Aller au contenu principal

Comparaison NL / FR

| Word Word (citation)

Nederlands (NL)

Français (FR)

Titre
29 APRIL 1975. - Ministerieel besluit tot instelling van een premieregeling ten voordele van de producenten van runderen.
Titre
29 AVRIL 1975. - Arrêté ministériel instituant un régime de prime en faveur des producteurs de bovins.
Informations sur le document
Numac: 1975042907
Datum: 1975-04-29
Staatsblad: Bekijken
Info du document
Numac: 1975042907
Date: 1975-04-29
Moniteur: Voir
Table des matières
Table des matières
Tekst (14)
Texte (14)
Artikel 1. Gedurende de periode gaande van 1 mei 1975 tot 29 februari 1976 wordt, op aanvraag een premie toegekend ten voordele van de producent bij het slachten van volwassen runderen, andere dan koeien. Als volwassen rund wordt beschouwd elk rund met een minimumgewicht van 330 kg op voet, en als koe, elk vrouwelijk rund dat reeds gekalfd heeft.
Article 1. Il est accordé, sur demande, pendant la période allant du 1er mai 1975 au 29 février 1976, une prime au bénéfice du producteur lors de l'abattage de certains gros bovins autres que les vaches. Est considéré comme gros bovins, tout bovin d'un poids minimum sur pied de 330 kg et comme vache, tout animal femelle de l'espèce bovins ayant déjà vêlé.
Art. 2. Wordt beschouwd als producent in de zin van dit besluit, de laatste persoon die het dier vóór de slachting, gedurende een periode van ten minste drie maanden in zijn bezit heeft gehad.
Art. 2. Est considéré comme producteur au sens du présent arrêté, le dernier détenteur qui a gardé l'animal avant l'abattage pendant une période d'au moins trois mois.
Art. 3. De dieren ingevoerd uit de niet - E.E.G. landen kunnen niet van de premie genieten. Deze afkomstig uit E.E.G. lid-staten kunnen slechts voor de toekenning van de premie in aanmerking komen, indien zij gedurende ten minste drie maanden in België vetgemest werden.
Art. 3. Les animaux importés de pays autres que ceux des Communautés européennes ne peuvent bénéficier de l'octroi de la prime. Ceux qui auraient été importés d'autres pays de la Communauté ne peuvent obtenir l'octroi de la prime que s'ils ont été engraissés en Belgique pendant une période d'au moins 3 mois.
Art. 4. Het premiebedrag wordt op 1 390 frank per stuk vastgesteld.
  Het bedrag van de premie kan aangepast worden volgens de akten van de instellingen van de Europese Gemeenschappen.
Art. 4. Le montant de la prime est fixé à 1 390 francs par tête.
  Le montant de la prime peut être adapté selon les actes des Institutions des Communautés européennes.
Art. 5. Om te kunnen genieten van de premie voorzien in artikel 1, moet de producent deel A van de verklaring van schuldvordering waarvan het model in bijlage van dit besluit voorkomt invullen en ondertekenen, in dubbel exemplaar.
  De veehandelaar moet deel B van beide exemplaren van deze verklaring invullen en ondertekenen. Het hierboven vermeld document wordt verstrekt door de gemeentebesturen.
  Een exemplaar van dit document moet gevoegd worden bij de individuele schetskaart opgesteld ingevolge artikel 10, tweede lid van het koninklijk besluit van 7 mei 1963 houdende inrichting van de bestrijding der veeziekten of bij gelegenheid van de tuberculinatie ingevolge artikel 17, eerste lid van het koninklijk besluit van 10 mei 1963 houdende maatregelen tot bestrijding van de rundertuberculose die het dier moet vergezellen tot in het slachthuis. Het andere exemplaar wordt door de producent bewaard.
Art. 5. Pour pouvoir bénéficier de la prime visée à l'article 1er, le producteur doit remplir et signer en double exemplaire la partie A de la déclaration de créance dont le modèle figure en annexe.
  Le marchand doit remplir et signer la partie B des deux exemplaires de cette déclaration. Le document visé ci-dessus est fourni par les administrations communales.
  Un exemplaire de ce document doit être joint à la fiche individuelle d'identification, établie conformément à l'article 10, deuxième alinéa de l'arrêté royal du 7 mai 1963, portant organisation de la lutte contre les maladies du bétail ou à l'occasion de la tuberculination conformément à l'article 17, premier alinéa de l'arrêté royal du 10 mai 1963 portant des mesures en vue de la lutte contre la tuberculose bovine, devant accompagner l'animal jusque dans l'abattoir. L'autre exemplaire est conservé par le producteur.
Art. 6. De vleeskeurder moet deel C van de hem voorgelegde verklaring van schuldvordering invullen en ondertekenen op voorwaarde dat hij heeft vastgesteld dat het dier :
  1. beantwoordt aan de kenmerken voorkomend op deel A van die verklaring alsmede op de individuele schetskaart;
  2. beantwoordt aan de voorwaarde van artikel 1;
  3. werd geslacht.
  Hij is er toe gehouden de verklaring van schuldvordering eventueel aangevuld zoals hierboven vermeld, met de individuele schetskaart te zenden naar de Belgische Dienst voor Bedrijfsleven en Landbouw, Trierstraat 82, 1040 Brussel.
  Nochtans, in geval van afslachting van dieren in het kader van de strijd tegen de tuberculose, de brucellose en de leucose, wordt de individuele schetskaart, zoals vroeger, gestuurd naar de bevoegde inspecteur dierenarts; er wordt melding van gemaakt op de verklaring van schuldvordering bedoeld in artikel 5 (deel C). Ingeval van slachting in een private slachterij is een " ante mortem " onderzoek vereist.
Art. 6. L'expert des viandes doit remplir et signer la partie C de la déclaration de créance qui lui est présentée, à condition qu'il ait constaté que l'animal :
  1. répond aux caractéristiques figurant sur la partie A ainsi qu'à la fiche individuelle d'identification;
  2. répond aux conditions de l'article 1er;
  3. a été abattu.
  Il est tenu d'expédier la déclaration de créance éventuellement complétée comme indiqué ci-dessus, avec fiche d'identification à l'Office belge de l'Economie et de l'Agriculture, rue de Trèves 82, à 1040 Bruxelles.
  Toutefois, dans le cas des animaux bovins abattus dans le cadre de la lutte contre la tuberculose, la brucellose et la leucose, la fiche individuelle d'identification est, comme précédemment, renvoyée à l'Inspecteur vétérinaire compétent; mention en est faite sur la déclaration de créance visée à l'article 5 (partie C). En cas d'abattage dans une tuerie privée, un examen " ante mortem " est requis.
Art. 7. De Belgische Dienst voor Bedrijfsleven en Landbouw is belast met de uitbetaling van de premie aan de producent.
Art. 7. L'Office belge de l'Economie et de l'Agriculture est chargé du paiement de la prime au producteur.
Art. 8. De vleeskeurder is verplicht het vlees voortkomend van dieren die het voorwerp uitmaken van de premie, te voorzien van een speciaal merk. Dit vlees mag niet aangekocht worden door de interventiebureaus van de Europese Gemeenschappen.
Art. 8. L'expert des viandes est tenu d'apposer une marque spéciale sur les viandes provenant des animaux faisant l'objet de la prime. Ces viandes ne peuvent pas être achetées par les Offices d'intervention des Communautés européennes.
Art. 9. Een vergoeding van 40 F per afgeslacht dier en waarvoor een premie aangevraagd is op grond van dit besluit wordt toegekend ten laste van het Landbouwfonds aan de vleeskeurder. Deze vergoeding wordt driemaandelijks uitbetaald door de Belgische Dienst voor Bedrijfsleven en Landbouw aan de belanghebbenden op voorlegging van een verklaring van schuldvordering.
Art. 9. Une indemnité de 40 francs par animal abattu et pour lequel une prime est sollicitée en vertu du présent arrêté est octroyée à charge du Fonds agricole à l'expert des viandes. Cette indemnité est payée trimestriellement par l'Office belge de l'Economie et de l'Agriculture aux intéressés sur présentation d'une déclaration de créance.
Art. 10. Onverminderd de bepalingen van het koninklijk besluit van 31 mei 1933 betreffende de verklaringen te doen in verband met de subsidies, vergoedingen of toelagen van elke aard die geheel of ten dele ten laste van de Staat zijn, worden de inbreuken op de bepalingen van dit besluit opgespoord, vastgesteld en gestraft, overeenkomstig de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in Landbouw-, Tuinbouw- en Zeevisserijprodukten en de wet van 5 september 1952 betreffende de vleeskeuring en de vleeshandel.
Art. 10. Sans préjudice des dispositions de l'arrêté royal du 31 mai 1933 concernant les déclarations à faire en ce qui concerne les subventions, indemnités ou allocations de toute nature qui sont, en tout ou en partie, à charge de l'Etat, les infractions aux dispositions du présent arrêté sont recherchées, constatées et punies, conformément à la loi du 28 mars 1975 relative au commerce des produits de l'agriculture, de l'horticulture et de la pêche maritime et à la loi du 5 septembre 1952 relative à l'expertise et au commerce des viandes.
Art. 11. Het voordeel van de premieregeling ingesteld bij dit besluit kan definitief of tijdelijk worden ontzegd aan degenen die valse verklaringen hebben gedaan om een onrechtmatige betaling te bekomen.
Art. 11. Le bénéfice du régime de prime institué par le présent arrêté peut être refusé, à titre définitif ou temporaire, à ceux qui ont fait de fausses déclarations pour en tirer un profit illicite.
Art. 12. Dit besluit treedt in werking de dag van zijn bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Art. 12. Le présent arrêté entre en vigueur le jour de sa publication au Moniteur belge.
Bijlage.
Annexe.
Art. N.
Art. N.