Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
21 FEBRUARI 2000. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap tot toekenning van een toelage aan de " Fédération des établissements libres subventionnés indépendants (FELSI) " om de invoering van positieve discriminaties in het onderwijs voor sociale promotie te garanderen (VERTALING).
Titre
21 FEVRIER 2000. - Arrêté du Gouvernement de la Communauté française octroyant une subvention à la Fédération des établissements libres subventionnés indépendants (FELSI) pour assurer la mise en oeuvre de discriminations positives dans l'enseignement de promotion sociale.
Informations sur le document
Info du document
Tekst (6)
Texte (6)
Artikel 1. Een globale toelage van 5 210 905 (vijf miljoen tweehonderdentienduizend negenhonderd en vijf) frank aan te rekenen op het krediet uitgetrokken op de basisallocatie 01.01, activiteitenprogramma 70, organisatie-afdeling 56 van de begroting van de Franse Gemeenschap, uitgaven van het Ministerie van Onderwijs, Onderzoek en Vorming, begrotingsjaar 2000, wordt toegekend aan de " Fédération des établissements libres subventionnés indépendants (FELSI) ", rekening nr. 210-0565181-14.
Article 1. Un subside global de 5 210 905 BEF (cinq millions deux cent dix mille neuf cent cinq francs) à imputer à charge du crédit inscrit à l'allocation de base 01.01, programme d'activité 70, division organique 56 du budget de la Communauté fran}aise, dépenses du Ministère de l'Education, de la Recherche et de la Formation, année budgétaire 2000, est alloué à la Fédération des établissements libres subventionnés indépendants (FELSI), compte n° 210-0565181-14.
Art. 2. De bij artikel 1 bedoelde toelage is bestemd om de verwezenlijking te dekken van de projecten bedoeld bij artikel 2, 3° van het besluit van 21 september 1998 tot bepaling van de verhouding of het aantal werkzoekenden waarboven een inrichting of een vestiging van onderwijs voor sociale promotie kunnen beschouwd worden als inrichting of vestiging die het voordeel van positieve discriminaties mogen genieten en tot goedkeuring van de lijst van actieprojecten voor positieve discriminaties, overeenkomstig artikel 58 van het decreet van 30 juni 1998 dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven, inzonderheid door de invoering van maatregelen voor positieve discriminatie.
Art. 2. Le subside visé à l'article 1er est destiné à couvrir la réalisation des projets visés à l'article 2, 3° de l'arrêté du Gouvernement de la Communauté française du 21 septembre 1998 fixant la proportion et le nombre de demandeurs d'emploi au-delà desquels un établissement ou une implantation d'enseignement de promotion sociale peuvent être considérés comme établissement ou implantation bénéficiaires de discriminations positives et approuvant la liste des projets d'action à discriminations positives, conformément à l'article 58 du décret du 30 juin 1998 visant à assurer à tous les élèves des chances égales d'émancipation sociale, notamment par la mise en oeuvre de discriminations positives.
Art. 3. De bij artikel 1 bedoelde toelage wordt in één schijf uitbetaald bij de ondertekening van dit besluit.
Art. 3. Le subside visé à l'article 1er sera liquidé, en une seule tranche, à la signature du présent arrêté.
Art. 4. Op het einde van de projecten bedoeld bij artikel 2 moeten de begunstigde onderwijsinrichtingen voor sociale promotie binnen de drie maanden afschriften van de volgende bescheiden laten geworden aan de Dienst voor het Onderwijs voor Sociale Promotie van de Algemene Directie van het Niet-verplicht Onderwijs, Rijksadministratief Centrum, Pachecolaan 19, bus 0, bureau 4007, te 1010 Brussel :
1° de gedetailleerde rekening, in tweevoud, van de ontvangsten en uitgaven betreffende de bij artikel 2 bedoelde projecten;
2° de bewijsstukken betreffende al de uitgaven bedoeld bij 1°.
Deze stukken moeten in tweevoud opgemaakt worden en in chronologische orde opgenomen op een verzamelstaat eveneens in tweevoud opgesteld.
De begunstigde inrichtingen zullen ook een exemplaar van de bij 1° en 2° bedoelde documenten ter beschikking stellen van de Controledienst.
1° de gedetailleerde rekening, in tweevoud, van de ontvangsten en uitgaven betreffende de bij artikel 2 bedoelde projecten;
2° de bewijsstukken betreffende al de uitgaven bedoeld bij 1°.
Deze stukken moeten in tweevoud opgemaakt worden en in chronologische orde opgenomen op een verzamelstaat eveneens in tweevoud opgesteld.
De begunstigde inrichtingen zullen ook een exemplaar van de bij 1° en 2° bedoelde documenten ter beschikking stellen van de Controledienst.
Art. 4. Au terme des projets visés à l'article 2, les établissements d'enseignement de promotion sociale bénéficiaires devront, dans les trois mois, fournir les copies des documents énumérés ci-après au Service de l'Enseignement de promotion sociale de la Direction générale de l'Enseignement non obligatoire, Cité administrative de l'Etat, boulevard Pachéco 19, bte 0, bureau 4007, à 1010 Bruxelles :
1° le compte détaillé, en double exemplaire, des recettes et des dépenses relatives aux projets visés à l'article 2;
2° les pièces justificatives relatives à toutes les dépenses visées au 1°.
Ces pièces doivent être établies en double exemplaire et reprises par ordre chronologique sur un relevé récapitulatif établi également en double exemplaire.
Les établissements bénéficiaires tiendront par ailleurs un exemplaire des documents visés au 1° et au 2° à la disposition du Service de Vérification.
1° le compte détaillé, en double exemplaire, des recettes et des dépenses relatives aux projets visés à l'article 2;
2° les pièces justificatives relatives à toutes les dépenses visées au 1°.
Ces pièces doivent être établies en double exemplaire et reprises par ordre chronologique sur un relevé récapitulatif établi également en double exemplaire.
Les établissements bénéficiaires tiendront par ailleurs un exemplaire des documents visés au 1° et au 2° à la disposition du Service de Vérification.
Art. 5. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2000.
Art. 5. Le présent arrêté prend ses effets le 1er janvier 2000.
Art. 6. De Minister van Jeugd, Ambtenarenzaken en Onderwijs voor Sociale Promotie is belast met de uitvoering van dit besluit.
Brussel, 21 februari 2000.
Voor de Regering van de Franse Gemeenschap :
De Minister van Jeugd, Ambtenarenzaken en Onderwijs voor Sociale Promotie,
Y. YLIEFF
Brussel, 21 februari 2000.
Voor de Regering van de Franse Gemeenschap :
De Minister van Jeugd, Ambtenarenzaken en Onderwijs voor Sociale Promotie,
Y. YLIEFF
Art. 6. Le Ministre de la Jeunesse, de la Fonction publique et de l'Enseignement de promotion sociale est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Bruxelles, le 21 février 2000.
Pour le Gouvernement de la Communauté française :
Le Ministre de la Jeunesse, de la Fonction publique et de l'Enseignement de promotion sociale,
Y. YLIEFF
Bruxelles, le 21 février 2000.
Pour le Gouvernement de la Communauté française :
Le Ministre de la Jeunesse, de la Fonction publique et de l'Enseignement de promotion sociale,
Y. YLIEFF