Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
25 MEI 2000. - Besluit van de Regering tot invoering van een leertijd van de Middenstand voor het beroep van bankbediende (VERTALING).
Titre
25 MAI 2000. - Arrêté du Gouvernement instaurant un apprentissage des Classes moyennes pour la profession d'employé de banque (TRADUCTION).
Informations sur le document
Numac: 2000033068
Datum: 2000-05-25
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 2000033068
Date: 2000-05-25
Moniteur: Voir
Tekst (5)
Texte (4)
Artikel 1. Vanaf 1 juli 2000 kunnen leerovereenkomsten en gecontroleerde leerverbintenissen voor het beroep " bankbediende " op basis van het leerprogramma " X02/99 " gesloten worden.
Article 1. A partir du 1er juillet 2000, des contrats d'apprentissage et des engagements d'apprentissage contrôlé peuvent être conclus pour la profession d'employé de banque sur la base du programme d'apprentissage " X02/99 ".
Art. 2. In het besluit van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap van 10 oktober 1995 houdende vaststelling van bijzondere erkenningsvoorwaarden van de leerovereenkomsten en van de gecontroleerde leerverbintenissen voor bepaalde beroepen in de vorming van de Middenstand worden een artikel 3bis en een artikel 3ter ingevoegd, luidend als volgt :
  " Artikel 3bis. § 1. Om een leerovereenkomst voor het beroep van bankbediende te kunnen ondertekenen, moet de leerling houder zijn van het getuigschrift van hoger secundair onderwijs.
  § 2. De leerling die een leertijd voor het beroep van bankbediende volgt, verkrijgt van zijn ondernemingshoofd een maandelijkse minimale leertoelage ten belope van :
  a) 12.000,- F 297,47 Euro voor het eerste jaar;
  b) 13.500,- F 334,66 Euro voor het tweede jaar;
  c) 15.000,- F 371,84 Euro voor het derde jaar.
Art. 2. Dans l'arrêté du Gouvernement de la Communauté germanophone du 10 octobre 1995 fixant des conditions particulières d'agréation des contrats d'apprentissage et des engagements d'apprentissage contrôlé pour certaines professions dans la formation des Classes moyennes sont insérés un article 3bis et un article 3ter libellés comme suit :
  " Article 3bis. § 1er. Afin de pouvoir signer un contrat d'apprentissage pour la profession d'employé de banque, l'élève doit être en possession du certificat d'enseignement secondaire supérieur.
  § 2. L'apprenti qui suit un apprentissage pour la profession d'employé de banque perçoit de son maître de stage une allocation minimale d'apprentissage s'élevant par mois à :
  a) 12.000,- F 297,47 Euro la première année;
  b) 13.500,- F 334,66 Euro la deuxième année;
  c) 15.000,- F 371,84 Euro la troisième année.
  Art. 3ter. En ce qui concerne les conditions d'agréation des contrats d'apprentissage et des engagements d'apprentissage contrôlé dans la formation des Classes moyennes pour les professions visées par le présent arrêté, ce sont les dispositions de l'arrêté ministériel du 27 octobre 1978 fixant les conditions d'agréation des contrats d'apprentissage et des engagements d'apprentissage contrôlé dans la formation permanente des Classes moyennes qui sont applicables, sauf disposition contraire du présent arrêté. ".
Art. 3ter. Wat de erkenningsvoorwaarden van de leerovereenkomsten en van de gecontroleerde leerverbintenissen in de voortdurende vorming van de Middenstand voor de beroepen bedoeld in voorliggend besluit betreft, gelden de bepalingen van het ministerieel besluit van 27 oktober 1978 houdende bepaling van de erkenningsvoorwaarden van de leerovereenkomsten en van de gecontroleerde leerverbintenissen in de voortdurende vorming van de Middenstand, behalve als voorliggend besluit iets anders bepaalt. ".
Art. 3. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa signature.
Art. 3. Voorliggend besluit treedt in werking op de dag waarop het wordt ondertekend.
Art. 4. Le Ministre de l'Enseignement et de la Formation, de la Culture et du Tourisme est chargé de l'exécution du présent arrêté.
  Eupen, le 25 mai 2000.
  Pour le Gouvernement de la Communauté germanophone :
  Le Ministre-Président, Ministre de l'Emploi, de la Politique des Handicapés, des Médias et des Sports,
  K.-H. LAMBERTZ
  Le Ministre de l'Enseignement et de la Formation, de la Culture et du Tourisme,
  B. GENTGES.
Art. 4. De Minister van Onderwijs en Vorming, Cultuur en Toerisme is belast met de uitvoering van dit besluit.
  Eupen, 25 mei 2000.
  Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap :
  De Minister-President, Minister van Werkgelegenheid, Gehandicaptenbeleid, Media en Sport,
  K.-H. LAMBERTZ
  De Minister van Onderwijs en Vorming, Cultuur en Toerisme,
  B. GENTGES.
-