Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
15 JUNI 1983. - Ministerieel besluit tot bepaling van de laboratoriumtechnieken voor het opsporen van de veranderingen die wijzen op een toediening aan dieren van stoffen met hormonale of antihormonale werking en tot opsporen van residuen van diezelfde stoffen.
Titre
15 JUIN 1983. - Arrêté ministériel déterminant les techniques de laboratoire pour la détection des modifications révélant l'administration de substances à action hormonale ou antihormonale aux animaux et pour la recherche des résidus des mêmes substances.
Informations sur le document
Numac: 1983013224
Datum: 1983-06-15
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1983013224
Date: 1983-06-15
Moniteur: Voir
Tekst (5)
Texte (5)
Artikel 1. Het opsporen van de veranderingen die wijzen op een toediening van stoffen met hormonale werking wordt uitgevoerd door een histologisch onderzoek bij mannelijke en vrouwelijke mestkalveren respectievelijk op de prostaat en de klieren van Bartholin en bij mannelijke vroegtijdig gecastreerde mestvarkens op de prostaat, eventueel aangevuld met een onderzoek op de glandulae vesiculares of de glandulae bulbo-urethrales.
  Voor het microscopisch waarnemen van de veranderingen van deze klieren, veroorzaakt door de in het vorige lid bedoelde toediening, worden de vries- of paraffinesneden gekleurd volgens de hematoxyline-eosine methode, eventueel aangevuld met andere kleuringen.
  Het tegenonderzoek dient uitgevoerd te worden volgens de paraffinemethode.
Article 1. La recherche des modifications révélant l'administration de substances à action hormonale ou antihormonale est réalisée par un examen histologique sur des veaux d'engraissement mâles et femelles respectivement sur la prostate et les glandes de Bartholin et sur la prostate de porcs d'engraissement ayant subi une castration précoce, éventuellement complétée par une analyse des glandes vésiculaires ou des glandes bulbo-urétrales.
  Pour l'évaluation microscopique des modifications de ces glandes, résultant de l'administration visée à l'alinéa précédent, les coupes faites à la congélation ou à la paraffine sont colorées selon la méthode d'hématoxyline-éosine, éventuellement complétée par d'autres colorations.
  La contre-expertise doit être réalisé par la méthode de la paraffine.
Art. 2. De toediening van stoffen met hormonale werking wordt chemisch opgespoord door het kwalitatief of kwantitatief aantonen van residuen van deze stoffen of van hun metabolieten in excreta, lichaamsvochten, dierlijke weefsels of organen.
  Na geschikte extractie van het analysemonster worden de hormonale residuen specifiek opgespoord volgend immunologische technieken, meer bepaald de R.I.A. en E.I.A.-technieken, of door chromatografische scheiding gecombineerd met selectieve detectiemethoden.
Art. 2. L'administration de substances à action hormonale se détecte chimiquement par l'indication qualitative ou quantitative de ces substances ou de leurs métabolites dans les excréments, les liquides corporels, les tissus ou les organes d'animaux.
  Après extraction adéquate de l'échantillon, les résidus hormonaux sont déterminés spécifiquement selon des techniques immunologiques, à savoir les techniques R.I.A. et E.I.A., ou par séparation chromatographique combinée à des méthodes de détection sélective.
Art. 3. De toediening van stoffen met antihormonale werking wordt chemisch opgespoord door het kwalitatief of kwantitatief aantonen van deze stoffen of van hun metabolieten in excreta, lichaamsvochten, dierlijke weefsels of organen. Daartoe worden, na selectieve extractie, de derivaten van de stoffen met antihormonale werking of de derivaten van hun metabolieten chromatografisch gescheiden en, na specifieke reactie gedetecteerd door middel van fluorescentie.
Art. 3. L'administration de substances à action antihormonale se détecte chimiquement par l'indication qualitative ou quantitative de ces substances ou de leurs métabolites dans les excréments, les liquides corporels, les tissus ou les organes d'animaux. A cet effet les dérivés des substances à action antihormonale ou les dérivés de leurs métabolites sont séparés par chromatographie après extraction sélective et détectés ensuite par fluorescence après réaction spécifique.
Art. 4. Het ministerieel besluit van 18 december 1973, gewijzigd door het ministerieel besluit van 5 april 1974, tot bepaling van de laboratoriumtechnieken voor het opsporen van de veranderingen die wijzen op een toediening aan dieren van stoffen met een hormonale of antihormonale werking, is opgeheven.
Art. 4. L'arrêté ministériel du 18 décembre 1973, modifié par l'arrêté ministériel du 5 avril 1974, déterminant les techniques de laboratoire pour la détection des modifications révélant l'administration de substances à action hormonale ou antihormonale aux animaux, est abrogé.
Art. 5. Dit besluit treedt in werking de dag van zijn bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art. 5. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.