Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
2 APRIL 1998. - Koninklijk besluit tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 11-04-1998 en tekstbijwerking tot 28-07-1998)
Titre
2 AVRIL 1998. - Arrêté royal portant réforme des structures de gestion de l'aéroport de Bruxelles-National. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 11-04-1998 et mis à jour au 28-07-1998)
Informations sur le document
Numac: 1998014092
Datum: 1998-04-02
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1998014092
Date: 1998-04-02
Moniteur: Voir
Tekst (52)
Texte (54)
HOOFDSTUK I. - Luchthavenactiviteiten.
CHAPITRE Ier. - Activités aéroportuaires
Artikel 1. Tegen de voorwaarden en volgens de nadere regels bepaald in dit besluit, worden de luchthavenactiviteiten van de Regie der Luchtwegen, hierna genoemd de "R.L.W.", en van de naamloze vennootschap "Brussels Airport Terminal Company", hierna genoemd "B.A.T.C.", op de luchthaven Brussel-Nationaal en de daarmee verband houdende taken van openbare dienst samengebracht binnen B.A.T.C., die te dien einde het statuut van autonoom overheidsbedrijf zal verkrijgen in de zin van de wet van 21 maart 1991 betreffende de hervorming van sommige economische overheidsbedrijven.
Article 1. Aux conditions et selon les modalités prévues par le présent arrêté, les activités aéroportuaires de la Régie des voies aériennes, dénommée ci-après la "R.V.A.", et de la société anonyme "Brussels Airport Terminal Company", dénommée ci-après la "B.A.T.C.", à l'aéroport de Bruxelles-National et les missions de service public y afférentes seront regroupées au sein de la B.A.T.C., qui à cette fin sera dotée du statut d'entreprise publique autonome au sens de la loi du 21 mars 1991 portant réforme de certaines entreprises publiques économiques.
Afdeling 1. - Omvorming van B.A.T.C. tot autonoom overheidsbedrijf.
Section 1. - Transformation de la B.A.T.C. en entreprise publique autonome
Art. 2. § 1. Binnen B.A.T.C. wordt een ad hoc comité opgericht met als opdracht :
  1° de onderhandeling, in naam en voor rekening van B.A.T.C., van een beheerscontract tussen B.A.T.C. en de Staat overeenkomstig artikel 3;
  2° de wijziging van de statuten van B.A.T.C. overeenkomstig artikel 4.
  § 2. Het ad hoc comité is samengesteld uit ten minste drie en ten hoogste vijf leden die worden aangeduid door de minister tot wiens bevoegdheid het vervoer behoort, hierna genoemd de "Minister", in voorkomend geval op voordracht van B.A.T.C. of de R.L.W.
  B.A.T.C. en de R.L.W., deze laatste handelend door de raad van bestuur bedoeld in artikel 176 van voornoemde wet van 21 maart 1991, hebben elk het recht twee leden van het ad hoc comité voor te dragen, per aangetekende brief gericht aan de Minister binnen acht dagen na de inwerkingtreding van dit besluit.
  Het mandaat van de leden van het ad hoc comité is niet bezoldigd.
Art. 2. § 1er. Il est constitué auprès de la B.A.T.C. un comité ad hoc qui a pour mission :
  1° la négociation, au nom et pour le compte de la B.A.T.C., d'un contrat de gestion entre la B.A.T.C. et l'Etat conformément à l'article 3;
  2° la modification des statuts de la B.A.T.C. conformément à l'article 4.
  § 2. Le comité ad hoc se compose de trois membres au moins et de cinq membres au plus, qui sont désignés par le ministre qui a les transports dans ses attributions, dénommé ci-après le "Ministre", le cas échéant sur la proposition de la B.A.T.C. ou de la R.V.A.
  La B.A.T.C. et la R.V.A., cette dernière agissant par le conseil d'administration visé a l'article 176 de la loi du 21 mars 1991 précitée, ont le droit chacune de proposer deux membres du comité ad hoc, par lettre recommandée à la poste adressée au Ministre dans les huit jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté.
  Le mandat des membres du comité ad hoc n'est pas rémunéré.
Art. 3. § 1. Wat de taken van openbare dienst van B.A.T.C. betreft, bepaald in artikel 180 van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit, regelt een tussen B.A.T.C. en de Staat af te sluiten beheerscontract de aangelegenheden bedoeld in artikel 3, § 2, van dezelfde wet.
  Vanaf de indeling van B.A.T.C. als autonoom overheidsbedrijf vormt dit contract het eerste beheerscontract van B.A.T.C. in de zin van artikel 3 van dezelfde wet.
  § 2. Bij de onderhandeling van dit beheerscontract wordt B.A.T.C. door het ad hoc comité en de Staat door de Minister vertegenwoordigd.
  Het ad hoc comité neemt het beheerscontract aan met een meerderheid van twee derden van zijn leden.
Art. 3. § 1er. En ce qui concerne les missions de service public de la B.A.T.C. définies à l'article 180 de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrêté, un contrat de gestion à conclure entre la B.A.T.C. et l'Etat réglera les matières visées à l'article 3, § 2, de la même loi. Dès le classement de la B.A.T.C. en entreprise publique autonome, ce contrat constitue le premier contrat de gestion de la B.A.T.C. au sens de l'article 3 de la même loi.
  § 2. Lors de la négociation de ce contrat de gestion, la B.A.T.C. est représentée par le comité ad hoc et l'Etat par le Ministre.
  Le comité ad hoc adopte le contrat de gestion à la majorité des deux tiers de ses membres.
Art. 4. Het ad hoc comité, dat beslist bij meerderheid van twee derden van zijn leden, wijzigt de statuten van B.A.T.C. inzonderheid teneinde deze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van dit besluit, van voornoemde wet van 21 maart 1991 en, in voorkomend geval, van de aandeelhoudersovereenkomst bedoeld in artikel 21.
Art. 4. Le comité ad hoc, statuant à la majorité des deux tiers de ses membres, modifie les statuts de la B.A.T.C. en vue notamment de les rendre conformes aux dispositions du présent arrêté, de la loi du 21 mars 1991 précitée et, le cas échéant, de la convention entre actionnaires visée à l'article 21.
Art. 5. Het beheerscontract bedoeld in artikel 3 en de wijzigingen aan de statuten van B.A.T.C. bedoeld in artikel 4 hebben slechts uitwerking na goedkeuring ervan bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit, vanaf de dertigste dag volgend op de bekendmaking van dat besluit in het Belgisch Staatsblad of, bij gebrek aan bekendmaking vóór die datum van de wet tot bekrachtiging van dit besluit overeenkomstig artikel 8, § 2, van de wet van 19 december 1997 tot rationalisering van het beheer van de luchthaven Brussel-Nationaal, vanaf de datum van inwerkingtreding van de bekrachtigingswet.
Art. 5. Le contrat de gestion visé à l'article 3 et les modifications aux statuts de la B.A.T.C. visées à l'article 4 ne produisent leurs effets qu'après leur approbation par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres, dès le trentième jour suivant la publication de cet arrêté au Moniteur belge ou, a défaut de publication avant cette date de la loi portant confirmation du présent arrête conformément à l'article 8, § 2, de la loi du 19 décembre 1997 visant à rationaliser la gestion de l'aéroport de Bruxelles-National, dès la date d'entrée en vigueur de la loi de confirmation.
Art. 6. § 1. Indien bij het verstrijken van een termijn van negentig dagen na de aanduiding van de leden van het ad hoc comité het beheerscontract van B.A.T.C. niet is aangenomen overeenkomstig artikel 3, § 2, tweede lid, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, voorlopige regels vaststellen betreffende de aangelegenheden bedoeld in artikel 3, § 1. Deze voorlopige regels gelden als eerste beheerscontract en zijn van toepassing tot de inwerkingtreding van een beheerscontract gesloten overeenkomstig artikel 4 van voornoemde wet van 21 maart 1991.
  § 2. Zo ook, indien bij het verstrijken van de termijn bedoeld in § 1, het ad hoc comité de statuten van B.A.T.C. niet heeft gewijzigd overeenkomstig artikel 4, kan de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, deze statuten wijzigen teneinde deze in overeenstemming te brengen met de bepalingen van dit besluit, van voornoemde wet van 21 maart 1991 en, in voorkomend geval, van de aandeelhoudersovereenkomst bedoeld in artikel 21.
  § 3. De voorlopige regels en statutenwijzigingen die de Koning zou vaststellen met toepassing van § § 1 en 2, kunnen slechts in werking treden na dezelfde termijnen als deze bepaald in artikel 5.
Art. 6. § 1er. Si, à l'expiration d'un délai de nonante jours après la désignation des membres du comité ad hoc, le contrat de gestion de la B.A.T.C. n'a pas été adopté conformément à l'article 3, § 2, deuxième alinéa, le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, fixer des règles provisoires concernant les matières visées à l'article 3, § 1er. Ces règles provisoires valent comme premier contrat de gestion et sont d'application jusqu'à l'entrée en vigueur d'un contrat de gestion conclu conformément à l'article 4 de la loi du 21 mars 1991 précitée.
  § 2. De même, si à l'expiration du délai visé au § 1er, le comité ad hoc n'a pas modifié les statuts de la B.A.T.C. conformément à l'article 4, le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, modifier ces statuts en vue de les rendre conformes aux dispositions du présent arrêté, de la loi du 21 mars 1991 précitée et, le cas échéant, de la convention entre actionnaires visée à l'article 21.
  § 3. Les règles provisoires et modifications statutaires que le Roi arrêterait en application des §§ 1er et 2 ne pourront entrer en vigueur que dans les mêmes délais que ceux prévus à l'article 5.
Art. 7. Bij een in Ministerraad overlegd besluit deelt de Koning B.A.T.C. in bij de autonome overheidsbedrijven bedoeld in artikel 1, § 4, van dezelfde wet, vanaf de datum van inwerkingtreding van haar eerste beheerscontract.
Art. 7. Par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, le Roi classe la B.A.T.C. parmi les entreprises publiques autonomes visées à l'article 1er, § 4, de la même loi à partir de la date d'entrée en vigueur de son premier contrat de gestion.
Art. 8. Vanaf de indeling van B.A.T.C. als autonoom overheidsbedrijf :
  1° wordt B.A.T.C., zonder onderbreking van de continuïteit van haar rechtspersoonlijkheid, een naamloze vennootschap van publiek recht, die wordt beheerst door voornoemde wet van 21 maart 1991, in de mate dat daarvan niet wordt afgeweken door dit besluit;
  2° krijgt B.A.T.C. de naam "Brussels International Airport Company", afgekort "B.I.A.C.";
  3° wordt het ad hoc comité bedoeld in artikel 2 ontbonden;
  4° nemen de mandaten van de leden van de bestaande raad van bestuur en van het bestaande directiecomité van rechtswege een einde;
  5° wordt bij B.I.A.C. een paritair comité opgericht overeenkomstig artikel 30 van voornoemde wet van 21 maart 1991;
  6° wordt elke overeenkomst tussen de overheids- en particuliere aandeelhouders van B.A.T.C. die op de datum van inwerkingtreding van dit besluit van kracht is, ongeldig.
Art. 8. Dès le classement de la B.A.T.C. en entreprise publique autonome :
  1° la B.A.T.C. devient, sans solution de continuité de sa personnalité juridique, une société anonyme de droit public qui est régie par la loi du 21 mars 1991 précitée, dans la mesure où il n'y est pas dérogé par le présent arrêté;
  2° la B.A.T.C. prend la dénomination "Brussels International Airport Company", en abrégé "B.I.A.C.";
  3° le comité ad hoc visé à l'article 2 est dissous;
  4° les mandats des membres du conseil d'administration et du comité de direction existants prennent fin de plein droit;
  5° une commission paritaire est constituée auprès de la B.I.A.C. conformément à l'article 30 de la loi du 21 mars 1991 précitée;
  6° toute convention entre les actionnaires publics et privés de la B.A.T.C. qui est en vigueur à la date d'entrée en vigueur du présent arrêté devient caduque.
Art. 9. Artikel 214, § 1, eerste lid, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 is van toepassing op de omzetting van B.A.T.C. in een naamloze vennootschap van publiek recht overeenkomstig dit besluit.
Art. 9. L'article 214, § 1er, premier alinéa, du Code des impôts sur les revenus 1992 s'applique à la transformation de la B.A.T.C. en société anonyme de droit public conformément au présent arrêté.
Afdeling 2. - Wijziging van de wet van 21 maart 1991.
Section 2. - Modification de la loi du 21 mars 1991
Art. 10. In voornoemde wet van 21 maart 1991 wordt een Titel VII ingevoegd, die luidt als volgt :
  "TITEL VII. - Brussels International Airport Company.
  HOOFDSTUK I. - Doel en taken van openbare dienst.
  Art. 178. De naamloze vennootschap "Brussels International Airport Company", afgekort "B.I.A.C.", is een autonoom overheidsbedrijf met de rechtsvorm van een naamloze vennootschap van publiek recht. Zij ressorteert onder de minister tot wiens bevoegdheid het vervoer behoort.
  Art. 179. B.I.A.C. heeft tot doel :
  1° het beheer, volgens industriële en commerciële methoden, van het geheel der activiteiten op de luchthaven Brussel-Nationaal, met uitsluiting van de activiteiten bedoeld in artikel 171, en van alle taken van algemene politie en luchtvaartinspectie;
  2° het ontwerpen, bouwen, inrichten, onderhouden, moderniseren, ontwikkelen en exploiteren van de grondinstallaties van de luchthaven Brussel-Nationaal en de aanhorigheden ervan, met inbegrip van de parkeerterreinen voor voertuigen, de toegangswegen, de banen en de aprons.
  Art. 180. Van de activiteiten genoemd in artikel 179 zijn de volgende activiteiten taken van openbare dienst van B.I.A.C. :
  1° het ontvangen, laten instappen, laten uitstappen en overbrengen van passagiers en hun bagage op de luchthaven Brussel-Nationaal;
  2° het uitoefenen van activiteiten van luchthaveninspectie en het handhaven van de veiligheid op de grond op de luchthaven Brussel-Nationaal en de aanhorigheden ervan, met uitsluiting van de taken van algemene politie en luchtvaartinspectie;
  3° de activiteiten genoemd in artikel 179, 2°, voor zover zij betrekking hebben op de grondinstallaties nodig voor het landen, stationeren en opstijgen van luchtvaartuigen op de luchthaven Brussel-Nationaal of voor zover zij betrekking hebben op activiteiten genoemd in 1°.
  Art. 181. B.I.A.C. stelt de vergoedingen vast voor de diensten die zij verstrekt in het kader van de taken genoemd in artikel 180, 1° en 2°, en voor het gebruik van de installaties bedoeld in artikel 180, 3°, met inachtneming van de grondregelen en grenzen bepaald in het beheerscontract.
  HOOFDSTUK II. - Bestuur.
  Art. 182. De tweede zin van artikel 12, § 3, is niet van toepassing op B.I.A.C.
  Art. 183. In artikel 13, § 3, eerste lid, zijn de woorden "en statutair recht geeft op meer dan 75% van de stemmen en mandaten in alle organen van de bedoelde dochteronderneming" niet van toepassing op B.I.A.C.
  Art. 184. Wat B.I.A.C. betreft, worden in artikel 18 de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "De raad van bestuur is samengesteld uit ten minste acht leden en ten hoogste veertien leden, met inbegrip van de gedelegeerd bestuurder";
  2° de woorden "gewone leden" en "gewone leden van de raad van bestuur" worden vervangen door het woord "bestuurders";
  3° in § 2, laatste lid, worden de woorden "op eensluidend gemotiveerd advies van de raad van bestuur, goedgekeurd bij twee derde van de uitgebrachte stemmen" geschrapt;
  4° in § 3 worden tussen de woorden "hernieuwbare termijn van" en "zes jaar" de woorden "ten hoogste" ingevoegd;
  5° in § 4 wordt de verwijzing naar artikel 20 geschrapt.
  Art. 185. § 1. Wat B.I.A.C. betreft, worden in artikel 17, § 1, de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° het tweede lid wordt vervangen door het volgende lid :
  "De raad van bestuur houdt toezicht op het beleid van de gedelegeerd bestuurder en, in voorkomend geval, het directiecomité. De gedelegeerd bestuurder doet op geregelde tijdstippen verslag aan de raad";
  2° in het derde lid worden de woorden "van het directiecomité" vervangen door de woorden "van de gedelegeerd bestuurder".
  § 2. In afwijking van artikel 19, eerste lid, worden het dagelijks bestuur van de vennootschap, alsook de vertegenwoordiging van de vennootschap wat dat bestuur aangaat, opgedragen aan de gedelegeerd bestuurder.
  § 3. Artikel 20 is niet van toepassing op B.I.A.C.
  Het directiecomité van B.I.A.C. is samengesteld uit de gedelegeerd bestuurder die als voorzitter optreedt, en uit een aantal directeurs bepaald door de raad van bestuur.
  De gedelegeerd bestuurder wordt benoemd door de Koning, bij een in Ministerraad overlegd besluit, voor een hernieuwbare termijn van ten hoogste zes jaar, op voordracht van de raad van bestuur. Hij kan slechts worden ontslagen bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit, op voordracht van de raad van bestuur.
  De overige leden van het directiecomité worden benoemd door de raad van bestuur voor een door hem bepaalde termijn. De overige leden mogen geen bestuurder van B.I.A.C. zijn en worden benoemd op voordracht van de gedelegeerd bestuurder.
  § 4. Wat B.I.A.C. betreft, worden in de artikelen 21 en 22 de woorden "bestuurder-directeur" en "bestuurders-directeurs" vervangen door de woorden "lid van het directiecomité" respectievelijk "leden van het directiecomité".
  § 5. Voor de benoeming van de eerste voorzitter van de raad van bestuur en van de eerste gedelegeerd bestuurder mag worden afgeweken van artikel 22, § 3.
  Art. 186. Teneinde de raad bij te staan in het onderzoek van de rekeningen, de begrotingscontrole en elke andere aangelegenheid van interne controle, richt de raad van bestuur in zijn midden een auditcomité op samengesteld uit ten minste vier bestuurders andere dan de gedelegeerd bestuurder. De voorzitter van de raad en de Regeringscommissaris worden op de vergaderingen van het auditcomité uitgenodigd en hebben raadgevende stem.
  Art. 187. Artikel 39, § 5, is niet van toepassing op B.I.A.C.
  Art. 188. De raad van bestuur en het directiecomité van B.I.A.C. bestaan uit evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden. De leden die noch Nederlandstalig noch Franstalig zijn, worden niet in aanmerking genomen om de taalpariteit te bepalen.
  HOOFDSTUK III. - Personeel.
  Art. 189. § 1. De bepalingen van artikel 29, § 1, gelden onverminderd het recht van B.I.A.C. om de werknemers die zij op de datum van haar indeling als autonoom overheidsbedrijf onder een contractueel stelsel in dienst had, onder zulk stelsel tewerk te stellen.
  § 2. In de gevallen en tegen de voorwaarden bepaald in een regeling aangenomen door het paritair comité met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen, kan B.I.A.C. personeel aanwerven en tewerkstellen op basis van een arbeidsovereenkomst beheerst door de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten buiten de gevallen bepaald in artikel 29, § 1, tweede lid.
  § 3. Een regeling aangenomen door het paritair comité met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen en bekrachtigd door de Koning kan een facultatief stelsel inrichten dat leden van het statutair personeel van B.I.A.C. de mogelijkheid biedt om naar een contractueel stelsel over te gaan.
  Art. 190. § 1. In artikel 7 van het koninklijk besluit nr. 117 van 27 februari 1935 tot vaststelling van het statuut der pensioenen van het personeel der zelfstandige openbare inrichtingen en der regieën ingesteld door de Staat, gewijzigd bij de wetten van 28 april 1958, 1 juli 1971, 11 juli 1975, 17 mei 1976 en 15 juli 1977 en het koninklijk besluit nr. 429 van 5 augustus 1986, wordt de vermelding "Brussels International Airport Company" ingevoegd na de vermelding "Regie der Luchtwegen".
  § 2. B.I.A.C. draagt de kost van de pensioenen van welke aard ook van de leden en vroegere leden van haar statutair personeel, met inbegrip van het deel ten laste van de Regie der Luchtwegen krachtens artikel 13 van de wet van 14 april 1965 houdende vaststelling van een zeker verband tussen de onderscheiden pensioenregelingen van de openbare sector.
  Bovendien draagt B.I.A.C. de kost van de lopende pensioenen van de vroegere personeelsleden van de Regie der Luchtwegen die waren tewerkgesteld in de diensten belast met de grondactiviteiten bedoeld in artikel 179, 1°, en werden gepensioneerd vóór de overdracht van deze activiteiten aan B.I.A.C. krachtens het koninklijk besluit van 2 april 1998 tot hervorming van de beheersstructuren van de luchthaven Brussel-Nationaal. De minister tot wiens bevoegdheid het vervoer behoort, stelt de lijst van deze personeelsleden vast.
  Art. 191. § 1. B.I.A.C. kan een pensioenfonds oprichten, met de rechtsvorm van vereniging zonder winstoogmerk, met als doel het beheer van de provisies bestemd voor het nakomen van de verplichtingen van B.I.A.C. inzake pensioenen, zonder afbreuk te doen aan de uiteindelijke verantwoordelijkheid van B.I.A.C. voor deze pensioenen krachtens artikel 190.
  Het vermogen en de inkomsten van dit pensioenfonds kunnen uitsluitend worden aangewend voor de betaling van de pensioenen die ten laste zijn van B.I.A.C. krachtens artikel 190. De activa van dit fonds mogen op geen enkel ogenblik naar het vermogen van B.I.A.C. worden overgedragen.
  § 2. Het pensioenfonds van B.I.A.C. wordt beheerst door de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen, in de mate bepaald door het koninklijk besluit van 14 mei 1985 tot toepassing op de private voorzorgsinstellingen van de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen.
  Onverminderd het eerste lid, zijn de statuten van dit pensioenfonds, de beheersovereenkomst af te sluiten tussen B.I.A.C. en dit fonds en het beleggingsreglement ervan, alsook de wijzigingen aan deze akten, onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de ministers tot wier bevoegdheid het vervoer en de pensioenen behoren, hierna genoemd de "Ministers".
  § 3. Bij het pensioenfonds van B.I.A.C. wordt een Regeringscommissaris benoemd door de Koning op de gezamenlijke voordracht van de Ministers.
  De Regeringscommissaris wordt uitgenodigd op alle vergaderingen van de bestuursorganen van dit pensioenfonds en heeft raadgevende stem. Hij kan op elk ogenblik, op de zetel van het fonds, kennis nemen van alle boeken en documenten van het fonds. Hij kan aan zijn bestuurders, personeelsleden en aangestelden alle inlichtingen vragen en kan alle verificaties uitvoeren die hem nuttig lijken.
  De Regeringscommissaris kan elke beslissing van de bestuursorganen van het fonds welke hij strijdig acht met de wet, de beheersovereenkomst bedoeld in § 2, tweede lid, of de statuten of het beleggingsreglement van het fonds, schorsen en ter kennis brengen van de Ministers. Hij beschikt daartoe over een termijn van vier vrije dagen vanaf de dag van de vergadering waarop de beslissing is genomen, voor zover hij daartoe regelmatig werd opgeroepen, en, in het tegenovergestelde geval, vanaf de dag waarop hij ervan kennis heeft gekregen. De betrokken beslissing kan alsdan alleen worden uitgevoerd indien geen enkele Minister er zich tegen heeft verzet binnen acht dagen na de schorsing.
  HOOFDSTUK IV. - Kapitaal en aandelen.
  Art. 192. Artikel 39, § 1, is niet van toepassing op B.I.A.C.
  De overheden mogen de aandelen die zij bezitten in het kapitaal van B.I.A.C. slechts overdragen nadat zij daartoe door de Koning zijn gemachtigd bij een in Ministerraad overlegd besluit, tegen de voorwaarden die Hij bepaalt, en voor zover de rechtstreekse deelneming van de overheden in het kapitaal van B.I.A.C. niet daalt beneden 50 procent van de aandelen plus één aandeel.
  Art. 193. Artikel 40, § 2, is niet van toepassing op B.I.A.C."
Art. 10. Il est inséré un Titre VII dans la loi du 21 mars 1991 précitée, rédigé comme suit :
  "TITRE VII. - Brussels International Airport Company.
  CHAPITRE I. - Objet et missions de service public.
  Art. 178. La société anonyme "Brussels International Airport Company", en abrégé "B.I.A.C.", est une entreprise publique autonome ayant la forme d'une société anonyme de droit public. Elle relève du ministre qui a les transports dans ses attributions.
  Art. 179. La B.I.A.C. a pour objet :
  1° la gestion, par des méthodes industrielles et commerciales, de l'ensemble des activités de l'aéroport de Bruxelles-National, à l'exclusion des activités visées à l'article 171 et de toute tâche de police générale et d'inspection aéronautique;
  2° la conception, la construction, l'aménagement, l'entretien, la modernisation, le développement et l'exploitation des installations au sol de l'aéroport de Bruxelles-National et de ses dépendances, en ce compris les parkings pour véhicules, les voies d'accès, les pistes et les aprons.
  Art. 180. Parmi les activités visées à l'article 179, les activités suivantes constituent des missions de service public de la B.I.A.C. :
  1° l'accueil, l'embarquement, le débarquement et le transfert des passagers et de leurs bagages à l'aéroport de Bruxelles-National;
  2° l'exercice d'activités d'inspection aéroportuaire et le maintien de la sécurité au sol à l'aéroport de Bruxelles-National et dans ses dépendances, à l'exclusion des tâches de police générale et d'inspection aéronautique;
  3° les activités visées à l'article 179, 2°, pour autant qu'elles se rapportent à des installations au sol nécessaires à l'atterrissage, au stationnement et au décollage des aéronefs à l'aéroport de Bruxelles-National ou pour autant qu'elles se rapportent aux activités visées au 1°.
  Art. 181. La B.I.A.C. fixe les redevances pour les services qu'elle rend dans le cadre des missions visées à l'article 180, 1° et 2°, et pour l'utilisation des installations visées a l'article 180, 3°, dans le respect des principes de base et limites établis dans le contrat de gestion.
  CHAPITRE II. - Gestion.
  Art. 182. La deuxième phrase de l'article 12, § 3, ne s'applique pas à la B.I.A.C.
  Art. 183. A l'article 13, § 3, premier alinéa, les mots "et donne droit statutairement à plus de 75 % des voix et des mandats dans tous les organes de la filiale concernée" ne s'appliquent pas à la B.I.A.C.
  Art. 184. En ce qui concerne la B.I.A.C., les modifications suivantes sont apportées à l'article 18 : 1° le § 1er est remplacé par la disposition suivante :
  "Le conseil d'administration se compose de huit membres au moins et de quatorze membres au plus, en ce compris l'administrateur délégué";
  2° les mots "membres ordinaires" et "membres ordinaires du conseil d'administration" sont remplacés par le mot "administrateurs";
  3° au § 2, dernier alinéa, les mots "sur avis conforme motivé du conseil d'administration, approuvé à la majorité des deux tiers des voix exprimées" sont supprimés;
  4° au § 3, les mots "au plus" sont ajoutés après les mots "six ans";
  5° au § 4, le renvoi à l'article 20 est supprimé.
  Art. 185. § 1er. En ce qui concerne la B.I.A.C., les modifications suivantes sont apportées a l'article 17, § 1er :
  1° le deuxième alinéa est remplacé par l'alinéa suivant :
  "Le conseil d'administration contrôle la gestion assurée par l'administrateur délégué et, le cas échéant, le comité de direction. L'administrateur délégué fait régulièrement rapport au conseil";
  2° au troisième alinéa, les mots "au comité de direction" sont remplacés par les mots "à l'administrateur délégué".
  § 2. Par dérogation à l'article 19, premier alinéa, la gestion journalière des affaires de la société ainsi que la représentation de la société en ce qui concerne cette gestion, sont déléguées à l'administrateur délégué.
  § 3. L'article 20 ne s'applique pas à la B.I.A.C.
  Le comité de direction de la B.I.A.C. se compose de l'administrateur délégué, qui le préside, et d'un nombre de directeurs déterminé par le conseil d'administration.
  L'administrateur délégué est nommé par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, pour un terme renouvelable de six ans au plus, sur la proposition du conseil d'administration. Il ne peut être révoqué que par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres, sur la proposition du conseil d'administration.
  Les autres membres du comité de direction sont nommés par le conseil d'administration pour un terme fixé par celui-ci. Ces autres membres ne peuvent pas avoir la qualité d'administrateur de la B.I.A.C. et sont nommés sur la proposition de l'administrateur délégué.
  § 4. En ce qui concerne la B.I.A.C., dans les articles 21 et 22, les mots "administrateur-directeur" et "administrateurs-directeurs" sont remplacés respectivement par les mots "membre du comité de direction" et "membres du comité de direction".
  § 5. Pour la nomination du premier président du conseil d'administration et du premier administrateur délégué, il peut être dérogé à l'article 22, § 3.
  Art. 186. En vue d'assister le conseil dans l'examen des comptes, le contrôle du budget et toute autre question de contrôle interne, le conseil d'administration constitue en son sein un comité d'audit composé d'au moins quatre administrateurs autres que l'administrateur délégué. Le président du conseil et le commissaire du Gouvernement sont invités aux réunions du comité d'audit et y siègent avec voix consultative.
  Art. 187. L'article 39, § 5, ne s'applique pas à la B.I.A.C.
  Art. 188. Le conseil d'administration et le comité de direction de la B.I.A.C. comprennent autant de membres d'expression française que d'expression néerlandaise. Les membres qui ne sont ni d'expression française ni d'expression néerlandaise ne sont pas pris en compte pour déterminer la parité linguistique.
  CHAPITRE III. - Personnel.
  Art. 189. § 1er. Les dispositions de l'article 29, § 1er, sont sans préjudice du droit de la B.I.A.C. d'employer sous régime contractuel les travailleurs qu'elle occupait sous un tel régime a la date de son classement en entreprise publique autonome.
  § 2. Dans les cas et aux conditions prévus dans une réglementation arrêtée par la commission paritaire à la majorité des deux tiers des voix exprimées, la B.I.A.C. peut recruter et employer du personnel en vertu d'un contrat de travail régi par la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail en dehors des cas prévus à l'article 29, § 1er, deuxième alinéa.
  § 3. Une réglementation arrêtée par la commission paritaire à la majorité des deux tiers des voix exprimées et ratifiée par le Roi peut établir un régime facultatif permettant à des membres du personnel statutaire de la B.I.A.C. de passer sous régime contractuel.
  Art. 190. § 1er. Dans l'article 7 de l'arrêté royal n° 117 du 27 février 1935 établissant le statut des pensions du personnel des établissements publics autonomes et des régies institués par l'Etat, modifié par les lois des 28 avril 1958, 1er juillet 1971, 11 juillet 1975, 17 mai 1976 et 15 juillet 1977 et l'arrêté royal n° 429 du 5 août 1986, la mention "Brussels International Airport Company" est insérée après la mention "Régie des voies aériennes".
  § 2. La B.I.A.C. supporte la charge des pensions de toute nature des membres et anciens membres de son personnel statutaire, y compris la quote-part incombant à la Régie des voies aériennes en vertu de l'article 13 de la loi du 14 avril 1965 établissant certaines relations entre les divers régimes de pensions du secteur public.
  En outre, la B.I.A.C. supporte la charge des pensions en cours des anciens membres du personnel de la Régie des voies aériennes qui y étaient affectés aux services en charge des activités au sol visées à l'article 179, 1°, et ont été mis à la retraite avant le transfert de ces activités à la B.I.A.C.
  en vertu de l'arrêté royal du 2 avril 1998 portant réforme des structures de gestion de l'aéroport de Bruxelles-National. Le ministre qui a les transports dans ses attributions arrête la liste de ces agents.
  Art. 191. § 1er. La B.I.A.C. peut créer un fonds de pension, sous la forme d'association sans but lucratif, dont l'objet est de gérer les provisions permettant d'honorer les obligations de la B.I.A.C. en matière de pensions, sans préjudice de la responsabilité finale de la B.I.A.C. pour ces pensions en vertu de l'article 190.
  Le patrimoine et les revenus de ce fonds de pension ne peuvent être utilisés que pour le paiement des pensions incombant à la B.I.A.C. en vertu de l'article 190. L'actif détenu par ce fonds ne peut à aucun moment être transféré au patrimoine de la B.I.A.C.
  § 2. Le fonds de pension de la B.I.A.C. est régi par la loi du 9 juillet 1975 relative au contrôle des entreprises d'assurances, dans la mesure prévue par l'arrête royal du 14 mai 1985 concernant l'application aux institutions privées de prévoyance, de la loi du 9 juillet 1975 relative au contrôle des entreprises d'assurances.
  Sans préjudice du premier alinéa, les statuts de ce fonds de pension, la convention de gestion à conclure entre la B.I.A.C. et ce fonds et le règlement de placement de celui-ci, ainsi que les modifications à ces actes sont soumis à l'approbation préalable des ministres qui ont les transports et les pensions dans leurs attributions, dénommés ci-après les "Ministres".
  § 3. Un commissaire du Gouvernement est nommé auprès du fonds de pension de la B.I.A.C. par le Roi sur proposition conjointe des Ministres.
  Le commissaire du Gouvernement est invité à toutes les réunions des organes de gestion de ce fonds de pension et y siège avec voix consultative. Il peut à tout moment prendre connaissance, au siège du fonds, de tous les livres et documents du fonds. Il peut requérir de ses administrateurs, agents et préposés toutes informations et peut procéder à toutes vérifications qui lui paraissent utiles.
  Le commissaire du Gouvernement peut suspendre et dénoncer aux Ministres toute décision des organes de gestion du fonds qu'il estime contraire à la loi, à la convention de gestion visée au § 2, deuxième alinéa, ou aux statuts ou règlement de placement du fonds. A cet effet, il dispose d'un délai de quatre jours francs à partir du jour de la réunion à laquelle la décision a été prise, pour autant qu'il y ait été régulièrement convoqué, et, dans le cas contraire, à partir du jour où il en a reçu connaissance. La décision en cause ne peut être exécutée que si aucun des Ministres ne s'y est opposé dans les huit jours de la suspension.
  CHAPITRE IV. - Capital et actions.
  Art. 192. L'article 39, § 1er, ne s'applique pas à la B.I.A.C.
  Les autorités publiques ne peuvent céder les actions qu'elles détiennent dans le capital de la B.I.A.C. qu'après y avoir été autorisées par le Roi, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, aux conditions qu'Il détermine et pour autant que la participation directe des autorités publiques dans le capital de la B.I.A.C. ne descende pas en dessous de 50 pour cent des actions plus une action.
  Art. 193. L'article 40, § 2, ne s'applique pas à la B.I.A.C."
Art. 11. Artikel 10 treedt in werking op de datum van de indeling van B.A.T.C. als autonoom overheidsbedrijf overeenkomstig artikel 7. (NOTA : deze inwerkingtredingdatum is 01-10-1998; zie KB 1998-08-25/32, art. 3.)
Art. 11. L'article 10 entre en vigueur à la date du classement de la B.A.T.C. en entreprise publique autonome conformément à l'article 7. (NOTE : cette date d'entrée en vigueur est le 01-10-1998; voir AR 1998-08-25/32, art. 3.)
Art. 12. Bij een in Ministerraad overlegd besluit vervangt de Koning de woorden "Regie der Luchtwegen", "R.L.W." of "Regie" door de woorden "Brussels International Airport Company" in alle wettelijke en reglementaire bepalingen die de entiteit van publiek recht beogen die de activiteiten uitoefent bepaald in artikel 179 van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals gewijzigd bij dit besluit.
Art. 12. Par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, le Roi remplace les mots "Régie des voies aériennes", "R.V.A." ou "Régie" par les mots "Brussels International Airport Company" dans toutes les dispositions légales et règlementaires qui visent l'entité de droit public exerçant les activités définies à l'article 179 de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrêté.
Afdeling 3. - Rechten van de particuliere aandeelhouders.
Section 3. - Droits des actionnaires privés.
Art. 13. § 1. Niettegenstaande elke tegenstrijdige statutaire of contractuele bepaling, heeft elke aandeelhouder van B.A.T.C., andere dan een overheid in de zin van artikel 42 van voornoemde wet van 21 maart 1991, het recht om alle of een deel van zijn aandelen van B.A.T.C. te verkopen aan de Staat of aan de overheid die deze daartoe aanduidt, tegen de prijs bepaald overeenkomstig de artikelen 14 tot 17.
  § 2. Het verkooprecht bedoeld in § 1 kan worden uitgeoefend gedurende een termijn van dertig dagen na toezending aan de aandeelhouders van de brief bedoeld in artikel 17, § 4, tweede lid. De betrokken aandeelhouder moet de Minister hiervan binnen deze termijn per aangetekende brief in kennis stellen.
  § 3. Bij de verkoop van de aandelen krachtens § 1, moet de verkoper de volle eigendom ervan aan de koper overdragen, vrij en onbezwaard met enige last of enig recht ten voordele van derden.
  Deze overdracht is niet onderworpen aan eventuele statutaire of contractuele beperkingen op de overdraagbaarheid van de betrokken aandelen.
  § 4. De overdracht van de aandelen krachtens dit artikel geschiedt op de derde werkdag na het verstrijken van de termijn bedoeld in § 2, om 10 uur 's ochtends op het kabinet van de Minister of, bij gebrek aan bekendmaking van de wet tot bekrachtiging van dit besluit overeenkomstig artikel 8, § 2, van voornoemde wet van 19 december 1997 vóór het verstrijken van die termijn, op de derde werkdag volgend op de datum van bekendmaking van de bekrachtigingswet, op hetzelfde uur en op dezelfde plaats.
  § 5. De prijs van de aandelen wordt betaald, met valuta op de datum van overdracht, door overschrijving op de Belgische bankrekening van de verkoper aangegeven in de kennisgeving bedoeld in § 2.
  De prijs draagt interest aan BIBOR op één maand, vanaf de vierde werkdag na het verstrijken van de termijn bedoeld in § 2 tot op de datum van betaling, tenzij de overdracht wordt vertraagd wegens handelingen of verzuim van één of meerdere aandeelhouders bedoeld in § 1.
Art. 13. § 1er. Nonobstant toute disposition statutaire ou conventionnelle contraire, chaque actionnaire de la B.A.T.C., autre qu'une autorité publique au sens de l'article 42 de la loi du 21 mars 1991 précitée, a le droit de vendre tout ou partie de ses actions de la B.A.T.C. a l'Etat ou à l'autorité publique que celui-ci déléguera à cet effet, au prix fixé conformément aux articles 14 à 17.
  § 2. Le droit de vente vise au § 1er peut être exercé pendant une période de trente jours suivant l'envoi aux actionnaires de la lettre visée à l'article 17, § 4, deuxième alinéa. L'actionnaire en question doit le notifier dans ce délai au Ministre par lettre recommandée à la poste.
  § 3. Lors de la vente des actions en vertu du § 1er, le vendeur doit en céder la pleine propriété à l'acheteur, quitte et libre de toute charge et de tout droit au profit de tiers.
  Cette cession n'est pas soumise aux éventuelles restrictions statutaires ou conventionnelles à la cessibilité des actions en question.
  § 4. La cession des actions en vertu du présent article s'effectuera le troisième jour ouvrable suivant l'expiration du délai visé au § 2, à 10 heures du matin, au cabinet du Ministre ou, à défaut de publication de la loi portant confirmation du présent arrêté conformément à l'article 8, § 2, de la loi du 19 décembre 1997 précitée avant l'expiration de ce délai, le troisième jour ouvrable suivant la date de publication de la loi de confirmation, à la même heure et au même endroit.
  § 5. Le prix des actions sera payé, sous valeur à la date de cession, par virement au compte bancaire belge du vendeur désigné dans la notification visée au § 2.
  Le prix portera intérêt, au taux BIBOR à un mois, dès le quatrième jour ouvrable suivant l'expiration du délai visé au § 2 jusqu'à la date de paiement, à moins que la cession ne soit retardée en raison d'actes ou omissions d'un ou plusieurs actionnaires visés au § 1er.
Art. 14. Voor de toepassing van artikel 13 wordt de prijs per aandeel van B.A.T.C. bepaald volgens de volgende formule :
  P = (IW + GW)/N waarin :
  P = de prijs per aandeel van B.A.T.C.;
  IW = de intrinsieke waarde van B.A.T.C., bepaald overeenkomstig artikel 15;
  GW = de waarde van de goodwill van B.A.T.C., bepaald overeenkomstig artikel 16;
  N = het totaal aantal aandelen die het kapitaal van B.A.T.C. vertegenwoordigen op de datum van neerlegging van de conclusies van de revisor-arbiter overeenkomstig artikel 17, § 4, met inbegrip, in voorkomend geval, van de aandelen uitgegeven of uit te geven in ruil voor de obligaties waarvan de conversie is gevraagd overeenkomstig artikel 18.
Art. 14. Pour l'application de l'article 13, le prix par action de la B.A.T.C. est établi selon la formule suivante :
  P = (VI + GW) / N dans laquelle :
  P = le prix par action de la B.A.T.C.;
  VI = la valeur intrinsèque de la B.A.T.C., déterminée conformément à l'article 15;
  GW = la valeur du goodwill de la B.A.T.C., déterminée conformément à l'article 16;
  N = le nombre total d'actions représentatives du capital de la B.A.T.C. à la date du dépôt des conclusions du réviseur-arbitre conformément à l'article 17, § 4, y compris, le cas échéant, les actions émises ou à émettre en échange des obligations dont la conversion a été demandée conformément à l'article 18.
Art. 15. § 1. De intrinsieke waarde van B.A.T.C. stemt overeen met het bedrag van haar netto-actief zoals dit blijkt uit haar laatste jaarrekening goedgekeurd door haar algemene vergadering vóór de dertigste dag volgend op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, gecorrigeerd met de latente meerwaarden of minderwaarden, met uitsluiting van elke actualisering van toekomstige inkomsten of cash-flows.
  In voorkomend geval wordt dit bedrag als volgt aangepast :
  1° het wordt vermeerderd met de nettowinst, of verminderd met het verlies, dat door B.A.T.C. werd gerealiseerd tijdens het boekjaar afgesloten op 31 december 1997, indien de jaarrekening bedoeld in het eerste lid deze is voor het boekjaar afgesloten op 31 december 1996;
  2° het wordt verminderd met het brutobedrag van elk dividend of interimdividend verklaard tijdens de periode tussen de datum van het afsluiten van de jaarrekening bedoeld in het eerste lid en de datum van inwerkingtreding van dit besluit (met uitzondering van het dividend voorzien in genoemde rekening).
  § 2. Voor de bepaling van de intrinsieke waarde van B.A.T.C., worden de terreinen en gebouwen gewaardeerd tegen hun aanschaffingswaarde, verhoogd met de index en gecorrigeerd aan de hand de ABEX-index voor de periode vanaf de datum van hun aankoop of vanaf de datum van het afsluiten van het boekjaar tijdens hetwelk het betrokken goed werd tot stand gebracht, naargelang het geval, en eindigend op 31 december 1997.
  Voor de berekening van het bedrag bedoeld in § 1, tweede lid, 1°, worden de boekhoudkundige gegevens in voorkomend geval aangepast om het effect te neutraliseren van de wijzigingen aangebracht aan de waarderingsregels van B.A.T.C. sinds 1 januari 1997, behalve voor zover deze zijn voorgeschreven door wettelijke of reglementaire bepalingen inzake boekhouding.
Art. 15. § 1er. La valeur intrinsèque de la B.A.T.C. correspond au montant de son actif net tel qu'il ressort de ses derniers comptes annuels approuvés par son assemblée générale avant le trentième jour suivant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté, corrigé des plus-values et moins-values latentes, à l'exclusion de toute actualisation de revenus ou cash-flows futurs.
  Le cas échéant, ce montant est adapté comme suit :
  1° il est majoré du bénéfice net, ou diminué de la perte, réalisé par la B.A.T.C. au cours de l'exercice clôturé le 31 décembre 1997, si les comptes annuels visés au premier alinéa sont ceux relatifs à l'exercice clôturé le 31 décembre 1996;
  2° il est diminué du montant brut de tout dividende ou acompte sur dividende déclaré au cours de la période entre la date de clôture des comptes annuels visés au premier alinéa et la date d'entrée en vigueur du présent arrêté (autre que le dividende inscrit aux dits comptes).
  § 2. Pour la détermination de la valeur intrinsèque de la B.A.T.C., les terrains et constructions sont évalués à partir de leur valeur d'acquisition indexée et corrigée sur base de l'index ABEX pour la période débutant à la date de leur acquisition ou à la date de clôture de l'exercice au cours duquel le bien en question a été construit, selon le cas, et prenant fin le 31 décembre 1997.
  Pour le calcul du montant visé au § 1er, deuxième alinéa, 1°, les données comptables sont adaptées, le cas échéant, pour éliminer l'incidence des modifications apportées aux règles d'évaluation de la B.A.T.C. depuis le 1er janvier 1997 autres que celles prescrites par les dispositions légales ou réglementaires en matière de comptabilité.
Art. 16. De goodwill van B.A.T.C. wordt bepaald volgens de volgende formule :
Art. 16. Le goodwill de la B.A.T.C. est déterminé selon la formule suivante :
  GW = a   *  [B - r * IW]
               n
  GW = a    * [B - r * VI]
               n
  waarin :
  GW = de waarde van de goodwill van B.A.T.C.;
  dans laquelle :
  GW = la valeur du goodwill de la B.A.T.C.;
                                 -n
                  1 - ( 1 + i)
  a      =  

Modifications

n                   i
                                     -n
                1  -  ( 1  +  i )
  a    =  

Modifications

n                      i
  i= de discontovoet, te bepalen door de revisor-arbiter in het raam van het waarderingsproces georganiseerd door artikel 17;
  n = het aantal jaren, te bepalen door de revisor-arbiter in het raam van hetzelfde waarderingsproces;
  B = het gewogen gemiddelde van de geconsolideerde winst vóór belasting van B.A.T.C. in de boekjaren afgesloten op 31 december 1995 (B1), 31 december 1996 (B2) en 31 december 1997 (B3), waarbij dit gemiddelde als volgt wordt berekend :
  i= le taux d'actualisation, à déterminer par le réviseur-arbitre dans le cadre de la procédure d'évaluation organisée par l'article 17;
  n = le nombre d'années, à déterminer par le réviseur-arbitre dans le cadre de la même procédure d'évaluation;
  B = la moyenne pondérée du bénéfice consolidé avant impôts de la B.A.T.C. enregistré au cours des exercices clôturés les 31 décembre 1995 (B1), 31 décembre 1996 (B2) et 31 décembre 1997 (B3), cette moyenne étant calculée comme suit :
  B     +  2  B      +  3  B
      1              2              3
  

Modifications

6
  B   +  2  B    +  3  B
    1            2             3
  

Modifications

6
  r= het rendement van een alternatieve vergelijkbare industriële belegging in de kapitaalmarkt, te bepalen door de revisor-arbiter in het raam van voornoemd waarderingsproces;
  IW = de intrinsieke waarde van B.A.T.C., bepaald overeenkomstig artikel 15.
  r= le taux pour un placement alternatif industriel comparable sur le marché des capitaux, à déterminer par le réviseur-arbitre dans le cadre de ladite procédure d'évaluation;
  VI = la valeur intrinsèque de la B.A.T.C., déterminée conformément à l'article 15.
Art. 17. § 1. De prijs bedoeld in artikel 14 wordt bepaald door een revisor die binnen vijftien dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit door de Voorzitter van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen wordt aangeduid onder de leden, natuurlijke of rechtspersonen, van het Instituut der Bedrijfsrevisoren. Deze revisor, hierna genoemd de "revisor-arbiter", wordt bijgestaan door twee andere revisoren, leden van hetzelfde Instituut, hierna genoemd de "revisoren-verslagevers".
  § 2. De revisoren-verslaggevers worden binnen tien dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit aangeduid door de Minister, in voorkomend geval op voordracht van B.A.T.C. of de R.L.W.
  B.A.T.C. en de R.L.W., deze laatste handelend door de raad van bestuur bedoeld in artikel 176 van voornoemde wet van 21 maart 1991, hebben ieder het recht om per aangetekende brief gericht aan de Minister een revisor-verslaggever voor te dragen binnen zeven dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit. B.A.T.C. kan haar eigen commissaris-revisor voorstellen en de R.L.W. één van de twee revisoren die bij haar zijn aangesteld.
  § 3. De revisoren-verslaggevers leggen aan de revisor-arbiter, binnen zeventig dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit, een uitvoerig gezamenlijk advies voor over de berekening van de prijs overeenkomstig de artikelen 14 tot 16. In geval van uiteenlopende meningen, toont het advies duidelijk, post per post, de respectieve waarden met een gedetailleerde toelichting van het verschil.
  Met het oog op deze expertise, hebben de revisoren-verslaggevers ten aanzien van B.A.T.C. en de R.L.W. de bevoegdheden bepaald in artikel 64sexies, eerste tot en met derde lid, van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen en hebben zij te dien einde op elk uur van de dag vrije toegang tot de lokalen en installaties van B.A.T.C. en de R.L.W.
  De revisoren-verslaggevers brengen aan de revisor-arbiter periodiek verslag uit over de vooruitgang van hun werkzaamheden. Deze kan van de revisoren-verslaggevers alle informatie vragen en hun alle controles opdragen die hem nuttig voorkomen.
  § 4. De revisor-arbiter bepaalt de prijs bedoeld in artikel 14, en dient zijn geschreven conclusies hierover in bij de Minister, binnen dertig dagen volgend op de mededeling van het advies bedoeld in § 3, eerste lid.
  De Minister richt een kopie van de conclusies van de revisor-arbiter per aangetekende brief aan de personen die op de dag van de neerlegging van deze conclusies als aandeelhouders zijn ingeschreven in het register van de aandelen op naam van B.A.T.C.
  § 5. B.A.T.C. en de R.L.W. dragen elk de honoraria en kosten van de revisor-verslaggever die zij hebben voorgedragen. De andere honoraria en kosten in het kader van de waardering krachtens dit artikel worden in gelijke mate verdeeld tussen B.A.T.C. en de R.L.W.
Art. 17. § 1er. Le prix vise à l'article 14 est établi par un réviseur désigné, dans les quinze jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté, par le Président de la Commission bancaire et financière parmi les membres, personnes physiques ou morales, de l'Institut des Réviseurs d'Entreprises. Ce réviseur, dénommé ci-après le "réviseur-arbitre", est assisté par deux autres réviseurs, membres du même Institut, dénommés ci-après les "réviseurs-rapporteurs".
  § 2. Les réviseurs-rapporteurs sont désignés, dans les dix jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté, par le Ministre, le cas échéant sur la proposition de la B.A.T.C. ou de la R.V.A.
  La B.A.T.C. et la R.V.A., cette dernière agissant par le conseil d'administration visé à l'article 176 de la loi du 21 mars 1991 précitée, ont le droit chacune de proposer un réviseur-rapporteur, par lettre recommandée à la poste adressée au Ministre dans les sept jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté. La B.A.T.C. peut proposer son propre commissaire-réviseur et la R.V.A. l'un des deux réviseurs désignés auprès d'elle.
  § 3. Les réviseurs-rapporteurs soumettent au réviseur-arbitre, dans les septante jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté, un avis conjoint circonstancié sur le calcul du prix conformément aux articles 14 à 16. En cas de divergence de vues, l'avis fait apparaître clairement, poste par poste, les valeurs respectives avec une explication détaillée de l'écart.
  Aux fins de cette expertise, les réviseurs-rapporteurs ont à l'égard de la B.A.T.C. et de la R.V.A. les pouvoirs définis a l'article 64sexies, premier à troisième alinéas, des lois coordonnées sur les sociétés commerciales et, à cet effet, auront libre accès, à toute heure du jour, aux locaux et installations de la B.A.T.C. et de la R.V.A.
  Les réviseurs-rapporteurs font rapport périodiquement au réviseur-arbitre sur l'état d'avancement de leurs travaux. Celui-ci peut requérir des réviseurs-rapporteurs toutes informations et leur faire procéder à toutes vérifications qui lui paraissent utiles.
  § 4. Le réviseur-arbitre établit le prix visé à l'article 14, et dépose ses conclusions écrites à ce sujet auprès du Ministre, dans les trente jours suivant la communication de l'avis vise au § 3, premier alinéa.
  Le Ministre adresse une copie des conclusions du réviseur-arbitre, par lettre recommandée à la poste, aux personnes qui sont inscrites comme actionnaires dans le registre des actions nominatives de la B.A.T.C. le jour du dépôt de ces conclusions.
  § 5. La B.A.T.C. et la R.V.A. supportent chacune les honoraires et frais du réviseur-rapporteur qu'elles ont proposé. Les autres honoraires et frais exposés dans le cadre de l'évaluation en vertu du présent article sont répartis de manière égale entre la B.A.T.C. et la R.V.A.
Art. 18. Op de veertigste dag volgend op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, gaat B.A.T.C. over tot de vervroegde terugbetaling van alle achtergestelde converteerbare obligaties die zij op 7 juni 1993 heeft uitgegeven, tegen de nominale waarde ervan, vermeerderd met de interesten gelopen vanaf de laatste vervaldag tot op de datum van terugbetaling. De houders van deze obligaties kunnen hun conversierecht uitoefenen, naar rata van twee aandelen voor één obligatie, gedurende één maand vóór de datum van terugbetaling. De vervroegde terugbetaling en de conversie kunnen worden onderworpen aan de opschortende voorwaarde van de bekrachtiging van dit besluit door de wet overeenkomstig artikel 8, § 2, van voornoemde wet van 19 december 1997.
  (Binnen twee werkdagen volgend op de datum van bekendmaking van de wet tot bekrachtiging van dit besluit overeenkomstig artikel 8, § 2, van voornoemde wet van 19 december 1997, draagt de R.L.W. aan de Staat de opbrengst over van de terugbetaling van de in het eerste lid bedoelde obligaties die zij in bezit had, vermeerderd met de intrest op deze som sedert 20 mei 1998.) <KB 1998-07-17/31, art. 1, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
Art. 18. La B.A.T.C. procède, le quarantième jour suivant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté, au remboursement anticipé de toutes les obligations convertibles subordonnées qu'elle a émises le 7 juin 1993, à la valeur nominale de celles-ci, augmentée des intérêts courus depuis la dernière échéance jusqu'à la date de remboursement. Les titulaires de ces obligations peuvent exercer leur droit de conversion, au taux de deux actions pour une obligation, pendant un mois avant la date de remboursement. Le remboursement anticipé et la conversion peuvent être soumis à la condition suspensive de la confirmation du présent arrêté par la loi conformément à l'article 8, § 2, de la loi du 19 décembre 1997 précitée.
  (Dans les deux jours ouvrables suivant la date de publication de la loi portant confirmation du présent arrêté conformément à l'article 8, § 2, de la loi du 19 décembre 1997 précitée, la R.V.A. transfère à l'Etat le produit du remboursement des obligations visées au premier alinéa dont elle était titulaire, augmenté des intérêts courus sur cette somme depuis le 20 mai 1998.) <AR 1998-07-17/31, art. 1, 002; En vigueur : 28-07-1998>
Art. 19. Vanaf de datum van inwerkingtreding van dit besluit en tot de datum van indeling van B.A.T.C. als autonoom overheidsbedrijf, kan B.A.T.C., behalve bij besluit van haar algemene vergadering die beslist met een meerderheid van drie vierden van de uitgebrachte stemmen :
  1° geen dividenden (andere dan deze voorzien in de jaarrekening bedoeld in artikel 15, § 1, eerste lid) of interimdividenden verklaren;
  2° geen beslissingen nemen of handelingen stellen die van aard zijn B.A.T.C. te verbinden in een strategische oriëntatie op lange termijn;
  3° geen handelingen stellen tegen kennelijk onevenwichtige voorwaarden in het nadeel van B.A.T.C.
Art. 19. Dès la date d'entrée en vigueur du présent arrête et jusqu'à la date du classement de la B.A.T.C. en entreprise publique autonome, la B.A.T.C. ne peut pas, sauf par décision de son assemblée générale statuant à la majorité des trois quarts des voix exprimées :
  1° déclarer des dividendes (autres que ceux inscrits aux comptes annuels visés à l'article 15, § 1er, premier alinéa) ou acomptes sur dividendes;
  2° prendre des décisions ou accomplir des actes qui sont de nature à engager la B.A.T.C. dans une orientation stratégique à long terme;
  3° accomplir des actes à des conditions notablement déséquilibrées au détriment de la B.A.T.C.
Art. 20. § 1. De Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën en de Minister, kan, via één of meerdere verrichtingen van openbaar aanbod, private plaatsing of onderhandse verkoop, aandelen van B.I.A.C. die werden verworven ingevolge de verrichtingen bedoeld in de artikelen 13, 22 en 26, § 1, 1°, verkopen of de overheid bedoeld in artikel 13, § 1, machtigen deze te verkopen, voor zover :
  1° de rechtstreekse deelneming van de Staat en de overheden bedoeld in artikel 42 van voornoemde wet van 21 maart 1991 in het kapitaal van B.I.A.C.
  niet daalt beneden 50 procent van de aandelen plus één aandeel;
  2° de verkoopprijs niet lager is dan de prijs bedoeld in artikel 6, § 1, 2°, van voornoemde wet van 19 december 1997.
  § 2. In geval van verkoop krachtens § 1, kan de Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën en de Minister, de volgende rechten toekennen, of de overheid bedoeld in artikel 13, § 1, gelasten deze toe te kennen, aan de particuliere aandeelhouders van B.I.A.C. die het verkooprecht bedoeld in artikel 13 niet hebben uitgeoefend :
  1° een voorkooprecht, uit te oefenen binnen zeven dagen vanaf de kennisgeving van de prijs;
  2° in geval van verkoop via openbaar aanbod, het recht alle of een deel van hun aandelen in B.I.A.C. mee aan te bieden in het kader van dit openbaar aanbod, mits tenlasteneming van een evenredig deel van de transactiekosten.
  § 3. Vanaf het jaar 2001 zal de raad van bestuur van B.I.A.C. periodiek de opportuniteit evalueren, vanuit het oogpunt van het vennootschapsbelang, van een beursintroductie van de aandelen van de vennootschap, via een openbaar bod tot inschrijving op nieuwe aandelen, een openbaar bod tot verkoop van bestaande aandelen of een combinatie van beide procédés. De raad zal zich in deze evaluatie steunen op het advies van een internationale zakenbank van goede reputatie.
  § 4. Vanaf het jaar 2001 zal B.I.A.C. de opneming in de eerste markt van de Beurs van Brussel aanvragen van alle of een deel der aandelen die toebehoren aan de particuliere aandeelhouders van B.I.A.C., op verzoek van aandeelhouders die ten minste 50 procent van deze aandelen plus één aandeel bezitten.
Art. 20. § 1er. L'Etat, représenté par le Ministre des Finances et le Ministre, peut, par la voie d'une ou plusieurs opérations d'offre publique, de placement privé ou de cession de gré à gré, vendre ou autoriser l'autorité publique visée à l'article 13, § 1er, à vendre des actions de la B.I.A.C.
  acquises suite aux opérations visées aux articles 13, 22 et 26, § 1er, 1°, pour autant que :
  1° la participation directe de l'Etat et des autorités publiques au sens de l'article 42 de la loi du 21 mars 1991 précitée dans le capital de la B.I.A.C. ne descende pas en dessous de 50 pour cent des actions plus une action;
  2° le prix de cession ne soit pas inférieur au prix visé à l'article 6, § 1er, 2°, de la loi du 19 décembre 1997 précitée.
  § 2. En cas de vente en vertu du § 1er, l'Etat, représenté par le Ministre des Finances et le Ministre, peut accorder ou enjoindre l'autorité publique visée à l'article 13, § 1er, d'accorder les droits suivants aux actionnaires privés de la B.I.A.C. qui n'auront pas exercé le droit de vente visé à l'article 13 :
  1° un droit de préemption, à exercer dans les sept jours de la notification du prix;
  2° en cas de vente par la voie d'une offre publique, le droit d'offrir tout ou partie de leurs actions de la B.I.A.C. dans le cadre de cette offre publique, moyennant prise en charge d'une partie proportionnelle des frais de l'opération.
  § 3. A partir de l'an 2001, le conseil d'administration de la B.I.A.C. évaluera périodiquement l'opportunité, à la lumière de l'intérêt social, d'une mise en bourse des actions de la société, par une offre publique en souscription de nouvelles actions, une offre publique en vente d'actions existantes ou une combinaison de ces deux procédés. Dans cette évaluation, le conseil s'appuiera sur l'avis d'une banque d'affaires internationale de première réputation.
  § 4. A partir de l'an 2001, la B.I.A.C. demandera l'inscription au premier marché de la Bourse de Bruxelles de tout ou partie des actions appartenant aux actionnaires prives de la B.I.A.C., à la demande d'actionnaires détenant au moins 50 pour cent de ces actions plus une action.
Art. 21. De Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën en de Minister, kan een overeenkomst sluiten, of de overheid bedoeld in artikel 13, § 1, machtigen een overeenkomst te sluiten, met de particuliere aandeelhouders van B.I.A.C., welke overeenkomst inzonderheid de volgende aangelegenheden kan regelen :
  1° de vertegenwoordiging van de particuliere aandeelhouders in de bestuursorganen van B.I.A.C. regelen binnen het kader bepaald door Hoofdstuk II van Titel VII van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit;
  2° een wederzijds voorkooprecht op de aandelen van B.I.A.C. bepalen;
  3° in voorkomend geval, de voorwaarden en nadere regels bepalen voor de uitoefening van de rechten toegekend aan de particuliere aandeelhouders krachtens artikel 20, § 2;
  4° de nadere regels bepalen voor een eventuele beursintroductie van de aandelen van B.I.A.C.;
  5° bijzondere meerderheden bepalen voor het nemen van bepaalde strategische beslissingen.
Art. 21. L'Etat, représenté par le Ministre des Finances et le Ministre, peut conclure ou autoriser l'autorité publique visée à l'article 13, § 1er, à conclure une convention avec les actionnaires privés de la B.I.A.C., laquelle convention peut notamment :
  1° régler la représentation des actionnaires privés au sein des organes de gestion de la B.I.A.C. dans le cadre fixé par le Chapitre II du Titre VII de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrêté;
  2° prévoir un droit de préemption réciproque portant sur les actions de la B.I.A.C.;
  3° le cas échéant, préciser les conditions et modalités d'exercice des droits accordés aux actionnaires privés en vertu de l'article 20, § 2;
  4° définir les modalités d'une éventuelle introduction en bourse des actions de la B.I.A.C.;
  5° prévoir des majorités spéciales pour l'adoption de certaines décisions stratégiques.
Afdeling 4. - Inbreng van de bedrijfstak luchthaven.
Section 4. - Apport de la branche d'activité aéroport.
Art. 22. Op de datum van de indeling van B.I.A.C. als autonoom overheidsbedrijf brengt de Staat bij haar in :
  1° de goederen, rechten en verplichtingen die de R.L.W. vooraf aan de Staat heeft overgedragen overeenkomstig artikel 26, § 1, 2°;
  2° een recht van opstal voor een duur van vijftig jaar op de bestaande gebouwen toebehorend aan de R.L.W. die bestemd zijn voor de uitoefening van de activiteiten (bedoeld in artikel 179) van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit, en waarvan de lijst door de Minister wordt vastgesteld binnen dertig dagen volgend op de inwerkingtreding van dit besluit. <KB 1998-07-17/31, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  Het geheel van de goederen, rechten en verplichtingen bedoeld in het eerste lid wordt hierna de "bedrijfstak luchthaven" genoemd.
  De inbreng bedoeld in het eerste lid wordt vergoed door aandelen die het kapitaal van B.I.A.C. vertegenwoordigen, waarvan het aantal wordt bepaald op basis van de prijs van deze aandelen vastgesteld overeenkomstig de artikelen 14 tot 17 en de inbrengwaarde van de bedrijfstak luchthaven vastgesteld overeenkomstig artikel 23.
Art. 22. A la date du classement de la B.I.A.C. en entreprise publique autonome, l'Etat lui apporte :
  1° les biens, droits et obligations que la R.V.A. aura préalablement transférés à l'Etat conformément à l'article 26, § 1er, 2°;
  2° un droit de superficie d'une durée de cinquante ans portant sur les constructions existantes appartenant à la R.V.A. qui sont affectées à l'exercice des activités (visées à l'article 179), de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrêté, et dont la liste est établie par le Ministre dans les trente jours suivant l'entrée en vigueur du présent arrêté. <AR 1998-07-17/31, art. 2, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  L'ensemble des biens, droits et obligations visés au premier alinéa est dénommé ci-après la "branche d'activité aéroport".
  L'apport visé au premier alinéa est rémunéré par des actions représentatives du capital de la B.I.A.C. dont le nombre est déterminé sur base du prix de ces actions établi conformément aux articles 14 à 17 et de la valeur d'apport de la branche d'activité aéroport établie conformément à l'article 23.
Art. 23. § 1. De inbrengwaarde van de bedrijfstak luchthaven komt overeen met de intrinsieke waarde ervan, zoals bepaald overeenkomstig § 2, in voorkomend geval, vermeerderd met de waarde van de aan de bedrijfstak luchthaven toewijsbare goodwill, zoals bepaald overeenkomstig § 3.
  § 2. De intrinsieke waarde van de bedrijfstak luchthaven beantwoordt aan de nettowaarde van de betrokken activa en passiva, zoals deze blijkt uit de laatste rekeningen van de R.L.W. die beschikbaar zijn op de dertigste dag volgend op de datum van inwerkingtreding van dit besluit, gecorrigeerd met de latente meerwaarden en minderwaarden, met dien verstande dat :
  1° de gebouwen worden gewaardeerd overeenkomstig artikel 15, § 2, eerste lid, behalve dat hun aanschaffingswaarde slechts wordt geïndexeerd en gecorrigeerd vanaf 1987 of het jaar tijdens hetwelk het betrokken goed werd verworven of tot stand gebracht, indien dit laatste jaar later valt;
  2° de actuele waarde van de verplichtingen betreffende de pensioenen van de leden en de vroegere leden van het statutair personeel van de R.L.W. die ten laste zijn van B.I.A.C. krachtens artikel 190, § 2, van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit, wordt berekend op basis van de technische rentevoet en de sterftetafels bedoeld in artikel 22, § 2, van het koninklijk besluit van 17 december 1992 betreffende de levensverzekeringactiviteit.
  § 3. De waarde van de aan de bedrijfstak luchthaven toewijsbare goodwill wordt bepaald, op basis van de analytische boekhouding van de R.L.W., door overeenkomstige toepassing van de formule bepaald in artikel 16.
  § 4. De inbrengwaarde van de bedrijfstak luchthaven wordt vastgesteld door de revisor-arbiter op de wijze en binnen de termijnen bepaald in artikel 17.
  Voor de bepaling van de waarde bedoeld in § 2, 2°, baseert de revisor-arbiter zich op de berekeningen van een erkende actuaris. Deze wordt aangeduid door de Voorzitter van de Controledienst voor de Verzekeringen binnen dertig dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit en legt zijn rapport aan de revisor-arbiter voor binnen zeventig dagen vanaf de inwerkingtreding van dit besluit. De honoraria en kosten van de actuaris zijn ten laste van de R.L.W.
  (§ 5. De handelingen van de R.L.W. die betrekking hebben op de bedrijfstak luchthaven, worden boekhoudkundig geacht te zijn verricht voor rekening van B.I.A.C. vanaf 1 januari 1998, met dien verstande dat de R.L.W. 50 procent behoudt van de opbrengst van de landings- en opstijgingsvergoedingen, bedoeld in artikel 2 van het koninklijk besluit van 20 januari 1998 houdende vaststelling van de vergoedingen verschuldigd voor het gebruik van de luchthaven Brussel-Nationaal, die zijn geheven voor landingen en opstijgingen tijdens de periode van 1 januari 1998 tot de datum van de inbreng van de bedrijfstak luchthaven in B.I.A.C.) <KB 1998-07-17/31, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
Art. 23. § 1er. La valeur d'apport de la branche d'activité aéroport correspond à la valeur intrinsèque de celle-ci, telle que déterminée conformément au § 2, majorée, le cas échéant, de la valeur du goodwill attribuable à la branche d'activité aéroport, telle que déterminée conformément au § 3.
  § 2. La valeur intrinsèque de la branche d'activité aéroport consiste en la valeur nette des actifs et passifs en question, telle qu'elle ressort des derniers comptes de la R.V.A. qui sont disponibles le trentième jour suivant la date d'entrée en vigueur du présent arrêté, corrigée des plus-values et moins-values latentes, étant entendu que :
  1° les constructions sont évaluées conformément à l'article 15, § 2, premier alinéa, sous réserve que leur valeur d'acquisition n'est indexée et corrigée qu'à partir de l'année 1987 ou de l'année au cours de laquelle le bien en question a été acquis ou construit, si cette dernière année est postérieure;
  2° la valeur actuelle des obligations relatives aux pensions des membres et anciens membres du personnel statutaire de la R.V.A. dont la charge incombera à la B.I.A.C. en vertu de l'article 190, § 2, de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrête, sera calculée sur base du taux technique et des tables de mortalité vises à l'article 22, § 2, de l'arrêté royal du 17 décembre 1992 relatif à l'activité d'assurance sur la vie.
  § 3. La valeur du goodwill attribuable à la branche d'activité aéroport est déterminée, à partir de la comptabilité analytique de la R.V.A., par application analogue de la formule prévue à l'article 16.
  § 4. La valeur d'apport de la branche d'activité aéroport est établie par le réviseur-arbitre de la manière et dans les délais prévus à l'article 17.
  Pour la détermination de la valeur visée au § 2, 2°, le réviseur-arbitre se base sur les calculs d'un actuaire agréé. Celui-ci est désigné par le Président de l'Office de Contrôle des Assurances dans les trente jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté et soumet son rapport au réviseur-arbitre dans les septante jours de l'entrée en vigueur du présent arrêté. Les honoraires et frais de l'actuaire sont à charge de la R.V.A.
  (§ 5. Les opérations de la R.V.A. se rapportant à la branche d'activité aéroport sont considérées du point de vue comptable comme accomplies pour le compte de la B.I.A.C. à partir du 1er janvier 1998, étant précisé que la R.V.A. retiendra 50 pour-cent du produit des redevances d'atterrissage et de décollage, visées à l'article 2 de l'arrêté royal du 20 janvier 1998 fixant les redevances dues pour l'utilisation de l'aéroport de Bruxelles-National, qui sont perçues pour les atterrissages et décollages intervenus pendant la période du 1er janvier 1998 jusqu'à la date de l'apport de la branche d'activité aéroport à la B.I.A.C..) <AR 1998-07-17/31, art. 3, 002; En vigueur : 28-07-1998>
Art. 24. § 1. In afwijking van artikel 33bis, § 1, van de gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, stelt de Koning de kapitaalverhoging van B.I.A.C. vast door inbreng van de bedrijfstak luchthaven krachtens artikel 22.
  Artikel 34, § 2, van dezelfde wetten is niet van toepassing op deze kapitaalverhoging. De artikelen 174/55, tweede lid, en 174/59 van dezelfde wetten zijn van overeenkomstige toepassing op de inbreng.
  § 2. Het recht bepaald in artikel 115 van het Wetboek der registratie-, hypotheek- en griffierechten is niet verschuldigd op de inbreng bedoeld in artikel 22.
  (Artikel 442bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992 is niet van toepassing op deze inbreng.) <KB 1998-07-17/31, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  § 3. De herschikking van de luchthavenactiviteiten op de luchthaven Brussel-Nationaal overeenkomstig deze wet maakt geen concentratie uit in de zin van artikel 9 van de wet van 5 augustus 1991 tot bescherming van de economische mededinging, gewijzigd bij de wet van 22 maart 1993.
Art. 24. § 1er. Par dérogation à l'article 33bis, § 1er, des lois coordonnées sur les sociétés commerciales, le Roi arrête l'augmentation du capital de la B.I.A.C. par l'apport de la branche d'activité aéroport en vertu de l'article 22.
  L'article 34, § 2, des mêmes lois n'est pas applicable à cette augmentation du capital. Les articles 174/55, deuxième alinéa, et 174/59 des mêmes lois s'appliquent par analogie à l'apport.
  § 2. Le droit prévu à l'article 115 du Code des droits d'enregistrement, d'hypothèque et de greffe n'est pas dû pour l'apport visé à l'article 22.
  (L'article 442bis du Code des impôts sur les revenus 1992 n'est pas applicable à cet apport.) <AR 1998-07-17/31, art. 4, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  § 3. Le regroupement des activités aéroportuaires à l'aéroport de Bruxelles-National conformément au présent arrêté ne constitue pas une concentration au sens de l'article 9 de la loi du 5 août 1991 sur la protection de la concurrence économique, modifié par la loi du 22 mars 1993.
Art. 25. § 1. De personeelsleden van de R.L.W. die zijn tewerkgesteld in de diensten belast met de bedrijfstak luchthaven en waarvan de lijst binnen dertig dagen na de inwerkingtreding van dit besluit door de Minister wordt vastgesteld, worden automatisch aan B.I.A.C. overgedragen vanaf de datum van de inbreng bedoeld in artikel 22. Hetzelfde geldt voor de personeelsleden van de algemene diensten van de R.L.W., minstens vijftig en ten hoogste zeventig in getal, die in dezelfde lijst zijn opgenomen.
  De overdracht van de betrokken personeelsleden geschiedt met behoud van hun graad en hoedanigheid. Zij behouden hun administratieve en geldelijke anciënniteit, met inbegrip van alle voordelen in geld en in natura waarvan de lijst door de Koning wordt vastgesteld.
  § 2. De wettelijke en reglementaire bepalingen die het statuut van de personeelsleden bedoeld in § 1 regelen, zijn van toepassing op B.I.A.C. tot de inwerkingtreding van een personeelsstatuut en een syndicaal statuut vastgesteld overeenkomstig artikel 33 van voornoemde wet van 21 maart 1991.
  § 3. De lijst van de personeelsleden bedoeld in artikel 190, § 2, tweede lid, van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit, wordt door de Minister vastgesteld binnen dertig dagen volgend op de inwerkingtreding van dit besluit.
Art. 25. § 1er. Les membres du personnel de la R.V.A. qui sont affectés aux services en charge de la branche d'activité aéroport et dont la liste est établie par le Ministre dans les trente jours suivant l'entrée en vigueur du présent arrêté, sont transférés d'office à la B.I.A.C. à partir de la date de l'apport visé à l'article 22. Il en est de même des membres du personnel relevant des services généraux de la R.V.A., en nombre de cinquante au moins et de septante au plus, qui sont repris sur la même liste.
  Le transfert des agents concernés se fait dans leur grade et en leur qualité. Ils conservent leur ancienneté administrative et pécuniaire, y compris tous les avantages pécuniaires et en nature dont la liste est établie par le Roi.
  § 2. Les dispositions légales et réglementaires qui règlent le statut des agents visés au § 1er sont applicables à la B.I.A.C. jusqu'à l'entrée en vigueur d'un statut du personnel et d'un statut syndical établis conformément à l'article 33 de la loi du 21 mars 1991 précitée.
  § 3. La liste des agents visés à l'article 190, § 2, deuxième alinéa, de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrêté, est établie par le Ministre dans les trente jours suivant l'entrée en vigueur du présent arrêté.
HOOFDSTUK II. - Reorganisatie van de R.L.W.
CHAPITRE II. - Réorganisation de la R.V.A.
Afdeling 1. - Overdracht van goederen aan de Staat.
Section 1. - Transfert de biens à l'Etat.
Art. 26. § 1. (Op de laatste werkdag voorafgaand aan de inbreng van de bedrijfstak luchthaven in B.I.A.C.), draagt de R.L.W. aan de Staat zonder vergoeding over : <KB 1998-07-17/31, art. 5, 1°, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  1° de aandelen (...) van B.A.T.C. waarvan zij eigenaar is; <KB 1998-07-17/31, art. 5, 2°, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  2° een geheel van roerende goederen, rechten en verplichtingen die betrekking hebben op de activiteiten (bedoeld in artikel 179), van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals ingevoegd door dit besluit; <KB 1998-07-17/31, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  3° de roerende goederen, rechten en verplichtingen die geen deel uitmaken van de bedrijfstak luchthaven en die niet bestemd zijn voor de uitoefening van de activiteiten bedoeld in artikel 170 van dezelfde wet, zoals gewijzigd bij dit besluit;
  4° de onroerende goederen waarvan zij eigenaar is, met uitzondering van de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de activiteiten bedoeld in gezegd artikel 170, die de R.L.W. in eigendom behoudt krachtens een recht van opstal haar door de Staat toegekend voor een duur van vijftig jaar (en met uitzondering van de onverdeelde rechten van de R.L.W. op de terreinen gelegen te Sint-Joost-ten-Node en Schaarbeek, Vooruitgangstraat 80, die gekadastreerd zijn of waren onder het nummer E2H14). <KB 1998-07-17/31, art. 5, 3°, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  § 2. De Minister stelt de lijsten van de goederen, rechten en verplichtingen bedoeld in § 1, 2°, 3° en 4°, vast binnen dertig dagen volgend op de inwerkingtreding van dit besluit.
  Deze lijsten worden neergelegd op de griffie van de rechtbank van koophandel te Brussel, waar iedereen er gratis kennis kan van nemen en er een volledige of gedeeltelijke kopie kan van bekomen mits betaling van de griffierechten.
  § 3. De overdracht bedoeld in § 1 geschiedt van rechtswege, en is tegenstelbaar aan derden, vanaf de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van een bericht dat deze overdracht bevestigt.
  De overdracht van de aandelen van B.A.T.C. overeenkomstig dit artikel is niet onderworpen aan eventuele statutaire of contractuele beperkingen op de overdraagbaarheid van deze effecten.
  (De Staat treedt in de rechten en verplichtingen van de R.L.W. die voortvloeien uit de lopende onteigeningsprocedures op de datum bedoeld in het eerste lid.
  Tijdens de periode tussen de overdracht bedoeld in § 1 en de inbreng bedoeld in artikel 22, wordt het beheer van de goederen die de bedrijfstak luchthaven vormen, waargenomen door B.A.T.C.) <KB 1998-07-17/31, art. 5, 4°, 002; Inwerkingtreding : 28-07-1998>
  § 4. De Staat kan, mits goedkeuring bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit en tegen de voorwaarden bepaald in dit besluit, aan Belgocontrol of aan B.I.A.C., in functie van de noden van hun exploitatie, zakelijke rechten of persoonlijke gebruiksrechten toekennen op de onroerende goederen die aan de Staat zijn overgedragen krachtens § 1, 4°, of die hij naderhand verkrijgt bij wege van natrekking.
Art. 26. § 1er. (Le dernier jour ouvrable précédant l'apport de la branche d'activité aéroport à la B.I.A.C.) précitée, la R.V.A. transfère à l'Etat sans indemnité : <AR 1998-07-17/31, art. 5, 1°, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  1° les actions (...) de la B.A.T.C. dont elle est propriétaire; <AR 1998-07-17/31, art. 5, 2°, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  2° un ensemble de biens meubles, droits et obligations se rapportant aux activités (visées à l'article 179), de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel qu'inséré par le présent arrête; <AR 1998-07-17/31, art. 2, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  3° les biens meubles, droits et obligations qui ne font pas partie de la branche d'activité aéroport et ne sont pas affectés à l'exercice des activités visées à l'article 170 de la même loi, tel que modifié par le présent arrêté;
  4° les biens immeubles dont elle est propriétaire, à l'exception des constructions affectées à l'exercice des activités visées au dit article 170, dont la R.V.A. conservera la propriété en vertu d'un droit de superficie lui concédé par l'Etat pour une durée de cinquante ans (et à l'exception des droits indivis de la R.V.A. dans les terrains sis à Saint-Josse-ten-Noode et Schaerbeek, rue du Progrès 80, cadastrés ou l'ayant été sous le numéro E2H14). <AR 1998-07-17/31, art. 5, 3°, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  § 2. Le Ministre arrête les listes des biens, droits et obligations visées au § 1er, 2°, 3° et 4°, dans les trente jours suivant l'entrée en vigueur du présent arrêté.
  Ces listes sont déposées au greffe du tribunal de commerce de Bruxelles, où toute personne peut en prendre connaissance gratuitement et en obtenir copie intégrale ou partielle moyennant paiement des droits de greffe.
  § 3. Le transfert visé au § 1er se fait de plein droit, et est opposable aux tiers, dès la publication au Moniteur belge d'un avis confirmant ce transfert.
  La cession des actions de la B.A.T.C. conformément au présent article n'est pas soumise aux éventuelles restrictions statutaires ou conventionnelles à la cessibilité de ces titres.
  (L'Etat succède aux droits et obligations de la R.V.A. résultant des procédures d'expropriation en cours à la date visée au premier alinéa.
  Pendant la période comprise entre le transfert visé au § 1er et l'apport visé à l'article 22, la gestion des biens constituant la branche d'activité aéroport est assurée par la B.A.T.C..) <AR 1998-07-17/31, art. 5, 4°, 002; En vigueur : 28-07-1998>
  § 4. L'Etat peut, moyennant autorisation par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres et aux conditions fixées par cet arrêté, concéder à Belgocontrol ou à la B.I.A.C., en fonction des besoins de leur exploitation, des droits réels ou des droits d'usage personnels sur les biens immeubles qui auront été transférés à l'Etat en vertu du § 1er, 4°, ou qui lui reviendront ultérieurement par voie d'accession.
Afdeling 2. - Omvorming van de R.L.W. tot autonoom overheidsbedrijf.
Section 2. - Transformation de la R.V.A. en entreprise publique autonome.
Art. 27. § 1. Binnen de R.L.W. wordt een ad hoc comité opgericht met als enige opdracht de onderhandeling, in naam en voor rekening van de R.L.W., van het eerste beheerscontract tussen de R.L.W. en de Staat betreffende de taken van openbare dienst bedoeld in artikel 171 van voornoemde wet van 21 maart 1991, zoals gewijzigd door dit besluit.
  § 2. Het ad hoc comité is samengesteld uit ten minste vier leden en ten hoogste zeven leden, die door de Minister worden aangeduid op voordracht van de raad van bestuur bedoeld in artikel 176 van voornoemde wet van 21 maart 1991.
  Het mandaat van de leden van het ad hoc comité is niet bezoldigd.
Art. 27. § 1er. Il est constitué auprès de la R.V.A. un comité ad hoc qui a pour seule mission la négociation, au nom et pour le compte de la R.V.A., du premier contrat de gestion entre la R.V.A. et l'Etat concernant les missions de service public visées à l'article 171 de la loi du 21 mars 1991 précitée, tel que modifié par le présent arrêté.
  § 2. Le comité ad hoc se compose de quatre membres au moins et de sept membres au plus, qui sont désignés par le Ministre sur la proposition du conseil d'administration visé à l'article 176 de la loi du 21 mars 1991 précitée.
  Le mandat des membres du comité ad hoc n'est pas rémunéré.
Art. 28. § 1. In afwijking van de artikelen 48, § 1, en 176 van voornoemde wet van 21 maart 1991, onderhandelt en sluit het ad hoc comité het eerste beheerscontract in naam en voor rekening van de R.L.W. Het comité neemt dit contract aan met een meerderheid van twee derden van zijn leden.
  § 2. In afwijking van artikel 48, § 2, van dezelfde wet, kan de Koning slechts voorlopige regels bepalen die dienst doen als eerste beheerscontract van de R.L.W., bij gebrek aan aanneming van dit contract door het ad hoc comité overeenkomstig § 1 binnen negentig dagen na de aanduiding van de leden van dit comité.
Art. 28. § 1er. Par dérogation aux articles 48, § 1er, et 176 de la loi du 21 mars 1991 précitée, le comité ad hoc négocie et conclut le premier contrat de gestion au nom et pour le compte de la R.V.A. Il l'adopte à la majorité des deux tiers de ses membres.
  § 2. Par dérogation à l'article 48, § 2, de la même loi, le Roi ne fixera des règles provisoires tenant lieu de premier contrat de gestion de la R.V.A. qu'à défaut d'adoption de ce contrat par le comité ad hoc conformément au § 1er dans les nonante jours après la désignation des membres de ce comité.
Art. 29. In afwijking van artikel 49, § 1, eerste lid, van voornoemde wet van 21 maart 1991, is de opdracht van het paritair comité ingericht bij de R.L.W. krachtens deze bepaling beperkt tot overleg betreffende de aangelegenheden van personeelsbeheer die hem worden voorgelegd door de organen bedoeld in artikel 176 van dezelfde wet.
Art. 29. Par dérogation à l'article 49, § 1er, premier alinéa, de la loi du 21 mars 1991 précitée, la mission de la commission paritaire constituée auprès de la R.V.A. en vertu de cette disposition se limite à la concertation au sujet des questions de gestion de personnel qui lui sont soumises par les organes visés à l'article 176 de la même loi.
Art. 30. De indeling van de R.L.W. als autonoom overheidsbedrijf overeenkomstig artikel 1, § 3, van voornoemde wet van 21 maart 1991 kan niet geschieden vóór de overdracht van het personeel aan B.I.A.C. krachtens artikel 25, § 1.
Art. 30. Le classement de la R.V.A. en entreprise publique autonome conformément à l'article 1er, § 3, de la loi du 21 mars 1991 précitée ne pourra intervenir avant le transfert de personnel à la B.I.A.C. en vertu de l'article 25, § 1er.
Art. 31. Vanaf haar indeling als autonoom overheidsbedrijf : (Nota van Justel : deze indeling wordt verwezenlijkt bij KB 1998-08-25/33, met inwerkingtreding op de datum van inwerkingtreding van het beheerscontract 1998-08-14/31, namelijk ) :
  1° krijgt de R.L.W. de naam "Belgocontrol";
  2° wordt het ad hoc comité bedoeld in artikel 27 ontbonden;
  3° nemen de mandaten van de leden van de organen bedoeld in artikel 176 van voornoemde wet van 21 maart 1991, in afwijking van artikel 48, § 3, van dezelfde wet, van rechtswege een einde;
  4° wordt, in afwijking van artikel 49, § 1, eerste lid, van dezelfde wet, het paritair comité bedoeld in artikel 29 van dit besluit ontbonden;
  5° wordt een nieuw paritair comité opgericht binnen Belgocontrol overeenkomstig artikel 30 van voornoemde wet van 21 maart 1991.
Art. 31. Dès son classement en entreprise publique autonome (Note de Justel : ce classement est réalisé par l'AR 1998-08-25/33, entrant en vigueur a la date d'entrée en vigueur du contrat 1998-08-14/31, c'est-à-dire le ) :
  1° la R.V.A. prend la dénomination "Belgocontrol";
  2° le comité ad hoc vise à l'article 27 est dissous;
  3° par dérogation à l'article 48, § 3, de la loi du 21 mars 1991 précitée, les mandats des membres des organes visés à l'article 176 de la même loi prennent fin de plein droit;
  4° par dérogation à l'article 49, § 1er, premier alinéa, de la même loi, la commission paritaire visée à l'article 29 du présent arrêté est dissoute;
  5° une nouvelle commission paritaire est constituée auprès de Belgocontrol conformément à l'article 30 de la loi du 21 mars 1991 précitée.
Afdeling 3. - Wijziging van de wet van 21 maart 1991
Section 3. - Modification de la loi du 21 mars 1991
Art. 32. Titel VI van voornoemde wet van 21 maart 1991 die de artikelen 169 tot 177 bevat, wordt vervangen door de volgende bepalingen :
  "TITEL VI. - Belgocontrol
  HOOFDSTUK I. - Doel en taken van openbare dienst
  Art. 169. Belgocontrol is een autonoom overheidsbedrijf dat ressorteert onder de minister tot wiens bevoegdheid het vervoer behoort.
  Art. 170. Belgocontrol heeft tot doel :
  1° de veiligheid van het luchtverkeer waarborgen in het luchtruim waarvoor de Belgische Staat verantwoordelijk is krachtens de Overeenkomst betreffende de Internationale Burgerlijke Luchtvaart van 7 december 1944, inzonderheid bijlage 2, goedgekeurd bij wet van 30 april 1947, of krachtens enig ander internationaal akkoord;
  2° op de luchthaven Brussel-Nationaal de bewegingen van de luchtvaartuigen controleren bij de nadering, de landing, het opstijgen en op de landingsen rolbanen, alsook de geleiding van de luchtvaartuigen op de platforms, en de veiligheid van het luchtverkeer blijven waarborgen op de gewestelijke openbare luchthavens en luchtvaartterreinen overeenkomstig het samenwerkingsakkoord dat op 30 november 1989 met de Gewesten is gesloten;
  3° aan de politie-, luchtvaart- en luchthaveninspectie-diensten inlichtingen verschaffen betreffende de luchtvaartuigen, de besturing, de bewegingen en de waarneembare gevolgen ervan;
  4° weerkundige inlichtingen verschaffen voor de luchtvaart, alsook telecommunicatiediensten of andere diensten verstrekken die verband houden met de activiteiten genoemd in 1° en 2°.
  Art. 171. De activiteiten genoemd in artikel 170, 1° tot 3°, zijn taken van openbare dienst.
  Art. 172. Belgocontrol stelt de vergoedingen vast voor de diensten die zij verstrekt in het kader van de taken genoemd in artikel 171, met inachtneming van de grondregelen en de grenzen bepaald in het beheerscontract.
  HOOFDSTUK II. - Bestuur.
  Art. 173. § 1. Wat Belgocontrol betreft, worden in artikel 18 de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° § 1 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "De raad van bestuur van Belgocontrol is samengesteld uit ten minste acht leden en ten hoogste twaalf leden, met inbegrip van de gedelegeerd bestuurder";
  2° de woorden "gewone leden" en "gewone leden van de raad van bestuur" worden vervangen door het woord "bestuurders";
  3° in § 3 worden tussen de woorden "hernieuwbare termijn van" en "zes jaar" de woorden "ten hoogste" ingevoegd;
  4° in § 4 wordt de verwijzing naar artikel 20 geschrapt.
  § 2. Wat Belgocontrol betreft, worden in artikel 20 de volgende wijzigingen aangebracht :
  1° in de eerste zin van § 2 worden tussen de woorden "hernieuwbare termijn van" en "zes jaar" de woorden "ten hoogste" ingevoegd;
  2° de laatste zin van § 2 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "Hij kan slechts worden ontslagen bij een in Ministerraad overlegd koninklijk besluit, op eensluidend gemotiveerd advies van de raad van bestuur aangenomen met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen";
  3° § 3 wordt vervangen door de volgende bepaling :
  "De raad van bestuur benoemt, op voordracht van de gedelegeerd bestuurder, de andere leden van het directiecomité voor een hernieuwbare termijn van ten hoogste zes jaar. Het lid verantwoordelijk voor het toezicht op het luchtverkeer moet operationele ervaring hebben inzake toezicht op de burgerluchtvaart. De leden van het directiecomité kunnen slechts worden ontslagen bij een beslissing van de raad van bestuur genomen met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen."
  § 3. Wat Belgocontrol betreft, worden in de artikelen 20 tot 22 de woorden "bestuurder-directeur" en "bestuurders-directeurs" vervangen door de woorden "lid van het directiecomité" respectievelijk "leden van het directiecomité".
  § 4. Teneinde de raad bij te staan in het onderzoek van de rekeningen, de begrotingscontrole en elke andere aangelegenheid van interne controle, richt de raad van bestuur in zijn midden een auditcomité op samengesteld uit ten minste vier bestuurders andere dan de gedelegeerd bestuurder. De voorzitter van de raad en de Regeringscommissaris worden op de vergaderingen van het auditcomité uitgenodigd en hebben raadgevende stem.
  Art. 174. De raad van bestuur en het directiecomité van Belgocontrol bestaan uit evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden. De voorzitter van de raad van bestuur en de gedelegeerd bestuurder behoren tot een verschillende taalgroep. De leden die noch Nederlandstalig noch Franstalig zijn, worden niet in aanmerking genomen om de taalpariteit te bepalen.
  HOOFDSTUK III. - Personeel.
  Art. 175. § 1. De bepalingen van artikel 29, § 1, gelden onverminderd het recht van Belgocontrol om de werknemers die zij op de datum van haar indeling als autonoom overheidsbedrijf onder een contractueel stelsel in dienst had, onder zulk stelsel tewerk te stellen.
  § 2. In de gevallen en tegen de voorwaarden bepaald in een regeling aangenomen door het paritair comité met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen, kan Belgocontrol personeel aanwerven en tewerkstellen op basis van een arbeidsovereenkomst beheerst door de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten buiten de gevallen bepaald in artikel 29, § 1, tweede lid.
  § 3. Een regeling aangenomen door het paritair comité met een meerderheid van twee derden van de uitgebrachte stemmen en bekrachtigd door de Koning kan een facultatief stelsel inrichten dat leden van het statutair personeel van Belgocontrol de mogelijkheid biedt om naar een contractueel stelsel over te gaan.
  Art. 176. § 1. In artikel 7 van het koninklijk besluit nr. 117 van 27 februari 1935 tot vaststelling van het statuut der pensioenen van het personeel der zelfstandige openbare inrichtingen en der regieën ingesteld door de Staat, gewijzigd bij de wetten van 28 april 1958, 1 juli 1971, 11 juli 1975, 17 mei 1976 en 15 juli 1977, het koninklijk besluit nr. 429 van 5 augustus 1986 en het koninklijk besluit van 2 april 1998, wordt de vermelding "Regie der Luchtwegen" geschrapt.
  § 2. De rust- en overlevingspensioenen van de leden van het statutair personeel van Belgocontrol worden geregeld door de wet van 28 april 1958 betreffende het pensioen van het personeel van zekere organismen van openbaar nut alsmede van hun rechthebbenden.
  § 3. Voor de toepassing van artikel 12, § 2, van voornoemde wet van 28 april 1958 worden de door die bepaling bedoelde maandwedden met 20 procent verhoogd voor de personeelsleden van Belgocontrol die actieve diensten leveren in de zin van artikel 8, § 2, 3°, van de algemene wet van 21 juli 1844 op de burgerlijke en kerkelijke pensioenen.
  § 4. Indien op 1 juli van een bepaald jaar het aantal in vast verband benoemde of tot de stage toegelaten personeelsleden van Belgocontrol lager is dan het aantal dergelijke personeelsleden op de datum waarop dit artikel in werking is getreden, is Belgocontrol een aanvullende bijdrage verschuldigd. Het bedrag van deze aanvullende bijdrage wordt verkregen door het bedrag dat door Belgocontrol voor het jaar in kwestie is verschuldigd met toepassing van artikel 12, § 2, van voornoemde wet van 28 april 1958, te vermenigvuldigen met een breuk waarvan de teller gelijk is aan het aantal hiervoor omschreven personeelsleden op voormelde datum en de noemer gelijk aan het aantal dergelijke personeelsleden op 1 juli van het jaar in kwestie.
  § 5. De subrogatie bepaald in artikel 13 van voornoemde wet van 28 april 1958 is niet van toepassing.
  HOOFDSTUK IV. - Diverse bepalingen.
  Art. 177. Het statuut van de R.L.W., gevoegd bij het koninklijk besluit van 5 oktober 1970 houdende omwerking van het statuut van de Regie der Luchtwegen en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 31 maart 1981, het koninklijk besluit nr. 240 van 31 december 1983 en het koninklijk besluit nr. 425 van 1 augustus 1986, wordt opgeheven met uitzondering van de artikelen 12 en 20."
Art. 32. Le Titre VI de la loi du 21 mars 1991 précitée et comprenant les articles 169 à 177, est remplacé par les dispositions suivantes :
  "TITRE VI. - Belgocontrol
  CHAPITRE I. - Objet et missions de service public
Art. 33. Artikel 32 treedt in werking op de datum van de indeling van de R.L.W. als autonoom overheidsbedrijf overeenkomstig artikel 1, § 3, van voornoemde wet van 21 maart 1991. (NOTA : deze inwerkingtredingdatum is de dag volgend op de datum van de inbreng van de bedrijfstak luchthaven in de naamloze vennootschap van publiek recht "Brussels International Airport Company"; zie KB 1998-08-25/33, art. 3.)
  Het koninklijk besluit van 10 december 1987 waarbij de Regie der Luchtwegen gemachtigd wordt deel te nemen aan de naamloze vennootschap, op te richten onder de benaming "N.V. Brussels Airport Terminal Company S.A.", afgekort : "B.A.T.C.", wordt opgeheven op de datum van de indeling van B.A.T.C. als autonoom overheidsbedrijf overeenkomstig artikel 7.
Art. 169. Belgocontrol est une entreprise publique autonome relevant du ministre qui a les transports dans ses attributions.
Art. 34. Bij een in Ministerraad overlegd besluit vervangt de Koning de woorden "Regie der Luchtwegen", "R.L.W." of "Regie" door de woorden "Belgocontrol" in alle wettelijke en reglementaire bepalingen die de entiteit van publiek recht beogen die de activiteiten uitoefent bepaald in artikel 170 van dezelfde wet, zoals gewijzigd door dit besluit.
Art. 170. Belgocontrol a pour objet :
  1° d'assurer la sécurité de la navigation aérienne dans les espaces aériens dont l'Etat belge est responsable en vertu de la Convention relative à l'Aviation civile internationale du 7 décembre 1944, notamment son annexe 2, approuvée par la loi du 30 avril 1947, ou en vertu de tout autre accord international;
  2° d'assurer à l'aéroport de Bruxelles-National le contrôle des mouvements des aéronefs en approche, à l'atterrissage, au décollage et sur les pistes et les voies de circulation, ainsi que le guidage des aéronefs sur les aires de trafic, et de continuer à assurer la sécurité du trafic aérien des aéroports et aérodromes publics régionaux conformément à l'accord de coopération conclu le 30 novembre 1989 avec les Régions;
  3° de fournir aux services de police et d'inspection aéronautique et aéroportuaire des informations relatives aux aéronefs, à leur pilotage, à leurs mouvements et aux effets observables de ceux-ci;
  4° de fournir des informations météorologiques pour la navigation aérienne, ainsi que des services de télécommunications ou autres services liés aux activités visées aux 1° ou 2°.
  Art. 171. Les activités visées à l'article 170, 1° à 3°, constituent des missions de service public.
  Art. 172. Belgocontrol fixe les redevances pour les services qu'elle rend dans le cadre des missions visées à l'article 171, dans le respect des principes de base et limites établis dans le contrat de gestion.
  CHAPITRE II. - Gestion.
  Art. 173. § 1er. En ce qui concerne Belgocontrol, les modifications suivantes sont apportées à l'article 18 :
  1° le § 1er est remplacé par la disposition suivante :
  "Le conseil d'administration de Belgocontrol se compose de huit membres au moins et de douze membres au plus, en ce compris l'administrateur délégué";
  2° les mots "membres ordinaires" et "membres ordinaires du conseil d'administration" sont remplacés par le mot "administrateurs";
  3° au § 3, les mots "au plus" sont ajoutés après les mots "six ans";
  4° au § 4, le renvoi à l'article 20 est supprimé.
  § 2. En ce qui concerne Belgocontrol, les modifications suivantes sont apportées à l'article 20 :
  1° dans la première phrase du § 2, les mots "au plus" sont ajoutés après les mots "six ans";
  2° la dernière phrase du § 2 est remplacée par la disposition suivante :
  "Il ne peut être révoqué que par arrêté royal délibéré en Conseil des Ministres, sur avis conforme motivé du conseil d'administration adopté à la majorité des deux tiers des voix exprimées";
  3° le § 3 est remplacé par la disposition suivante :
  "Le conseil d'administration nomme, sur la proposition de l'administrateur délégué, les autres membres du comité de direction pour un terme renouvelable de six ans au plus. Le membre responsable pour le contrôle de la circulation aérienne doit avoir une expérience opérationnelle de contrôle aérien civil. Les membres du comité de direction ne peuvent être révoqués que par décision du conseil d'administration adoptée à la majorité des deux tiers des voix exprimées."
  § 3. En ce qui concerne Belgocontrol, dans les articles 20 à 22, les mots "administrateur-directeur" et "administrateurs-directeurs" sont remplacés respectivement par les mots "membre du comité de direction" et "membres du comité de direction".
  § 4. En vue d'assister le conseil dans l'examen des comptes, le contrôle du budget et toute autre question de contrôle interne, le conseil d'administration constitue en son sein un comité d'audit composé d'au moins quatre administrateurs autres que l'administrateur délégué. Le président du conseil et le commissaire du Gouvernement sont invités aux réunions du comité d'audit et y siègent avec voix consultative.
  Art. 174. Le conseil d'administration et le comité de direction de Belgocontrol comprennent autant de membres d'expression française que d'expression néerlandaise. Le président du conseil d'administration et l'administrateur délégué sont d'expression linguistique différente. Les membres qui ne sont ni d'expression française ni d'expression néerlandaise ne sont pas pris en compte pour déterminer la parité linguistique.
  CHAPITRE III. - Personnel.
  Art. 175. § 1er. Les dispositions de l'article 29, § 1er, sont sans préjudice du droit de Belgocontrol d'employer sous régime contractuel les travailleurs qu'elle occupait sous un tel régime à la date de son classement en entreprise publique autonome.
  § 2. Dans les cas et aux conditions prévus dans une réglementation arrêtée par la commission paritaire à la majorité des deux tiers des voix exprimées, Belgocontrol peut recruter et employer du personnel en vertu d'un contrat de travail régi par la loi du 3 juillet 1978 relative aux contrats de travail en dehors des cas prévus a l'article 29, § 1er, deuxième alinéa.
  § 3. Une réglementation arrêtée par la commission paritaire à la majorité des deux tiers des voix exprimées et ratifiée par le Roi peut établir un régime facultatif permettant à des membres du personnel statutaire de Belgocontrol de passer sous régime contractuel.
  Art. 176. § 1er. Dans l'article 7 de l'arrêté royal n° 117 du 27 février 1935 établissant le statut des pensions du personnel des établissements publics autonomes et des régies institués par l'Etat, modifie par les lois des 28 avril 1958, 1er juillet 1971, 11 juillet 1975, 17 mai 1976 et 15 juillet 1977, l'arrêté royal n° 429 du 5 août 1986 et l'arrêté royal du 2 avril 1998, la mention "Régie des voies aériennes" est supprimée.
  § 2. Les pensions de retraite et survie des membres du personnel statutaire de Belgocontrol sont régies par la loi du 28 avril 1958 relative à la pension des membres du personnel de certains organismes d'intérêt public et de leurs ayants droit.
  § 3. Pour l'application de l'article 12, § 2, de la loi du 28 avril 1958 précitée, les traitements mensuels visés par cette disposition sont majorés de 20 pour cent pour les membres du personnel de Belgocontrol qui prestent des services actifs au sens de l'article 8, § 2, 3°, de la loi générale du 21 juillet 1844 sur les pensions civiles et ecclésiastiques.
  § 4. Si, au 1er juillet d'une année déterminée, le nombre d'agents de Belgocontrol nommés à titre définitif ou admis au stage est inférieur au nombre de tels agents à la date à laquelle le présent article est entré en vigueur, Belgocontrol est redevable d'une contribution complémentaire. Le montant de cette contribution complémentaire est obtenu en multipliant le montant dû par Belgocontrol pour l'année en cause en application de l'article 12, § 2 de la loi du 28 avril 1958 précitée par une fraction dont le numérateur est égal au nombre d'agents définis ci-avant à la date précitée et le dénominateur est égal au nombre de tels agents au 1er juillet de l'année en cause.
  § 5. La subrogation prévue à l'article 13 de la loi du 28 avril 1958 précitée n'est pas effectuée.
  CHAPITRE IV. - Dispositions diverses.
  Art. 177. Le statut de la R.V.A., annexé à l'arrêté royal du 5 octobre 1970 portant refonte du statut de la Régie des voies aériennes et modifié par l'arrêté royal du 31 mars 1981, l'arrêté royal n° 240 du 31 décembre 1983 et l'arrêté royal n° 425 du 1er août 1986, est abrogé, à l'exception des articles 12 et 20."
HOOFDSTUK III. - Gemeenschappelijke bepalingen.
Art. 33. L'article 32 entre en vigueur a la date du classement de la R.V.A. en entreprise publique autonome conformément à l'article 1er, § 3, de la loi du 21 mars 1991 précitée. (NOTE : cette date d'entrée en vigueur est le jour suivant la date de l'apport de la branche d'activité aéroport à la société anonyme de droit public "Brussels International Airport Company"; voir AR 1998-08-25/33, art. 3.)
Art. 35. Aan artikel 48 van de wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, wordt het volgende lid toegevoegd :
  "De Koning kan, bij een in Ministerraad overlegd besluit, bijzondere maatregelen nemen met het oog op de regeling van de toepassing van deze gecoördineerde wetten op Belgocontrol en op B.I.A.C., rekening houdend met de exploitatievoorwaarden die hun eigen zijn."
Art. 34. Par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, le Roi remplace les mots "Régie des voies aériennes", "R.V.A." ou "Régie" par le mot "Belgocontrol" dans toutes les dispositions légales et réglementaires qui visent l'entité de droit public exerçant les activités définies à l'article 170 de la même loi, tel que modifié par le présent arrêté.
Art. 36. Het Besluit van de Regent van 15 september 1947 houdende oprichting van een Dienst der Sociale Werken in de schoot van de algemene diensten van het Ministerie van Verkeerswezen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 12 februari 1991, en zijn ministeriële uitvoeringsbesluiten worden toepasselijk gemaakt op de statutaire personeelsleden van B.I.A.C. en Belgocontrol, alsook op hun personen ten laste en op hun weduwen en wezen, en dit tot op de datum van inwerkingtreding van een akkoord in de schoot van het paritair comité van deze ondernemingen tot inrichting van een equivalent stelsel van voordelen.
CHAPITRE III. - Dispositions communes.
Art. 37. Zij die de werkzaamheden van de revisoren-verslaggevers krachtens de artikelen 17 of 23, § 2, verhinderen, of weigeren de inlichtingen te geven die zij gehouden zijn te verstrekken krachtens deze bepalingen, of zij die bewust onjuiste of onvolledige inlichtingen verstrekken, worden gestraft met een gevangenisstraf van acht dagen tot zes maanden en een geldboete van 50 frank tot 10.000 frank, of met één van deze straffen alleen.
Art. 35. L'article 48 des lois sur l'emploi des langues en matière administrative, coordonnées le 18 juillet 1966, est complété par l'alinéa suivant :
  "Le Roi peut, par arrêté délibéré en Conseil des Ministres, prendre des mesures particulières en vue de régler l'application des présentes lois coordonnées à Belgocontrol et à la B.I.A.C. en tenant compte des conditions d'exploitation qui leur sont propres."
Art. 38. Niettegenstaande elke strijdige contractuele bepaling, kan geen van de in dit besluit beoogde hervormingen tot gevolg hebben de termen te wijzigen van enige overeenkomst die tussen de R.L.W. of B.A.T.C. en één of meer derden is gesloten vóór de datum van inwerkingtreding van dit besluit, of een einde te stellen aan zulke overeenkomst, en geen van deze hervormingen geeft aan een partij het recht om zulke overeenkomst eenzijdig te wijzigen of te beëindigen.
Art. 36. L'arrêté du Régent du 15 septembre 1947 portant création d'un Service des Oeuvres sociales au sein des Services généraux du Ministère des Communications, modifié par l'arrêté royal du 12 février 1991, et ses arrêtés ministériels d'exécution sont rendus applicables aux membres du personnel statutaire de la B.I.A.C. et de Belgocontrol, ainsi qu'aux personnes à charge et aux veuves et orphelins de ceux-ci, et ce, jusqu'à la date d'entrée en vigueur d'un accord au sein de la commission paritaire de ces entreprises sur l'institution d'un régime d'avantages équivalent.
Art. 39. § 1. Binnen het Ministerie van Verkeer en Infrastructuur wordt een Comité voor regulering en coördinatie, afgekort C.R.C., opgericht met als opdracht :
  1° elk geschil tussen Belgocontrol en B.I.A.C. bij te leggen, op verzoek van één van hen of de Minister;
  2° advies te verstrekken aan de Minister, Belgocontrol en B.I.A.C. omtrent de evolutie van de concurrentiepositie van de luchthaven Brussel-Nationaal, alsook inzake capaciteit;
  3° een met redenen omkleed advies te verstrekken aan Belgocontrol of B.I.A.C. aangaande ieder voorstel tot verhoging van de vergoedingen.
  § 2. Het Comité voor regulering en coördinatie is samengesteld uit :
  1° de Minister of zijn afgevaardigde;
  2° een vertegenwoordiger van Belgocontrol;
  3° een vertegenwoordiger van B.I.A.C.;
  4° twee vertegenwoordigers van het Bestuur van de Luchtvaart;
  5° een vertegenwoordiger van het raadgevend comité van B.I.A.C.
  Het Comité bestaat uit evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden.
  De Minister of zijn afgevaardigde zit het Comité voor en heeft, in geval van staking van stemmen, een doorslaggevende stem. De Koning benoemt de andere leden op voordracht, ieder wat hem betreft, van Belgocontrol, B.I.A.C., het Bestuur van de Luchtvaart en het raadgevend comité van B.I.A.C.
  De Regeringscommissarissen bij Belgocontrol en B.I.A.C. worden uitgenodigd op alle vergaderingen van het Comité en hebben raadgevende stem.
  § 3. De Minister bepaalt de nadere regels voor de toepassing van dit artikel.
Art. 37. Seront punis d'un emprisonnement de huit jours à six mois et d'une amende de 50 francs à 10.000 francs, ou d'une de ces peines seulement, ceux qui mettent obstacle aux travaux des réviseurs-rapporteurs en vertu des articles 17 ou 23, § 2, ou refusent de donner les renseignements qu'ils sont tenus de fournir en vertu de ces dispositions ou qui donnent sciemment des renseignements inexacts ou incomplets.
Art. 40. De Minister kan, na beraadslaging in Ministerraad, de termijnen bepaald in de Hoofdstukken I en II van dit besluit verlengen wegens dwingende redenen.
Art. 38. Nonobstant toute disposition conventionnelle contraire, aucune des réformes visées au présent arrêté ne peut avoir pour effet de modifier les termes d'une convention conclue entre la R.V.A. ou la B.A.T.C. et un ou plusieurs tiers avant la date de l'entrée en vigueur du présent arrêté ou de mettre fin à une telle convention, et aucune de ces réformes ne donne à une partie le droit de modifier une telle convention ou de la résilier unilatéralement.
Art. 41. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Art. 39. § 1er. Il est créé au sein du Ministère des Communications et de l'Infrastructure un Comité de régulation et de coordination, en abrégé le C.R.C., qui a pour mission :
  1° de concilier tout différend entre Belgocontrol et la B.I.A.C., sur requête de l'un d'eux ou du Ministre;
  2° de conseiller le Ministre, Belgocontrol et la B.I.A.C. au sujet de l'évolution de la position concurrentielle de l'aéroport de Bruxelles-National, ainsi qu'en matière de capacité;
  3° de rendre un avis motive à Belgocontrol ou à la B.I.A.C. sur toute proposition de hausse des redevances.
  § 2. Le Comité de régulation et de coordination se compose :
  1° du Ministre ou de son délégué;
  2° d'un représentant de Belgocontrol;
  3° d'un représentant de la B.I.A.C.;
  4° de deux représentants de l'Administration de l'Aéronautique;
  5° d'un représentant du comité consultatif de la B.I.A.C.
  Le Comité comprend autant de membres d'expression française que d'expression néerlandaise.
  Le Ministre ou son délégué préside le Comité et, en cas de partage des voix, a voix prépondérante. Le Roi nomme les autres membres sur la proposition, chacun pour ce qui le concerne, de Belgocontrol, de la B.I.A.C., de l'Administration de l'Aéronautique et du comité consultatif de la B.I.A.C.
  Les commissaires du Gouvernement auprès de Belgocontrol et de la B.I.A.C. sont invités à toutes les réunions du Comité et y siègent avec voix consultative.
  § 3. Le Ministre règle les modalités d'application du présent article.
Art. 42. Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Buitenlandse Handel, Onze Minister van Volksgezondheid en Pensioenen, Onze Minister van Vervoer en Onze Minister van Ambtenarenzaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
  Gegeven te Brussel, 2 april 1998.
  ALBERT
  Van Koningswege :
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën en Buitenlandse Handel,
  Ph. MAYSTADT
  De Minister van Volksgezondheid en Pensioenen,
  M. COLLA
  De Minister van Vervoer,
  M. DAERDEN
  De Minister van Ambtenarenzaken,
  A. FLAHAUT
Art. 40. Le Ministre peut, après délibération en Conseil des Ministres, prolonger les délais prévus aux Chapitres Ier et II du présent arrêté pour des raisons impérieuses.
-
Art. 41. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge. (NOTE : voir toutefois articles 11 et 33.)
-
Art. 42. Notre Vice-Premier Ministre et Ministre des Finances et du Commerce extérieur, Notre Ministre de la Santé publique et des Pensions, Notre Ministre des Transports et Notre Ministre de la Fonction publique sont, chacun en ce qui le concerne, chargés de l'exécution du présent arrêté.
  Donné à Bruxelles, le 2 avril 1998.
  ALBERT
  Par le Roi :
  Le Vice-Premier Ministre et Ministre des Finances et du Commerce extérieur,
  Ph. MAYSTADT
  Le Ministre de la Santé publique et des Pensions,
  M. COLLA
  Le Ministre des Transports,
  M. DAERDEN
  Le Ministre de la Fonction publique,
  A. FLAHAUT