Artikel 1. Artikel 2 van het ministerieel besluit van 24 februari 1995 houdende oprichting van een Basisoverlegcomité voor het Ministerie van Ambtenarenzaken wordt vervangen door de volgende bepaling :
"Art. 2. Het gebied van het Basisoverlegcomité bedoeld in artikel 1 behelst :
- het Secretariaat-generaal;
- de Dienst van Algemeen Bestuur;
- het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid;
- het Vast Wervingssecretariaat;
- de Dienst voor Overheidsopdrachten en Subsidies;
- het Federaal Aankoopbureau.".
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
26 JANUARI 1998. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 24 februari 1995 houdende oprichting van een Basisoverlegcomité voor het Ministerie van Ambtenarenzaken.
Titre
26 JANVIER 1998. - Arrêté ministériel modifiant l'arrêté ministériel du 24 février 1995 portant création d'un Comité de concertation de base pour le Ministère de la Fonction publique.
Informations sur le document
Info du document
Tekst (4)
Texte (4)
Article 1. L'article 2 de l'arrêté ministériel du 24 février 1995 portant création d'un Comité de concertation de base pour le Ministère de la Fonction publique est remplacé par la disposition suivante :
" Art. 2. Le ressort du Comité de concertation de base visé à l'article 1er comprend :
- le Secrétariat général;
- le Service d'Administration générale;
- l'Institut de Formation de l'Administration fédérale;
- le Secrétariat permanent de Recrutement;
- le Service des Marchés publics et des Subventions;
- le Bureau fédéral d'Achats. ".
" Art. 2. Le ressort du Comité de concertation de base visé à l'article 1er comprend :
- le Secrétariat général;
- le Service d'Administration générale;
- l'Institut de Formation de l'Administration fédérale;
- le Secrétariat permanent de Recrutement;
- le Service des Marchés publics et des Subventions;
- le Bureau fédéral d'Achats. ".
Art. 2. Artikel 5 van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling :
"Art. 5. Behalve de voorzitter, bestaat de overheidsdelegatie uit de volgende leden :
- een afgevaardigde van het Secretariaat-generaal die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van de Dienst van Algemeen Bestuur die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Vast Wervingssecretariaat die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van de Dienst voor Overheidsopdrachten en Subsidies die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Federaal Aankoopbureau die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is.
De respectieve plaatsvervangers van de in het eerste lid vermelde leden zijn :
- een ambtenaar van het Secretariaat-generaal die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van de Dienst van Algemeen Bestuur die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Vast Wervingssecretariaat die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van de Dienst voor Overheidsopdrachten en Subsidies die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Federaal Aankoopbureau die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is.
"Art. 5. Behalve de voorzitter, bestaat de overheidsdelegatie uit de volgende leden :
- een afgevaardigde van het Secretariaat-generaal die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van de Dienst van Algemeen Bestuur die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Vast Wervingssecretariaat die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van de Dienst voor Overheidsopdrachten en Subsidies die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een afgevaardigde van het Federaal Aankoopbureau die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is.
De respectieve plaatsvervangers van de in het eerste lid vermelde leden zijn :
- een ambtenaar van het Secretariaat-generaal die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van de Dienst van Algemeen Bestuur die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Vast Wervingssecretariaat die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van de Dienst voor Overheidsopdrachten en Subsidies die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is;
- een ambtenaar van het Federaal Aankoopbureau die ten minste met een graad van rang 10 bekleed is.
Art. 2. L'article 5 du même arrêté est remplacé par la disposition suivante :
" Art. 5. Outre le Président, la délégation de l'autorité se compose des membres suivants :
- un délégué du Secrétariat général revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Service d'Administration générale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué de l'Institut de Formation de l'Administration fédérale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Secrétariat permanent de Recrutement revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Service des Marchés publics et des Subventions revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Bureau fédéral d'Achats revêtu au moins d'un grade du rang 10.
Les suppléants respectifs des membres effectifs visés à l'alinéa 1er sont :
- un fonctionnaire du Secrétariat général revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Service d'Administration générale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire de l'Institut de Formation de l'Administration fédérale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Secrétariat permanent de Recrutement revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Service des Marchés publics et des Subventions revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Bureau fédéral d'Achats revêtu au moins d'un grade du rang 10.
" Art. 5. Outre le Président, la délégation de l'autorité se compose des membres suivants :
- un délégué du Secrétariat général revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Service d'Administration générale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué de l'Institut de Formation de l'Administration fédérale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Secrétariat permanent de Recrutement revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Service des Marchés publics et des Subventions revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un délégué du Bureau fédéral d'Achats revêtu au moins d'un grade du rang 10.
Les suppléants respectifs des membres effectifs visés à l'alinéa 1er sont :
- un fonctionnaire du Secrétariat général revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Service d'Administration générale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire de l'Institut de Formation de l'Administration fédérale revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Secrétariat permanent de Recrutement revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Service des Marchés publics et des Subventions revêtu au moins d'un grade du rang 10;
- un fonctionnaire du Bureau fédéral d'Achats revêtu au moins d'un grade du rang 10.
Art. 3. Het ministerieel besluit van 7 februari 1996 tot wijziging van het ministerieel besluit van 24 februari 1995 houdende oprichting van een Basisoverlegcomité voor het Ministerie van Ambtenarenzaken wordt opgeheven.
Art. 3. L'arrêté ministériel du 7 février 1996 modifiant l'arrêté ministériel du 24 février 1995 portant création d'un Comité de concertation de base pour le Ministère de la Fonction publique est abrogé.
Art. 4. Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.
Brussel, 26 januari 1998.
A. FLAHAUT
Brussel, 26 januari 1998.
A. FLAHAUT
Art. 4. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Bruxelles, le 26 janvier 1998.
A. FLAHAUT
Bruxelles, le 26 janvier 1998.
A. FLAHAUT