Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
12 NOVEMBER 2001. - Ministerieel besluit houdende de bekrachting van de programma's voor de permanente vorming van magistraten voor 2002.
Titre
12 NOVEMBRE 2001. - Arrêté ministériel portant ratification des programmes pour la formation permanente des magistrats en 2002.
Informations sur le document
Numac: 2001009995
Datum: 2001-11-12
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2001009995
Date: 2001-11-12
Moniteur: Voir
Table des matières
Table des matières
Tekst (8)
Texte (6)
Artikel 1. De programma's voor de permanente vorming voor magistraten met betrekking tot het jaar 2002, bedoeld in artikel 259bis-9, § 2, van het Gerechtelijk Wetboek, zoals voorbereid door de subcommissie 'opleiding' en goedgekeurd op 27 juni 2001 door de algemene vergadering van de Hoge Raad voor de Justitie, gevoegd als bijlage bij dit besluit, worden bekrachtigd met uitzondering van het punt IV.6, eerste lid.
Article 1. Les programmes pour la formation continue des magistrats relatifs à l'année 2002,visés à l'article 259bis-9, § 2, du Code judiciaire, préparés par la sous-commission "formation" et approuvés le 27 juin 2001 par l'assemblée générale du Conseil supérieur de la Justice, qui sont annexés au présent arrêté, sont ratifiés, à l'exception du point IV.6., alinéa 1.
Art. 2. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
  Brussel, 12 november 2001.
  De Minister van Justitie,
  M. VERWILGHEN
Art. 2. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
  Bruxelles, le 12 novembre 2001.
  Le Ministre de la Justice,
  M. VERWILGHEN
  Programmes pour la formation continue des magistrats relatifs à l'année 2002
  Préparés par la sous-commission "formation" lors de ses réunions des 13 et 18 juin 2001.
  Approuvés par l'assemblée générale du 27 juin 2001.
BIJLAGE.
Art. 1N. I. FORMATIONS LIEES A LA FONCTION.
Art. N. Programma's voor de permanente vorming van magistraten met betrekking tot het jaar 2002.
  Voorbereid door de subcommissie "opleiding" in haar vergaderingen van 13 en 18 juni 2001.
  Goedgekeurd door de algemene vergadering op 27 juni 2001.
Art. 2N. II. ACCOMPAGNEMENTS DE LA NOUVELLE LEGISLATION.
  Il s'agit de présenter et d'analyser, à l'aide de cas concrets, des modifications législatives importantes.
  Dans ce domaine, il est nécessaire de prendre des contacts avec les universités et certains organismes reconnus, tels que la Commission Université-Palais (C.U.P.) de Liège, Charleroi, Namur, Bruxelles, le Centre de perfectionnement en droit à Anvers ou la Formation permanente universitaire à Bruxelles (cette énumération n'étant pas limitative) afin d'assurer au mieux la coordination avec les initiatives envisagées ou prises par ceux-ci et afin d'éviter des redondances...
  Dès à présent, on suggère une formation relative à :
  - la loi "octopus" du 7 décembre 1998 : la police fédérale
  coordinateur : Rik Vandeputte, membre du Comité permanent de contrôle des services de police;
  - la législation en matière de nationalité
  coordinateur : Colette Debroux, auditeur au Conseil d'Etat;
  - la tutelle
  coordinateur : Hélène Casman, notaire honoraire, professeur à la "Vrije Universiteit Brussel";
  - l'avenir du ministère public
  coordinateur : Cédric Visart de Bocarmé, procureur du Roi près le tribunal de première instance de Namur.
  Examen de l'évolution du parquet à la lumière de la mise en oeuvre de la loi du 22 décembre 1998 (intégration verticale et horizontale, parquet fédéral, indépendance) et de son rôle dans la gestion des affaires judiciaires (médiation pénale, travail d'intérêt général, contrôle des mesures alternatives, etc.).
Art. 1N. I. FUNCTIEGEBONDEN OPLEIDINGEN
  A. Opleidingen bij het opnemen van een functie
  Deze opleidingen zijn bestemd voor magistraten die nog niet of sinds kort een nieuw ambt hebben opgenomen waartoe zij benoemd zullen worden of werden :
  - onderzoeksrechters
  coördinatoren : Martin Minnaert, raadsheer in het hof van beroep te Gent, en Patrick Mandoux, raadsheer in het hof van beroep te Brussel;
  - beslagrechters
  coördinator : Dominique Cooreman, ondervoorzitter en beslagrechter in de rechtbank van eerste aanleg te Brussel.
  In het kader van deze opleiding moet eveneens de nodige aandacht besteed worden aan de problematiek van de collectieve schuldenregeling.
  - jeugdmagistraten
  coördinatoren : Brigitte Hnsch, ondervoorzitter en jeugdrechter in de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen, en Luce Kinet, ondervoorzitter en jeugdrechter in de rechtbank van eerste aanleg te Luik;
  - magistraten van het parket en van het arbeidsauditoraat
  coördinator : Ivo Carmen, procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Leuven, en Michèle Mons delle Roche, procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Marche-en-Famenne.
  Hierin kunnen onder meer behandeld worden : het openbaar ministerie en het informatiebeheer, het recherche-overleg, de verhouding tussen het openbaar ministerie en de onderzoeksrechter in het kader van het opsporingsonderzoek en het gerechtelijk onderzoek. Bijzondere aandacht moet eveneens uitgaan naar de opleiding van de parketmagistraten die niet via de gerechtelijke stage hun loopbaan op het parket aanvangen.
  - magistraten zetelend in hoger beroep
  coördinator : Guy Delvoie, kamervoorzitter in het hof van beroep te Brussel;
  - rechters en plaatsvervangende rechters van eerste aanleg (eerste aanleg, arbeid, koophandel)
  coördinatoren : Stefaan Raes, raadsheer in het hof van beroep te Brussel, en Martine Regout, raadsheer in het hof van beroep te Brussel;
  - vrede- en politierechters
  coördinator : Frans Lievens, vrederechter van het kanton Lennik;
  - leden van de kamers van inbeschuldigingstelling en van de parketten-generaal (wet Franchimont)
  coördinator : Herman Craeybeckx, eerste voorzitter van het hof van beroep te Antwerpen.
  Idealiter moeten deze opleidingen zoveel als mogelijk verstrekt worden vóór het opnemen van de nieuwe functie.
  Naar het voorbeeld van de opleiding voor onderzoeksrechters die verplicht gevolgd moet worden alvorens deze functie te kunnen uitoefenen, zou er ook voor beslagrechters en jeugdmagistraten een voorafgaande opleiding opgelegd dienen te worden alvorens ze deze nieuwe functie effectief kunnen uitoefenen.
  B. Uitwisseling van beroepservaringen
  Deze opleidingen moeten magistraten die sinds ten minste één jaar hetzelfde ambt uitoefenen of dezelfde materies behandelen, toelaten hun ervaringen uit te wisselen, de moeilijkheden die ze ondervonden hebben in kaart te brengen, en elementen van oplossing aan te reiken in discussies met ervaren magistraten en met specialisten van de materie.
  Voor 2002 wordt voorgesteld dergelijke ontmoetingen te organiseren tussen :
  - onderzoeksrechters :
  coördinator : Bernard Puissant, ondervoorzitter en onderzoeksrechter in de rechtbank van eerste aanleg te Leuven;
  - magistraten van de arbeidsgerechten (zowel van de zetel als van het auditoraat) :
  coördinator : Jacques Petit, emeritus voorzitter van de arbeidsrechtbank te Gent;
  - magistraten van de zetel en van het parket bevoegd in familiezaken :
  coördinator : Patrick Senaeve, raadsheer in het hof van beroep te Brussel.
  In dit kader kan onder meer aandacht besteed worden aan afstamming, echtscheiding, voorlopige maatregelen, vereffening en verdeling enz.
  - magistraten gespecialiseerd in het gebruik van bijzondere opsporingsmethoden :
  coördinator : Edithe Van den Broeck, voorzitter van de Nederlandstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie;
  - magistraten van het parket en van de zetel die bevoegd zijn in zaken van georganiseerde misdaad :
  coördinator : Benoît Dejemeppe, procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Brussel;
  - magistraten van het parket en van de zetel omtrent specifieke problemen van burgerlijk procesrecht :
  coördinatoren : Stefaan Raes en Martine Regout, raadsheren in het hof van beroep te Brussel;
  - magistraten van het parket en van de zetel omtrent specifieke problemen van strafprocesrecht :
  coördinatoren : Michel Rozie, kamervoorzitter in het hof van beroep te Antwerpen, en Jean-Pierre Collin, kamervoorzitter in het hof van beroep te Brussel.
Art. 3N. III. FORMATIONS THEMATIQUES.
  A. Société et questions contemporaines
  1. Délinquance sexuelle
  coordinateur : Pierre Rans, substitut du procureur général près la cour d'appel de Bruxelles.
  Il convient, au regard du plan d'action national contre la violence sur les femmes approuvé en Conseil des ministres le 11 mai 2001, de prêter une attention toute particulière à la lutte contre la violence au sein de la famille.
  2. Exclusion et violence
  coordinateur : Paul Ponsaers, professeur à l'Université de Gand.
  L'exclusion et le sentiment d'exclusion se sont accrus au point de devenir un phénomène majeur de notre société.
  La situation d'exclusion, surtout dans certains quartiers et auprès des jeunes, entraînent des phénomènes de violence. Les juges reçoivent de plein fouet le contrecoup de cette situation.
  L'objectif de la formation sera d'étudier :
  - les actes de violence dans leur rapport avec l'exclusion sous des formes visibles (délinquance, petits désordres sociaux) et cachées (la violence familiale, l'autodestruction par la drogue, l'alcool ou le suicide)
  - le rôle du juge confronté à ces phénomènes dans ses fonctions de répression, de régulation et de prévention.
  3. Le statut des étrangers en Belgique
  coordinateurs : Marie-Claire Foblets, professeur à l'Université d'Anvers, et Yves Carlier, avocat et professeur à l'Université Catholique de Louvain, en collaboration avec Johan Leman, directeur du Centre pour l'égalité des chances et la lutte contre le racisme.
  La dimension sociologique, les problèmes de droit privé international, la problématique du racisme et de la xénophobie.
  4. L'égalité des chances
  coordinateur : Jean Jacqmain, professeur à l'Université libre de Bruxelles.
  B. Droit pénal et criminologie
  1. Traite des êtres humains
  coordinateur : Eric Van der Sijpt, substitut du procureur du Roi de complément dans le ressort de la cour d'appel de Bruxelles, en collaboration avec le procureur général près la cour d'appel de Liège.
  2. Criminalité informatique
  coordinateur : Danielle Cailloux, juge au "International Criminal Tribunal for the former Yugoslavia".
  L'approche pragmatique des violations informatiques, la problématique internet.
  3. La responsabilité pénale des personnes morales
  coordinateur : Jan Van den Berghe, juge au tribunal de première instance de Gand;
  4. Les stupéfiants
  coordinateur : Marianne Lejeune, avocat général près la cour d'appel de Liège;
  5. Coopération internationale en matière pénale et policière
  coordinateur : Alain Winants, substitut du procureur général près la cour d'appel de Bruxelles, dans le cadre de la concertation triangulaire entre le procureur général près la cour d'appel de Gand, le directeur général de la Législation pénale du ministère de la Justice et le procureur fédéral (actuellement encore le magistrat national).
  6. Preuve pénale et progrès scientifique
  coordinateurs : Anne Leriche, chef de section auprès de l'I.N.C.C., et Philippe Traest, avocat et professeur à l'Université de Gand.
  L'objectif de cette formation est de :
  - perfectionner les connaissances en médecine légale et en police scientifique aux vus des progrès les plus récents en ces domaines.
  - permettre une meilleure appréhension des contraintes juridiques et financières du recours à l'outil scientifique ainsi qu'une réflexion sur ses aspects déontologiques.
  Il est essentiel de rappeler préalablement les règles fondamentales de la preuve en droit pénal.
  7. L'application des peines et l'emprisonnement
  coordinateurs : Freddy Pieters, président de la commission de libération conditionnelle de l'arrondissement de Bruxelles, et Georges Kellens, professeur à l'Université de Liège.
  La prison reste la première référence de la sanction, même si la peine d'emprisonnement ferme ne représente statistiquement qu'une faible partie des peines prononcées. Elle est au coeur de multiples contradictions dont l'articulation première se résume ainsi : punir, mais aussi amender.
  Cette formation devrait permettre d'aborder la question de la production judiciaire répressive, de s'interroger sur les possibilités de maîtrise de l'inflation carcérale, sur le bon usage de la détention préventive, des peines de substitution et des différentes formes de sursis. Dans ce cadre, il convient également d'examiner la problématique de l'application des peines.
  8. Mesures alternatives
  coordinateur : Michel Rozie, président de chambre de la cour d'appel d'Anvers, en collaboration avec le Service d'encadrement des mesures alternatives du ministère de la Justice.
  9. Techniques particulières de recherche
  coordinateur : Nicole De Rouck, premier substitut du procureur du Roi près le tribunal de première instance de Gand.
  Il s'agit d'une formation de base axée sur cette matière délicate destinée aux magistrats non avertis, mais qui doivent toutefois disposer d'un minimum de connaissances de base dans ce domaine.
  10. Place de la victime dans le système pénal
  coordinateur : Lucien Nouwynck, avocat général près la cour d'appel de Bruxelles.
  Cette formation de nature procédurale doit déboucher sur une analyse critique de la signification politique et sociologique des droits nouvellement octroyés aux victimes.
  11. Stratégie, méthodologie et tactique dans la conduite d'une enquête pénale importante
  coordinateur : Alain Bloch, vice-président et juge d'instruction au tribunal de première instance de Gand.
  12. Droit pénal économique et financier
  coordinateur : Jean Spreutels, avocat général près la Cour de cassation.
  Dans le cadre de ce module de formation, il convient également de s'attacher à la problématique de la criminalité au sein des entreprises et à leur encontre.
  coordinateurs : Dirk Merckx, substitut du procureur du Roi près le tribunal de première instance de Bruxelles, et Yvan De Mesmaeker, security auditeur auprès de Omega Risk.
  C. Droit civil
  1. Droit de la construction
  coordinateur : Jean Gillardin, conseiller à la cour d'appel de Mons;
  2. Droit des assurances et de la responsabilité
  coordinateur : Jean-Luc Fagnart, avocat et professeur à l'Université libre de Bruxelles;
  3. Indemnisation du dommage
  coordinateurs : Antoon Boyen, conseiller à la cour d'appel de Bruxelles, et Thierry Papart, juge au tribunal de police de Liège;
  4. La preuve en matière civile
  coordinateur : Jean Laenens, avocat et professeur à l'Université d'Anvers.
  D. Famille et mineurs
  coordinateur : Patrick Senaeve, conseiller à la cour d'appel de Bruxelles.
  Compte tenu du nombre de formations organisées dans ce domaine au cours des années précédentes et compte tenu du fait que les formations doivent être dispensées sous la forme de discussions menées par un modérateur, il est proposé de traiter de cette matière dans le cadre de "l'échange d'expériences professionnelles" (voir supra).
  E. Droit social
  coordinateur : Jacques Petit, président émérite du tribunal du travail de Gand.
  Au regard de l'évaluation des formations effectuées par ce groupe de travail, il est proposé de traiter cette matière dans le cadre d'un "échange d'expériences professionnelles" (voir supra).
  F. Droit économique et commercial
  1. Comptabilité
  coordinateur : Erik De Lembre, professeur à l'Université de Gand.
  Cette formation comprend :
  - une formation d'initiation, en ce compris la lecture des bilans et des comptes de résultats, la description et l'analyse des signaux révélateurs des difficultés d'une entreprise;
  - une formation approfondie (accessible à ceux qui ont suivi la formation d'initiation ou qui disposent d'une connaissance spécialisée acquise antérieurement). Vu que la formation approfondie a déjà été dispensée en mai 2001, cette partie doit être reportée à 2003.
  2. Concordat judiciaire et faillite
  coordinateur : Ivan Verougstraete, président de la Cour de cassation;
  3. Formation de perfectionnement en droit fiscal
  coordinateur : Karel Van Herck, président de chambre à la cour d'appel de Bruxelles.
  Cette formation comprend une formation d'initiation et de perfectionnement et doit être organisée en collaboration avec le ministère des Finances. Vu que la formation de perfectionnement a déjà été dispensée en mai 2001, il faut dès lors prévoir une formation approfondie.
  4. Droits intellectuels
  coordinateur : Ghislain Londers, conseiller à la Cour de cassation.
  5. Le droit des sociétés
  coordinateur : Claude Parmentier, conseiller à la Cour de cassation.
  6. Pratiques du commerce
  coordinateur : Nicole Diamant, vice-président honoraire au tribunal de commerce de Bruxelles.
  G. Droit européen et international
  1. Droit communautaire - formation d'initiation et de perfectionnement
  coordinateur : Koen Lenaerts, juge au Tribunal de première instance des Communautés européennes;
  2. Droits de l'homme
  coordinateurs : Paul Lemmens, conseiller d'Etat, et Françoise Tulkens, juge à la Cour européennes des Droits de l'Homme.
  H. Formations interdisciplinaires
  1. Droit de l'environnement
  coordinateurs : Luc Lavrysen, juge à la Cour d'arbitrage, et Eric Staudt, premier substitut du procureur du Roi près le tribunal de première instance de Dinant.
  Examen de la législation dans ce domaine, techniques d'enquête, collaboration avec les fonctionnaires régionaux, qualification des infractions.
  Cette formation doit être dispensée tous les deux ans. Puisque la formation destinée aux magistrats néerlandophones est fixée à l'automne 2001, elle devra à nouveau être dispensée en 2003.
  2. La méthodologie des analyses psychiatriques relatives à la responsabilité
  coordinateur : Paul Cosyns, professeur à l'Université d'Anvers.
  3. La psychologie dans le cadre de l'exercice de fonctions judiciaires
  coordinateur : Hans Crombag, professeur à l'Université royale du Limbourg (Pays-Bas).
  I. Formations portant sur des thèmes généraux
  1. L'application de la loi dans le temps
  coordinateur : Patricia Popelier, chargé de cours à l'Université d'Anvers.
  2. Questions préjudicielles
  coordinateur : Paul Martens, juge à la Cour d'arbitrage.
  J. Visites de travail
  On veut ici donner aux magistrats une image complète et concrète du rôle et du fonctionnement d'organismes et institutions, tels que la Commission bancaire et financière, la Cellule de traitement des informations financières, l'O.C.D.E.F.O., la direction générale de la police judiciaire, l'Administration de la Sûreté de l'Etat, l'I.N.C.C., un établissement pénitentiaire, un commissariat de police, etc.
  Ces visites doivent, dans la mesure du possible, conclure toute formation dans les matières traitées par ces institutions.
  En outre, dans le cadre de la coopération judiciaire croissante entre les Etats-membres de l'Union européenne, les magistrats (de parquet) belges devraient avoir la possibilité d'effectuer un stage dans d'autres pays de l'Union et vice versa. Le Collège des Procureurs généraux a déjà pris des initiatives concrètes avec les Pays-Bas qui méritent d'être suivies avec d'autres pays.
  K. Droit et nouvelles technologies
  Il n'est pas rare de voir le développement de nouvelles technologies poser de sérieux problèmes juridiques, notamment lors de la rédaction de contrats, la signature électronique, la preuve et les droits d'auteur.
  coordinateurs : Eric Beaucourt, président du tribunal de première instance de Gand, et Yves Poullet, professeur aux Facultés universitaires Notre-Dame de la Paix, à Namur.
Art. 2N. II. BEGELEIDING VAN NIEUWE WETGEVING.
  Het is de bedoeling om aan de hand van concrete casussen, belangrijke wetswijzigingen toe te lichten en te analyseren.
  Op dit vlak is het noodzakelijk contact op te nemen met de universiteiten en bepaalde erkende instellingen zoals de "Commission Université-Palais" te Luik, het Centrum voor Beroepsvervolmaking in de Rechten te Antwerpen of de Universitaire Permanente Vorming te Brussel om zoveel mogelijk de eigen opleidingen te coördineren met de initiatieven die deze instellingen (zullen) nemen en te vermijden dat dubbel gebruik zou ontstaan met het aanbod van de rechtsfaculteiten.
  De volgende opleidingen worden voorgesteld :
  - de "Octopus"-wet van 7 december 1998 : de federale politie
  coördinator : Rik Vandeputte, lid van het Vast Comité van Toezicht op de Politiediensten;
  - de wetgeving betreffende de nationaliteit
  coördinator : Colette Debroux, auditeur bij de Raad van State;
  - voogdij
  coördinator : Hélène Casman, erenotaris, hoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel;
  - de toekomst van het openbaar ministerie
  coördinator : Cédric Visart de Bocarmé, procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Namen.
  Onderzoek van de evolutie van het parket, in functie van de inwerkingtreding van de wet van 22 december 1998 (verticale en horizontale integratie, federaal parket, onafhankelijkheid) en van zijn rol bij het beheer van rechtszaken (strafbemiddeling, werken van algemeen belang, toezicht op alternatieve maatregelen, enz.).
Art. 4N. IV. FORMATIONS METHODOLOGIQUES.
  1. L'expression écrite et orale
  coordinateurs : Eric Stassijns, conseiller à la Cour de cassation, et Eric Battistoni, juge aux tribunaux du travail de Verviers et Eupen.
  La parole est le premier outil du magistrat. Comment mieux comprendre et se faire comprendre dans l'exercice des activités judiciaires.
  Comment s'exprimer clairement, argumenter et convaincre en audience et dans la rédaction d'un jugement, d'un rapport, etc..
  2. L'informatique dans la pratique
  Formation d'initiation, formation avancée, réseaux, internet, etc.
  Il convient d' organiser ces formations de manière décentralisée en coordination avec les chefs de corps. A cet égard, il convient de songer en premier lieu à des institutions locales offrant des formations de qualité, comme le FOREm par exemple.
  3. La déontologie des magistrats (nouvelle législation)
  coordinateurs : Ghislain Londers, conseiller à la Cour de cassation, et Xavier De Riemaecker, avocat général près la Cour de cassation.
  Analyser la déontologie et les enjeux professionnels d'aujourd'hui, autour de la question des attentes du citoyen vis-à-vis d'un magistrat.
  Distinguer des notions fondamentales comme l'indépendance, l'unité, le principe hiérarchique, la collégialité, l'impartialité.
  Aborder le droit positif et ses principes (les devoirs de la charge et la dignité de son caractère, la négligence professionnelle (art. 404 C. jud.), les incompatibilités, les causes de récusation, les interdictions).
  Aborder quelques enjeux déontologiques contemporains : les obligations de réserve et de discrétion, les qualités personnelles, le devoir de formation continue, le secret professionnel, la nécessité d'information du public, la vie privée, etc.
  Examiner à la lumière de la nouvelle loi le droit disciplinaire au sens strict du terme (droit matériel et de procédure).
  4. La presse et la communication
  coordinateurs : Jos Colpin, premier substitut du procureur du Roi près le tribunal de première instance de Bruxelles, et Christian Jassogne, premier président de la cour d'appel de Mons.
  Vu que les magistrats francophones ont déjà suivi cette formation au printemps 2001, elle doit être réorganisée en 2003.
  5. Les techniques de management
  Il est absolument nécessaire d'y associer un ou des magistrats ayant suivi une formation de manager et ayant la pratique du management.
  coordinateur : Guy Delvoie, président de chambre à la cour d'appel de Bruxelles.
  6. La connaissance des langues
  Depuis la formation organisée en 1999 par l'Institut Cooremans, plus aucune initiative n'a été prise à cet égard.
  Le Conseil supérieur invite instamment le ministre de la Justice à prendre les initiatives nécessaires pour encourager sans réserve la connaissance des langues, et ce dès le stage judiciaire.
  L'exercice d'une fonction judiciaire en Belgique nécessite, en effet, d'abord l'apprentissage du néerlandais ou du français, selon le cas, pour permettre d'appréhender la doctrine et la jurisprudence publiées dans l'autre langue.
  Elle concerne aussi l'apprentissage d'une autre langue au moins, indispensable à l'heure où de nombreux contentieux s'internationalisent et où, à l'échelle européenne, les incidences du droit communautaire s'accroissent chaque jour.
  La connaissance des langues est un facteur de richesse et d'ouverture au monde extérieur. Elle favorise également l'intégration dans la culture judiciaire européenne.
  coordinateurs : Ivan Verougstraete, président de la Cour de cassation (néerlandais, français, anglais), et Andre Henkes, avocat général près la Cour de cassation (allemand).
  7. L'évaluation
  coordinateurs : Edithe Van den Broeck et Jacques Hamaide, présidents respectivement de la commission de nomination et de désignation néerlandophone et francophone du Conseil supérieur de la Justice.
  Les premières expériences tirées du système d'évaluation des magistrats démontrent qu'une évaluation des évaluateurs est nécessaire pour une application uniforme de celui-ci.
  8. La communication à l'audience
  coordinateurs : Hans Van Bossuyt, conseiller à la cour d'appel de Gand, et Jean-Louis Franeau, président de chambre à la cour d'appel de Mons.
  9. Formation à l'écoute
  Savoir écouter est une qualité essentielle pour un magistrat. Il convient d'élaborer cet entraînement de manière la plus pratique possible moyennant des exercices, des simulations, des jeux de rôle, etc.
Art. 3N. III. THEMATISCHE OPLEIDINGEN.
  A. Samenleving en hedendaagse problemen
  1. Seksuele delinquentie
  coördinator : Pierre Rans, substituut-procureur-generaal bij het hof van beroep te Brussel.
  Rekening houdende met het nationaal actieplan tegen het geweld op vrouwen dat goedgekeurd werd in de Ministerraad op 11 mei 2001 moet in het kader van deze opleiding bijzondere aandacht besteed worden aan de strijd tegen het geweld binnen het gezin.
  2. Uitsluiting en geweld
  coördinator : Paul Ponsaers, hoogleraar aan de Universiteit Gent.
  Uitsluiting en het gevoel uitgesloten te worden is dermate toegenomen dat het een zorgwekkend fenomeen in onze samenleving aan het worden is.
  Een situatie van uitsluiting, vooral in bepaalde stadswijken en bij jongeren, brengt geweld met zich mee. Rechters voelen overduidelijk de weerslag van deze situatie.
  De doelstelling van deze opleiding bestaat erin om :
  - geweldplegingen te bestuderen in hun samenhang met uitsluiting zowel in zijn zichtbare (delinquentie, kleine maatschappelijke opstootjes) als verdoken vormen (autodestructief gedrag door drugs, alcohol of zelfmoord)
  - te onderzoeken welke de rol is van de rechter die, bij de uitoefening van zijn opdracht van beteugeling, regulering en preventie, geconfronteerd wordt met deze verschijnselen.
  3. Het verblijfsstatuut van de vreemdelingen in België
  coördinatoren : Marie-Claire Foblets, hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen, en Jean-Yves Carlier, advocaat, hoogleraar aan de U.C.L., in samenwerking met Johan Leman, directeur van het Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding.
  Sociologische invalshoek, problemen van internationaal privaatrecht, problematiek van racisme en xenofobie.
  4.. Gelijke kansen voor mannen en vrouwen
  coördinator : Jean Jacqmain, hoogleraar aan de U.L.B.
  B. Strafrecht en criminologie
  1. Mensenhandel
  coördinator : Eric Van der Sijpt, toegevoegd substituut-procureur des Konings voor het rechtsgebied van het hof van beroep te Brussel, in samenwerking met de procureur-generaal bij het hof van beroep te Luik.
  2. Informaticacriminaliteit
  coördinator : Danielle Cailloux, rechter in het International Criminal Tribunal for the former Yugoslavia.
  Pragmatische benadering van computerinbraken alsook de problematiek van Internet.
  3. De strafrechtelijke aansprakelijkheid van rechtspersonen
  coördinator : Jan Van den Berghe, rechter in de rechtbank van eerste aanleg te Gent;
  4. Verdovende middelen
  coördinator : Marianne Lejeune, advocaat-generaal bij het hof van beroep te Luik;
  5. Internationale samenwerking in strafzaken en in politiezaken
  coördinator : Alain Winants, substituut-procureur-generaal bij het hof van beroep te Brussel, in het kader van het driehoeksoverleg tussen de procureur-generaal bij het hof van beroep te Gent, de directeur-generaal Strafwetgeving van het Ministerie van Justitie en de federale procureur (thans nog de nationaal magistraat).
  6. Bewijs in strafzaken en wetenschappelijke vooruitgang
  coördinator : Anne Leriche, afdelingshoofd bij het N.I.C.C., en Philip Traest, advocaat, hoogleraar aan de Universiteit Gent.
  De doelstelling van deze opleiding bestaat erin om :
  - de kennis van gerechtelijke geneeskunde en wetenschappelijke politie te vervolledigen in het licht van de meest recente ontwikkelingen op dit vlak.
  - de juridische en financiële beperkingen beter te beheersen wanneer men wetenschappelijke hulp moet inroepen en zich te bezinnen over de deontologische aspecten ervan.
  Het is van essentieel belang hierbij de fundamentele regels van het bewijsrecht in strafzaken in herinnering te brengen.
  7. De uitvoering van straffen en de problematiek van de opsluiting
  coördinatoren : Freddy Pieters, voorzitter van de commissie voor de voorwaardelijke invrijheidstelling van het arrondissement Brussel, en Georges Kellens, hoogleraar aan de Universiteit Luik.
  De gevangenis blijft de eerste verwijzing naar een straf, zelfs indien vrijheidsberoving statistisch gezien slechts een kleine fractie van de uitgesproken straffen vertegenwoordigt. Rond de gevangenisstraf bestaan tal van tegenstellingen; de eerste is al die tussen wel straffen, maar ook verbeteren.
  Deze opleiding zou moeten toelaten om het vraagstuk van de gerechtelijke repressieve output aan te snijden alsook om zich te bevragen over de mogelijkheden van beheersing van gevangenisinflatie, over het adequaat aanwenden van de voorlopige hechtenis, alternatieve straffen en verschillende vormen van opschorting. In dit kader moet ook de problematiek van de uitvoering van straffen belicht worden.
  8. Alternatieve maatregelen
  coördinator : Michel Rozie, kamervoorzitter in het hof van beroep te Antwerpen, in samenwerking met de Steundienst Alternatieve Maatregelen van het Ministerie van Justitie.
  9. Bijzondere opsporingsmethoden
  coördinator : Nicole De Rouck, eerste substituut-procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Gent.
  Het betreft een basisopleiding in deze delicate materie voor de magistraten die terzake niet gespecialiseerd zijn, doch niettemin over een onontbeerlijke basiskennis moeten beschikken.
  10. Plaats van het slachtoffer in het strafrechtelijk bestel
  coördinator : Lucien Nouwynck, advocaat-generaal bij het hof van beroep te Brussel
  Deze opleiding van proceduriële aard moet uitmonden in een kritische bezinning over de politieke en sociologische betekenis van de nieuwe rechten die aan slachtoffers toegekend werden.
  11. Strategie, methodiek en tactiek bij het voeren van een omvangrijk strafrechtelijk onderzoek
  coördinator : Alain Bloch, ondervoorzitter en onderzoeksrechter in de rechtbank van eerste aanleg te Gent.
  12. Economisch en financieel strafrecht
  coördinator : Jean Spreutels, advocaat-generaal bij het Hof Van Cassatie.
  In het kader van deze opleidingscyclus dient tevens aandacht besteed te worden aan de problematiek van de criminaliteit in en tegen ondernemingen.
  coördinatoren van deze module : Dirk Merckx, substituut-procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Brussel, en Yvan De Mesmaeker, security auditor bij Omega Risk.
  C. Burgerlijk recht
  1. Bouwrecht
  coördinator : Jean Gillardin, raadsheer in het hof van beroep te Bergen;
  2. Verzekerings- en aansprakelijkheidsrecht
  coördinator : Jean-Luc Fagnart, advocaat, hoogleraar aan de U.L.B;
  3. Schadevergoeding
  coördinatoren : Antoon Boyen, raadsheer in het hof van beroep te Brussel, en Thierry Papart, rechter in de politierechtbank te Luik;
  4. Het bewijs in burgerlijke zaken
  coördinator : Jean Laenens, advocaat, hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen.
  D. Gezin en minderjarigen
  coördinator : Patrick Senaeve, raadsheer in het hof van beroep te Brussel.
  Rekening houdende met het aantal opleidingen die de afgelopen jaren in deze materie georganiseerd werden alsook gezien het feit dat de opleidingen over het algemeen veel meer verstrekt dienen te worden onder de vorm van discussies onder de leiding van een moderator, wordt voorgesteld om deze materie te behandelen in het kader van de "uitwisseling van beroepservaringen" (zie hierboven).
  E. Sociaal recht
  coördinator : Jacques Petit, emeritus voorzitter van de arbeidsrechtbank te Gent
  Rekening houdende met de evaluatie van de opleidingen die deze werkgroep heeft uitgevoerd, wordt voorgesteld om deze materie te behandelen in het kader van de "uitwisseling van beroepservaringen" (zie hierboven).
  F. Economisch en handelsrecht
  1. Boekhouding
  coördinator : Erik De Lembre, hoogleraar aan de Universiteit Gent.
  Deze opleiding omvat :
  - een basisopleiding, met inbegrip van het lezen van de balans en de resultatenrekening, de beschrijving en analyse van de posten die de moeilijkheden van een onderneming aan het licht brengen;
  - een grondige opleiding (toegankelijk voor wie de basisopleiding gevolgd heeft of reeds over een gespecialiseerde voorkennis beschikt). Gezien de grondige opleiding reeds verstrekt werd in mei 2001, dient dit onderdeel uitgesteld te worden tot 2003.
  2. Gerechtelijk akkoord en faillissement
  coördinator : Ivan Verougstraete, voorzitter van het Hof van Cassatie;
  3. Grondige opleiding inzake fiscaal recht
  coördinator : Karel Van Herck, kamervoorzitter in het hof van beroep te Brussel;
  Deze opleiding omvat zowel een basisopleiding als een grondige opleiding en moet georganiseerd worden in samenwerking met het Ministerie van Financiën. Gezien de basisopleiding reeds verstrekt werd in 2001, moet thans een grondige opleiding verstrekt worden.
  4. Intellectuele rechten
  coördinator : Ghislain Londers, raadsheer in het Hof van Cassatie.
  5. Vennootschapsrecht
  coördinator : Claude Parmentier, raadsheer in het Hof van Cassatie.
  6. Handelspraktijken
  coördinator : Nicole Diamant, ereondervoorzitter in de rechtbank van koophandel te Brussel.
  G. Europees en internationaal recht
  1. Gemeenschapsrecht - basisopleiding + grondige opleiding
  coördinator : Koen Lenaerts, rechter in het Gerecht van eerste aanleg van de Europese Gemeenschappen;
  2. Rechten van de mens
  coördinatoren : Paul Lemmens, staatsraad, en Françoise Tulkens, rechter in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
  H. Interdisciplinaire opleidingen
  1. Milieurecht
  coördinatoren : Luc Lavrysen, rechter in het Arbitragehof, en Eric Staudt, eerste substituut-procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Dinant.
  Onderzoek van de wetgeving in dit domein, onderzoekstechnieken, samenwerking met ambtenaren van de gewesten, kwalificatie van de inbreuken.
  Deze opleiding dient om de twee jaar verstrekt te worden. Vermits de opleiding voor Nederlandstalige magistraten gepland is voor het najaar 2001, dient deze opleiding pas in 2003 opnieuw verstrekt te worden.
  2. De methodologie van psychiatrische analyses met betrekking tot toerekeningsvatbaarheid
  coördinator : Paul Cosyns, hoogleraar aan de Universiteit Antwerpen.
  3. Psychologie met betrekking tot de uitoefening van gerechtelijke ambten
  coördinator : Hans Crombag, hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Limburg (Nederland).
  I. Opleidingen over algemene thema's
  1. De temporele werking van de wet
  coördinator : Patricia Popelier, docent aan de Universiteit Antwerpen.
  2. Prejudiciële vragen
  coördinator : Paul Martens, rechter in het Arbitragehof.
  J. Werkbezoeken
  Hier is het de bedoeling om aan de magistraten een volledig en concreet beeld te geven van de rol en de werking van organen en instellingen zoals de Commissie voor het Bank- en Financiewezen, de Cel voor Financiële Informatieverwerking, de algemene directie van de gerechtelijke politie, het Bestuur van de Staatsveiligheid, het N.I.C.C., een strafinrichting, een politiecommissariaat, enz.
  In de mate van het mogelijke moeten deze bezoeken een opleiding over de materie die door deze instellingen wordt behandeld, afsluiten.
  In het kader van de steeds toenemende gerechtelijke samenwerking tussen de lidstaten van de Europese Unie zouden Belgische (parket) magistraten bovendien de mogelijkheid moeten krijgen om een stage te verrichten in andere landen van de Unie en vice versa. Het College van Procureurs-generaal nam reeds concrete initiatieven met Nederland die navolging zouden moeten krijgen met andere landen.
  K. Recht en nieuwe technologieën
  De ontwikkeling van nieuwe technologieën stelt niet zelden ingrijpende juridische problemen in verband met de opstelling van contracten, elektronische handtekening, bewijs, auteursrechten, enz.
  coördinatoren : Eric Beaucourt, voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Gent, en Yves Poullet, hoogleraar aan de "Facultés Universitaires Notre Dame de la Paix" te Namen.
-
Art. 4N. IV. METHODOLOGISCHE OPLEIDINGEN.
  1. Schriftelijke en verbale expressie
  coördinatoren : Eric Stassijns, raadsheer in het Hof van Cassatie, en Eric Battistoni, rechter in de arbeidsrechtbanken te Verviers en te Eupen.
  Het woord is het eerste werkinstrument van de magistraat. Hoe kan men zowel beter begrijpen als beter begrepen worden in de uitoefening van zijn gerechtelijke functies.
  Hoe zich duidelijk uitdrukken, argumenteren en overtuigen, zowel op de terechtzitting als in de opstelling van een vonnis, een verslag, enz..
  2. Informatica in de praktijk
  Basisopleiding, opleiding voor gevorderden, netwerken, Internet, enz.
  Deze opleidingen kunnen het best lokaal georganiseerd worden door de korpschefs. In eerste instantie kan hierbij gedacht worden aan lokale instellingen die degelijke opleidingen aanbieden zoals, bij voorbeeld, de V.D.A.B.
  3. Plichtenleer van magistraten (nieuwe wetgeving)
  coördinatoren : Ghislain Londers, raadsheer in het Hof van Cassatie, en Xavier De Riemaecker, advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie.
  Analyse van de deontologie en de professionele inzet van vandaag, en dit rond de vraag wat de burger van een magistraat verwacht.
  Onderscheiden van fundamentele begrippen zoals onafhankelijkheid, eenheid, het principe van de hiërarchie, collegialiteit, onpartijdigheid.
  Behandeling van het positief recht en zijn beginselen (ambtsplichten en waardigheid van het ambt, plichtsverzuim (art. 404 Ger. W.), onverenigbaarheden, redenen tot wraking, verbodsbepalingen.
  Behandeling van een aantal actuele deontologische waarden : de plicht tot terughoudendheid en discretie, de persoonlijke kwaliteiten, de plicht tot permanente vorming, het beroepsgeheim, de noodzaak om het publiek in te lichten, de persoonlijke levenssfeer, enz.
  Onderzoek van het tuchtrecht in de strikte zin (materieel recht en procedure).
  4. Pers en communicatie
  coördinatoren : Jos Colpin, eerste substituut-procureur des Konings bij de rechtbank van eerste aanleg te Brussel, en Christian Jassogne, eerste voorzitter van het hof van beroep te Bergen.
  Gezien deze opleiding voor Franstalige magistraten reeds verstrekt werd in het voorjaar 2001, dient deze opleiding pas in 2003 hernomen te worden.
  5. Managementtechnieken
  Het is absoluut noodzakelijk om hier één of meerdere magistraten bij te betrekken die reeds een managementopleiding gevolgd hebben en daarin praktijkervaring bezitten.
  coördinator : Guy Delvoie, kamervoorzitter in het hof van beroep te Brussel.
  6. Talenkennis
  Sinds de opleiding die in 1999 door het "Instituut Cooremans" werd verstrekt, werden op dit vlak geen initiatieven meer genomen.
  De Hoge Raad vraagt de Minister van Justitie met aandrang passende maatregelen te nemen ten einde volledige taalkennis aan te moedigen, en dit vanaf het stadium van de gerechtelijke stage.
  De uitoefening van een gerechtelijke functie in België vereist immers eerst en vooral het leren van, naargelang het geval, Frans of Nederlands opdat men de rechtsleer en rechtspraak die in de andere taal werd gepubliceerd, zou kunnen begrijpen.
  Zij omvat ook de kennis van minstens één andere taal, hetgeen onmisbaar is op het ogenblik dat talrijke geschillen internationale dimensies aannemen en dat, op Europees vlak, de impact van het gemeenschapsrecht elke dag toeneemt.
  Talenkennis is een element van rijkdom en van openheid naar de buitenwereld en bevordert tevens de integratie in een Europese rechtscultuur.
  coördinatoren : Ivan Verougstraete, voorzitter van het Hof van Cassatie (Nederlands, Frans, Engels), en Andre Henkes, advocaat-generaal bij het Hof van Cassatie (Duits).
  7. De evaluatie
  coördinatoren : Edithe Van den Broeck en Jacques Hamaide, voorzitters respectievelijk van de Nederlandstalige en de Franstalige benoemings- en aanwijzingscommissie van de Hoge Raad voor de Justitie.
  De eerste ervaringen met betrekking tot het evaluatiesysteem voor magistraten tonen aan dat een opleiding van de evaluatoren noodzakelijk is voor een eenvormige toepassing ervan.
  8. Communicatie ter terechtzitting
  coördinatoren : Hans Van Bossuyt, raadsheer in het hof van beroep te Gent, en Jean-Louis Franeau, kamervoorzitter in het hof van beroep te Bergen.
  9. Opleiding over luistervaardigheden
  Goed kunnen luisteren is een essentiële eigenschap van een magistraat. Deze training moet zo praktisch mogelijk uitgewerkt worden door middel van oefeningen, simulaties, rollenspelen enz.
-