Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
30 JUNI 1994. - Kaderakkoord tot samenwerking tussen de Federale Staat, de Gemeenschappen en de Gewesten over de vertegenwoordiging van het Koninkrijk België bij de Internationale Organisaties waarvan de werkzaamheden betrekking hebben op gemengde bevoegdheden.
Titre
30 JUIN 1994. - Accord-cadre de coopération entre l'Etat fédéral, les Communautés et les Régions portant sur la représentation du Royaume de Belgique auprès des organisations internationales poursuivant des activités relevant de compétences mixtes.
Tekst (20)
Texte (20)
I. TOEPASSINGSGEBIED.
I. CHAMP D'APPLICATION.
Artikel 1.   1. Onderhaving kaderakkoord tot samenwerking is van toepassing op de Internationale Organisaties, waarvan de werkzaamheden betrekking hebben op de zogenaamde gemengde bevoegdheden en waarvan de lijst als bijlage gaat.
  2. De algemene regels van onderhavig samenwerkingsakkoord zijn van toepassing op sommige Internationale Organisaties waarvan de werkzaamheden betrekking hebben op exclusieve bevoegdheden van de Gemeenschappen of de Gewesten, voor zover afzonderlijke samenwerkingsakkoorden er als dusdanig over beschikken.
  3. Onderhavig kaderakkoord tot samenwerking belet niet dat specifieke samenwerkingsakkoorden of toepassingsprotocols worden afgesloten en toegepast indien de eigenheid van sommige Internationale Organisaties een meer gedetailleerde uitwerking vereist van de in onderhavig kaderakkoord opgestelde algemene regeling.
  4. Onderhavig kaderakkoord tot samenwerking heeft niet tot doel regelen vast te stellen betreffende de verplichte bijdragen aan de Internationale Organisaties zoals bedoeld in § 1.
Article 1. Le présent accord-cadre de coopération est d'application pour les Organisation internationales dont la liste figure en annexe, poursuivant des activités relevant de compétences considérées comme mixtes.
  2. Les règles générales établies au présent accord-cadre de coopération sont d'application pour certaines Organisations internationales poursuivant des activités relevant de compétences considérées comme exclusivement communautaires ou régionales, pour autant que des accords de coopération distincts en disposent ainsi.
  3. Le présent accord-cadre de coopération n'exclut pas l'application et la conclusion d'accord spécifiques de coopération ou de protocoles d'application lorsque la spécificité de certaines Organisations internationales requiert une mise en oeuvre plus détaillée dans dispositions générales établies au présent accord-cadre.
  4. Le présent accord-cadre n'a pas pour objet de régler les questions relatives aux contributions obligatoires aux organisations internationales visées au § 1er.
II. VERSPREIDING VAN DE INFORMATIE.
II. DIFFUSION DE L'INFORMATION.
Art. 2. De federale overheid die de vertegenwoordiging van België bij een Internationale Organisatie verzekert, of zo mogelijk de Permanente Vertegenwoordiging, zorgt, in samenwerking met de andere federale, gemeenschaps- of gewestoverheden, voor de organisatie van een snelle en ruime verspreiding van de informatie onder alle betrokkenen. Deze informatie bevat, naast de uitnodiging op de vergaderingen met aanduiding van de datum, de dagorde en de desbetreffende documentatie, ook de basisdocumenten over de algemene activiteiten van de Internatinale Organisatie, over de uitvoering van de projecten of programma's of over andere diverse initiatieven die voor betrokkenen van belang zijn, onverminderd de in de Internatinale Organisaties geldende eigen regels inzake de bescherming van de documenten.
Art. 2. L'autorité fédérale assurant la représentation de la Belgique auprès d'une Organisation internationale ou, le cas échéant, la Représentation permanente, veille à organiser, en concertation avec les autres autorités fédérales, communautaires ou régionales, une diffusion large et rapide de l'information auprès de toutes les parties concernées. Cette information comprend, outre les invitations aux réunions avec indication de date, d'ordre du jour et la documentation y afférente, les documents de fond portant sur les activités de l'Organisation internationale en général, sur la mise en oeuvre de projets ou de programme ou sur d'autres initiatives variées présentant un intérêt pour les parties concernées, sans préjudice des règles propres à chaque organisation internationale en matière de protection des documents.
Art. 3. De betrokken instanties van de Gemeenschappen en/of de Gewesten zullen aan voornoemde federale overheden te gepasten tijde hun bijzondere belangstelling kenbaar maken voor sommige aktiviteiten of voor sommige programma's in het algemeen van de betrokken Internationale Organisatie; alsook in het bijzonder, hun voornemen tot deelname aan specifieke vergaderingen. Zij zullen eveneens de naam van hun respectieve vertegenwoordigers, die naar die vergaderingen worden afgevaardigd, en hun voorstellen van standpunt of hun initiatieven in het algemeen, meedelen.
Art. 3. Les autorités régionales et/ou communautaires concernées feront connaître en temps opportun aux autorités fédérales précitées leurs intérêts particuliers pour certaines activités ou certains programmes de l'Organisation internationale concernée en général, ainsi que, plus particulièrement, leurs intentions de participation à des réunions spécifiques avec le nom des représentants respectifs qui y seront délégués, et leurs projets de prises de position ou d'initiatives en général.
III. STRUCTUUR VAN DE PERMANENTE VERTEGENWOORDIGINGEN.
III. STRUCTURE DES REPRESENTATIONS PERMANENTES.
Art. 4. De Gemeenschappen en/of de Gewesten die dit wensen, kunnen in de schoot van de Permanente Vertegenwoordiging van België bij een Internationale Organisatie, een vertegenwoordiger doen opnemen, overeenkomstig de geldende afspraken met de fedeale Minister van Buitenlandse Zaken betreffende het statuut van de vertegenwoordigers van de Gemeenschappen en Gewesten in Belgische diplomatieke posten in het buitenland.
  Deze vertegenwoordiger ontvangt zijn instructies van zijn communautaire of gewestelijke overheden. Hij brengt de Permanente Vertegenwoordiger hiervan op de hoogte. Wat betreft de materies voorgelegd aan het in de artikelen 5, 6 en 7 voorziene overleg, kunnen enkel de in dit overleg vastgelegde standpunten in de Internationale Organisatie naar voor worden gebracht.
Art. 4. Les Communautés et/ou les Régions qui le souhaitent peuvent faire inclure un représentant au sein de la Représentation permanente de la Belgique auprès d'une Organisation internationale conformément aux accords conclus avec le Ministre fédéral des Affaires étrangères relatifs au statut des représentants des Communautés et Régions au sein des postes diplomatiques à l'étranger.
  Ce représentant reçoit ses instructions de ses autorités communautaires ou régionales. Il en informe le Représentant permanent. Pour les matières soumises à la concertation prévue aux articles 5, 6 et 7 seules les positions issues de cette concertation peuvent être présentées dans le cadre de l'organisation internationale concernée.
IV. INRICHTING VAN EEN BESTENDIGE OVERLEGSTRUCTUUR.
IV. ORGANISATION D'UNE STRUCTURE PERMANENTE DE CONCERTATION.
Art. 5.   1. Met het oog op het bepalen van het Belgische standpunt, zowel in het algemeen als voor elk punt van de dagorde, wordt vóór iedere ministeriële bijeenkomst van een Internationale Organisatie een algemeen overleg gehouden door toedoen van het federale Ministerie van Buitenlandse Zaken, dat het voorzitterschap en het secretariaat van de bijeenkomsten waarneemt. Een dergelijk overleg kan indien nodig eveneens worden gehouden ter voorbereiding van een technische vergadering.
  2. Dit algemeen overleg heeft plaats op een systematische en horizontaal gestructureerde wijze.
  Te dien einde worden op alle overlegvergaderingen vertegenwoordigers uitgenodigd van de Eerste Minister, van de andere federale Ministers en van de Gemeenschaps- en Gewestministers, die zowel op inhoudelijk vlak als op het gebied van de buitenlandse betrekkingen bevoegd zijn.
  3. Van iedere overlegvergadering wordt een verslag opgesteld dat o.m. de namen van de deelnemers vermeldt.
  Het wordt ambtshalve aan de deelnemers, alsook aan de Voorzitter en de leden van de Interministeriële Conferentie " Buitenlands Beleid " overgemaakt.
Art. 5. § 1. Une concertation générale en vue de déterminer la position belge, aussi bien du point de vue général que pour chaque point de l'ordre du jour, est assurée avant chaque réunion ministérielle d'une Organisation internationale, par les soins du Ministère fédéral des Affaires étrangères, qui exerce la présidence et le secrétariat des réunions. Une telle concertation générale peut également être assurée, en cas de besoin, en vue de la préparation d'une réunion technique.
  2. Cette concertation générale est effectuée de manière systématique et horizontale.
  A cette fin, sont invités à toutes les réunions de concertation des représentants du Premier Ministre, des autres Ministres fédéraux compétents et des Ministres communautaires et régionaux compétents sur le plan technique ou chargés des relations extérieures.
  3. Un compte rendu de chaque réunion de concertation sera établi, mentionnant le nom des participants.
  Il sera transmis d'office aux participants, ainsi qu'au Président et aux membres de la Conférence interministérielle " Politique étrangère ".
Art. 6. Sectoriële of ad hoc overlegvergaderingen worden gehouden zonder afbreuk te doen aan het in artikel 5 voorziene algemene overleg, dat hierover moet worden ingelicht.
  Zij moeten het voormeld algemeen overleg vatten ingeval zich ofwel blokkeringen zouden voordoen die een verruiming van het debat vereisen, ofwel problemen zouden oprijzen waarin elementen zijn vervat die hetzij een ruimere dimensie hetzij een dimensie van politieke aard inhouden.
Art. 6. Des concertations sectorielles ou ad hoc se font sans préjudice de la concertation générale visée à l'article 5, qui doit en être informée.
  Elles sont en outre tenues de saisir la concertation générale précitée au cas où se présentent soit des blocages nécessitant un élargissement du débat, soit des problèmes contenant des éléments présentant une dimension plus générale ou d'ordre politique.
Art. 7.   1. In de schoot van de Interministeriële Conferentie " Buitenlands Beleid " wordt een ad hoc werkgroep " Vertegenwoordiging van het Koninkrijk België bij de Internationale Organisaties " opgericht, die voor de opvolging van hoger geoemde algemene coördinatie zorgt en die op regelmatige tijdstippen samenkomt.
  2. In geval van aanhoudend meningsverschil binnen het algemene overleg dat in de schoot van het federale Ministerie van Buitenlandse Zaken wordt georganiseerd, wordt de hoger genoemde werkgroep gevat. Deze debatteert over het probleem en zendt het, in geval van akkoord, terug naar het algemene overleg.
  3. In geval van aanhoudende blokkering maakt de Voorzitter van de ad hoc werkgroep " Vertegenwoordiging van het Koninkrijk België bij de Internationale Organisaties " de zaak zo vlug mogelijk aanhangig bij de Voorzitter van de Interministeriële Conferentie " Buitenlands Beleid ", die dit punt inschrijft op de dagorde van de eerstvolgende Interministeriële Conferentie of van een ad hoc vergadering.
Art. 7.   1. Est créé au sein de la Conférence interministérielle " Politique étrangère " un groupe de travail ad hoc " Représentation du Royaume de Belgique auprès des Organisations internationales ", qui assure le suivi et la coordination générale précitée, et se réunit à intervalles réguliers.
  2. En cas de désaccord persistant au sein de la concertation générale organisée au sein du Ministère fédérale des Affaires étrangères, le groupe de travail ad hoc précité est saisi, débat de la question et la renvoie à la concertation générale en cas d'accord.
  3. En cas de blocage persistant, le Président du groupe de travail ad hoc " Représentation du Royaume de Belgique auprès des Organisations internationales " saisit, dans un délai rapide, le Président de la Conférence interministérielle " Politique étrangère ", lequel porte ce point à l'ordre du jour de la prochaine réunion ou d'une réunion ad hoc.
Art. 8. Zodra binnen het algemene overleg georganiseerd in de schoot van het federale Ministerie van Buitenlandse Zaken of eventueel, krachtens artikel 7, in het raam van de Interministeriële Conferentie " Buitenlands Beleid ", een Belgisch standpunt wordt vastgelegd, zendt de federale Minister van Buitenlandse Zaken in die zin opgestelde richtlijnen naar de Permanente Vertegenwoordiging bij de betrokken Internationale Organisatie, en stuurt afschriften ervan naar de betrokken federale, Gemeenschaps- of Gewestministers en naar de betrokken federale, Communautaire of Gewestelijke Departementen.
Art. 8. Dès qu'une position belge est arrêtée au sein de la concertation générale organisée au sein du Ministère fédéral des Affaires étrangères, ou éventuellement, en vertu de l'article 7, au sein de la Conférence interministérielle " Politique étrangère ", le Ministre fédéral des Affaires étrangères envoie des instructions dans ce sens à la Représentation permanente auprès de l'Organisation internationale concernée, et en adresse copies aux Ministres fédéraux, communautaires ou régionaux concernés et aux Départements fédéraux, communautaires ou régionaux concernés.
Art. 9.   1. Indien tijdens een zitting het Belgische standpunt, dat overeenkomstig de procedures van onderhavig akkoord werd bepaald, hoogdringend moet worden aangepast ten einde volwaardig te kunnen deelnemen aan de besluitvorming, neemt de Voorzitter van de Belgische delegatie hiertoe de nodige contacten met de betrokken Belgische partijen, en bepaalt een nieuw standpunt.
  2. Bij gebrek aan tijd of bij ontstentenis van akkoord om dit nieuwe standpunt te bepalen, treedt de Voorzitter van de Belgische delegatie " ad referendum " het standpunt bij dat het best de algemene belangen behartigt. Zodrag mogelijk zal, na interne regeling van het probleem en binnen de termijnen en de modaliteiten eigen aan iedere Internationale Organisatie, het definitieve Belgische standpunt worden betekend.
  3. Indien, als gevolg van de in de betrokken Internationale Organisatie geldende regels, of van aanhoudend menigsverschil na overleg, deze procedure niet mogelijk is, kan de Voorzitter van de Belgische delegatie zich uitzonderlijkerwijze onthouden.
Art. 9.   1. Lorsque, en séance, la position belge arrêtée conformément aux procédures mises en place par le présent accord doit être adaptée d'urgence afin de participer valablement à la prise de décision, le Président de la délégation belge prend les contacts nécessaires à cette fin avec les parties belges concernées et établit une nouvelle position.
  2. Faute de temps ou d'accord pour établir cette nouvelle position, le Président de la délégation belge adopte " ad referendum " la position qui rencontre le mieux l'intérêt général. Dès que possible, après règlement de la question sur le plan interne, dans les délais et selon les modalités propres à chaque Organisation internationale, la position définitive de la Belgique sera notifiée.
  3. Si cette procédure n'est pas possible en raison des règles en vigueur dans l'Organisation internationale concernée ou si le désaccord persiste après concertation, le Président de la délégation belge peut, à titre exceptionnel, s'abstenir.
V. SAMENSTELLING VAN DE DELEGATIES.
V. COMPOSITION DES DELEGATIONS.
Art. 10. Het algemene overleg heeft eveneens betrekking op het bepalen van de samenstelling van de Belgische delegatie. Volgend op de in artikel 3 voorziene notificatie, zal de samenstelling van de Belgische delegatie gebeuren op basis van volgende principes :
  - elke overheid betrokken bij de behandelde materies kan vertegenwoordigd worden in de Belgische delegatie, zowel op technisch als op het ministerieel vlak;
  - voor wat de technische vergaderingen betreft, wordt de Belgische delegatie voorgezeten door de Permanente Vertegenwoordiger of, door de persoon bij consensus aangeduid na voorafgaand overleg, in functie van de overheid die er hoofdzakelijk bij betrokken is;
  - de regelmatige ministeriële vergaderingen worden, in functie van de overheid die er hoofdzakelijk bij betrokken is, voorgezeten namens België door hetzij de bevoegde federale Minister, hetzij de Minister van een Gemeenschap of Gewest, indien mogelijk in toepassing van een rotatiesysteem dat vooraf in gemeen overleg tussen de betrokken Gemeenschappen en/of Gewesten werd overeengekomen;
  - de ad-hoc ministeriële bijeenkomsten worden in functie van de overheid die er hoofdzakelijk bij betrokken is, namens België voorgezeten door de Minister bij consensus aangeduid in de schoot van het voorafgaandelijk overleg;
  - in geval van stemming wordt de stem uitgebracht door het hoofd van de delegatie, rekening houdend met de besluiten van het voorafgaandelijk overleg, of in overeenstemming met de procedures bepaald in artikel 9.
Art. 10. La concertation générale porte également sur la détermination de la composition de la délégation belge. Suite à la notification prévue à l'article 3, la composition des délégations s'effectuera en s'inspirant des principes suivants :
  - chaque niveau de pouvoir concerné par les matières traitées peut être représenté au sein de la délégation belge, tant au niveau technique qu'au niveau ministériel;
  - pour les réunions techniques, la délégation belge est présidée par le Représentant permanent ou par une personne désignée par consensus au sein de la concertation préalable, en fonction du niveau de pouvoir principalement concerné;
  - les réunions ministérielles régulières sont présidées, au nom de la Belgique, en fonction du niveau de pouvoir principalement concerné, soit par le Ministre fédéral compétent, soit par le Ministre d'un pouvoir fédéré, si possible en application d'un système de rotation à établir préalablement en concertation entre les Communautés et/ou Régions concernées;
  - les réunions ministérielles non régulières sont présidées, au nom de la Belgique, en fonction du niveau de pouvoir principalement concerné, par le Ministre désigné par consensus au sein de la concertation préalable;
  - en cas de vote, celui-ci est exprimé par le chef de la délégation conformément aux résultats de la concertation préalable ou aux procédures prévues à l'article 9.
VI. SLOTBEPALINGEN.
VI. DISPOSITIONS FINALES.
Art. 11. Onderhavig kaderakkoord tot samenwerking wordt voor onbepaalde duur afgesloten.
Art. 11. Le présent accord-cadre de coopération est conclu pour une durée indéterminée.
Art. 12. De bepalingen in onderhavig kaderakkoord tot samenwerking kunnen op verzoek van iedere ondertekenende partij worden herzien.
  Een verzoek tot herziening wordt binnen de drie maanden onderzocht in de Interministeriële Conferentie " Buitenlands Beleid ".
  Gedaan te Brussel, op 30 juni 1994, in één origineel in de Nederlandse, Franse en Duitse taal.
  Voor de Federale Regering :
  De Vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken,
  W. CLAES
  Voor de Waalse Regering :
  Le Minister-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, des PME, des Relations extérieures et du Tourisme,
  R. COLLIGNON
  Voor de Vlaamse Regering :
  De Minister-President en Vlaamse Minister van Economie, KMO, Wetenschapsbeleid, Energie en Externe Betrekkingen,
  L. VAN DEN BRANDE
  Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap :
  Der Minister-PrÝsident und Minister für Finanzien, Gesundheit und Familie, Sport und Tourismus,
  J. MARAITE
  Voor de Brusselse Hoofdstedelijke Regering :
  De Minister van Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
  J. CHABERT
  Voor de Regering van de Franse Gemeenschap :
  La Ministre-Présidente du Gouvernement de la Communauté francaise,
  Mme L. ONKELINX
  Le Ministre de l'Enseignement supérieur, de la Recherche scientifique, de l'Aide à la Jeunesse et des Relations internationales,
  M. LEBRUN
Art. 12. Les dispositions du présent accord-cadre de coopération peuvent être revues à la requête de toute partie contractante.
  Une requête de révision est examinée endéans les trois mois au sein de la Conférence interministérielle " Politique étrangère ".
  Fait à Bruxelles, le 30 juin 1994, en un original, en langues française, néerlandaise et allemande.
  Pour le Gouvernement fédéral :
  Le Vice-Premier Ministre et Ministre des Affaires étrangères,
  W. CLAES
  Pour le Gouvernement wallon :
  Le Ministre-Président du Gouvernement wallon, chargé de l'Economie, des PME, des Relations extérieures et du Tourisme,
  R. COLLIGNON
  Pour le Gouvernement flamand :
  De Minister-President en Vlaamse Minister van Economie, KMO, Wetenschapsbeleid, Energie en Externe Betrekkingen,
  L. VAN DEN BRANDE
  Pour le Gouvernement de la Communauté germanophone :
  Der Minister-PrÝsident und Minister für Finanzien, Gesundheit und Familie, Sport und Tourismus,
  J. MARAITE
  Pour le Gouvernement de la Région de Bruxelles-Capitale :
  Le Ministre des Finances, du Budget, de la Fonction publique et des Relations internationales,
  J. CHABERT
  Pour le Gouvernement de la Communauté Française :
  La Ministre-Présidente du Gouvernement de la Communauté française,
  Mme L. ONKELINX
  Le Ministre de l'Enseignement supérieur, de la Recherche scientifique, de l'Aide à la Jeunesse et des Relations internationales,
  M. LEBRUN
Bijlage.
Annexe.
Art. N1. Bijlage 1. - Lijst van de Internationale Organisaties waarvan de werkzaamheden betrekking hebben op de zogenaamde gemengde bevoegdheden en waarop het kaderakkoord tot samenwerking betreffende de vertegenwoordiging van he Koninkrijk België bij de Internationale Organisaties van toepassing is.
  1. BENELUX.
  2. RAAD VAN EUROPA.
  3. OESO (Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling).
  4. VN (Organisatie van de Verenigde Naties), met inbegrip van :
  PNUE (VN-Programma voor Leefmilieu).
  UNICEF (VN-Fonds voor Kinderen).
  PNUCID (VN-Programma voor Internationale Drugscontrole).
  FNUAP/UNPF (VN-Volkerenfonds).
  UNITAR (VN-Instituut voor Vorming en Onderzoek).
  ECOSOC (Economische en Sociale Raad van de VN).
  ECE (Economische Commissie voor Europa).
  5. IAO (Internationale Arbeidsorganisatie).
  6. UNCTAD (VN-Conferentie over Handel en Ontwikkeling).
  7. ONUDI (VN-Organisatie voor Industriële Ontwikkeling).
  8. UNESCO (VN-Organisatie voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur).
  9. OMPI (Wereldorganisatie voor de Intellectuele Eigendom).
  10. OMT (Wereldorganisatie voor het Toerisme).
  11. FAO (Voedsel en Landbouworganisatie).
  12. WHO (Wereld Gezondheidsorganisatie).
  13. GATT (Algemeen akkoord inzake Handel en Tarieven).
  14. IOM (Internationale Organisatie voor Migranten).
  15. IHO (Internationale Hydrografische Organisatie).
Art. N1. Annexe 1. - Liste d'Organisations internationales poursuivant des activités relevant de compétences considérées comme mixtes, tombant sous le champ d'application de l'accord-cadre de coopération portant sur la représentation du Royaume de Belgique auprès des Organisations internationales.
  1. BENELUX.
  2. CONSEIL DE L'EUROPE.
  3. OCDE (Organisation de Coopération et de Développement économique).
  4. ONU (Organisation des Nations Unies), y compris :
  PNUE (Programme des Nations Unies pour l'Environnement).
  UNICEF (Fonds des Nations Unies pour l'Enfance).
  PNUCID (Programme des Nations Unies pour le Contrôle international des Drogues).
  FNUAP (Fonds des Nations Unies pour la Population).
  UNITAR (Institut des Nations Unies pour la formation et la Recherche).
  ECOSOC (Conseil économique et social des Nations Unies).
  ECE (Commission économique pour l'Europe).
  5. OIT (Organisation internationale du Travail).
  6. CNUCED (Conférence des Nations Unies sur le Commerce et le Développement).
  7. UNUDI (Organisation des Nations Unies pour le Développement industriel).
  8. UNESCO (Organisation des Nations Unies pour l'Education, la Science et la Culture).
  9. OMPI (Organisation mondiale pour la Propriété intellectuelle).
  10. OMT (Organisation mondiale du Tourisme).
  11. FAO (Organisation pour l'Alimentation et l'Agriculture).
  12. OMS (Organisation mondiale de la Santé).
  13. GATT (Accord général sur les Tarifs et le Commerce).
  14. OIM (Organisation internationale pour les Migrations).
  15. OHI (Organisation hydrographique internationale).