Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
28 AUGUSTUS 1997. - Omzendbrief betreffende de procedure van de huwelijksafkondiging en de documenten die dienen overgelegd te worden ten einde een visum met het oog op het afsluiten van een huwelijk in het Rijk te bekomen en ten einde een visum gezinshereniging op basis van een huwelijk afgesloten in het buitenland te bekomen. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 01-10-1997 en tekstbijwerking tot 31-12-1999)
Titre
28 AOUT 1997. - Circulaire relative à la procédure de publication des bans de mariage et aux documents qui doivent être produits afin d'obtenir un visa en vue de conclure un mariage dans le Royaume ou d'obtenir un visa de regroupement familial sur la base d'un mariage conclu à l'étranger. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 01-10-1997 et mise à jour au 31-12-1999)
Informations sur le document
Numac: 1997801964
Datum: 1997-08-28
Info du document
Numac: 1997801964
Date: 1997-08-28
Tekst (9)
Texte (9)
Artikel M. (Om technische redenen wordt deze omzendbrief onderverdeeld in fictieve artikelen : M0-M7).
Article M. (Pour des raisons techniques, cette circulaire a été subdivisée en articles fictifs : M0 - M7).
Art. M0. Bedoeling van deze omzendbrief is enkele punten te behandelen aangaande de procedure van de huwelijksafkondiging (wet van 26 december 1891, B.S., 31 december 1891, gewijzigd door de wet van 7 januari 1908, B.S., 15 januari 1908) die de jongste tijd aanleiding gegeven hebben tot controverse. Tevens wordt er enige duidelijkheid verschaft aangaande de documenten die dienen overgelegd te worden ten einde een visum met het oog op het afsluiten van een huwelijk in het Rijk te bekomen en ten einde een visum gezinshereniging te bekomen op basis van een huwelijk afgesloten in het buitenland.
Art. M0. L'objectif de la présente circulaire est de régler quelques problèmes relatifs à la procédure de publication des bans (loi du 26 décembre 1891, M.B. 31 décembre 1891, modifiée par la loi du 7 janvier 1908, M.B. 15 janvier 1908) qui ont récemment donné lieu à controverse. En outre, elle apporte des éclaircissements quant aux documents qui doivent être produits afin d'obtenir un visa en vue de conclure un mariage dans le Royaume ou d'obtenir un visa de regroupement familial sur la base d'un mariage conclu à l'étranger.
Art. M1. 1. (Opgeheven)
Art. M1. 1. (Abrogé)
Art. M2. 2. (Opgeheven)
Art. M2. 2. (Abrogé)
Art. M3. 3. (Opgeheven)
Art. M3. 3. (Abrogé)
Art. M4. 4. Indienen van de aanvraag tot verblijf na het voltrekken van het huwelijk.
Zoals hierboven werd uiteengezet kan een illegale vreemdeling in België in het huwelijk treden.
Voor wat betreft het verblijfsaspect dient de aandacht erop gevestigd te worden dat bij de aanvraag tot verblijf in het kader van artikel 10, eerste lid, 1° of 4°, of artikel 40, § 3 tot § 6, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, de documenten die vereist zijn voor de binnenkomst in het Rijk dienen overgemaakt te worden.
Dit betekent in concreto dat de vreemdeling in het bezit moet zijn van een geldig nationaal paspoort of van een daarmee gelijkgestelde reistitel, zonodig voorzien van een visum of een visumverklaring, geldig voor België, aangebracht door een Belgische diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger of door een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger van een Staat die partij is bij een internationale overeenkomst betreffende de overschrijding van de buitengrenzen, die België bindt (artikel 2 van de wet van 15 december 1980).
Indien de vreemdeling deze binnenkomstdocumenten niet kan overmaken, wordt zijn aanvraag tot verblijf in principe onontvankelijk verklaard.
Zoals hierboven werd uiteengezet kan een illegale vreemdeling in België in het huwelijk treden.
Voor wat betreft het verblijfsaspect dient de aandacht erop gevestigd te worden dat bij de aanvraag tot verblijf in het kader van artikel 10, eerste lid, 1° of 4°, of artikel 40, § 3 tot § 6, van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, de documenten die vereist zijn voor de binnenkomst in het Rijk dienen overgemaakt te worden.
Dit betekent in concreto dat de vreemdeling in het bezit moet zijn van een geldig nationaal paspoort of van een daarmee gelijkgestelde reistitel, zonodig voorzien van een visum of een visumverklaring, geldig voor België, aangebracht door een Belgische diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger of door een diplomatieke of consulaire vertegenwoordiger van een Staat die partij is bij een internationale overeenkomst betreffende de overschrijding van de buitengrenzen, die België bindt (artikel 2 van de wet van 15 december 1980).
Indien de vreemdeling deze binnenkomstdocumenten niet kan overmaken, wordt zijn aanvraag tot verblijf in principe onontvankelijk verklaard.
Art. M4. 4. Introduction de la demande de séjour après la célébration du mariage.
Ainsi qu'il a été indiqué ci-dessus, un étranger en séjour illégal peut se marier en Belgique.
Toutefois, en ce qui concerne le séjour, il convient de rappeler que les documents requis pour l'entrée dans le Royaume doivent être produits à l'appui de la demande de séjour introduite dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 1° ou 4°, ou de l'article 40, §§ 3 à 6, de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers.
Cela signifie concrètement que l'étranger doit être en possession d'un passeport national valable ou d'un titre de voyage en tenant lieu, revêtu le cas échéant d'un visa ou d'une autorisation tenant lieu de visa, valable pour la Belgique, apposé par un représentant diplomatique ou consulaire belge ou par celui d'un Etat partie à une Convention internationale relative au franchissement des frontières extérieures, liant la Belgique (article 2 de la loi du 15 décembre 1980).
Lorsque l'étranger ne produit pas ces documents d'entrée, sa demande de séjour est en principe déclarée irrecevable.
Ainsi qu'il a été indiqué ci-dessus, un étranger en séjour illégal peut se marier en Belgique.
Toutefois, en ce qui concerne le séjour, il convient de rappeler que les documents requis pour l'entrée dans le Royaume doivent être produits à l'appui de la demande de séjour introduite dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 1° ou 4°, ou de l'article 40, §§ 3 à 6, de la loi du 15 décembre 1980 sur l'accès au territoire, le séjour, l'établissement et l'éloignement des étrangers.
Cela signifie concrètement que l'étranger doit être en possession d'un passeport national valable ou d'un titre de voyage en tenant lieu, revêtu le cas échéant d'un visa ou d'une autorisation tenant lieu de visa, valable pour la Belgique, apposé par un représentant diplomatique ou consulaire belge ou par celui d'un Etat partie à une Convention internationale relative au franchissement des frontières extérieures, liant la Belgique (article 2 de la loi du 15 décembre 1980).
Lorsque l'étranger ne produit pas ces documents d'entrée, sa demande de séjour est en principe déclarée irrecevable.
Art. M5. 5. Documenten die dienen overgelegd te worden ten einde een visum met het oog op het voltrekken van een huwelijk in het Rijk te bekomen.
A. Vreemdelingen die in België wensen in het huwelijk te treden moeten in ieder geval de volgende documenten overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland :
- een geldig nationaal paspoort;
- een medisch getuigschrift (niet ouder dan zes maanden);
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden);
- een bewijs van voldoende middelen van bestaan voor het verblijf in België of een verbintenis tot tenlasteneming uitgaande van een persoon die voldoet aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3bis van de wet van 15 december 1980;
- een bewijs van de huwelijksafkondiging (niet ouder dan zes maanden).
De aandacht dient erop gevestigd te worden dat de huwelijksafkondiging niet geweigerd mag worden door de ambtenaar van de burgerlijke stand op grond van het loutere feit dat één van de huwelijkspartners niet fysisch aanwezig is.
De ambtenaar van de burgerlijke stand dient wel na te gaan of de fysisch niet-aanwezige partij zijn instemming betuigt met de huwelijksafkondiging.
In dit kader kan een gelegaliseerd schriftelijk bewijs gevraagd worden uitgaande van de afwezige huwelijkspartner waarin deze zijn instemming betuigt met de huwelijksafkondiging. Zonodig kan een vertaling van dit document gevraagd worden.
B. Daarnaast dienen de volgende drie documenten overgemaakt te worden aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland :
- een geboorteakte;
- een bewijs van de ongehuwde staat (niet ouder dan drie maanden);
- een bewijs dat men voldoet aan de door de nationale wet gestelde voorwaarden om een huwelijk aan te gaan, zoals bijv. een wetscertificaat (niet ouder dan zes maanden).
De bovenvermelde drie documenten kunnen vervangen worden door een attest uitgaande van de ambtenaar van de burgerlijke stand waarin hij verklaart dat het (de) betrokken document(en), met de bovenvermelde geldigheidsduur, overgemaakt werd(en) met het oog op het afsluiten van een huwelijk.
De vreemdelingen die de vereiste documenten overmaken ontvangen een visum, type C. Dit is een visum kort verblijf dat de houder ervan toelaat om gedurende een periode van maximum drie maanden te verblijven op het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen, ondertekend op 19 juni 1990.
Op de visumsticker in kwestie wordt vermeld dat de huwelijksvoltrekking in België dient plaats te grijpen binnen een periode van drie maanden vanaf het betreden van het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen.
A. Vreemdelingen die in België wensen in het huwelijk te treden moeten in ieder geval de volgende documenten overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland :
- een geldig nationaal paspoort;
- een medisch getuigschrift (niet ouder dan zes maanden);
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden);
- een bewijs van voldoende middelen van bestaan voor het verblijf in België of een verbintenis tot tenlasteneming uitgaande van een persoon die voldoet aan de voorwaarden neergelegd in artikel 3bis van de wet van 15 december 1980;
- een bewijs van de huwelijksafkondiging (niet ouder dan zes maanden).
De aandacht dient erop gevestigd te worden dat de huwelijksafkondiging niet geweigerd mag worden door de ambtenaar van de burgerlijke stand op grond van het loutere feit dat één van de huwelijkspartners niet fysisch aanwezig is.
De ambtenaar van de burgerlijke stand dient wel na te gaan of de fysisch niet-aanwezige partij zijn instemming betuigt met de huwelijksafkondiging.
In dit kader kan een gelegaliseerd schriftelijk bewijs gevraagd worden uitgaande van de afwezige huwelijkspartner waarin deze zijn instemming betuigt met de huwelijksafkondiging. Zonodig kan een vertaling van dit document gevraagd worden.
B. Daarnaast dienen de volgende drie documenten overgemaakt te worden aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland :
- een geboorteakte;
- een bewijs van de ongehuwde staat (niet ouder dan drie maanden);
- een bewijs dat men voldoet aan de door de nationale wet gestelde voorwaarden om een huwelijk aan te gaan, zoals bijv. een wetscertificaat (niet ouder dan zes maanden).
De bovenvermelde drie documenten kunnen vervangen worden door een attest uitgaande van de ambtenaar van de burgerlijke stand waarin hij verklaart dat het (de) betrokken document(en), met de bovenvermelde geldigheidsduur, overgemaakt werd(en) met het oog op het afsluiten van een huwelijk.
De vreemdelingen die de vereiste documenten overmaken ontvangen een visum, type C. Dit is een visum kort verblijf dat de houder ervan toelaat om gedurende een periode van maximum drie maanden te verblijven op het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen, ondertekend op 19 juni 1990.
Op de visumsticker in kwestie wordt vermeld dat de huwelijksvoltrekking in België dient plaats te grijpen binnen een periode van drie maanden vanaf het betreden van het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen.
Art. M5. 5. Documents qui doivent être produits afin d'obtenir un visa en vue de conclure un mariage en Belgique.
A. L'étranger qui souhaite se marier en Belgique doit dans tous les cas remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
- un passeport national valable;
- un certificat médical (délivré depuis six mois au maximum);
- un extrait de casier judiciaire (délivré depuis six mois au maximum);
- la preuve qu'il possède des moyens d'existence suffisants pour son séjour en Belgique ou un engagement de prise en charge souscrit par une personne qui remplit les conditions prévues à l'article 3bis de la loi du 15 décembre 1980;
- la preuve de la publication des bans de mariage (délivrée depuis six mois au maximum).
Il est à noter que la publication des bans de mariage ne peut être refusée par l'Officier de l'état civil pour le seul motif de l'absence d'un des futurs époux.
L'Officier de l'état civil doit cependant vérifier que la partie absente exprime son consentement à la publication des bans de mariage.
A cette fin, il peut demander une attestation légalisée dans laquelle le futur époux absent exprime son consentement à ce sujet. Il peut également demander une traduction de ce document si elle est nécessaire.
B. Les trois documents suivants doivent également être produits au poste diplomatique ou consulaire concerné :
- un acte de naissance;
- une attestation de célibat (délivrée depuis trois mois au maximum);
- la preuve que l'étranger réunit les conditions posées par sa loi nationale pour contracter un mariage, comme par exemple un certificat de coutume (délivrée depuis six mois maximum).
Les trois documents précités peuvent être remplacés par une attestation délivrée par l'Officier de l'état civil dans laquelle celui-ci déclare que ce ou ces documents lui a/ont été produit(s) (dans la durée de validité fixée) en vue de la conclusion d'un mariage.
Les étrangers qui produisent les documents exigés reçoivent un visa de type C. Il s'agit d'un visa de court séjour qui permet à son titulaire de séjourner pour une durée de trois mois maximum sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen, signée le 19 juin 1990.
Il est indiqué sur la vignette-visa que la célébration du mariage doit avoir lieu en Belgique dans une période de trois mois à partir de l'entrée de l'étranger sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen.
A. L'étranger qui souhaite se marier en Belgique doit dans tous les cas remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
- un passeport national valable;
- un certificat médical (délivré depuis six mois au maximum);
- un extrait de casier judiciaire (délivré depuis six mois au maximum);
- la preuve qu'il possède des moyens d'existence suffisants pour son séjour en Belgique ou un engagement de prise en charge souscrit par une personne qui remplit les conditions prévues à l'article 3bis de la loi du 15 décembre 1980;
- la preuve de la publication des bans de mariage (délivrée depuis six mois au maximum).
Il est à noter que la publication des bans de mariage ne peut être refusée par l'Officier de l'état civil pour le seul motif de l'absence d'un des futurs époux.
L'Officier de l'état civil doit cependant vérifier que la partie absente exprime son consentement à la publication des bans de mariage.
A cette fin, il peut demander une attestation légalisée dans laquelle le futur époux absent exprime son consentement à ce sujet. Il peut également demander une traduction de ce document si elle est nécessaire.
B. Les trois documents suivants doivent également être produits au poste diplomatique ou consulaire concerné :
- un acte de naissance;
- une attestation de célibat (délivrée depuis trois mois au maximum);
- la preuve que l'étranger réunit les conditions posées par sa loi nationale pour contracter un mariage, comme par exemple un certificat de coutume (délivrée depuis six mois maximum).
Les trois documents précités peuvent être remplacés par une attestation délivrée par l'Officier de l'état civil dans laquelle celui-ci déclare que ce ou ces documents lui a/ont été produit(s) (dans la durée de validité fixée) en vue de la conclusion d'un mariage.
Les étrangers qui produisent les documents exigés reçoivent un visa de type C. Il s'agit d'un visa de court séjour qui permet à son titulaire de séjourner pour une durée de trois mois maximum sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen, signée le 19 juin 1990.
Il est indiqué sur la vignette-visa que la célébration du mariage doit avoir lieu en Belgique dans une période de trois mois à partir de l'entrée de l'étranger sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen.
Art. M6. 6. Documenten die dienen overgelegd te worden ten einde een visum gezinshereniging te bekomen op basis van een huwelijk dat afgesloten werd in het buitenland.
A. Gezinshereniging op basis van artikel 10, eerste lid, 1° of 4°, van de wet van 15 december 1980.
Dit artikel betreft die vreemdelingen die tot een verblijf van meer dan drie maanden in het Rijk toegelaten of gemachtigd zijn of tot vestiging in het Rijk gemachtigd zijn en wier echtgeno(o)t(e) zich bij hen wenst te vervoegen.
De documenten die de huwelijkspartner die zich in het buitenland bevindt moet overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland, zijn de volgende :
1) in het kader van artikel 10, eerste lid, 4°, van de wet :
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een geboorteakte;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden);
- een kopie van de verblijfs- of vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt en voldoet aan de voorwaarden neergelegd in artikel 10, tweede en derde lid, van de wet van 15 december 1980, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering. Dit is een visum met het oog op lang verblijf dat de houder ervan toelaat om gedurende maximaal vijf dagen te transiteren over het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen, ten einde het Belgisch grondgebied te kunnen bereiken en zich te vervoegen bij de echtgeno(o)t(e).
2) in het kader van artikel 10, eerste lid, 1°, van de wet (toepassing van bilaterale akkoorden met Marokko, Turkije, Tunesië, Algerije en Joegoeslavië betreffende de tewerkstelling in België van buitenlandse werknemers, goedgekeurd door de wet van 13 december 1976, B.S., 17 juni 1977)
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden), indien de aanvrager ouder is dan 18 jaar;
- het bewijs dat de echtgeno(o)t(e) tewerkgesteld is in België (werkgeversattest, arbeidsovereenkomst, inschrijving in het handelsregister,...);
- een kopie van de arbeidskaart of beroepskaart van de echtgeno(o)t(e) in België;
- het bewijs dat de echtgeno(o)t(e) gedurende tenminste drie maanden gearbeid heeft in België (een maand voor de Turkse onderdanen);
- een kopie van de verblijfs- of vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering (zie supra punt A.1).
B. Gezinshereniging op basis van artikel 40 van de wet van 15 december 1980.
Dit artikel betreft Belgen en onderdanen van de Europese Economische Ruimte (E.U.-Lidstaten, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) wier echtgeno(o)t(e) zich bij hen wenst te vervoegen.
De documenten die de huwelijkspartner die zich in het buitenland bevindt moet overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland, zijn de volgende :
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden) indien de aanvrager ouder is dan 18 jaar;
- een kopie van de identiteitskaart van de Belg of van het verblijfsdocument of de vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering (zie supra punt A.1.).
A. Gezinshereniging op basis van artikel 10, eerste lid, 1° of 4°, van de wet van 15 december 1980.
Dit artikel betreft die vreemdelingen die tot een verblijf van meer dan drie maanden in het Rijk toegelaten of gemachtigd zijn of tot vestiging in het Rijk gemachtigd zijn en wier echtgeno(o)t(e) zich bij hen wenst te vervoegen.
De documenten die de huwelijkspartner die zich in het buitenland bevindt moet overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland, zijn de volgende :
1) in het kader van artikel 10, eerste lid, 4°, van de wet :
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een geboorteakte;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden);
- een kopie van de verblijfs- of vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt en voldoet aan de voorwaarden neergelegd in artikel 10, tweede en derde lid, van de wet van 15 december 1980, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering. Dit is een visum met het oog op lang verblijf dat de houder ervan toelaat om gedurende maximaal vijf dagen te transiteren over het grondgebied van de Lidstaten die partij zijn bij de Uitvoeringsovereenkomst van het Akkoord van Schengen, ten einde het Belgisch grondgebied te kunnen bereiken en zich te vervoegen bij de echtgeno(o)t(e).
2) in het kader van artikel 10, eerste lid, 1°, van de wet (toepassing van bilaterale akkoorden met Marokko, Turkije, Tunesië, Algerije en Joegoeslavië betreffende de tewerkstelling in België van buitenlandse werknemers, goedgekeurd door de wet van 13 december 1976, B.S., 17 juni 1977)
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden), indien de aanvrager ouder is dan 18 jaar;
- het bewijs dat de echtgeno(o)t(e) tewerkgesteld is in België (werkgeversattest, arbeidsovereenkomst, inschrijving in het handelsregister,...);
- een kopie van de arbeidskaart of beroepskaart van de echtgeno(o)t(e) in België;
- het bewijs dat de echtgeno(o)t(e) gedurende tenminste drie maanden gearbeid heeft in België (een maand voor de Turkse onderdanen);
- een kopie van de verblijfs- of vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering (zie supra punt A.1).
B. Gezinshereniging op basis van artikel 40 van de wet van 15 december 1980.
Dit artikel betreft Belgen en onderdanen van de Europese Economische Ruimte (E.U.-Lidstaten, Noorwegen, IJsland en Liechtenstein) wier echtgeno(o)t(e) zich bij hen wenst te vervoegen.
De documenten die de huwelijkspartner die zich in het buitenland bevindt moet overmaken aan de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland, zijn de volgende :
- een geldig nationaal paspoort;
- de huwelijksakte;
- zonodig, een echtscheidingsakte of overlijdensakte van de ex-echtgenoot;
- een uittreksel uit het strafregister (niet ouder dan zes maanden) indien de aanvrager ouder is dan 18 jaar;
- een kopie van de identiteitskaart van de Belg of van het verblijfsdocument of de vestigingsvergunning van de vreemdeling die in België verblijft.
Indien de vreemdeling de bovenvermelde documenten overmaakt, wordt hij in het bezit gesteld van een visum type D - familiale hergroepering (zie supra punt A.1.).
Art. M6. 6. Documents qui doivent être produits afin d'obtenir un visa de regroupement familial sur la base d'un mariage conclu à l'étranger.
A. Regroupement familial sur la base de l'article 10, alinéa 1er, 1° ou 4°, de la loi du 15 décembre 1980.
Cet article concerne les étrangers qui souhaitent rejoindre leur conjoint admis ou autorisé à séjourner plus de trois mois dans le Royaume ou autorisé à s'y établir.
Le conjoint qui se trouve à l'étranger doit remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
1) dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 4°, de la loi :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un acte de naissance;
- un extrait de casier judiciaire (délivré depuis six mois au maximum);
- une copie du titre de séjour ou d'établissement de l'étranger qui séjourne en Belgique.
L'étranger qui produit les documents précités et qui satisfait aux conditions prévues à l'article 10, alinéas 2 et 3, de la loi du 15 décembre 1980, reçoit un visa de type D - regroupement familial. Il s'agit d'un visa en vue d'un long séjour, qui permet à son titulaire de transiter pendant cinq jours au maximum sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen, pour atteindre le territoire belge et rejoindre son conjoint;
2) dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 1°, de la loi (application des conventions bilatérales relatives à l'emploi en Belgique de travailleurs étrangers, conclues entre la Belgique et le Maroc, la Turquie, la Tunisie, l'Algérie et la Yougoslavie, approuvées par la loi du 13 décembre 1976, M.B. 17 juin 1977) :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un extrait de casier judiciaire si le demandeur a plus de dix-huit ans (délivré depuis six mois au maximum);
- la preuve que le conjoint en Belgique y est occupé (attestation de l'employeur, contrat de travail, inscription au registre de commerce, ...);
- une copie du permis de travail ou de la carte professionnelle du conjoint en Belgique;
- la preuve que le conjoint en Belgique y a travaillé pendant trois mois au moins (un mois pour les turcs);
- une copie du titre de séjour ou d'établissement du conjoint qui séjourne en Belgique.
L'étranger qui produit les documents précités reçoit un visa de type D - regroupement familial (voir supra, point A, 1)).
B. Regroupement familial sur la base de l'article 40 de la loi du 15 décembre 1980.
Cet article vise les étrangers qui souhaitent rejoindre leur conjoint belge ou ressortissant de l'Espace économique européen (qui regroupe les Etats membres de l'Union européenne, l'Islande, le Liechtenstein et la Norvège).
Le conjoint qui se trouve à l'étranger doit remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un extrait de casier judiciaire si le demandeur a plus de dix-huit ans (délivré depuis six mois au maximum);
- une copie de la carte d'identité du Belge ou du document de séjour ou titre d'établissement de l'étranger qui séjourne en Belgique;
L'étranger qui produit les documents précités reçoit un visa de type D - regroupement familial (voir supra, point A, 1)).
A. Regroupement familial sur la base de l'article 10, alinéa 1er, 1° ou 4°, de la loi du 15 décembre 1980.
Cet article concerne les étrangers qui souhaitent rejoindre leur conjoint admis ou autorisé à séjourner plus de trois mois dans le Royaume ou autorisé à s'y établir.
Le conjoint qui se trouve à l'étranger doit remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
1) dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 4°, de la loi :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un acte de naissance;
- un extrait de casier judiciaire (délivré depuis six mois au maximum);
- une copie du titre de séjour ou d'établissement de l'étranger qui séjourne en Belgique.
L'étranger qui produit les documents précités et qui satisfait aux conditions prévues à l'article 10, alinéas 2 et 3, de la loi du 15 décembre 1980, reçoit un visa de type D - regroupement familial. Il s'agit d'un visa en vue d'un long séjour, qui permet à son titulaire de transiter pendant cinq jours au maximum sur le territoire des Etats parties à la Convention d'application de l'Accord de Schengen, pour atteindre le territoire belge et rejoindre son conjoint;
2) dans le cadre de l'article 10, alinéa 1er, 1°, de la loi (application des conventions bilatérales relatives à l'emploi en Belgique de travailleurs étrangers, conclues entre la Belgique et le Maroc, la Turquie, la Tunisie, l'Algérie et la Yougoslavie, approuvées par la loi du 13 décembre 1976, M.B. 17 juin 1977) :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un extrait de casier judiciaire si le demandeur a plus de dix-huit ans (délivré depuis six mois au maximum);
- la preuve que le conjoint en Belgique y est occupé (attestation de l'employeur, contrat de travail, inscription au registre de commerce, ...);
- une copie du permis de travail ou de la carte professionnelle du conjoint en Belgique;
- la preuve que le conjoint en Belgique y a travaillé pendant trois mois au moins (un mois pour les turcs);
- une copie du titre de séjour ou d'établissement du conjoint qui séjourne en Belgique.
L'étranger qui produit les documents précités reçoit un visa de type D - regroupement familial (voir supra, point A, 1)).
B. Regroupement familial sur la base de l'article 40 de la loi du 15 décembre 1980.
Cet article vise les étrangers qui souhaitent rejoindre leur conjoint belge ou ressortissant de l'Espace économique européen (qui regroupe les Etats membres de l'Union européenne, l'Islande, le Liechtenstein et la Norvège).
Le conjoint qui se trouve à l'étranger doit remettre au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger les documents suivants :
- un passeport national valable;
- l'acte de mariage;
- le cas échéant, un acte de divorce ou l'acte de décès de l'ex-conjoint;
- un extrait de casier judiciaire si le demandeur a plus de dix-huit ans (délivré depuis six mois au maximum);
- une copie de la carte d'identité du Belge ou du document de séjour ou titre d'établissement de l'étranger qui séjourne en Belgique;
L'étranger qui produit les documents précités reçoit un visa de type D - regroupement familial (voir supra, point A, 1)).
Art. M7. 7. Legalisatie van de over te leggen documenten.
De buitenlandse akten die voorgelegd worden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand en de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland dienen overeenkomstig de circulaire van de Minister van Justitie van 17 februari 1993 betreffende de legalisatie van akten van de burgerlijke stand die in het buitenland verleden werden (B.S., 27 maart 1993) gelegaliseerd te worden, behalve wanneer een akte valt onder het toepassingsgebied van het Verdrag van Den Haag van 5 oktober 1961 tot afschaffing van de vereiste van legalisatie van buitenlandse openbare akten en tot invoering van het gebruik van de vereenvoudigde procedure van de "apostille" (goedgekeurd bij de wet van 5 juni 1975, B.S., 7 februari 1976).
Geen legalisatie noch apostille is vereist indien dit voortvloeit uit bindende internationale akkoorden.
De Minister van Binnenlandse Zaken,
J. VANDE LANOTTE
De Minister van Justitie,
S. DE CLERCK
De buitenlandse akten die voorgelegd worden aan de ambtenaar van de burgerlijke stand en de Belgische diplomatieke of consulaire post in het buitenland dienen overeenkomstig de circulaire van de Minister van Justitie van 17 februari 1993 betreffende de legalisatie van akten van de burgerlijke stand die in het buitenland verleden werden (B.S., 27 maart 1993) gelegaliseerd te worden, behalve wanneer een akte valt onder het toepassingsgebied van het Verdrag van Den Haag van 5 oktober 1961 tot afschaffing van de vereiste van legalisatie van buitenlandse openbare akten en tot invoering van het gebruik van de vereenvoudigde procedure van de "apostille" (goedgekeurd bij de wet van 5 juni 1975, B.S., 7 februari 1976).
Geen legalisatie noch apostille is vereist indien dit voortvloeit uit bindende internationale akkoorden.
De Minister van Binnenlandse Zaken,
J. VANDE LANOTTE
De Minister van Justitie,
S. DE CLERCK
Art. M7. 7. Légalisation des documents à produire.
Conformément à la circulaire du Ministre de la Justice du 17 février 1993 relative à la légalisation des actes de l'état civil intervenus à l'étranger (M.B. 27 mars 1993), les actes étrangers présentés à l'Officier de l'état civil et au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger doivent être légalisés, sauf lorsqu'ils entrent dans le champ d'application de la Convention de La Haye du 5 octobre 1961 supprimant l'exigence de la légalisation des actes publics étrangers (approuvée par la loi du 5 juin 1975, M.B. 7 février 1976), qui prévoit la procédure simplifiée de l'" apostille ".
Il n'est exigé ni légalisation, ni apostille, lorsque cela résulte d'accords internationaux qui lient la Belgique.
Le Ministre de l'Intérieur,
J. VANDE LANOTTE
Le Ministre de la Justice,
S. DE CLERCK
Conformément à la circulaire du Ministre de la Justice du 17 février 1993 relative à la légalisation des actes de l'état civil intervenus à l'étranger (M.B. 27 mars 1993), les actes étrangers présentés à l'Officier de l'état civil et au poste diplomatique ou consulaire belge à l'étranger doivent être légalisés, sauf lorsqu'ils entrent dans le champ d'application de la Convention de La Haye du 5 octobre 1961 supprimant l'exigence de la légalisation des actes publics étrangers (approuvée par la loi du 5 juin 1975, M.B. 7 février 1976), qui prévoit la procédure simplifiée de l'" apostille ".
Il n'est exigé ni légalisation, ni apostille, lorsque cela résulte d'accords internationaux qui lient la Belgique.
Le Ministre de l'Intérieur,
J. VANDE LANOTTE
Le Ministre de la Justice,
S. DE CLERCK