A. (Basisoverlegcomité voor alle personeelsleden van het Ministerie van de Duitstalige Gemeenschap, met uitzondering van de personeelsleden van de dienst met afzonderlijk beheer " Gemeenschapscentra "
Voorzitter : de Minister bevoegd inzake Personeel.)
B. Basisoverlegcomité voor alle personeelsleden van het Belgisch Radio- en Televisiecentrum van de Duitstalige Gemeenschap;
Voorzitter : de bevoegde toezichthoudende Minister;
C. Basisoverlegcomité voor alle personeelsleden van de [2 Dienst van de Duitstalige Gemeenschap voor zelfbeschikkend leven]2;
Voorzitter : de bevoegde toezichthoudende Minister;
D. Basisoverlegcomité voor alle personeelsleden van het Instituut voor opleiding en voortgezette opleiding in de Middenstand en de K.M.O.'s;
Voorzitter : de bevoegde toezichthoudende Minister;
(E. Basisoverlegcomité voor alle personeelsleden van de Dienst voor arbeidsbemiddeling van de Duitstalige Gemeenschap;
Voorzitter : de bevoegde toezichthoudende Minister.)
(F. Basisoverlegcomité voor de personeelsleden van de dienst met afzonderlijk beheer " Gemeenschapscentra ".
Voorzitter : de Minister bevoegd inzake Personeel.)
(G. Basisoverlegcomité voor de personeelsleden van de autonome hogeschool in de Duitstalige Gemeenschap;
Voorzitter : de Minister bevoegd inzake Onderwijs.)
[1 H. Basisoverlegcomité voor de personeelsleden van het centrum voor de gezonde ontwikkeling van kinderen en jongeren;
Voorzitter: de directeur van het centrum voor de gezonde ontwikkeling van kinderen en jongeren.]1