Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
30 APRIL 1999. - Collectieve arbeidsovereenkomst van 30 april 1999, gesloten in het Paritair Comité voor de landbouw, betreffende het tewerkstellingsakkoord (Overeenkomst geregistreerd op 11 juni 1999 onder het nummer 50950/COF/144).
Titre
30 AVRIL 1999. - Convention collective de travail du 30 avril 1999, conclue au sein de la Commission paritaire de l'agriculture, relative à l'accord pour l'emploi (Convention enregistrée le 11 juin 1999 sous le numéro 50950/COF/144).
Informations sur le document
Numac: 2000A12903
Datum: 1999-04-30
Info du document
Numac: 2000A12903
Date: 1999-04-30
Tekst (7)
Texte (7)
Artikel 1. De bepalingen van deze collectieve arbeidsovereenkomst zijn van toepassing op de werkgevers die ressorteren onder het toepassingsgebied van het Paritair Comité voor de landbouw en op de door hen tewerkgestelde arbeiders en arbeidsters.
Article 1. Les dispositions de la présente convention collective de travail s'appliquent aux employeurs ressortissant à la Commission paritaire de l'agriculture et aux ouvriers et ouvrières occupés par eux.
Art. 2. Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten ter uitvoering van het interprofessioneel akkoord van 8 december 1998 en ter uitvoering van het hoofdstuk IV van titel III van de wet van 26 juli 1996 tot bevordering van de werkgelegenheid en tot preventieve vrijwaring van het concurrentievermogen.
Art. 2. La présente convention collective de travail est conclue en exécution de l'accord interprofessionnel du 8 décembre 1998 et en exécution du chapitre IV du titre III de la loi du 26 juillet 1996 relative à la promotion de l'emploi et à la sauvegarde préventive de la compétitivité.
Art. 3. Dit tewerkstellingsakkoord heeft tot doel om voor de sector tewerkstellingsbevorderende maatregelen te voorzien die kunnen aanleiding geven tot het behoud of tot de indienstneming van bijkomende werknemers.
De sectoriële onderhandelaars in het Paritair Comité voor de landbouw stellen vast dat het aantal op een reguliere basis in de sector tewerkgestelde voltijdse of deeltijdse werknemers de laatste jaren gestabiliseerd is. Het is de vaste wil van de ondertekenende partijen om de op dit ogenblik in de sector bestaande werkgelegenheid in elk geval te behouden en, zo mogelijk, nog uit te breiden. Deze collectieve arbeidsovereenkomst moet in dit perspectief gelezen worden.
De sectoriële onderhandelaars in het Paritair Comité voor de landbouw stellen vast dat het aantal op een reguliere basis in de sector tewerkgestelde voltijdse of deeltijdse werknemers de laatste jaren gestabiliseerd is. Het is de vaste wil van de ondertekenende partijen om de op dit ogenblik in de sector bestaande werkgelegenheid in elk geval te behouden en, zo mogelijk, nog uit te breiden. Deze collectieve arbeidsovereenkomst moet in dit perspectief gelezen worden.
Art. 3. La présente convention collective de travail vise à prévoir pour le secteur des mesures de promotion de l'emploi pouvant donner lieu au maintien ou à l'engagement de collaborateurs supplémentaires.
Les négociateurs sectoriels dans la Commission paritaire de l'agriculture constatent que le nombre de travailleurs occupés sur une base régulière, à temps plein ou à temps partiel, s'est stabilisé ces dernières années. Les parties signataires ont la ferme volonté de maintenir au moins l'emploi actuellement existant dans le secteur et, si possible, de l'augmenter encore. La présente convention collective de travail doit être lue sous cet angle.
Les négociateurs sectoriels dans la Commission paritaire de l'agriculture constatent que le nombre de travailleurs occupés sur une base régulière, à temps plein ou à temps partiel, s'est stabilisé ces dernières années. Les parties signataires ont la ferme volonté de maintenir au moins l'emploi actuellement existant dans le secteur et, si possible, de l'augmenter encore. La présente convention collective de travail doit être lue sous cet angle.
Art. 4. De ondertekenende partijen stellen vast dat zij in het verleden collectieve arbeidsovereenkomsten gesloten hebben die mogelijker wijze een positief effect kunnen hebben op de globale werkgelegenheid in de sector. Zij willen deze collectieve arbeidsovereenkomsten verlengen en op bepaalde punten aanpassen zodat het tewerkstellingsbevorderend effect van deze overeenkomsten nog kan versterkt worden :
- er is voor de jaren 1997-1998 een collectieve arbeidsovereenkomst afgesloten in toepassing waarvan de werknemers tijdens de werkuren een opleiding kunnen volgen die betrekking heeft op de verbetering van hun socio-economische vorming en op vorming inzake de gezondheid en de veiligheid op het werk.
De ondertekenende partijen hebben beslist om met ingang van 1 januari 1999 deze vormingsinspanningen te verhogen en de middelen die in dit verband worden aangewend te verdubbelen. De bijdrage wordt gebracht van 0,10 pct. op 0,20 pct.
- de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 april 1997, betreffende de loopbaanonderbreking, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 25 juni 1998, Belgisch Staatsblad van 13 oktober 1998, die voorziet in een aantal aan de sector aangepaste begeleidingsregelingen, wordt verlengd;
- de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 april 1997, betreffende het conventioneel brugpensioen, wordt verlengd. Tevens wordt er voorzien in een beter uitgewerkte solidarisering van de te betalen aanvullende vergoeding aan de bruggepensioneerden.
- er is voor de jaren 1997-1998 een collectieve arbeidsovereenkomst afgesloten in toepassing waarvan de werknemers tijdens de werkuren een opleiding kunnen volgen die betrekking heeft op de verbetering van hun socio-economische vorming en op vorming inzake de gezondheid en de veiligheid op het werk.
De ondertekenende partijen hebben beslist om met ingang van 1 januari 1999 deze vormingsinspanningen te verhogen en de middelen die in dit verband worden aangewend te verdubbelen. De bijdrage wordt gebracht van 0,10 pct. op 0,20 pct.
- de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 april 1997, betreffende de loopbaanonderbreking, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 25 juni 1998, Belgisch Staatsblad van 13 oktober 1998, die voorziet in een aantal aan de sector aangepaste begeleidingsregelingen, wordt verlengd;
- de collectieve arbeidsovereenkomst van 25 april 1997, betreffende het conventioneel brugpensioen, wordt verlengd. Tevens wordt er voorzien in een beter uitgewerkte solidarisering van de te betalen aanvullende vergoeding aan de bruggepensioneerden.
Art. 4. Les parties signataires constatent qu'elles ont, par le passé, conclu des conventions collectives de travail qui pourraient avoir un effet positif sur l'emploi global dans le secteur. Elles veulent proroger ces conventions collectives de travail et les adapter sur certains points pour que leur effet puisse encore être renforcé :
- pour les années 1997-1998, une convention collective de travail a été conclue en application de laquelle les travailleurs peuvent suivre, pendant les heures de travail, une formation relative à l'amélioration de leur formation socio-économique et à la formation en matière d'hygiène et de prévention au travail.
Les parties signataires ont décidé d'augmenter ces efforts à partir du 1er janvier 1999 et de doubler les moyens qui y sont consacrés. La cotisation est portée de 0,10 p.c. à 0,20 p.c.
- la convention collective de travail du 25 avril 1997 concernant l'interruption de carrière, rendue obligatoire par arrêté royal du 25 juin 1998, Moniteur belge du 13 octobre 1998, qui prévoit un certain nombre de mesures d'accompagnement adaptées au secteur, est prorogée;
- la convention collective de travail du 25 avril 1997 relative à la prépension conventionnelle est prorogée. En outre, il est prévu une solidarisation mieux élaborée de l'allocation complémentaire payable aux prépensionnés.
- pour les années 1997-1998, une convention collective de travail a été conclue en application de laquelle les travailleurs peuvent suivre, pendant les heures de travail, une formation relative à l'amélioration de leur formation socio-économique et à la formation en matière d'hygiène et de prévention au travail.
Les parties signataires ont décidé d'augmenter ces efforts à partir du 1er janvier 1999 et de doubler les moyens qui y sont consacrés. La cotisation est portée de 0,10 p.c. à 0,20 p.c.
- la convention collective de travail du 25 avril 1997 concernant l'interruption de carrière, rendue obligatoire par arrêté royal du 25 juin 1998, Moniteur belge du 13 octobre 1998, qui prévoit un certain nombre de mesures d'accompagnement adaptées au secteur, est prorogée;
- la convention collective de travail du 25 avril 1997 relative à la prépension conventionnelle est prorogée. En outre, il est prévu une solidarisation mieux élaborée de l'allocation complémentaire payable aux prépensionnés.
Art. 5. Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt neergelegd op de griffie van het Ministerie van Tewerkstelling en Arbeid.
Art. 5. La présente convention collective de travail est déposée au greffe du Ministère de l'Emploi et du Travail.
Art. 6. De ondertekenende partijen verbinden zich ertoe, om in uitvoering van het interprofessioneel akkoord van 8 december 1998 ("Hoofdstuk K.M.O. en sociale dialoog") een werkgroep op te richten die deze thematiek zal bespreken.
Art. 6. Les parties signataires s'engagent, en exécution de l'accord interprofessionnel du 8 décembre 1998 ("Chapitre P.M.E. et dialogue social"), à créer un groupe de travail qui discutera de cette thématique.
Art. 7. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten voor een bepaalde duur. Zij treedt in werking op 1 januari 1999 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2001.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2000.
(Voor het KB, zie %%2000-11-23/62%%)
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 23 november 2000.
(Voor het KB, zie %%2000-11-23/62%%)
De Minister van Werkgelegenheid,
Mevr. L. ONKELINX.
Art. 7. La présente convention collective de travail est conclue pour une durée déterminée. Elle prend effet au 1er janvier 1999 et cesse d'être en vigueur le 1er janvier 2001.
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 23 novembre 2000.
(Pour l'AR, voir %%2000-11-23/62%%)
La Ministre de l'Emploi,
Mme L. ONKELINX.
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 23 novembre 2000.
(Pour l'AR, voir %%2000-11-23/62%%)
La Ministre de l'Emploi,
Mme L. ONKELINX.