze tussen partijen overeengekomen betalingstermijn mag niet meer dan zestig kalenderdagen bedragen.
   In afwijking van het eerste lid en zonder dat partijen een langere betalingstermijn kunnen overeenkomen, bedraagt de betalingstermijn 60 kalenderdagen voor gezondheidsorganisaties die erkend worden door de in de artikelen 128, 130, 135 en 138 van de Grondwet bedoelde overheden.
   In geen geval mag de ontvangstdatum van de factuur bij contractuele overeenkomst tussen schuldenaar en schuldeiser worden vastgelegd. [3 Uiterlijk op het moment van ontvangst van de goederen of prestatie van de diensten voorziet de schuldenaar de schuldeiser van alle informatie die nodig is om de factuur te kunnen uitreiken.]3
  [3 Indien de wet of de overeenkomst voorziet in een procedure voor aanvaarding of controle ter verificatie van de conformiteit van de goederen of diensten met de overeenkomst, maakt de termijn voor deze verificatie integraal deel uit van de betalingstermijn bedoeld in het eerste of tweede lid.]3
   § 3. In afwijking van paragrafen 1 en 2, kunnen partijen betalingsregelingen met betaling in termijnen overeenkomen. In dergelijke gevallen worden, indien een van de afbetalingstermijnen niet op de afgesproken datum worden voldaan, de interest en de vergoeding uitsluitend berekend over de achterstallige bedragen.]1

  
Art.4. [1 § 1er. Lorsque la date ou le délai de paiement n'est pas fixé dans le contrat, tout paiement en rémunération d'une transaction commerciale entre entreprises doit être effectué dans un délai de trente jours civils à partir du jour qui suit celui :
   1° de la réception, par le débiteur, de la facture ou d'une demande de paiement équivalente, ou
   2° de la réception des marchandises ou de la prestation de services, si la date de réception de la facture ou de la demande de paiement équivalente est incertaine ou si le débiteur reçoit la facture ou la demande de paiement équivalente avant les marchandises ou [3 les services.]3
   3° [3 ...]3
   [3 Sans préjudice de l'article 7, les parties peuvent convenir d'un délai de paiement qui ne peut excéder soixante jours civils. Toute clause contractuelle qui prévoit un délai de paiement plus long est réputée non écrite.]3
  [3 Sans préjudice de l'article 7, le Roi peut, par dérogation à l'alinéa 2, après avis du Conseil supérieur des Indépendants et des Petites et Moyennes Entreprises visé à l'article 2, 3°, de la loi du 24 avril 2014 relative à l'organisation de la représentation des indépendants et des PME, autoriser pour certains secteurs un délai de paiement supérieur à soixante jours civils.]3
  [3 Si la loi ou le contrat prévoit une procédure d'acceptation ou de vérification permettant de certifier la conformité des marchandises ou des services avec le contrat, le délai de cette vérification fait partie intégrante du délai de paiement visé aux alinéas 1er, 2 ou 3.]3
  [3 Le créancier et le débiteur ne sont pas autorisés à fixer contractuellement la date de réception de la facture. Le débiteur fournit au créancier, au plus tard au moment de la réception des marchandises ou de la prestation des services, toutes les informations nécessaires pour pouvoir émettre la facture.]3
   § 2. Lorsque la date ou le délai de paiement n'est pas fixé dans le contrat, tout paiement en rémunération d'une transaction commerciale entre entreprises et pouvoirs publics, où le débiteur est un pouvoir public, doit être effectué dans un délai de trente jours civils à partir du jour qui suit celui :
   1° de la réception, par le débiteur, de la facture ou d'une demande de paiement équivalente, ou
   2° de la réception des marchandises ou de la prestation de services, si la date de réception de la facture ou de la demande de paiement équivalente est incertaine ou si le débiteur reçoit la facture ou la demande de paiement équivalente avant les marchandises ou [3 les services.]3
   3° [3 ...]3
   Par dérogation à l'alinéa 1er, les parties peuvent convenir d'un délai de paiement plus long, et pour autant qu'il soit objectivement justifié par la nature particulière ou par certains éléments du contrat; ce délai de paiement convenu entre parties ne pouvant excéder soixante jours civils.
   Par dérogation à l'alinéa 1er et sans que les parties puissent convenir d'un délai de paiement plus long, le délai de paiement s'élève à soixante jours civils pour les entités dispensant des soins de santé, qui sont reconnues par les autorités visées aux articles 128, 130, 135 et 138 de la Constitution.
   La date de réception de la facture ne peut en aucun cas faire l'objet d'un accord contractuel entre le débiteur et le créancier. [3 Le débiteur fournit au créancier, au plus tard au moment de la réception des marchandises ou de la prestation des services, toutes les informations nécessaires pour pouvoir émettre la facture.]3
  [3 Si la loi ou le contrat prévoit une procédure d'acceptation ou de vérification permettant de certifier la conformité des marchandises ou des services avec le contrat, le délai de cette vérification fait partie intégrante du délai de paiement visé à l'alinéa 1er ou à l'alinéa 2.]3
   § 3. Par dérogation aux paragraphes 1et 2, les parties peuvent convenir entre elles d'un échéancier fixant les montants à payer par tranches. En ce cas, si un paiement n'est pas réglé à l'échéance, les intérêts et l'indemnisation sont calculés sur la base des seuls montants exigibles.]1

  
Art.5. [1 [2 Indien de schuldeiser zijn contractuele en wettelijke verplichtingen heeft vervuld en het verschuldigde bedrag niet op tijd heeft ontvangen, wordt het openstaande bedrag vanaf de daarop volgende dag van rechtswege en zonder ingebrekestelling verhoogd met een intrest, behalve indien de schuldenaar bewijst dat hij niet verantwoordelijk is voor de vertraging.]2 Indien de partijen niet anders zijn overeengekomen met inachtneming van artikel 7, is deze interest de interest tegen de referentie-interestvoet vermeerderd met acht procentpunten en afgerond tot het hogere halve procentpunt. Indien het handelstransacties betreft tussen ondernemingen en overheidsinstanties, waarbij de schuldenaar een overheidsinstantie is, is deze interest de interest tegen de referentie-interestvoet vermeerderd met acht procentpunten en afgerond tot het hogere halve procentpunt, ongeacht enige andersluidende overeenkomst tussen de partijen.]1
  De Minister van Financiën zal de aldus bepaalde interestvoet, alsmede iedere wijziging van deze interestvoet, via een bericht in het Belgisch Staatsblad meedelen.
  
Art.5. [1 [2 Si le créancier a rempli ses obligations contractuelles et légales et n'a pas reçu le montant dû à l'échéance, le montant impayé est, à compter du jour suivant, majoré, de plein droit et sans mise en demeure, d'un intérêt, sauf pour le débiteur à démontrer qu'il n'est pas responsable du retard.]2 S'il n'en a été autrement convenu par les parties dans le respect de l'article 7, cet intérêt est l'intérêt au taux directeur majoré de huit points de pourcentage et arrondi au demi-point de pourcentage supérieur. S'il s'agit de transactions commerciales entre entreprises et pouvoirs publics, où le débiteur est un pouvoir public, l'intérêt est l'intérêt au taux directeur majoré de huit points de pourcentage et arrondi au demi-point de pourcentage supérieur, nonobstant toute convention contraire des parties.]1
  Le Ministre des Finances communique le taux ainsi déterminé, ainsi que toute modification de ce taux, par un avis publié au Moniteur belge.
  
Art.6. [1 [2 Als er verwijlintrest overeenkomstig de bepalingen van deze wet verschuldigd is, wordt het openstaande bedrag van rechtswege en zonder ingebrekestelling verhoogd met een forfaitaire vergoeding van 40 euro voor de invorderingskosten van de schuldeiser.]2
   Bovenop dit forfaitaire bedrag heeft de schuldeiser recht op een redelijke schadeloosstelling voor alle andere invorderingskosten welke dat vaste bedrag te boven gaan en die ontstaan zijn door de laattijdige betaling, hierin begrepen de rechtsplegingvergoeding overeenkomstig de bepalingen van het Gerechtelijk Wetboek.]1

  
Art.6. [1 [2 Si un intérêt de retard est dû conformément aux dispositions de la présente loi, le montant impayé est majoré, de plein droit et sans mise en demeure, d'une indemnité forfaitaire de 40 euros pour les frais de recouvrement encourus par le créancier.]2
   Outre ce montant forfaitaire, le créancier a droit à une indemnisation raisonnable pour tous les autres frais de recouvrement venant en sus dudit montant forfaitaire et encourus par suite du retard de paiement, en ce compris l'indemnité de procédure conformément aux dispositions du Code judiciaire.]1

  
Art.7. Contractuele bedingen die afwijken van de bepalingen van dit hoofdstuk worden door de rechter, op verzoek van de schuldeiser, herzien indien zij, alle omstandigheden in aanmerking genomen, met inbegrip van de goede handelspraktijken en de aard van het produkt of de dienst, een kennelijke onbillijkheid jegens de schuldeiser behelzen, met dien verstande dat de door de rechter bepaalde billijke voorwaarden aan de schuldeiser niet meer rechten kunnen verlenen dan deze waarover hij krachtens de bepalingen van dit hoofdstuk zou beschikken.
  Bij de beoordeling van het kennelijke onbillijk karakter in de zin van het vorige lid zal de rechter onder meer nagaan [1 of het contractueel beding een kennelijk onevenwicht schept tussen de rechten en plichten van de partijen ten nadele van de schuldeiser en]1 of de schuldenaar objectieve redenen heeft om af te wijken van de bepalingen van dit hoofdstuk.
  [1 Voor de toepassing van het eerste lid worden contractuele bedingen of praktijken die de betaling van interest voor betalingsachterstand uitsluiten, als kennelijk onbillijk beschouwd.
  Voor de toepassing van het eerste lid worden contractuele bedingen of praktijken die een vergoeding van invorderingskosten als bedoeld in artikel 6 uitsluiten, vermoed kennelijk onbillijk te zijn.]1

  Ieder beding dat strijdig is met de bepalingen van dit artikel wordt voor niet-geschreven gehouden.
  
Art.7. Toute clause contractuelle qui déroge aux dispositions du présent chapitre sera révisée par le juge, à la demande du créancier, lorsque, compte tenu de tous les éléments du cas d'espèce, y compris les bonnes pratiques et usages commerciaux et la nature des produits ou des services, elle constitue un abus manifeste à l'égard du créancier, étant entendu que les conditions équitables que le juge détermine ne peuvent pas accorder au créancier plus de droits que ceux dont il disposerait en vertu des dispositions du présent chapitre.
  Lors de l'appréciation du caractère manifestement abusif au sens de l'alinéa précédent, le juge considérera entre autres [1 si la clause contractuelle crée un déséquilibre manifeste entre les droits et obligations des parties au détriment du créancier et]1 si le débiteur a des raisons objectives de déroger aux dispositions du présent chapitre.
  [1 Aux fins de l'application de l'alinéa 1er, toute clause contractuelle ou pratique excluant le versement d'intérêts pour retard de paiement est considérée comme manifestement abusive.
  Aux fins de l'application de l'alinéa 1er, une clause contractuelle ou une pratique excluant l'indemnisation pour les frais de recouvrement prévue à l'article 6 est présumée être manifestement abusive.]1

  Toute clause contraire aux dispositions du présent article est réputée non écrite.
  
HOOFDSTUK III. - Vordering tot staking.
CHAPITRE III. - De l'action en cessation.
Art.8. De voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg of, indien de vordering wordt ingesteld tegen [2 ondernemingen als bedoeld in artikel 573, eerste lid, 1°, van het Gerechtelijk Wetboek]2 of hun beroepsverenigingen of interprofessionele verenigingen, de voorzitter van de [3 ondernemingsrechtbank]3, stelt het bestaan vast en beveelt de staking van het gebruik van contractuele bedingen [1 of praktijken]1 die een kennelijke onbillijkheid behelzen in de zin van artikel 7.
  
Art.8. Le président du tribunal de première instance ou, lorsque l'action est dirigée contre des [2 entreprises visées à l'article 573, alinéa 1er, 1°, du Code judiciaire]2 ou leurs groupements professionnels ou interprofessionnels, le président du [3 tribunal de l'entreprise]3, constate l'existence et ordonne la cessation de l'utilisation de clauses contractuelles [1 ou des pratiques]1 qui constituent un abus manifeste au sens de l'article 7.
  
Art.9. De vordering tot staking, bedoeld in artikel 8, wordt ingesteld op verzoek van :
  1° de belanghebbenden;
  2° de minister of ministers die voor de betrokken aangelegenheid bevoegd zijn;
  3° de beroepsregulerende overheid of een beroepsvereniging of een interprofessionele vereniging met rechtspersoonlijkheid.
  [2 De instanties bedoeld in het vorige lid, 3°, kunnen]2 in rechte optreden voor de verdediging van hun statutair omschreven collectieve belangen.
  [1 De vordering tot staking ingesteld op verzoek van een in het eerste lid, 3°, bedoelde instantie, kan, afzonderlijk of gezamenlijk, worden ingesteld tegen verscheidene ondernemingen uit dezelfde economische sector of tegen hun professionele verenigingen of interprofessionele verenigingen die gebruik maken dan wel het gebruik aanbevelen van dezelfde of van soortgelijke algemene contractuele bedingen of praktijken.]1
  
Art.9. L'action en cessation, visée à l'article 8 est formée à la demande :
  1° des intéressés;
  2° du ministre compétent ou des ministres compétents pour la matière concernée;
  3° de l'autorité professionnelle ou d'un groupement professionnel ou interprofessionnel jouissant de la personnalité civile.
  [2 ...]2 Les instances visées à l'alinéa précédent, 3°, peuvent agir en justice pour la défense de leurs intérêts collectifs statutairement définis.
  [1 L'action en cessation formée à la demande d'une instance visée à l'alinéa 1er, 3°, peut être dirigée, séparément ou conjointement, contre plusieurs entreprises du même secteur économique ou contre leurs groupements professionnels ou interprofessionnels qui utilisent ou recommandent l'utilisation des mêmes clauses contractuelles ou pratiques générales, ou de clauses ou pratiques similaires.]1
  
Art.10. De vordering tot staking wordt ingesteld en behandeld zoals in kortgeding.
  Ze kan worden ingesteld bij verzoekschrift op tegenspraak overeenkomstig de artikelen 1034ter tot 1034sexies van het Gerechtelijk Wetboek. Ze wordt door een advocaat ondertekend.
  Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad, niettegenstaande elk rechtsmiddel, en zonder borgtocht.
  Elke beslissing wordt binnen acht dagen en door toedoen van de griffier van het bevoegde rechtscollege meegedeeld aan de bevoegde beroepsoverheden en aan de bevoegde ministers.
  Bovendien moet de griffier van het rechtscollege waarbij beroep wordt aangetekend tegen dergelijke beslissing, onverwijld de bevoegde beroepsoverheden en de bevoegde ministers daaromtrent inlichten.
Art.10. L'action en cessation est formée et instruite selon les formes du référé.
  Elle peut être introduite par requête contradictoire conformément aux articles 1034ter à 1034sexies du Code judiciaire. Elle est signée par un avocat.
  Le jugement est exécutoire par provision, nonobstant tout recours, et sans caution.
  Toute décision est, dans la huitaine, et à la diligence du greffier de la juridiction compétente, communiquée aux autorités professionnelles compétentes et aux ministres compétents.
  En outre, le greffier de la juridiction devant laquelle un recours est introduit contre telle décision, est tenu d'en informer sans délai les autorités professionnelles compétentes et les ministres compétents.
Art.11. De voorzitter van de bevoegde rechtbank kan bevelen dat zijn beslissing of de samenvatting die hij opstelt, wordt aangeplakt tijdens de door hem bepaalde termijn, zowel buiten als binnen de inrichting van de overtreder en dat zijn vonnis of de samenvatting ervan in kranten of op enige andere wijze wordt bekendgemaakt, dit alles op kosten van de overtreder.
Art.11. Le président du tribunal compétent peut ordonner l'affichage de sa décision ou du résumé qu'il en rédige, pendant le délai qu'il détermine, aussi bien à l'extérieur qu'à l'intérieur des établissements du contrevenant et ordonner la publication de son jugement ou du résumé par la voie de journaux ou de toute autre manière, le tout aux frais du contrevenant.
HOOFDSTUK IV. - Slotbepalingen.
CHAPITRE IV. - Dispositions finales.
Art.12. Artikel 587, eerste lid, van het Gerechtelijk Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 3 april 1997, 10 augustus 1998 en 4 mei 1999 wordt aangevuld met de volgende bepaling :
  " 10° over de vorderingen bedoeld in artikel 8 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties die worden ingesteld tegen personen die geen handelaar zijn of tegen hun beroepsverenigingen of interprofessionele verenigingen. "
Art.12. L'article 587, alinéa 1er, du Code judiciaire, modifié par les lois des 3 avril 1997, 10 août 1998 et 4 mai 1999 est complété par la disposition suivante :
  " 10° sur les demandes prévues à l'article 8 de la loi du 2 août 2002 concernant la lutte contre le retard de paiement dans les transactions commerciales, qui sont dirigées contre des personnes non commerçantes ou contre leurs groupements professionnels ou interprofessionnels. "
Art.13. Artikel 589 van het Gerechtelijk Wetboek, gewijzigd bij de wetten van 11 april 1999, wordt aangevuld met de volgende bepaling :
  " 7° bedoeld in artikel 8 van de wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties die worden ingesteld tegen handelaars of hun beroepsverenigingen of interprofessionele verenigingen. "
Art.13. L'article 589 du Code judiciaire, modifié par les lois du 11 avril 1999, est complété par la disposition suivante :
  " 7° à l'article 8 de la loi du 2 août 2002 concernant la lutte contre le retard de paiement dans les transactions commerciales, qui sont dirigées contre des commerçants ou contre leurs groupements professionnels ou interprofessionnels. "
Art.14. Deze wet is van toepassing op betalingen in uitvoering van overeenkomsten gesloten, vernieuwd of verlengd [1 vanaf 16 maart 2013]1.
  Ze is in elk geval van toepassing op betalingen in uitvoering van lopende overeenkomsten twee jaar [1 te rekenen vanaf 16 maart 2013]1.
  
Art.14. La présente loi s'applique aux paiements effectués en exécution des contrats conclus, renouvelés ou prorogés [1 à partir du 16 mars 2013]1.
  Elle s'applique en tout cas aux paiements effectués en exécution de contrats en cours, deux ans [1 à compter du 16 mars 2013]1.
  
Art. 15. Deze wet treedt in werking de dag waarop zij in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 15. La présente loi entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.