Art. 4. § 1. In afwijking van artikel 3, in de besturen en andere diensten van de federale ministeries (in de openbare instellingen van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels,) alsook in de instellingen van openbaar nut die onder het gezag, de controle of het toezicht van de Staat staan, vermeld in artikel 1 van de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut en die vallen onder de bevoegdheid van het comité voor de nationale, de gemeenschaps- en de gewestelijke overheidsdiensten, met uitzondering van deze die een financiële, industriële of handelsactiviteit uitoefenen, kunnen personen onder het stelsel van een arbeidsovereenkomst in dienst worden genomen uitsluitend om :
<KB 1997-04-03/37, art. 44, 003; Inwerkingtreding : 10-05-1997> 1° aan uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften te voldoen; het betreft ofwel in de tijd beperkte acties ofwel een buitengewone toename van het werk;
2° (personeelsleden te vervangen bij gehele of gedeeltelijke afwezigheid, ongeacht of ze in dienstactiviteit zijn of niet, wanneer de duur van die afwezigheid tot vervanging noopt), onverminderd de mogelijkheid om een statutair personeelslid door een ander statutair personeelslid te vervangen;
<W 2001-03-26/35, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 11-04-2001> 3° bijkomende of specifieke opdrachten te vervullen.
(4° te voorzien in de uitvoering van taken die een bijzondere kennis of ruime ervaring op hoog niveau vereisen, beide relevant voor de uit te voeren taken, ook wanneer de uit te voeren taken permanente opdrachten betreffen.)
<W 2001-03-26/35, art. 3, 007; Inwerkingtreding : 11-04-2001> § 2. Na onderhandeling met de representatieve vakorganisaties en op de voordracht van de Minister tot wiens bevoegdheid de Ambtenarenzaken behoren, bepaalt de Koning :
1° (de voorwaarden en de wijze van indienstneming alsook de arbeidsvoorwaarden van de met een arbeidsovereenkomst in dienst genomen personen zoals bedoeld in § 1, en dit onverminderd de dwingende bepalingen van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten)
<W 1997-05-20/52, art. 22, 004; Inwerkingtreding : 18-07-1997> 2° de in § 1, 3°, bedoelde specifieke of bijkomende opdrachten.
§ 3. De in § 2 bedoelde koninklijke besluiten vinden van rechtswege toepassing op de in het eerste lid bedoelde instellingen van openbaar nut, zonder dat het nodig is om de bij de wets- of verordeningsbepalingen voorgeschreven adviezen of voorstellen van die instellingen te vragen of af te wachten.
§ 4. (...)
<W 2002-12-24/31, art. 444, 012; Inwerkingtreding : 10-01-2003> § 5. (...)
<W 2002-12-24/31, art. 444, 012; Inwerkingtreding : 10-01-2003> (§ 6. De koninklijke besluiten die uitgevaardigd zijn met toepassing van § 2, 1°, voor de besturen en andere diensten van de ministeries, bedoeld in § 1, zijn niet toepasselijk op de overeenkomsten afgesloten in de diplomatieke en consulaire posten in het buitenland.)
<W 1997-05-20/52, art. 22, 004; Inwerkingtreding : onbepaald > ((§ 7.) De paragrafen 2 tot 4 zijn niet van toepassing op de openbare instellingen van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels.
<W 1999-03-22/47, art. 14, 006; Inwerkingtreding : 20-05-1997> (§ 8.) Na onderhandeling met de representatieve vakorganisaties, bepaalt de Koning, wat betreft de openbare instellingen van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, op de voordracht van de ministers onder wie de openbare instellingen van sociale zekerheid ressorteren, en in overeenstemming met de minister tot wiens bevoegdheden de ambtenarenzaken behoren, de in § 1, 3° bedoelde bijkomende of specifieke opdrachten, alsook de voorwaarden en de wijze waarop personen in dienst worden genomen bij arbeidsovereenkomst met inachtneming van de bepalingen van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.
<W 1999-03-22/47, art. 14, 006; Inwerkingtreding : 20-05-1997> (§ 9.) Elke openbare instelling van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels kan personeelsleden aanwerven en tewerkstellen onder arbeidsovereenkomst onderworpen aan de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten met het oog op de uitvoering van taken op het vlak van informatica die een gespecialiseerde kennis of ervaring vereisen van niveau 1 of 2+, en waarvoor geen personeel kon worden aangeworven volgens de gewone procedures.
<W 1999-03-22/47, art. 14, 006; Inwerkingtreding : 20-05-1997> (§ 10.) De voorontwerpen van wet tot wijziging van de paragrafen 6 tot 9 of van de paragraaf 1, wat betreft de openbare instellingen van sociale zekerheid bedoeld in artikel 3, § 2 van het koninklijk besluit van 3 april 1997 houdende maatregelen met het oog op de responsabilisering van de openbare instellingen van sociale zekerheid, met toepassing van artikel 47 van de wet van 26 juli 1996 tot modernisering van de sociale zekerheid en tot vrijwaring van de leefbaarheid van de wettelijke pensioenstelsels, worden voorgelegd aan de voorafgaande akkoordbevinding van de ministers waaronder de openbare instellingen van sociale zekerheid ressorteren.)
<KB 1997-04-03/37, art. 44, 003; Inwerkingtreding : 10-05-1997> <W 1999-03-22/47, art. 14, 006; Inwerkingtreding : 20-05-1997>