Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
4 JULI 1986. - Koninklijk besluit betreffende de rechten bestemd om de kosten te dekken van de keuringen, gezondheidsonderzoeken en -controles van slachtvlees, vlees van gevogelte en vis.
Titre
4 JUILLET 1986. - Arrêté royal relatif aux droits destinés à couvrir les frais résultant des expertises, examens et contrôles sanitaires de la viande de boucherie, de la viande de volaille et du poisson.
Informations sur le document
Numac: 1986025157
Datum: 1986-07-04
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1986025157
Date: 1986-07-04
Moniteur: Voir
Tekst (19)
Texte (19)
HOOFDSTUK I. _ Algemene bepalingen.
CHAPITRE Ier. _ Dispositions générales.
Artikel 1. Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder :
  1° rechten :
  a) de rechten bedoeld in artikel 6 van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, gewijzigd bij de wet van 13 juli 1981;
  b) de rechten bedoeld in artikel 6 van de wet van 15 april 1965 betreffende de keuring van en de handel in vis, gevogelte, konijnen en wild en tot wijziging van de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel, gewijzigd bij de wet van 13 juli 1981;
  2° eigenaar van de dieren :
  a) de eigenaar van de slachtdieren en het gevogelte, op het ogenblik van de slachtingsaangifte;
  b) de eigenaar van de vis op het ogenblik van de inschrijving ervan in het register dat wordt bijgehouden door de exploitant van de viskwekerij, de verkoper of het verkoopsorganisme van de aangevoerde vis;
  c) de eigenaar van de vis op het ogenblik van de invoer;
  3° product :a) het vlees, het bereid of het verduurzaamd vlees bedoeld in artikel 1, 5° en 7°, van de voormelde wet van 5 september 1952 alsmede de vleesbereidingen;
  b) de vis en het gevogelte, zoals bedoeld in artikel 1, §§2 en 3 van de voormelde wet van 15 april 1965;
  4° eigenaar van de producten :
  a) met betrekking tot de uitvoering van de gezondheidscontroles bij invoer : de eigenaar van de producten op het ogenblik van de invoer;
  b) met betrekking tot de uitvoering van de gezondheidscontroles bedoeld in artikel 5 van dit besluit : de laatste eigenaar van de producten voor ze aan de verbruiker worden afgeleverd;
  5° Instituut : het Instituut voor veterinaire keuring;
  6° slachthuis : de slachthuizen bedoeld in de wetten van 5 september 1952 en 15 april 1965;
  7° Minister : de Minister tot wiens bevoegdheid de Volksgezondheid behoort.
Article 1. Pour l'application du présent arrêté, il faut entendre par :
  1° droits :
  a) les droits visés à l'article 6 de la loi du 5 septembre 1952 relative à l'expertise et au commerce des viandes, modifiée par la loi du 13 juillet 1981;
  b) les droits visés à l'article 6 de la loi du 15 avril 1965 relative à l'expertise et au commerce du poisson, des volailles, des lapins et du gibier et modifiant la loi du 5 septembre 1952 relative à l'expertise et au commerce des viandes, modifiée par la loi du 13 juillet 1981;
  2° propriétaire des animaux :
  a) le propriétaire des animaux de boucherie et des volailles au moment de la déclaration d'abattage;
  b) le propriétaire du poisson au moment de l'inscription au registre tenu par l'exploitant du parc d'élevage de poissons, le vendeur ou l'organisme de vente du poisson apporté;
  c) le propriétaire du poisson au moment de l'importation;
  3° produit :
  a) (les viandes), les viandes préparées ou conservées visées à l'article 1er, 6° et 7° de la loi précitée du 5 septembre 1952 ainsi que les préparations de viande;
  b) les poissons et les volailles, visés à l'article 1er, §§ 2 et 3, de la loi du 15 avril 1965 précitée;
  4° propriétaire des produits :
  a) lorsqu'il s'agit de la réalisation des contrôles sanitaires lors de l'importation : le propriétaire des produits au moment de l'importation;
  b) lorsqu'il s'agit de la réalisation des contrôles sanitaires visés à l'article 5 du présent arrêté : le dernier propriétaire des produits avant qu'ils ne soient délivrés au consommateur;
  5° Institut : l'Institut d'expertise vétérinaire;
  6° abattoir : les abattoirs visés dans les lois du 5 septembre 1952 et 15 avril 1965;
  7° Ministre : le Ministre qui a la Santé publique dans ses attributions.
HOOFDSTUK II. _ Bedrag der rechten.
CHAPITRE II. _ Montant des droits.
Art. 2. § 1. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van het gezondheidsonderzoek van de slachtdieren vóór de slachting en van de keuring na het slachten is vastgesteld als volgt :
  1° runderen, kalveren, paarden, veulens, ezels, muilezels, en muildieren : 122,50 F per dier;
  2° varkens en speenvarkens : 61,25 F per dier;
  3° schapen, lammeren, geiten en geitjes : (30 F) per dier. <KB 1987-12-09/30, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988>
  § 2. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de gezondheidscontroles bij invoer van produkten die afkomstig zijn van slachtdieren, is vastgesteld op (0,50 F per kg) <KB 1987-12-09/30, art. 2, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988>
Art. 2. § 1er. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant de l'examen sanitaire avant l'abattage des animaux de boucherie et de l'expertise après l'abattage, est fixé comme suit :
  1° bovins, veaux, chevaux, poulains, ânes, mules et mulets : 122,50 F par animal;
  2° porcs, cochons de lait : 61,25 F par animal;
  3° moutons, agneaux, chèvres et chevreaux : (30 F) par animal. <AR 1987-12-09/30, art. 2, 002; En vigueur : 01-01-1988>
  § 2. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant des contrôles sanitaires à l'importation des produits provenant d'animaux de boucherie, est fixé à (0,50 F par kg). <AR 1987-12-09/30, art. 2, 002; En vigueur : 01-01-1988>
Art. 3. <KB 1987-12-09/30, art. 3, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> § 1. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van het gezondheidsonderzoek van gevogelte vóór de slachting en van de keuring na het slachten is per bezoek van de aangestelde van het Instituut vastgesteld op 290 F vermeerderd met :
  1° voor duiven, kwartels, parelhoenders, braadkippen, lichte soepkippen en half-zware soepkippen tot 3 kg levend gewicht : 0,25 F per dier;
  2° voor zware soepkippen, eenden en kalkoenen tot 7 kg levend gewicht : 1,70 F per dier;
  3° voor zware kalkoenen boven 7 kg levend gewicht, ganzen en zwanen : 7,60 F per dier.
  § 2. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de gezondheidscontroles bij invoer van producten die afkomstig zijn van gevogelte is vastgesteld op 0,80 F per kg.
Art. 3. <AR 1987-12-09/30, art. 3, 002; En vigueur : 01-01-1988> § 1. Le montant des droits destinés à couvrir les frais de l'examen sanitaire des volailles avant l'abattage et de l'expertise après l'abattage est fixé à 290 F par visite du préposé de l'Institut augmenté de :
  1° pour pigeons, cailles, pintades, poulets à rôtir, poules à bouillir légères et demi-gros jusqu'à 3 kg de poids vif : 0,25 F par animal;
  2° pour poules à bouillir lourdes, canards et dindes jusqu'à 7 kg de poids vif : 1,70 F par animal;
  3° pour dindes lourdes au-dessus de 7 kg de poids vif, oies et cygnes : 7,60 F par animal.
  § 2. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant des contrôles sanitaires à l'importation des produits provenant de volailles, est fixé à 0,80 F par kg.
Art. 4. <KB 1987-12-09/30, art. 4, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> § 1. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de keuring bij de aanvoer van de in zee gevangen vis is vastgesteld op 0,19 F per kg. Voor de haringachtigen evenwel worden deze rechten tot een derde verminderd.
  § 2. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de gezondheidscontroles uitgevoerd bij invoer van vis of van producten afkomstig van vis, is vastgesteld op 0,19 F per kg. Voor de haringachtigen evenwel worden deze rechten tot een derde verminderd.
  § 3. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van het gezondheidsonderzoek in de viskwekerijen is vastgesteld op 0,19 F per kg.
Art. 4. <AR 1987-12-09/30, art. 4, 002; En vigueur : 01-01-1988> § 1. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant de l'expertise lors de l'apport de poissons capturés en mer, est fixé à 0,19 F par kg. Toutefois, pour les clupéidés, ces droits sont réduits à un tiers.
  § 2. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant des contrôles sanitaires effectués à l'importation des poissons ou des produits provenant de poissons, est fixé à 0,19 F par kg. Toutefois, pour les clupéidés, ces droits sont réduits à un tiers.
  § 3. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant de l'examen sanitaire dans les parcs d'élevage de poissons est fixé à 0,19 F par kg.
Art. 5. <KB 1987-12-09/30, art. 5, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de gezondheidscontroles uitgevoerd in de groot- en kleinhandelsbedrijven waarop de wetten van 5 september 1952 en 15 april 1965 van toepassing zijn, is vastgesteld op 0,30 F per kg product.
  Voor de producten afkomstig van gevogelte evenwel zijn deze rechten vastgesteld op 0,80 F per kg.
Art. 5. <AR 1987-12-09/30, art. 5, 002; En vigueur : 01-01-1988> Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant des contrôles sanitaires, effectués dans les entreprises de commerce de gros et de détail auxquelles les lois du 5 septembre 1952 et du 15 avril 1965 sont applicables, est fixé à 0,30 F par kg de produits.
  Toutefois, pour les produits provenant de volailles, ces droits sont fixés à 0,80 F par kg.
Art. 6. § 1. Indien de som van de rechten verschuldigd in toepassing van de artikelen 2, 3 en 4 per bezoek van de aangestelde van het Instituut lager is dan 665 F, wordt in ieder geval een bedrag van 665 F geïnd.
  § 2. Een recht van 665 F per half uur is verschuldigd voor elk tweede en volgend bezoek per dag van de aangestelde van het Instituut aangevraagd door het bedrijf voor het uitvoeren van gezondheidscontroles bedoeld in artikel 5.
  § 3. Het bedrag van de rechten bestemd om de kosten te dekken van de gezondheidscontroles bedoeld in artikel 5 is vastgesteld op 1 350 F per bezoek van een half uur wanneer de aanwezigheid van de aangestelde van het Instituut door een bedrijf gevraagd wordt buiten de uren dat er in de slachthuizen mag geslacht worden.
Art. 6. § 1er. Si, par visite du préposé de l'Institut, le produit des droits dus en application des articles 2, 3 et 4 est inférieur à 665 F, un montant de 665 F est en tout cas perçu.
  § 2. Un droit de 665 F par demi-heure est dû pour chaque deuxième visite ou visite suivante par jour du préposé de l'Institut, demandée par l'entreprise, en vue d'exécuter les contrôles sanitaires visés à l'article 5.
  § 3. Le montant des droits destinés à couvrir les frais résultant de contrôles sanitaires visés à l'article 5 est fixé à 1 350 F par demi-heure quand la présence du préposé de l'Institut est demandée par une entreprise en dehors des heures et jours où les abattoirs sont autorisés à abattre.
Art. 7. <KB 1987-12-09/30, art. 6, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> Het bedrag van de rechten bedoeld in dit besluit wordt aangepast aan de schommelingen van het indexcijfer der consumptieprijzen van het Rijk overeenkomstig de volgende formule :
Art. 7. <AR 1987-12-09/30, art. 6, 002; En vigueur : 01-01-1988> Le montant des droits visés dans cet arrêté est adapté aux fluctuations de l'indice des prix à la consommation du Royaume conformément à la formule suivante :
    Het nieuwe bedrag is gelijk aan
                       basis bedrag X nieuw indexcijfer
                       

Modifications

oud indexcijfer
vermenigvuldigd met het aanpassingspercentage
Het basisbedrag is het bedrag van de rechten voorzien in de artikelen 2, 3, 4, 5 en 6 van dit besluit.
Het oud indexcijfer is het indexcijfer van de maand oktober 1985.
Het nieuw indexcijfer is het indexcijfer van de maand september van het jaar waarin de aanpassing wordt doorgevoerd.
Het aanpassingspercentage is het gemiddelde stijgingspercentage van het indexcijfer zoals het door de Administratie van de Begroting voor het volgend jaar wordt vooropgesteld.
Het overeenkomstig deze formule bekomen nieuw bedrag wordt door de Minister na advies van de Raadgevende Commissie afgerond.
De aanpassing van het bedrag van de rechten voorzien in dit artikel gebeurt jaarlijks in de maand november. De aldus aangepaste bedragen zijn toepasselijk vanaf de eerste januari van het jaar volgend op dat gedurende hetwelk de aanpassing werd doorgevoerd.
    Le nouveau montant est egal au
                       montant de base  X  nouvel indice des prix
                       

Modifications

ancien indice des prix
multiplie par le pourcentage d'adaptation.
-
  Le montant de base est le montant des droits prévus aux articles 2, 3, 4, 5 et 6 de cet arrêté.
  L'ancien indice des prix est l'indice des prix du mois d'octobre 1985.
  Le nouvel indice des prix est l'indice des prix du mois de septembre de l'année où l'adaptation est appliquée.
  Le pourcentage d'adaptation est le pourcentage moyen d'augmentation de l'indice des prix tel qu'il a été supposé par l'Administration du Budget pour l'année suivante.
  Le nouveau montant obtenu par l'application de cette formule est arrondi, par le Ministre, après avis de la Commission consultative.
  Le réajustement du montant des droits visés au présent article est réalisé chaque année au cours du mois de novembre. Les montants réajustés sont d'application à partir du 1er janvier de l'année qui suit celle au cours de laquelle le réajustement a été réalisé.
HOOFDSTUK III. _ Betalingsmodaliteiten.
CHAPITRE III. _ Modalités de paiement.
Art. 8. <KB 1987-12-09/30, art. 7, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> <NOTA : Volgens art. 11 : "Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend op die gedurende welke het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt.
  Het bepaalde in het bij artikel 7 van dit besluit gewijzigde 8, § 4, c), van het koninklijk besluit van 4 juli 1986, heeft evenwel uitwerking met ingang van 1 juli 1986 voor de rechten verschuldigd bij invoer van producten bedoeld in de artikelen 2 en 3 van voormeld besluit van 4 juli 1986 die zich niet in het vrije verkeer in de Europese Economische Gemeenschap bevinden alsmede bij invoer van de in artikel 4 van hetzelfde besluit bedoelde producten.>
§ 1. De rechten bedoeld in de artikelen 2, § 1, 3, § 1 en 4, §§ 1 en 3 van dit besluit zijn door de eigenaar van het dier verschuldigd op het ogenblik van de slachtingsaangifte of de inschrijving van de dieren in het register waarvan sprake in artikel 1, 2° van dit besluit.
  Wanneer de aanvoer van de in zee gevangen vis geschiedt in de vismijnen en de vishallen, zijn deze rechten door de koper van de vis verschuldigd op het ogenblik van de aankoop.
  § 2. De rechten bedoeld in de artikelen 2, § 2, 3, § 2 en 4, § 2 van dit besluit zijn door de eigenaar van de producten verschuldigd op de dag van de inklaring van de producten.
  § 3. De rechten bedoeld in artikel 5 van dit besluit vallen ten laste van de eigenaar van de producten.
  Zij zijn verschuldigd op het ogenblik dat de producten het slachthuis, de private slachterij, de vismijn of vishalle of de viskwekerij verlaten, en wat de ingevoerde producten betreft de dag van hun inklaring.
  Met het oog op de toepassing van deze paragraaf kan de Minister voor de slachthuizen die hij aanduidt, het gemiddeld gewicht per diersoort bepalen wanneer het werkelijk gewicht niet op afdoende wijze kan worden vastgesteld op het ogenblik dat de rechten verschuldigd zijn.
  Het bedrag van de rechten wordt afzonderlijk vermeld op de factuur, tenzij aan de hand van de factuur genoegzaam blijkt dat het in de verkoopprijs begrepen is.
  § 4. De rechten bedoeld in dit artikel worden naargelang van het geval geïnd door :
  a) de exploitant van het slachthuis waar de dieren worden geslacht;
  b) het verkooporganisme van de vis;
  c) behoudens voor producten die zich in het vrije verkeer bevinden in Nederland of in Luxemburg, het douanekantoor of hulpkantoor waar de producten worden ingeklaard;
  d) het Instituut in de andere gevallen.
Art. 8. <AR 1987-12-09/30, art. 7, 002; En vigueur : 01-01-1988>   Toutefois, le dispositif de l'article 8, § 4, c) de l'arrêté royal du 4 juillet 1986 tel que modifié par l'article 7 du présent arrêté produit ses effets à partir du 1er juillet 1986 pour les droits dus lors de l'importation de produits visés aux articles 2 et 3 de l'arrêté royal précité du 4 juillet 1986 qui ne se trouvaient pas en libre pratique dans la Communauté économique européenne ainsi que lors de l'importation des produits visés à l'article 4 du même arrêté.> § 1. Les droits visés aux articles 2, § 1er, 3, § 1er et 4, §§ 1er et 3 du présent arrêté sont dûs par le propriétaire de l'animal au moment de la déclaration d'abattage ou de l'inscription des animaux dans le registre dont il est question à l'article 1er, 2° du présent arrêté.
  Lorsque l'apport des poissons capturés en mer se fait dans les minques et halles aux poissons, ces droits sont dus par l'acheteur du poisson au moment de l'achat.
  § 2. Les droits visés aux articles 2, § 2, 3, § 2 et 4, § 2 du présent arrêté sont dus par le propriétaire des produits le jour du dédouanement des produits.
  § 3. Les droits visés à l'article 5 du présent arrêté sont à charge du propriétaire des produits.
  Ils sont dus au moment où les produits quittent l'abattoir, la tuerie particulière, la minque ou halle aux poissons, le parc d'élevage de poissons et, en ce qui concerne les produits importés, le jour de leur dédouanement.
  En vue de l'application de ce paragraphe, le Ministre peut, pour les abattoirs qu'il désigne, fixer le poids moyen par espèce animale, quand le poids réel ne peut pas être déterminé d'une manière efficace au moment où les droits sont dus.
  Le montant des droits est mentionné séparément sur la facture, sauf s'il apparaît suffisamment sur la facture qu'il est compris dans le prix de vente.
  § 4. Les droits visés au présent article sont percus selon le cas par :
  a) l'exploitant de l'abattoir où les animaux sont abattus;
  b) l'organise de vente des poissons;
  c) excepté toutefois pour les produits qui se trouvent en libre pratique aux Pays-Bas ou au Luxembourg, le bureau ou la succursale de douane où les produits sont dédouanés;
  d) l'Institut dans les autres cas.
Art. 9. <KB 1987-12-09/30, art. 8, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> De in toepassing van artikel 8, § 4, a) en b) geïnde rechten, alsmede de in toepassing van artikel 8, § 4, c) en d) te innen rechten moeten naargelang van het geval betaald zijn aan de douanediensten of aan het Instituut, uiterlijk de vijftiende dag van de maand die volgt op die gedurende welke zij verschuldigd waren.
  De door de douanediensten geïnde rechten worden aan het Instituut gestort.
  De opbrengst van deze rechten kan worden verminderd met een percentage dat voor elk ervan door de Minister wordt vastgesteld en dat bestemd is om de administratie- en inningskosten te dekken.
Art. 9. <AR 1987-12-09/30, art. 8, 002; En vigueur : 01-01-1988> Les droits perçus en application de l'article 8, § 4, a) et b) ainsi que les droits à percevoir en application de l'article 8, § 4, c) et d) doivent avoir été payés selon le cas aux services des douanes ou à l'Institut au plus tard le quinzième jour du mois qui suit celui durant lequel ils étaient dus.
  Les droits perçus par les services des douanes sont versés à l'Institut.
  Le produit de ces droits peut être diminué d'un pourcentage pour chacun d'eux fixé par le Ministre et qui est destiné à couvrir les frais d'administration et de perception.
Art. 10. § 1. (De rechten bedoeld in de artikelen 2, § 2, 3, § 2 en 4, § 2 van dit besluit zijn niet verschuldigd wanneer de produkten zich op het ogenblik van de invoer in de Europese Economische Gemeenschap in het vrije verkeer bevinden.) <KB 1987-12-09/30, art. 9, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988>
  § 2. De rechten bedoeld in artikel 5 zijn niet verschuldigd voor producten die niet ter consumptie worden aangeboden.
Art. 10. § 1er. (Les droits visés aux articles 2, § 2, 3, § 2 et 4, § 2 du présent arrêté ne sont pas dus quand les produits se trouvent, au moment de l'importation, en libre pratique dans la Communauté économique européenne.) <AR 1987-12-09/30, art. 9, 002; En vigueur : 01-01-1988>
  § 2. Les droits visés à l'article 5 ne sont pas dus pour les produits qui ne sont pas mis en consommation.
Art. 11. <KB 1987-12-09/30, art. 10, 002; Inwerkingtreding : 01-01-1988> § 1. Indien de rechten bedoeld in artikel 8 van dit besluit, met uitzondering evenwel van die welke door de douanediensten werden geïnd, niet betaald werden op de vervaldag voorzien in artikel 9, worden de nog verschuldigde sommen, afgerond op het lagere duizendtal, verhoogd met 10 % en met een nalatigheidsintrest aan het wettelijk tarief.
  Voor de berekening van de nalatigheidsintrest wordt de vervalmaand niet meegerekend doch de maand waarin de laattijdige betaling geschiedt voor een volle maand geteld. De nalatigheidsintrest is niet verschuldigd wanneer hij geen 100 F bedraagt of wanneer de berekeningsgrondslag ervan lager is dan 5 000 F.
  § 2. De toepassing van de bepalingen van dit besluit wordt gecontroleerd door de ambtenaren van het Instituut daartoe aangeduid door de Minister.
  Zij kunnen zich alle documenten laten voorleggen waaruit het bedrag en de basis voor de berekening van de verschuldigde rechten alsmede de effectieve betaling ervan kunnen blijken.
  Wanneer personen of bedrijven deze controles verhinderen of bemoeilijken of onjuiste gegevens of documenten verstrekken wordt het bedrag van de rechten dat nog verschuldigd is ambtshalve vastgesteld en het bepaalde in § 1, eerste lid erop toegepast.
  § 3. In geval van weigering van betaling van de rechten wordt de invordering ervan verzekerd door de Administratie van de B.T.W., Registratie en Domeinen overeenkomstig de procedure voorzien in de domaniale wet van 22 december 1949.
  § 4. De diensten van het Ministerie van Financiën verstrekken het Instituut op eenvoudige aanvraag al de inlichtingen en gegevens die het nodig heeft voor de toepassing van dit besluit.
Art. 11. <AR 1987-12-09/30, art. 10, 002; En vigueur : 01-01-1988> § 1. Lorsque les droits visés à l'article 8 du présent arrêté, excepté toutefois ceux perçus par les services des douanes, n'ont pas été payés à la date d'échéance prévue à l'article 9, les sommes dues arrondies au millier inférieur sont majorées de 10 % et d'un intérêt moratoire au tarif légal.
  Pour le calcul de l'intérêt moratoire, le mois d'échéance n'est pas inclus; cependant le mois dans lequel le paiement tardif est effectué est considéré comme un mois entier. L'intérêt moratoire n'est pas dû lorsqu'il n'atteint pas 100 F ou lorsque la base de calcul est inférieure à 5 000 F.
  § 2. L'application des dispositions du présent arrêté est contrôlée par les fonctionnaires ou agents de l'Institut, désignés à cette fin par le Ministre.
  Ils peuvent se faire communiquer tous les documents desquels peuvent apparaître le montant et la base de calcul des droits qui sont dus ainsi que le paiement effectif.
  Lorsque des personnes ou exploitations empêchent ou rendent plus difficiles ces contrôles ou fournissent des données ou documents inexacts, le montant des droits encore dus est fixé d'office et le dispositif du § 1er, alinéa 1er y est appliqué.
  § 3. En cas de refus de paiement des droits, le recouvrement est assuré par l'Administration de la T.V.A., de l'Enregistrement et des Domaines selon la procédure prévue par la loi domaniale du 22 décembre 1949.
  § 4. Les services du Ministère des Finances livrent à l'Institut, sur simple demande, toutes les informations et données qui lui sont nécessaires en vue de l'application du présent arrêté.
HOOFDSTUK IV. _ Overgangs- en opheffingsbepalingen.
CHAPITRE IV. _ Dispositions transitoires et abrogatoires.
Art. 12. In afwijking van artikel 8, § 4, a, van dit besluit en tot 30 maart 1987 wordt een organisme dat daartoe is erkend door de Minister, belast met de inning van de rechten die betrekking hebben op het gevogelte.
Art. 12. Par dérogation à l'article 8, § 4, a du présent arrêté et jusqu'au 30 mars 1987, un organisme agréé à cet effet par le Ministre est chargé de la perception des droits relatifs à la volaille.
Art. 13. Worden opgeheven :
  1° in het koninklijk besluit van 9 maart 1953 betreffende de handel in slachtvlees en houdende reglementering van de hier te lande geslachte dieren :
  a) het artikel 7, § 1, tweede lid;
  b) het artikel 7, § 2, vierde en zesde lid, gewijzigd bij koninklijk besluit van 19 augustus 1960;
  c) het artikel 33.
  2° het koninklijk besluit van 13 december 1966 tot vaststelling van de keurrechten in de gemeenten en inrichtingen waar de vleeskeuringsdienst van Rijkswege geregeld is.
  3° in het koninklijk besluit van 12 maart 1965 betreffende de invoer van vlees :
  a) het eerste en tweede lid van de nederlandse tekst van het artikel 21, gewijzigd bij koninklijk besluit van 20 april 1977;
  b) het artikel 22, gewijzigd bij koninklijk besluit van 11 oktober 1974;
  c) het artikel 23.
  4° het artikel 7 van het koninklijk besluit van 12 december 1955 betreffende de exploitatie en de werking van de door de regering erkende exportslachthuizen.
  5° in het koninklijk besluit van 21 september 1970 betreffende de keuring van en de handel in vlees van gevogelte :
  a) het artikel 59, eerste lid, gewijzigd bij koninklijk besluit van 20 maart 1978;
  b) het artikel 60, gewijzigd bij koninklijk besluit van 11 oktober 1976;
  c) het artikel 61.
  6° het koninklijk besluit van 28 augustus 1981 tot vaststelling van de keurrechten voor gevogelte, gewijzigd bij koninklijk besluit van 25 september 1981;
  7° het artikel 22 van het koninklijk besluit van 30 april 1976 betreffende de keuring van en de handel in vis, gewijzigd bij koninklijk besluit van 26 maart 1982;
  8° de artikelen 1, 2, 4 en 5 van het koninklijk besluit van 26 maart 1982 betreffende de rechten bestemd om de kosten te dekken van keuringen, gezondheidsonderzoeken en -controles van vis.
Art. 13. Sont abrogés :
  1° dans l'arrêté royal du 9 mars 1953 concernant le commerce des viandes de boucherie et réglementant l'expertise des animaux abattus à l'intérieur du pays :
  a) l'article 7, § 1er, deuxième alinéa;
  b) l'article 7, § 2, alinéa 4 et 6, tel qu'il a été modifié par l'arrêté royal du 19 août 1960;
  c) l'article 33.
  2° l'arrêté royal du 13 décembre 1966 fixant les droits d'expertise dans les communes et les établissements où le service d'expertise des viandes est organisé par le Gouvernement.
  3° dans l'arrêté royal du 12 mars 1965 relatif à l'importation des viandes :
  a) le premier alinéa du texte français de l'article 21, modifié par arrêté royal du 20 avril 1977;
  b) l'article 22, modifié par arrêté royal du 11 octobre 1974;
  c) l'article 23.
  4° l'article 7 de l'arrêté royal du 12 décembre 1955 relatif à l'exploitation et au fonctionnement des abattoirs d'exportation agréés par le Gouvernement.
  5° dans l'arrêté royal du 21 septembre 1970 relatif à l'expertise et au commerce des viandes de volaille :
  a) l'article 59, alinéa 1er, modifié par l'arrêté royal du 20 mars 1978;
  b) l'article 60, modifié par arrêté royal du 11 octobre 1976;
  c) l'article 61.
  6° l'arrêté royal du 28 août 1981 fixant le droit d'expertise pour les volailles, modifié par arrêté royal du 25 septembre 1981;
  7° l'article 22 de l'arrêté royal du 30 avril 1976 relatif à l'expertise et au commerce du poisson, modifié par l'arrêté royal du 26 mars 1982;
  8° les articles 1, 2, 4 et 5 de l'arrêté royal du 26 mars 1982 relatif aux droits destinés à couvrir les frais résultant des expertises, examens et contrôles sanitaires du poisson.
Art. 14. Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 juli 1986.
Art. 14. Le présent arrêté produit ses effets le 1er juillet 1986.
Art. 15. Onze Minister van Sociale Zaken en Onze Staatssecretaris voor Volksgezondheid zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Art. 15. Notre Ministre des Affaires sociales et Notre Secrétaire d'Etat, sont chargés, chacun en ce qui le concerne, de l'exécution du présent arrêté.