Artikel 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is toepasselijk op de werkgevers en op de bedienden van de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de bedienden uit de hardsteengroeven.
Met "bedienden" worden de mannelijke en vrouwelijke bedienden verstaan.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
9 MEI 1995. - Paritair Comité voor de bedienden uit de hardsteengroeven.
Titre
9 MAI 1995. - Commission paritaire pour employés des carrières de petit granit.
Informations sur le document
Numac: 1995050957
Datum: 1995-05-09
Info du document
Numac: 1995050957
Date: 1995-05-09
Table des matières
Tekst (9)
Texte (9)
HOOFDSTUK I - Toepassingsgebied.
CHAPITRE I. - Champ d'application.
Article 1. La présente convention collective de travail est applicable aux employeurs et aux employés des entreprises ressortissant à la Commission paritaire pour employés des carrières de petit granit.
Par "employés" sont visés les employés et employées.
Par "employés" sont visés les employés et employées.
HOOFDSTUK II. - Bepalingen.
CHAPITRE II. - Dispositions.
Art. 2. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering van het Centraal akkoord van 7 december 1994, van titel II van de wet van 3 april 1995 houdende maatregelen tot bevordering van de tewerkstelling, van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 60 van 20 december 1994 gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot bepaling van de doelstellingen en de procedure voor het sluiten van collectieve arbeidsovereenkomsten betreffende de bevordering van de werkgelegenheid, en heeft directe uitwerking.
Art. 2. La présente convention collective de travail est conclue en application de l'accord interprofessionnel du 7 décembre 1994, du titre II de la loi du 3 avril 1995 portant des mesures visant à promouvoir l'emploi, de la convention collective de travail n° 60 du 20 décembre 1994, conclue au sein du Conseil national du travail, déterminant les objectifs et la procédure de conclusion de conventions collectives de travail portant sur la promotion de l'emploi, et a un effet direct.
Art. 3. Overeenkomstig titel II van de wet van 3 april 1995 houdende maatregelen tot bevordering van de tewerkstelling, en onverminderd de bepalingen van het koninklijk besluit van 7 december 1992 betreffende de toekenning van werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen, wordt het principe van de toepassing van een regeling van conventioneel brugpensioen in deze sector aanvaard voor het werkend personeel (met uitsluiting van de werknemers die langdurig ziek zijn) dat voor deze formule opteert en tussen 1 januari 1995 en 31 december 1996 de leeftijd van 55 jaar bereikt.
Art. 3. Conformément au titre II de la loi du 3 avril 1995 portant des mesures visant à promouvoir l'emploi et sans préjudice des dispositions de l'arrêté royal du 7 décembre 1992 relatif à l'octroi d'allocations de chômage en cas de prépension conventionnelle, le principe de l'application d'un régime de prépension conventionnelle est admis dans le présent secteur pour le personnel actif (à l'exclusion des grands malades), qui opte pour cette formule et qui atteint l'âge de 55 ans entre le 1er janvier 1995 et le 31 décembre 1996.
Art. 4. De leeftijd van het brugpensioen van de bedienden die 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen rechtvaardigen berekend overeenkomstig artikel 114, § 4, tweede lid van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsuitkeringen, wordt op 55 jaar gebracht vanaf 1 januari 1995.
Art. 4. L'âge de la prépension des employés qui peuvent se prévaloir de 33 ans de passé professionnel en tant que salarié, calculés conformément à l'article 114, § 4, deuxième alinéa, de l'arrêté royal du 25 novembre 1991 relatif aux allocations de chômage, est ramené à 55 ans à partir du 1er janvier 1995.
Art. 5. De toepassing van de verschillende bepalingen overeenkomstig artikelen 3 en 4 is evenwel aan volgende voorwaarden onderworpen :
a) het brugpensioen op 55 jaar zal toegestaan worden voor zover de bediende een beroepsverleden van 33 jaar, gelijkstellingsperiodes inbegrepen, kan getuigen en dat hij 15 jaar in dezelfde onderneming heeft gewerkt;
b) voor de bediende die met brugpensioen wenst te gaan op 55 jaar onder de voorwaarden bepaald onder a) wordt een aanvullende vergoeding toegekend tot de leeftijd van 65 jaar;
c) de aanvullende vergoeding die wordt toegekend aan de bruggepensioneerde bediende van 55 jaar is gelijk aan de helft van het verschil tussen het gemiddeld maandloon berekend op jaar basis en de werkloosheidsvergoeding.
Het bedrag van de aanvullende vergoeding wordt gekoppeld aan de evolutie van het indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens de toepassingsmodaliteiten inzake de werkloosheidsuitkeringen, zoals is bepaald door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten in de Nationale Arbeidsraad;
d) zowel voor de bruggepensioneerden als voor de bejaarde werknemers is er verplichting tot vervanging in de zin van het interprofessioneel akkoord van 7 december 1994.
De controle zal worden uitgevoerd door de instanties van het huidige paritair subcomité eind december 1995 en eind december 1996.
a) het brugpensioen op 55 jaar zal toegestaan worden voor zover de bediende een beroepsverleden van 33 jaar, gelijkstellingsperiodes inbegrepen, kan getuigen en dat hij 15 jaar in dezelfde onderneming heeft gewerkt;
b) voor de bediende die met brugpensioen wenst te gaan op 55 jaar onder de voorwaarden bepaald onder a) wordt een aanvullende vergoeding toegekend tot de leeftijd van 65 jaar;
c) de aanvullende vergoeding die wordt toegekend aan de bruggepensioneerde bediende van 55 jaar is gelijk aan de helft van het verschil tussen het gemiddeld maandloon berekend op jaar basis en de werkloosheidsvergoeding.
Het bedrag van de aanvullende vergoeding wordt gekoppeld aan de evolutie van het indexcijfer van de consumptieprijzen, volgens de toepassingsmodaliteiten inzake de werkloosheidsuitkeringen, zoals is bepaald door de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten in de Nationale Arbeidsraad;
d) zowel voor de bruggepensioneerden als voor de bejaarde werknemers is er verplichting tot vervanging in de zin van het interprofessioneel akkoord van 7 december 1994.
De controle zal worden uitgevoerd door de instanties van het huidige paritair subcomité eind december 1995 en eind december 1996.
Art. 5. L'application des diverses dispositions prévues aux articles 3 et 4 précités est cependant soumise aux conditions suivantes :
a) la prépension à 55 ans sera accordée pour autant que l'employé puisse justifier d'un passé professionnel de 33 ans, périodes d'assimilation comprises, et qu'il ait travaillé 15 ans dans la même entreprise;
b) pour l'employé désirant prendre sa prépension à 55 ans dans les conditions reprises sous a), il sera octroyé une indemnité complémentaire jusqu'à l'âge de 65 ans;
c) L'indemnité complémentaire accordée à l'employé prépensionné à 55 ans sera égale à la moitié de la différence entre le salaire mensuel moyen calculé sur base annuelle, et l'allocation de chômage.
Le montant de l'indemnité complémentaire est lié à l'évolution de l'indice des prix à la consommation suivant les modalités d'application en matière d'allocations de chômage, tel que prévu par la convention collective de travail n° 17 conclue au sein du Conseil national du travail;
d) tant pour les prépensionnés que pour les chômeurs âgés, il y a obligation de remplacement au sens de l'accord interprofessionnel du 7 décembre 1994.
Le contrôle sera effectué par les instances de la présente sous-commission paritaire à fin décembre 1995 et à fin décembre 1996.
a) la prépension à 55 ans sera accordée pour autant que l'employé puisse justifier d'un passé professionnel de 33 ans, périodes d'assimilation comprises, et qu'il ait travaillé 15 ans dans la même entreprise;
b) pour l'employé désirant prendre sa prépension à 55 ans dans les conditions reprises sous a), il sera octroyé une indemnité complémentaire jusqu'à l'âge de 65 ans;
c) L'indemnité complémentaire accordée à l'employé prépensionné à 55 ans sera égale à la moitié de la différence entre le salaire mensuel moyen calculé sur base annuelle, et l'allocation de chômage.
Le montant de l'indemnité complémentaire est lié à l'évolution de l'indice des prix à la consommation suivant les modalités d'application en matière d'allocations de chômage, tel que prévu par la convention collective de travail n° 17 conclue au sein du Conseil national du travail;
d) tant pour les prépensionnés que pour les chômeurs âgés, il y a obligation de remplacement au sens de l'accord interprofessionnel du 7 décembre 1994.
Le contrôle sera effectué par les instances de la présente sous-commission paritaire à fin décembre 1995 et à fin décembre 1996.
HOOFDSTUK III. - Geldigheid.
CHAPITRE III. - Validité.
Art. 6. Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 januari 1995 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 1996.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 april 1996.
(Voor het KB., zie %%1996-04-24/41%%).
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. M. SMET
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 april 1996.
(Voor het KB., zie %%1996-04-24/41%%).
De Minister van Tewerkstelling en Arbeid,
Mevr. M. SMET
Art. 6. La présente convention collective de travail entre en vigueur le 1er janvier 1995 et cesse d'être en vigueur le 31 décembre 1996.
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 24 avril 1996.
(Pour l'AR, voir %%1996-04-24/41%%).
La Ministre de l'Emploi et du Travail, Mme M. SMET
Vu pour être annexé à l'arrêté royal du 24 avril 1996.
(Pour l'AR, voir %%1996-04-24/41%%).
La Ministre de l'Emploi et du Travail, Mme M. SMET