Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
1 JUNI 1995. - Omzendbrief BA-95/06 betreffende het sectoraal akkoord van 12 juli 1994 over veiligheidspersoneel. - Aanvulling.
Titre
1 JUIN 1995. - Circulaire BA-95/06 concernant l'accord sectoriel du 12 juillet 1994 pour le personnel de sécurité. - Avenant (TRADUCTION).
Informations sur le document
Numac: 1995801675
Datum: 1995-06-01
Info du document
Numac: 1995801675
Date: 1995-06-01
Table des matières
Table des matières
Tekst (9)
Texte (1)
Artikel M. (Om technische redenen wordt deze omzendbrief onderverdeeld in de volgende fictieve artikelen : art. M1 - M3).
Article M. (Pour cette circulaire, voir version néerlandaise).
Art. M1. 1. Weddeschalen politiecommissarissen, brigadecommissaris, majoor en luitenant-kolonel brandweer :
Op 16 december 1994 verscheen in het Belgisch Staatsblad het koninklijk besluit van 28 november 1994 tot wijziging van de algemene bepalingen betreffende de bezoldiging van het personeel van de openbare brandweerdiensten en het personeel : van de gemeentepolitie. In dit besluit stelde de Koning de minimum- en maximumgrenzen van de weddeschalen voor de graden van commissaris van politie, commissaris van politie-korpschef, brigadecommissaris en majoor en luitenant-kolonel bij de brandweer vast.
Na onderhandelingen in de Vlaamse onderafdeling van het comité voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, afdeling personeel provinciale en plaatselijke besturen en het personeel van het gesubsidieerd officieel onderwijs dat niet bezoldigd wordt met weddetoelagen, werd een protocol afgesloten. Hierin werden de weddeschalen vastgesteld. De uitgewerkte weddeschalen bevinden zich in bijlage 1.
In bijlage 2 worden de schalen aan de graden toegewezen. De inschakelingstabel vindt U in bijlage 3.
Zoals ik reeds in mijn omzendbrief 94/12 van 21 september 1994 aankondigde, werd ook hier geopteerd voor een loopbaanspreiding van 23 jaar. Hierdoor hebben alle schalen van graden van niveau A dezelfde loopbaanspreiding.
Ook wijs ik erop dat de omzendbrief 94/09 betreffende het sectoraal akkoord voor het veiligheidspersoneel integraal van toepassing is op de titularissen van de graden die deze weddeschalen zullen genieten.
Verder wens ik er de nadruk op te leggen dat bij de vaststelling van de weddeschaal van de politiecommissarissen korpschefs rekening moet gehouden worden met artikel 147, § 1, van de nieuwe Gemeentewet waaruit blijkt dat deze weddeschaal niet boven de weddeschaal van de gemeentesecretaris mag uitstijgen. Dit gegeven is belangrijk voor de eventuele toepassing van de omzendbrief van 3 maart 1995 betreffende de vergoeding voor nacht-, zaterdag- en zondagprestaties en de vergoeding voor de wachtprestaties aan huis verricht door bepaalde officieren van de gemeentepolitie en openbare brandweerdiensten. (voorheen POL 44)
Voor de vaststelling van de weddeschaal van de politiecommissarissen en de adjunct-politiecommissarissen kan ik nog mededelen dat de federale minister van Binnenlandse Zaken van oordeel is dat artikel 29 van de Nieuwe Gemeentewet (klasseverheffing) van toepassing is.
Op 16 december 1994 verscheen in het Belgisch Staatsblad het koninklijk besluit van 28 november 1994 tot wijziging van de algemene bepalingen betreffende de bezoldiging van het personeel van de openbare brandweerdiensten en het personeel : van de gemeentepolitie. In dit besluit stelde de Koning de minimum- en maximumgrenzen van de weddeschalen voor de graden van commissaris van politie, commissaris van politie-korpschef, brigadecommissaris en majoor en luitenant-kolonel bij de brandweer vast.
Na onderhandelingen in de Vlaamse onderafdeling van het comité voor de provinciale en plaatselijke overheidsdiensten, afdeling personeel provinciale en plaatselijke besturen en het personeel van het gesubsidieerd officieel onderwijs dat niet bezoldigd wordt met weddetoelagen, werd een protocol afgesloten. Hierin werden de weddeschalen vastgesteld. De uitgewerkte weddeschalen bevinden zich in bijlage 1.
In bijlage 2 worden de schalen aan de graden toegewezen. De inschakelingstabel vindt U in bijlage 3.
Zoals ik reeds in mijn omzendbrief 94/12 van 21 september 1994 aankondigde, werd ook hier geopteerd voor een loopbaanspreiding van 23 jaar. Hierdoor hebben alle schalen van graden van niveau A dezelfde loopbaanspreiding.
Ook wijs ik erop dat de omzendbrief 94/09 betreffende het sectoraal akkoord voor het veiligheidspersoneel integraal van toepassing is op de titularissen van de graden die deze weddeschalen zullen genieten.
Verder wens ik er de nadruk op te leggen dat bij de vaststelling van de weddeschaal van de politiecommissarissen korpschefs rekening moet gehouden worden met artikel 147, § 1, van de nieuwe Gemeentewet waaruit blijkt dat deze weddeschaal niet boven de weddeschaal van de gemeentesecretaris mag uitstijgen. Dit gegeven is belangrijk voor de eventuele toepassing van de omzendbrief van 3 maart 1995 betreffende de vergoeding voor nacht-, zaterdag- en zondagprestaties en de vergoeding voor de wachtprestaties aan huis verricht door bepaalde officieren van de gemeentepolitie en openbare brandweerdiensten. (voorheen POL 44)
Voor de vaststelling van de weddeschaal van de politiecommissarissen en de adjunct-politiecommissarissen kan ik nog mededelen dat de federale minister van Binnenlandse Zaken van oordeel is dat artikel 29 van de Nieuwe Gemeentewet (klasseverheffing) van toepassing is.
-
Art. M2. 2. Adjunct-politiecommissarissen van klasse 14 :
In het Belgisch Staatsblad van 24 maart 1995 is een wijziging verschenen van het koninklijk besluit van 20 juni 1994 tot vaststelling van de algemene bepalingen betreffende de bezoldiging van het personeel van de openbare brandweerdiensten en het personeel en de gemeentepolitie. Dit koninklijk besluit van 3 maart 1995 wijzigt de weddeschaal van de adjunct-politiecommissaris in klasse 14.
Vanaf de ingangsdatum van de algemene baremaherziening wordt de klasse 14 ondergebracht bij de klassen 15 en 16.
In de omzendbrief van 12 juli 1994 moet dan ook de bijhorende technische nota in die zin aangepast worden.
In de inschakelingstabel wordt de weddeschaal 1.102 (adjunct-politiecommissaris klasse 14) ondergebracht bij de PB8.
In het Belgisch Staatsblad van 24 maart 1995 is een wijziging verschenen van het koninklijk besluit van 20 juni 1994 tot vaststelling van de algemene bepalingen betreffende de bezoldiging van het personeel van de openbare brandweerdiensten en het personeel en de gemeentepolitie. Dit koninklijk besluit van 3 maart 1995 wijzigt de weddeschaal van de adjunct-politiecommissaris in klasse 14.
Vanaf de ingangsdatum van de algemene baremaherziening wordt de klasse 14 ondergebracht bij de klassen 15 en 16.
In de omzendbrief van 12 juli 1994 moet dan ook de bijhorende technische nota in die zin aangepast worden.
In de inschakelingstabel wordt de weddeschaal 1.102 (adjunct-politiecommissaris klasse 14) ondergebracht bij de PB8.
-
Art. M3. 3. a) Koninklijk besluit van 3 maart 1995 tot vaststelling van de voorwaarden inzake anciënniteit, bijscholing en gunstig advies van de korpschef om sommige weddeschalen aan de titularissen van sommige graden van de gemeentepolitie te kunnen toekennen.
b) Koninklijk besluit van 15 maart 1995 tot vaststelling van de voorwaarden tot toekenning van hogere weddeschalen aan de houders van bepaalde graden van de openbare brandweerdiensten.
Voor de toepassing van deze koninklijk besluiten wordt erop gewezen dat de in het besluit vermelde voorwaarden inzake dienstanciënniteit minimale bepalingen zijn.
Aansluitend op de regeling voor het overige personeel bepaalt het protocol dat de technische nota van het veiligheidspersoneel als volgt dient te worden gewijzigd :
* Hulpagent onder punt b) weddeschaal D3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Stagedoende en vastbenoemd politieagent : naast de weddeschaal PB3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* APC klasse 14 wordt geschrapt en wordt ondergebracht bij APC klasse 15 en 16.
* APC klasse 17 en hoger : naast de weddeschaal PB11ter de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Brandweerman : naast de weddeschalen PB2 bis en PB3 de bestaande tekst door de volgende vervangen :
- PB2 bis : 9 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 1, 1° t/m 3°, van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
Ofwel : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 1, laatste lid, 1° en 2°, van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
- PB3 : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 2 van het koninklijk besluit van 15 maart 1995. Ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Korporaal : naast de weddeschaal PB3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- PB3 : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 3 van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
Ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
Om alle verwarring te vermijden wordt in bijlage een herwerkte versie van de technische nota bijgevoegd.
Ik verzoek U, Mijnheer de gouverneur, deze omzendbrief in het provincieblad te publiceren. Volledigheidshalve zend ik alle besturen rechtstreeks een afschrift van deze onderrichtingen toe.
De Vlaamse minister van Openbare Werken, Ruimtelijke Ordening en Binnenlandse Aangelegenheden,
Th. KELCHTERMANS
b) Koninklijk besluit van 15 maart 1995 tot vaststelling van de voorwaarden tot toekenning van hogere weddeschalen aan de houders van bepaalde graden van de openbare brandweerdiensten.
Voor de toepassing van deze koninklijk besluiten wordt erop gewezen dat de in het besluit vermelde voorwaarden inzake dienstanciënniteit minimale bepalingen zijn.
Aansluitend op de regeling voor het overige personeel bepaalt het protocol dat de technische nota van het veiligheidspersoneel als volgt dient te worden gewijzigd :
* Hulpagent onder punt b) weddeschaal D3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Stagedoende en vastbenoemd politieagent : naast de weddeschaal PB3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* APC klasse 14 wordt geschrapt en wordt ondergebracht bij APC klasse 15 en 16.
* APC klasse 17 en hoger : naast de weddeschaal PB11ter de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de voorwaarden van evaluatie en vorming (bijscholing) zoals vermeld in het koninklijk besluit van 3 maart 1995.
- ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Brandweerman : naast de weddeschalen PB2 bis en PB3 de bestaande tekst door de volgende vervangen :
- PB2 bis : 9 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 1, 1° t/m 3°, van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
Ofwel : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 1, laatste lid, 1° en 2°, van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
- PB3 : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 2 van het koninklijk besluit van 15 maart 1995. Ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
* Korporaal : naast de weddeschaal PB3 de bestaande tekst vervangen door volgende bepaling :
- PB3 : 18 jaar dienstanciënniteit hebben en voldoen aan de bepalingen van artikel 3 van het koninklijk besluit van 15 maart 1995.
Ofwel bij overgangsmaatregel voor de personeelsleden in dienst op de datum van de inwerkingtreding van de algemene weddeschaalherziening op dezelfde datum voldoen aan de volgende cumulatieve voorwaarden :
- 25 jaar dienstanciënniteit tellen;
- ten minste 50 jaar oud zijn;
- gunstig advies van de korpschef of van de beroepsinstantie, afgeleverd overeenkomstig de evaluatie- en beroepsprocedure zoals vastgesteld in het administratief statuut.
Om alle verwarring te vermijden wordt in bijlage een herwerkte versie van de technische nota bijgevoegd.
Ik verzoek U, Mijnheer de gouverneur, deze omzendbrief in het provincieblad te publiceren. Volledigheidshalve zend ik alle besturen rechtstreeks een afschrift van deze onderrichtingen toe.
De Vlaamse minister van Openbare Werken, Ruimtelijke Ordening en Binnenlandse Aangelegenheden,
Th. KELCHTERMANS
-
BIJLAGEN.
-
Art. N1. Bijlage 1. (Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23994 - 23996).
-
Art. N2. Bijlage 2. (Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23996 - 23997).
-
Art. N3. Bijlage 3. Inschakelingstabel.
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23998).
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23998).
-
Art. N4. Technische nota. Definitie van begrippen.
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23999 - 24001).
(Bijlage niet opgenomen om technische redenen. Zie B.St. 22/08/1995, p. 23999 - 24001).
-