Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
26 MEI 2002. - Wet tot wijziging van de wet van 21 januari 1987 inzake de risico's van zware ongevallen bij bepaalde industriële activiteiten.
Titre
26 MAI 2002. - Loi portant modification de la loi du 21 janvier 1987 concernant les risques d'accidents majeurs de certaines activités industrielles.
Informations sur le document
Info du document
Tekst (7)
Texte (7)
Artikel 1. Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 78 van de Grondwet.
Article 1. La présente loi règle une matière visée à l'article 78 de la Constitution.
Art. 2. Het opschrift van de wet van 21 januari 1987 inzake de risico's van zware ongevallen bij bepaalde industriële activiteiten wordt vervangen als volgt :
" Wet ter stijving van het fonds voor risico's van zware ongevallen en van het fonds voor preventie van zware ongevallen. "
" Wet ter stijving van het fonds voor risico's van zware ongevallen en van het fonds voor preventie van zware ongevallen. "
Art. 2. L'intitulé de la loi du 21 janvier 1987 concernant les risques d'accidents majeurs de certaines activités industrielles est remplacé par l'intitulé suivant :
" Loi relative à l'alimentation du fonds pour les risques d'accidents majeurs et du fonds pour la prévention des accidents majeurs. "
" Loi relative à l'alimentation du fonds pour les risques d'accidents majeurs et du fonds pour la prévention des accidents majeurs. "
Art. 3. Artikel 1 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
" Artikel 1. Deze wet is van toepassing op de inrichtingen bedoeld in artikel 3, § 1, tweede lid, van het samenwerkingsakkoord, zoals bedoeld onder artikel 2, 1°.
Deze wet is niet van toepassing op de doorvoermagazijnen. "
" Artikel 1. Deze wet is van toepassing op de inrichtingen bedoeld in artikel 3, § 1, tweede lid, van het samenwerkingsakkoord, zoals bedoeld onder artikel 2, 1°.
Deze wet is niet van toepassing op de doorvoermagazijnen. "
Art. 3. L'article 1er de la même loi est remplacé par la disposition suivante :
" Article 1. La présente loi est d'application aux établissements visés à l'article 3, § 1er, alinéa 2, de l'accord de coopération visé à l'article 2, 1°.
La présente loi n'est pas d'application aux entrepôts de transit. "
" Article 1. La présente loi est d'application aux établissements visés à l'article 3, § 1er, alinéa 2, de l'accord de coopération visé à l'article 2, 1°.
La présente loi n'est pas d'application aux entrepôts de transit. "
Art. 4. Artikel 2 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt :
" Art. 2. In de zin van deze wet wordt verstaan onder :
1° samenwerkingsakkoord : het samenwerkingsakkoord van 21 juni 1999 tussen de federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn, waarmee instemming werd betuigd bij de wet van 22 mei 2001;
2° aanwezigheid van gevaarlijke stoffen, inrichting, nieuwe inrichting, installatie, exploitant, gevaarlijke stoffen : dezelfde definities als deze bedoeld in de artikelen 3 en 4 van het samenwerkingsakkoord;
3° doorvoermagazijn : een magazijn dat gelijktijdig voldoet aan de volgende voorwaarden :
- het magazijn is uitsluitend bestemd voor het tijdelijk opslaan van verpakte goederen;
- het magazijn bevindt zich buiten de inrichting waar deze goederen worden geproduceerd of aangewend;
- in het magazijn worden geen andere activiteiten uitgevoerd dan deze die verband houden met het vervoer en het opslaan van de goederen;
- de exploitant moet aan de hand van documenten aantonen dat de tijdelijke opslag deel uitmaakt van de globale transportketen van de goederen;
4° drempelwaarde : de waarden vermeld in de derde kolom van de delen 1 en 2 van de bijlage I van het samenwerkingsakkoord. ".
" Art. 2. In de zin van deze wet wordt verstaan onder :
1° samenwerkingsakkoord : het samenwerkingsakkoord van 21 juni 1999 tussen de federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest betreffende de beheersing van de gevaren van zware ongevallen waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn, waarmee instemming werd betuigd bij de wet van 22 mei 2001;
2° aanwezigheid van gevaarlijke stoffen, inrichting, nieuwe inrichting, installatie, exploitant, gevaarlijke stoffen : dezelfde definities als deze bedoeld in de artikelen 3 en 4 van het samenwerkingsakkoord;
3° doorvoermagazijn : een magazijn dat gelijktijdig voldoet aan de volgende voorwaarden :
- het magazijn is uitsluitend bestemd voor het tijdelijk opslaan van verpakte goederen;
- het magazijn bevindt zich buiten de inrichting waar deze goederen worden geproduceerd of aangewend;
- in het magazijn worden geen andere activiteiten uitgevoerd dan deze die verband houden met het vervoer en het opslaan van de goederen;
- de exploitant moet aan de hand van documenten aantonen dat de tijdelijke opslag deel uitmaakt van de globale transportketen van de goederen;
4° drempelwaarde : de waarden vermeld in de derde kolom van de delen 1 en 2 van de bijlage I van het samenwerkingsakkoord. ".
Art. 4. L'article 2 de la même loi est remplacé par la disposition suivante :
" Art. 2. Au sens de cette loi, on entend par :
1° accord de coopération : l'accord de coopération du 21 juin 1999 entre l'Etat fédéral, les régions flamande et wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale concernant la maîtrise des dangers liés aux accidents majeurs impliquant des substances dangereuses, approuvé par la loi du 22 mai 2001;
2° présence de substances dangereuses, établissement, nouvel établissement, installation, exploitant, substances dangereuses : les mêmes définitions que celles visées aux articles 3 et 4 de l'accord de coopération;
3° entrepôt de transit : un entrepôt qui satisfait simultanément aux conditions suivantes :
- l'entrepôt est uniquement destiné à l'entreposage temporaire de biens emballés;
- l'entrepôt est situé en dehors de l'établissement où ces biens sont produits ou utilisés;
- aucune activité, autre que celles qui ont rapport avec le transport et l'entreposage des biens, n'est effectuée à l'intérieur de cet entrepôt;
- l'exploitant doit prouver, au moyen de documents, que l'entreposage temporaire fait partie de la chaîne de transport globale des biens;
4° valeur liminale : les valeurs mentionnées dans la troisième colonne des parties 1 et 2 de l'annexe I de l'accord de coopération. ".
" Art. 2. Au sens de cette loi, on entend par :
1° accord de coopération : l'accord de coopération du 21 juin 1999 entre l'Etat fédéral, les régions flamande et wallonne et la Région de Bruxelles-Capitale concernant la maîtrise des dangers liés aux accidents majeurs impliquant des substances dangereuses, approuvé par la loi du 22 mai 2001;
2° présence de substances dangereuses, établissement, nouvel établissement, installation, exploitant, substances dangereuses : les mêmes définitions que celles visées aux articles 3 et 4 de l'accord de coopération;
3° entrepôt de transit : un entrepôt qui satisfait simultanément aux conditions suivantes :
- l'entrepôt est uniquement destiné à l'entreposage temporaire de biens emballés;
- l'entrepôt est situé en dehors de l'établissement où ces biens sont produits ou utilisés;
- aucune activité, autre que celles qui ont rapport avec le transport et l'entreposage des biens, n'est effectuée à l'intérieur de cet entrepôt;
- l'exploitant doit prouver, au moyen de documents, que l'entreposage temporaire fait partie de la chaîne de transport globale des biens;
4° valeur liminale : les valeurs mentionnées dans la troisième colonne des parties 1 et 2 de l'annexe I de l'accord de coopération. ".
Art. 5. In artikel 7, § 2bis , 1°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 29 december 1990 en gewijzigd bij de wet van 26 juni 1992, worden de volgende wijzigingen aangebracht :
1° In het eerste lid worden de woorden " per industriële activiteit, waarvan kennis is gegeven als bedoeld in artikel 4 " vervangen door de woorden " per inrichting ".
2° In het eerste lid worden de woorden " De heffing is verschuldigd door de fabrikant die verantwoordelijk is voor de industriële activiteit " vervangen door de woorden " De heffing is verschuldigd door de exploitant ".
3° In het tweede lid worden de woorden " iedere industriële activiteit " vervangen door de woorden " iedere inrichting " en de woorden " van de industriële activiteit " door de woorden " van de installaties die deel uitmaken van de inrichting ".
4° Het derde lid wordt vervangen als volgt :
" De brand- en explosie-index F wordt als volgt berekend :
1° In het eerste lid worden de woorden " per industriële activiteit, waarvan kennis is gegeven als bedoeld in artikel 4 " vervangen door de woorden " per inrichting ".
2° In het eerste lid worden de woorden " De heffing is verschuldigd door de fabrikant die verantwoordelijk is voor de industriële activiteit " vervangen door de woorden " De heffing is verschuldigd door de exploitant ".
3° In het tweede lid worden de woorden " iedere industriële activiteit " vervangen door de woorden " iedere inrichting " en de woorden " van de industriële activiteit " door de woorden " van de installaties die deel uitmaken van de inrichting ".
4° Het derde lid wordt vervangen als volgt :
" De brand- en explosie-index F wordt als volgt berekend :
Art. 5. A l'article 7, § 2bis , 1°, de la même loi, inséré par la loi du 29 décembre 1990 et modifié par la loi du 26 juin 1992, sont apportées les modifications suivantes :
1° A l'alinéa 1er, les mots " par activité industrielle, notifiée de la façon prévue à l'article 4 " sont remplacés par les mots " par établissement ".
2° A l'alinéa 1er, les mots " Le prélèvement est dû par le fabricant responsable de l'activité industrielle " sont remplacés par les mots " Le prélèvement est dû par l'exploitant ".
3° A l'alinéa 2, les mots " chaque activité industrielle est classée " sont remplacés par les mots " chaque établissement est classé " et les mots " de l'activité industrielle " sont remplacés par le mots " de l'établissement ".
4° L'alinéa 3 est remplacé par l'alinéa suivant :
" L'indice d'incendie et d'explosion F est calculé comme suit :
1° A l'alinéa 1er, les mots " par activité industrielle, notifiée de la façon prévue à l'article 4 " sont remplacés par les mots " par établissement ".
2° A l'alinéa 1er, les mots " Le prélèvement est dû par le fabricant responsable de l'activité industrielle " sont remplacés par les mots " Le prélèvement est dû par l'exploitant ".
3° A l'alinéa 2, les mots " chaque activité industrielle est classée " sont remplacés par les mots " chaque établissement est classé " et les mots " de l'activité industrielle " sont remplacés par le mots " de l'établissement ".
4° L'alinéa 3 est remplacé par l'alinéa suivant :
" L'indice d'incendie et d'explosion F est calculé comme suit :
F = MF x (1 + GPH x (1 + SPH
tot) tot)
Waarin :
MF de materiaalfactor is, een maatstaf voor de potentiele energie van de
betrokken gevaarlijke stoffen, die bepaald wordt aan de hand van criteria
die een maat zijn voor de brandbaarheid en de reactiviteit, zoals de
grootte van het vlampunt, de adiabatische ontbindingstemperatuur en de
testresultaten van calorimetrische proeven;
GPH een maatstaf is voor de gevaren verbonden aan het gebruikte procede,
tot
volgens de aard en karakteristieken ervan, zoals deze beschreven moeten
worden in het veiligheidsrapport waarvan de inhoud is vastgelegd in de
bijlage II van het samenwerkingsakkoord;
SPH een maatstaf is voor de gevaren eigen aan de betrokken installatie,
tot
volgens de werkingsvoorwaarden, de aard en de omvang van de installaties,
die bepaald wordt aan de hand van criteria die verband houden met :
- de procestemperatuur;
- de druk;
- het al of niet werken beneden atmosferische druk of in de nabijheid van
het explosiegevaarlijk gebied;
- de hoeveelheid brandbare stoffen die in de installatie aanwezig zijn;
- de mate van corrosie van de gebruikte materialen;
- de mate waarin lekken kunnen voorkomen. "
tot) tot)
Waarin :
MF de materiaalfactor is, een maatstaf voor de potentiele energie van de
betrokken gevaarlijke stoffen, die bepaald wordt aan de hand van criteria
die een maat zijn voor de brandbaarheid en de reactiviteit, zoals de
grootte van het vlampunt, de adiabatische ontbindingstemperatuur en de
testresultaten van calorimetrische proeven;
GPH een maatstaf is voor de gevaren verbonden aan het gebruikte procede,
tot
volgens de aard en karakteristieken ervan, zoals deze beschreven moeten
worden in het veiligheidsrapport waarvan de inhoud is vastgelegd in de
bijlage II van het samenwerkingsakkoord;
SPH een maatstaf is voor de gevaren eigen aan de betrokken installatie,
tot
volgens de werkingsvoorwaarden, de aard en de omvang van de installaties,
die bepaald wordt aan de hand van criteria die verband houden met :
- de procestemperatuur;
- de druk;
- het al of niet werken beneden atmosferische druk of in de nabijheid van
het explosiegevaarlijk gebied;
- de hoeveelheid brandbare stoffen die in de installatie aanwezig zijn;
- de mate van corrosie van de gebruikte materialen;
- de mate waarin lekken kunnen voorkomen. "
F = MF x (1 + GPH x (1 + SPH
tot) tot)
Ou :
MF est le facteur materiel, le critere de l'energie potentielle des
substances dangereuses impliquees, determine a l'aide de criteres qui sont
une mesure pour l'inflammabilite et la reactivite, comme l'importance du
point d'ignition, la temperature adiabatique de desagregation et les
resultats des essais calorimetriques;
GPH est un critere des risques inherents au procede utilise, selon sa
tot
nature et ses caracteristiques, tel que celui-ci doit être decrit dans le
rapport de securite dont le contenu est fixe a l'annexe II de l'accord de
cooperation;
SPH est un critere des risques propres a l'installation concernee, selon
tot
les conditions de fonctionnement, la nature et l'ampleur de l'installation,
fixe au moyen de criteres qui se rapportent :
- a la temperature du procede;
- la pression;
- le fonctionnement ou non en dessous de la pression atmospherique ou a
proximite de la zone presentant un risque d'explosion;
- la quantite de matieres inflammables presentes dans l'installation;
- le taux de corrosion des materiaux utilisees;
- la mesure dans laquelle des fuites peuvent se produire. "
tot) tot)
Ou :
MF est le facteur materiel, le critere de l'energie potentielle des
substances dangereuses impliquees, determine a l'aide de criteres qui sont
une mesure pour l'inflammabilite et la reactivite, comme l'importance du
point d'ignition, la temperature adiabatique de desagregation et les
resultats des essais calorimetriques;
GPH est un critere des risques inherents au procede utilise, selon sa
tot
nature et ses caracteristiques, tel que celui-ci doit être decrit dans le
rapport de securite dont le contenu est fixe a l'annexe II de l'accord de
cooperation;
SPH est un critere des risques propres a l'installation concernee, selon
tot
les conditions de fonctionnement, la nature et l'ampleur de l'installation,
fixe au moyen de criteres qui se rapportent :
- a la temperature du procede;
- la pression;
- le fonctionnement ou non en dessous de la pression atmospherique ou a
proximite de la zone presentant un risque d'explosion;
- la quantite de matieres inflammables presentes dans l'installation;
- le taux de corrosion des materiaux utilisees;
- la mesure dans laquelle des fuites peuvent se produire. "
5° Het vierde lid wordt vervangen als volgt :
" De toxiciteitsindex T wordt als volgt berekend :
" De toxiciteitsindex T wordt als volgt berekend :
5° L'alinéa 4 est remplacé par l'alinéa suivant :
" L'indice de toxicite T est calcule comme suit :
" L'indice de toxicite T est calcule comme suit :
T = TF x (1 + GPH + SPH
tot tot)
Waarin :
TF de toxiciteitsfactor is, een maatstaf voor de potentiele giftigheid van
de betrokken gevaarlijke stoffen, die bepaald wordt aan de hand van
criteria die een maat zijn voor de giftigheid, zoals de grootte van de
LD50- en LC50-waarden en de maximum toegelaten concentraties op de
werkplaats;
GPH en SPH dezelfde waarden hebben die gelden voor de berekening van
tot tot
de brand- en explosie-index, zoals bedoeld in het voorgaande lid. ".
tot tot)
Waarin :
TF de toxiciteitsfactor is, een maatstaf voor de potentiele giftigheid van
de betrokken gevaarlijke stoffen, die bepaald wordt aan de hand van
criteria die een maat zijn voor de giftigheid, zoals de grootte van de
LD50- en LC50-waarden en de maximum toegelaten concentraties op de
werkplaats;
GPH en SPH dezelfde waarden hebben die gelden voor de berekening van
tot tot
de brand- en explosie-index, zoals bedoeld in het voorgaande lid. ".
T = TF x (1 + GPH + SPH
tot tot)
Ou :
TF est le facteur de toxicite, le critere de toxicite potentielle des
substances dangereuses impliquees, calcule au moyen de criteres qui sont
une mesure pour la toxicite comme l'importance des valeurs LD50 et LC50 et
des concentrations maximales admises sur le lieu du travail.
GPH et SPH ont les memes valeurs que celles qui s'appliquent pour le
tot tot
calcul de l'indice d'incendie et d'explosion, comme vise a l'alinea
precedent. ".
tot tot)
Ou :
TF est le facteur de toxicite, le critere de toxicite potentielle des
substances dangereuses impliquees, calcule au moyen de criteres qui sont
une mesure pour la toxicite comme l'importance des valeurs LD50 et LC50 et
des concentrations maximales admises sur le lieu du travail.
GPH et SPH ont les memes valeurs que celles qui s'appliquent pour le
tot tot
calcul de l'indice d'incendie et d'explosion, comme vise a l'alinea
precedent. ".
6° In leden 5 en volgende worden de woorden " industriële activiteit " vervangen door het woord " inrichting " en de woorden " industriële activiteiten " door het woord " inrichtingen ".
7° Het 1° wordt aangevuld met de volgende leden :
" Indien de inrichting samengesteld is uit meerdere afzonderlijke installaties, waarin op zichzelf de drempelwaarden inzake aanwezigheid van gevaarlijke stoffen worden overschreden, dan geschiedt de berekening per installatie en is de heffing per installatie verschuldigd.
Wanneer meerdere installaties binnen een inrichting deel uitmaken van een geïntegreerde productie-eenheid, dan worden deze installaties in het kader van de toepassing van deze wet, beschouwd als één enkele installatie. "
7° Het 1° wordt aangevuld met de volgende leden :
" Indien de inrichting samengesteld is uit meerdere afzonderlijke installaties, waarin op zichzelf de drempelwaarden inzake aanwezigheid van gevaarlijke stoffen worden overschreden, dan geschiedt de berekening per installatie en is de heffing per installatie verschuldigd.
Wanneer meerdere installaties binnen een inrichting deel uitmaken van een geïntegreerde productie-eenheid, dan worden deze installaties in het kader van de toepassing van deze wet, beschouwd als één enkele installatie. "
6° Aux alinéas 5 et suivants, les mots " activité industrielle " sont remplacés par le mot " établissement ", les mots " activités industrielles " par le mot " établissements " et le mot " classées " par le mot " classés ".
7° Le 1° est complété par les alinéas suivants :
" Lorsque l'établissement est composé de plusieurs installations individuelles, à l'intérieur desquelles les valeurs liminales en matière de présence de substances dangereuses sont dépassées en soi, le calcul se fait par installation et le prélèvement est dû par installation.
Lorsque plusieurs installations au sein d'un établissement font partie d'une unité de production intégrée, ces installations sont considérées, dans le cadre de l'application de cette loi, comme une seule installation. "
7° Le 1° est complété par les alinéas suivants :
" Lorsque l'établissement est composé de plusieurs installations individuelles, à l'intérieur desquelles les valeurs liminales en matière de présence de substances dangereuses sont dépassées en soi, le calcul se fait par installation et le prélèvement est dû par installation.
Lorsque plusieurs installations au sein d'un établissement font partie d'une unité de production intégrée, ces installations sont considérées, dans le cadre de l'application de cette loi, comme une seule installation. "
Art. 6. In artikel 7, § 2bis , 3°, van dezelfde wet, ingevoegd bij de wet van 29 december 1990, wordt tussen het derde en het vierde lid het volgende lid ingevoegd :
" Voor het aanslagjaar 2002 geschiedt de heffing in de maand oktober 2002 voor de in artikel 1 bedoelde inrichtingen die daaraan voor de eerste maal onderworpen zijn. "
" Voor het aanslagjaar 2002 geschiedt de heffing in de maand oktober 2002 voor de in artikel 1 bedoelde inrichtingen die daaraan voor de eerste maal onderworpen zijn. "
Art. 6. Dans l'article 7, § 2bis , 3°, de la même loi, inséré par la loi du 29 décembre 1990, l'alinéa suivant est inséré entre les alinéas 3 et 4 :
" Pour l'exercice d'imposition 2002, le prélèvement a lieu au mois d'octobre 2002, pour les établissements visés à l'article 1er et qui y sont soumis pour la première fois. ".
" Pour l'exercice d'imposition 2002, le prélèvement a lieu au mois d'octobre 2002, pour les établissements visés à l'article 1er et qui y sont soumis pour la première fois. ".
Art. 7. In dezelfde wet worden opgeheven :
1° de artikelen 3 tot 6;
2° artikel 7, §§ 1 tot 4;
3° artikelen 8 tot 18.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 26 mei 2002.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
A. DUQUESNE
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. L. ONKELINX
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
M. VERWILGHEN.
1° de artikelen 3 tot 6;
2° artikel 7, §§ 1 tot 4;
3° artikelen 8 tot 18.
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Gegeven te Brussel, 26 mei 2002.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
A. DUQUESNE
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. L. ONKELINX
Met 's Lands zegel gezegeld :
De Minister van Justitie,
M. VERWILGHEN.
Art. 7. Sont abrogés, dans la même loi :
1° les articles 3 à 6;
2° l'article 7, §§ 1er à 4;
3° les articles 8 à 18.
Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soi revêtue du sceau au de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.
Donné à Bruxelles, le 26 mai 2002.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Intérieur,
A. DUQUESNE
La Ministre de l'Emploi et du Travail,
Mme L. ONKELINX
Scellé du sceau de l'Etat :
Le Ministre de la Justice,
M. VERWILGHEN.
1° les articles 3 à 6;
2° l'article 7, §§ 1er à 4;
3° les articles 8 à 18.
Promulguons la présente loi, ordonnons qu'elle soi revêtue du sceau au de l'Etat et publiée par le Moniteur belge.
Donné à Bruxelles, le 26 mai 2002.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Intérieur,
A. DUQUESNE
La Ministre de l'Emploi et du Travail,
Mme L. ONKELINX
Scellé du sceau de l'Etat :
Le Ministre de la Justice,
M. VERWILGHEN.