Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
11 JULI 1994. - Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten over de rechtsgedingvoering voor een internationaal of supranationaal rechtscollege in een gemengd geschil.
Titre
11 JUILLET 1994. - Accord de coopération entre l'Etat fédéral, les Communautés et les Régions concernant les modalités suivant lesquelles des actions sont intentées devant une juridiction internationale ou supranationale suite à un différend mixte.
Tekst (11)
Texte (11)
Artikel 1. Voor de toepassing van dit samenwerkingsakkoord dient te worden verstaan onder :
  1° Interministeriële Conferentie : de Interministeriële Conferentie voor het buitenlands beleid zoals bedoeld in artikel 31bis, tweede lid, van de gewone wet van 9 augustus 1980 tot hervorming der instellingen;
  2° dagvaarding : het door België aanhangig maken van een geschil bij een internationaal of supranationaal rechtscollege tegen een rechtspersoon van internationaal publiek recht;
  3° gemengd geschil : een geschil met een rechtspersoon van internationaal publiek recht over materies die niet uitsluitend federale, gemeenschaps- of gewestbevoegdheden betreffen;
  4° betrokken overheid : een partij bij dit samenwerkingsakkoord die door of krachtens de Grondwet bevoegd is voor een aangelegenheid waarop het gemengd geschil betrekking heeft.
Article 1. Pour l'application du présent accord de coopération, il convient d'entendre par :
  1° Conférence interministérielle : la Conférence interministérielle de la politique étrangère, telle que visée à l'article 31bis, alinéa 2, de la loi ordinaire du 9 août 1980 de réformes institutionnelles;
  2° citation : la citation devant une juridiction internationale ou supranationale d'une personne juridique de droit international public;
  3° différend mixte : un différend avec une personne juridique de droit international public concernant des matières ne relevant pas exclusivement des compétences fédérales, communautaires ou régionales;
  4° autorité concernée : une partie à cet accord de coopération qui, par ou en vertu de la Constitution, est compétente pour une matière à laquelle se rapporte le différend mixte.
Art. 2. Dit samenwerkingsakkoord wordt toegepast wanneer een betrokken overheid wenst dat België in een gemengd geschil een zaak aanhangig maakt tegen een rechtspersoon van internationaal publiek recht bij een internationaal of supranationaal rechtscollege, inzonderheid het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen te Luxemburg.
Art. 2. Le présent accord de coopération est d'application lorsqu'une autorité concernée souhaite que, dans un différend mixte, la Belgique cite une personne juridique de droit international public devant une juridiction internationale ou supranationale, notamment la Cour de Justice des Communautés européennes à Luxembourg.
Art. 3. Wanneer een betrokken overheid wenst dat België een dagvaarding instelt voor een geschil waarvan zij meent dat het een gemengd geschil is, maakt zij de zaak bij de Interministeriële Conferentie aanhangig door de Voorzitter een voorontwerp van dagvaarding toe te sturen.
  De Voorzitter van de Interministeriële Conferentie waakt erover dat de naleving van de in de artikelen 4 tot 7 bedoelde procedure niet tot gevolg heeft dat de dagvaarding niet binnen de gestelde termijnen kan worden ingediend.
Art. 3. Lorsqu'une autorité concernée souhaite que la Belgique introduise une action pour un différend qu'elle estime être de nature mixte, elle saisit la Conférence interministérielle en transmettant un avant-projet de citation au Président de celle-ci.
  Le Président de la Conférence interministérielle veille à ce que le respect de la procédure visée aux articles 4 à 7 n'ait pas pour conséquence que l'action ne puisse être introduite dans les délais fixés.
Art. 4. In het kader van de Interministeriële Conferentie wordt een werkgroep " dagvaarding " ingesteld.
  Deze werkgroep, die wordt voorgezeten door een vertegenwoordiger van de Voorzitter van de Interministeriële Conferentie, is samengesteld uit vertegenwoordigers van de Federale Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten.
Art. 4. Un groupe de travail " citation " est institué dans le cadre de la Conférence interministérielle.
  Ce groupe de travail, qui est présidé par un représentant du Président de la Conférence interministérielle, est composé de représentants des autorités fédérales, communautaires et régionales.
Art. 5. § 1. Binnen vijftien dagen nadat de zaak overeenkomstig artikel 3 bij de Interministeriële Conferentie aanhangig is gemaakt onderzoekt de werkgroep " dagvaarding " het al dan niet gemengd karakter van het geschil. Hij beslist daarover bij consensus. Bij gebrek aan consensus wordt de Interministeriële Conferentie onverwijld bijeengeroepen.
  § 2. Bij consensus over het gemengd karakter van het geschil onderzoekt de werkgroep de noodzaak van de dagvaarding en het voorontwerp van dagvaarding. Hij beslist daarover bij consensus van de vertegenwoordigers van de betrokken overheden.
  § 3. De in de werkgroep bereikte consensus wordt onmiddellijk ter kennis gegeven aan de leden van de Interministeriële Conferentie. Behoudens bezwaar binnen 48 uur na de betekening, worden de leden van de Interministeriële Conferentie geacht met de in de werkgroep bereikte consensus in te stemmen.
  § 4. Bij ontstentenis van een consensus binnen de werkgroep, of in geval van bezwaar van één of meer leden van de Interministeriële Conferentie, wordt deze laatste onverwijld bijeengeroepen.
Art. 5. § 1. Dans les quinze jours suivant la saisine de la Conférence interministérielle conformément à l'article 3, le groupe de travail " citation " vérifie si le différend revêt un caractère mixte. Il statue suivant la procédure du consensus. Faute de consensus, la Conférence interministérielle sera convoquée sans délai.
  § 2. S'il y a consensus sur le caractère mixte du différend, le groupe de travail examine la nécessité de procéder à une citation ainsi que l'avant-projet de citation. Cette décision doit faire l'objet d'un consensus entre les représentants des autorités concernées.
  § 3. Le consensus qui s'est dégagé au sein du groupe de travail est notifié immédiatement à tous les membres de la Conférence interministérielle. Sauf opposition dans les 48 heures suivant la notification, les membres de la Conférence interministérielle sont censés avoir approuvé le consensus qui s'est dégagé au sein du groupe de travail.
  § 4. A défaut d'accord au sein du groupe de travail, ou en cas d'opposition d'un ou de plusieurs membres de la Conférence interministérielle, cette dernière est saisie sans délai.
Art. 6. Wanneer de Interministeriële Conferentie overeenkomstig artikel 5 bijeen wordt geroepen, wordt over het al dan niet gemengd karakter van het geschil bij consensus beslist en over de noodzaak van de dagvaarding en over het ontwerp van dagvaarding bij consensus van de betrokken overheden.
  Indien zij tot het besluit komt dat het geschil of één van zijn elementen uitsluitend betrekking heeft op gemeenschaps- of gewestmateries, neemt de vergadering van de Interministeriële Conferentie, alleen voor deze elementen, de plaats in van deze voorzien door artikel 81, § 7, tweede lid, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der instellingen.
Art. 6. Lorsque la Conférence interministérielle est saisie conformément à l'article 5, elle statue suivant la procédure du consensus sur le caractère mixte du différend et suivant la procédure du consensus entre les autorités concernées sur la nécessité d'intenter une action ainsi que sur le projet de citation.
  Si elle arrive à la conclusion que le différend ou un des éléments de celui-ci porte exclusivement sur des matières communautaires ou régionales, la réunion de la Conférence interministérielle tient lieu, le cas échéant, de celle prévue à l'article 81, § 7, alinéa 2, de la loi spéciale du 8 août 1980 de réformes institutionnelles.
Art. 7. Wanneer, overeenkomstig de artikelen 5 en 6, beslist is te dagvaarden, wordt één gemachtigde federale ambtenaar aangesteld, overeenkomstig de reglementering terzake.
  Het Ministerie waartoe deze ambtenaar behoort staat in voor het aanhangig maken van het geschil bij het internationale of supranationale rechtscollege en voor de formaliteiten die hiermee samenhangen.
Art. 7. Lorsque, conformément aux articles 5 et 6, il a été décidé de procéder à une citation, un seul fonctionnaire fédéral mandaté sera désigné, conformément à la réglementation.
  Le Ministère dont relève ce fonctionnaire est chargé de la saisine de la juridiction internationale ou supranationale ainsi que des formalités y afférentes.
Art. 8. Elke betrokken overheid kan één of meer vertegenwoordigers, al dan niet advocaten, aanstellen om de gemachtigde ambtenaar bij te staan. De leden van de Interministeriële Conferentie worden over deze aanstellingen ingelicht.
Art. 8. Chaque autorité concernée peut désigner un ou plusieurs représentants, ayant ou non la qualité d'avocat, pour assister le fonctionnaire mandaté. Les membres de la Conférence interministérielle sont avisés de cette désignation.
Art. 9. De gemachtigde ambtenaar staat in voor de coördinatie van de vordering van België voor het rechtscollege.
  De werkgroep " dagvaarding " wordt ingelicht over elke nieuwe stap in de Belgische vordering.
Art. 9. Le fonctionnaire mandaté assure la coordination de la procédure de citation devant la juridiction.
  Le groupe de travail " citation " est informé de toute nouvelle phase dans la procédure introduite par la Belgique.
Art. 10. Alleen wanneer alle betrokken overheden akkoord gaan kan tot afstand van het geding besloten worden. Daarbij wordt de in de artikelen 5 en 6 bedoelde procedure gevolgd.
Art. 10. L'abandon de l'action ne peut être décidé que moyennant l'accord de toutes les autorités concernées. A cette fin, la procédure visée aux articles 5 et 6 sera respectée.
Art. 11. De bepalingen van dit samenwerkingsakkoord kunnen op verzoek van elke partij herzien worden. Een verzoek tot herziening wordt binnen drie maanden onderzocht in de Interministeriële Conferentie.
  Gedaan te Brussel, op 11 juli 1994, in één origineel, in de Nederlandse, Franse en Duitse taal.
  Voor de Federale Regering :
  De Eerste Minister,
  J.-L. DEHAENE
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken,
  W. CLAES
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Justitie en Economische Zaken,
  M. WATHELET
  Voor de Waalse Regering :
  Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, des PME, des Relations extérieures et du Tourisme,
  R. COLLIGNON
  Voor de Vlaamse Regering :
  De Minister-President en Vlaams Minister van Economie, KMO, Wetenschapsbeleid, Energie en Externe Betrekkingen,
  L. VAN DEN BRANDE
  Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap :
  Der Minister-PrÝsident und Minister für Finanzen, Volksgesundheid, Familie und Senioren, Sport, Tourismus, internationale Beziehungen und für DenkmÝler und Landschaften,
  J. MARAITE
  Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering :
  De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
  J. CHABERT
  Voor de Regering van de Franse Gemeenschap :
  La Ministre-Présidente du Gouvernement de la Communauté francaise,
  Mme L. ONKELINX
  Le Ministre de l'Enseignement supérieur, de la Recherche scientifique, de l'Aide à la Jeunesse et des Relations internationales,
  M. LEBRUN
Art. 11. Les dispositions du présent accord de coopération peuvent être révisées à la demande de chacune des parties. Toute demande de révision sera examinée dans les trois mois au sein de la Conférence interministérielle.
  Fait à Bruxelles, le 11 juillet 1994, en un original, en langues française, néerlandaise et allemande.
  Pour le Gouvernement fédéral :
  Le Premier Ministre,
  J.-L. DEHAENE
  Le Vice-Premier Ministre et Ministre des Affaires étrangères,
  W. CLAES
  Le Vice-Premier Ministre et Ministre de la Justice et des Affaires économiques,
  M. WATHELET
  Pour le Gouvernement wallon :
  Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, des PME, des Relations extérieures et du Tourisme,
  R. COLLIGNON
  Pour le Gouvernement flamand :
  De Minister-President en Vlaamse Minister van Economie, KMO, Wetenschapsbeleid, Energie en Externe Betrekkingen,
  L. VAN DEN BRANDE
  Pour le Gouvernement de la Communauté germanophone :
  Der Minister-PrÝsident und Minister für Finanzen, Volksgesundheit, Familie und Senioren, Sport, Tourismus, internationale Beziehungen und für DenkmÝler und Landschaften,
  J. MARAITE
  Pour le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale :
  Le Ministre des Finances, du Budget, de la Fonction publique et des Relations internationales,
  J. CHABERT
  Pour le Gouvernement de la Communauté française :
  La Ministre-Présidente du Gouvernement de la Communauté française,
  Mme L. ONKELINX
  Le Ministre de l'Enseignement supérieur, de la Recherche scientifique, de l'Aide à la Jeunesse et des Relations internationales,
  M. LEBRUN