Artikel 1. § 1. Binnen de perken van de beschikbare kredieten, zijnde maximaal (10 miljoen frank), kent de Minister van Binnenlandse Zaken aan de gemeenten die hij overeenkomstig artikel 2 heeft aangeduid, een eenmalige toelage toe voor de verwezenlijking van initiatieven inzake inbraakpreventie waarvoor een contract afgesloten werd tussen de Minister van Binnenlandse Zaken en de betrokken gemeenten.
(Ditzelfde bedrag zal verlengd worden voor 1 jaar binnen de perken van de beschikbare kredieten op het saldo van het veiligheidsfonds.)
§ 2. Het contract bepaalt enerzijds de projecten die de gemeente zal ontwikkelen met het oog op de verwezenlijking van initiatieven inzake inbraakpreventie en anderzijds de voorwaarden met het oog op de toekenning van de bedoelde toelage, evenals het bedrag hiervan.
Nederlands (NL)
Français (FR)
Titre
10 APRIL 1995. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden waaronder de gemeenten bepaalde financiële hulp van de Staat kunnen krijgen op het vlak van de veiligheid en de inbraakpreventie. (NOTA : Raadpleging van vroegere versies vanaf 15-09-1995 en tekstbijwerking tot 30-07-1999)
Titre
10 AVRIL 1995. - Arrêté royal déterminant les conditions auxquelles les communes peuvent bénéficier de certaines aides financières de l'Etat dans le domaine de la sécurité et la prévention du cambriolage. (NOTE : Consultation des versions antérieures à partir du 15-09-1995 et mis à jour au 30-07-1999)
Informations sur le document
Info du document
Tekst (6)
Texte (6)
Article 1. § 1. Dans la limite des crédits disponibles, et à concurrence d'un montant maximum de (10 millions de francs), le Ministre de l'Intérieur alloue aux communes qu'il a désignées, conformément à l'article 2, une subvention unique pour la réalisation d'initiatives en matière de prévention du cambriolage, au sujet desquelles un contrat a été conclu entre le Ministre de l'Intérieur et les communes concernées.
(Ce même montant sera reconduit pour une année en tenant compte des crédites disponibles sur le solde du fonds de sécurité.)
§ 2. Le contrat définit d'une part les projets qui seront développés par la commune en vue de la réalisation d'initiatives en matière de prévention du cambriolage et d'autre part les conditions en vue de l'octroi de ladite subvention, ainsi que le montant.
(Ce même montant sera reconduit pour une année en tenant compte des crédites disponibles sur le solde du fonds de sécurité.)
§ 2. Le contrat définit d'une part les projets qui seront développés par la commune en vue de la réalisation d'initiatives en matière de prévention du cambriolage et d'autre part les conditions en vue de l'octroi de ladite subvention, ainsi que le montant.
Art. 2. De in artikel 1 bedoelde gemeenten moeten aan de volgende voorwaarden voldoen :
1° het aantal geregistreerde inbraken op het grondgebied van de gemeente moet gelijk zijn of groter dan 100 per jaar en;
2° de gemeente moet autonoom een 24 uur permanentie van de gemeentepolitie voorzien of betrokken zijn in een intergemeentelijke samenwerking tussen de politiekorpsen en;
3° de gemeente moet uit eigen middelen een budget voorzien dat minimum een tweede bedraagt van de toelage toegekend door de Minister van Binnenlandse Zaken, om het maximale bedrag van de financiële hulp te bekomen.
(4° de gemeente dient reeds een contract tot toekenning van financiële hulp in het kader van de inbraakpreventie te hebben afgesloten.)
1° het aantal geregistreerde inbraken op het grondgebied van de gemeente moet gelijk zijn of groter dan 100 per jaar en;
2° de gemeente moet autonoom een 24 uur permanentie van de gemeentepolitie voorzien of betrokken zijn in een intergemeentelijke samenwerking tussen de politiekorpsen en;
3° de gemeente moet uit eigen middelen een budget voorzien dat minimum een tweede bedraagt van de toelage toegekend door de Minister van Binnenlandse Zaken, om het maximale bedrag van de financiële hulp te bekomen.
(4° de gemeente dient reeds een contract tot toekenning van financiële hulp in het kader van de inbraakpreventie te hebben afgesloten.)
Art. 2. Les communes visées à l'article 1er doivent remplir les conditions suivantes :
1° le nombre de cambriolages enregistrés sur le territoire de la commune doit être équivalent ou supérieur à 100 par an et;
2° la commune doit prévoir une permanence 24 heures sur 24 à la police communale de manière autonome ou doit participer à une collaboration intercommunale entre les différents corps de police et;
3° la commune doit prévoir, de ses propres deniers, un budget équivalent à au moins la moitié de la subvention allouée par le Ministre de l'Intérieur, pour obtenir le montant maximal de l'aide financière.
(4°, La commune doit déjà avoir conclu un contrat afin de pouvoir bénéficier d'une aide financière dans le cadre de la prévention contre le cambriolage.)
1° le nombre de cambriolages enregistrés sur le territoire de la commune doit être équivalent ou supérieur à 100 par an et;
2° la commune doit prévoir une permanence 24 heures sur 24 à la police communale de manière autonome ou doit participer à une collaboration intercommunale entre les différents corps de police et;
3° la commune doit prévoir, de ses propres deniers, un budget équivalent à au moins la moitié de la subvention allouée par le Ministre de l'Intérieur, pour obtenir le montant maximal de l'aide financière.
(4°, La commune doit déjà avoir conclu un contrat afin de pouvoir bénéficier d'une aide financière dans le cadre de la prévention contre le cambriolage.)
Art. 3. § 1. Onder de gemeenten die voldoen aan de in artikel 2 bepaalde criteria worden de beschikbare kredieten verdeeld volgens een verdelingscoëfficiënt die voor 75 % steunt op het aantal inbraken per 1000 inwoners zoals vastgesteld in (de geregistreerde criminaliteitscijfers zoals ze bekend zijn gemaakt door de Algemene Politiesteundienst voor het jaar 1997) en voor 25 % op de effectieve bezetting van het gemeentelijk politiekorps zoals die bekend is in (de morfologie van de politiediensten 1997 van de Algemene Politiesteundienst).
§ 2. Het maximale bedrag van de toelage, berekend overeenkomstig § 1, wordt verminderd a rato van het budget dat door de gemeente effectief uit eigen middelen wordt gereserveerd voor het verwezenlijken van de in het contract bedoelde initiatieven, teneinde te voldoen aan de voorwaarde zoals bepaald in artikel 2, 3°.
(§ 3. Bij de verdeling van de beschikbare kredieten wordt rekening gehouden met de besteding van de middelen toegekend door het in artikel 2, 4° vermelde contract.
Volgende wegingscoëfficient wordt gehanteerd: 0,25 voor de gemeenten die minder dan 10% van het toegekende budget hebben besteed; 0,50 voor de gemeenten die tussen de 10% en de 50% van het toegekende budget hebben besteed; 1 voor de gemeenten die meer dan 50% van het toegekende budget hebben besteed.)
§ 2. Het maximale bedrag van de toelage, berekend overeenkomstig § 1, wordt verminderd a rato van het budget dat door de gemeente effectief uit eigen middelen wordt gereserveerd voor het verwezenlijken van de in het contract bedoelde initiatieven, teneinde te voldoen aan de voorwaarde zoals bepaald in artikel 2, 3°.
(§ 3. Bij de verdeling van de beschikbare kredieten wordt rekening gehouden met de besteding van de middelen toegekend door het in artikel 2, 4° vermelde contract.
Volgende wegingscoëfficient wordt gehanteerd: 0,25 voor de gemeenten die minder dan 10% van het toegekende budget hebben besteed; 0,50 voor de gemeenten die tussen de 10% en de 50% van het toegekende budget hebben besteed; 1 voor de gemeenten die meer dan 50% van het toegekende budget hebben besteed.)
Art. 3. § 1. Les crédits disponibles seront répartis entre les communes qui satisfont aux critères définis à l'article 2, selon un coefficient de partage basé à 75 % sur le nombre de cambriolages enregistrés par 1 000 habitants tel qu'il ressort (des chiffres enregistrés de la criminalité son publiés par le Service général d'Appui policier pour l'année 1997) et à 25 % sur les effectifs du corps de police communale tels qu'ils ressortent de (la morphologie des services de police 1997 du Service Général d'Appui Policier).
§ 2. Le montant maximal de la subvention, calculée conformément au § 1er, sera diminué a rato du budget qui, de ses propres deniers, sera effectivement réservé par la commune à la réalisation des initiatives mentionnées dans le contrat, afin de satisfaire à la condition définie à l'article 2, 3°.
(§ 3. Lors du partage des crédits disponibles, il sera tenu compte des moyens attribués par le contrat visé à l'article 2, 4°.
Le coefficient régulateur suivant est utilisé: 0,25 pour les communes qui ont investi moins de 10% du budget octroyé, 0,50 pour les communes qui ont investi entre 10% et 50% du budget octroyé et 1 pour les communes qui ont investi plus de 50% du budget octroyé.)
§ 2. Le montant maximal de la subvention, calculée conformément au § 1er, sera diminué a rato du budget qui, de ses propres deniers, sera effectivement réservé par la commune à la réalisation des initiatives mentionnées dans le contrat, afin de satisfaire à la condition définie à l'article 2, 3°.
(§ 3. Lors du partage des crédits disponibles, il sera tenu compte des moyens attribués par le contrat visé à l'article 2, 4°.
Le coefficient régulateur suivant est utilisé: 0,25 pour les communes qui ont investi moins de 10% du budget octroyé, 0,50 pour les communes qui ont investi entre 10% et 50% du budget octroyé et 1 pour les communes qui ont investi plus de 50% du budget octroyé.)
Art. 4. Bij niet naleving van de bepalingen van dit besluit en van de door de Minister van Binnenlandse Zaken in toepassing van dit besluit vastgestelde voorwaarden, evenals, in voorkomend geval, bij niet naleving van de voorwaarden die werden opgenomen in de krachtens dit besluit met de Minister van Binnenlandse Zaken afgesloten contract, zal de financiële tegemoetkoming integraal of gedeeltelijk worden teruggevorderd.
Art. 4. Le non-respect des dispositions du présent arrêté et des conditions fixées par le Ministre de l'Intérieur en application dudit arrêté, de même que le non respect des conditions prévues, le cas échéant, dans les contrats établis par le Ministre de l'Intérieur en vertu du présent arrêté, entraîne la récupération partielle ou intégrale de l'intervention financière de l'Etat.
Art. 5. De Minister van Binnenlandse Zaken organiseert een regelmatige inspectie om zich ervan te vergewissen dat de gemeenten de voorwaarden naleven die ten grondslag liggen aan de financiële tegemoetkoming krachtens dit besluit.
Art. 5. Le Ministre de l'Intérieur organise une inspection régulière afin de s'assurer du respect par les communes des conditions présidant à l'octroi de l'intervention financière en vertu du présent titre.
Art. 6. Onze Minister van Binnenlandse Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 april 1995.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
J. VANDE LANOTTE
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 10 april 1995.
ALBERT
Van Koningswege :
De Minister van Binnenlandse Zaken,
J. VANDE LANOTTE
Art. 6. Notre Ministre de l'Intérieur est chargé de l'exécution du présent arrêté.
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 10 avril 1995.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Intérieur,
J. VANDE LANOTTE
Donné à Châteauneuf-de-Grasse, le 10 avril 1995.
ALBERT
Par le Roi :
Le Ministre de l'Intérieur,
J. VANDE LANOTTE